Mon Mar 14 16:03:07 2005
mariska
telefoonnummer
Hallo allemaal, internet doet het weer, thuis. We hebben ook een nieuw
telefoonnummer. De telefoon werkt nog niet maar hopenlijk is dat snel
verholpen.
Ons nieuwe nummer: 030 7074546
Groetjes Maris
Fri Feb 11 16:21:43 2005
mariska
Utrecht
Utrecht, 10 februari 2005
Zondagmiddag 7 februari om half 5
zijn we thuisgekomen. Na een prachtige, indrukwekkende reis door
West-Afrika. We hebben hopen foto’s en verhalen en de hele weg naar huis
hebben we de zon meegenomen. De thuiskomst was dus ook zonnig maar wel
koud. In Utrecht worden we verwelkomd door de ouders van Mariska, vader
van Robert, Tonneke, Kitty, Dennis en de zus van Robert met Alexander. Een
heel comité dus. ’s Avonds krijgen we ook nog wat bezoek van vrienden.
Heel leuk om iedereen weer te zien. Ons huis ligt er netjes en schoon bij
(daarvoor onze dank aan degenen die hebben schoongemaakt) en er staat ook
wat ontbijt in de (koel)kast. Wat een verwennerij om niet meteen naar de
winkel te hoeven rennen. Na al meteen vele foto’s te hebben bekeken en
verhalen te hebben gehoord en verteld gaat iedereen weer naar huis en wij
naar bed. Maar waar zijn de schone lakens? Na even zoeken op zolder iets
gevonden wat als laken op het bed kon dienen en ook het dekbed word
gevonden, gelukkig want alles wat uit Baraka komt is toch wel erg vies of
stoffig geworden….
De volgende dag zijn we eerst maar eens lekker
gaan ontbijten en toen hebben we Baraka leeggeruimd. Eens even kijken wat
we nu eigenlijk aan souvenirs hebben meegesleept. “Madame Peul” hadden we
de vorige avond al uitgepakt. Ze was nog net zo mooi als we dachten en
paste precies op de plek waarvoor we haar hadden gekocht. Alle souvenirs
uitgestald en het is nog heel wat al zijn de meeste spullen om weg te
geven. De dag vliegt voorbij en langzamerhand komen er meer dozen met
spullen tevoorschijn van zolder en uit de schuur. Wat kun je toch een hoop
spullen hebben en hebben we het allemaal wel nodig? Dat vraag je je af als
je alles na 6 maanden weer ziet. Helemaal als je al die tijd met weinig
spullen gewoon hebt kunnen leven….
Vandaag (10 feb.) is het weer
omgeslagen: Regen…. Dat hebben we lang niet gezien en ondanks dat vinden
we het er toch heel ongezellig uitzien buiten, we zijn nu eenmaal meer
zonmensen, denk ik .
Dit is het laatste verslag van
onze reis. Maar de website blijft nog een hele tijd in de lucht dus je
kunt alles nog op je gemak nalezen. Er komen binnenkort zeker nog meer
foto’s op de website nadat we een selectie hebben gemaakt. We hebben thuis
nu nog geen internet en ‘gewone’ telefoon maar kom gerust langs of bel ons
mobiel: 06 41930070. Voor degenen die het stadskrantje “Ons Utrecht”
kunnen ontvangen…. Hou de krant van komende woensdag (16 februari) in de
gaten, dan staat er weer een interview van ons in.
ASAP
Iedereen die een bijdrage heeft geleverd voor de ASAP projecten
willen we heel, heel hartelijk bedanken!!!!!!!!!!!!!! Het geld wordt zeker
goed besteedt.
Binnenkort zullen we bekijken hoeveel geld er
totaal is gestort en in overleg met ASAP bepalen aan welke projecten we
het zullen geven. Op dit moment is ASAP in Burkina Faso om hun projecten
(en dus ook de groentetuin) te bezoeken. We zijn erg benieuwd of er al wat
groeit… De bankrekening voor ASAP staat nog steeds open en ER KAN DUS NOG
GELD GESTORT WORDEN. Zodra we met ASAP hebben gesproken zullen we hiervan
verslag doen op de website en hopelijk ook wat foto’s van de aangeplante
groentetuin.
(wil je nog geld storten? Kijk dan op de ‘projectpagina’
voor de juiste gegevens…)
Fri Feb 11 16:19:46 2005
mariska
Madrid
Madrid, 4 februari 2005
Met mooie herinneringen aan de familie
Khalil in ons hoofd rijden we door naar Fez. We zijn van plan om Fez en
Meknes te bezoeken, misschien Volubilis te bekijken en onze laatste nacht
in Marokko in Tetouan door te brengen. Misschien dat we daar de vrienden
van Mustapha nog eens kunnen opzoeken. Maar eerst op weg naar Fez over de
snelweg en onderweg zien we af en toe sneeuw. In Fez nemen we een hotel
met een douche met warm (!) water, hebben ze ook niet overal. Er is geen
verwarming in het hotel maar gelukkig liggen er veel dikke dekens op het
bed. Baraka laten we een nachtje op de parkeerplaats staan, vanuit ons
raam kunnen we haar nog net zien. We lopen wat rond in de wijk ‘ville
nouvelle’ en gaan eten bij de pizzeria, helaas serveert deze geen wijn. De
volgende dag bekijken we het oude gedeelte van Fez. We lopen door de souk
en voor het eerst in Marokko worden we belaagd door ‘gidsen’ die ons niet
met rust laten. We krijgen bijna ruzie... Normaal gesproken maak je een
praatje en zegt: “nee bedankt, geen interesse” en dat is dan oké. Maar
goed, uiteindelijk zonder de gidsen lopen we rond en verdwalen in de
straatjes. Dat is nou net het leuke van de souk, erin verdwalen... We zien
een prachtige medersa (koranschool). We maken een praatje met de man bij
de ingang, deels de begroetingen in het Arabisch en als hij dan vraagt in
het Arabisch: “spreken jullie Arabisch?”, antwoorden wij in het Arabisch:
“swuja, swuja (een beetje)”. Hierna mogen we doorlopen om een gedeelte van
het gebouw te bekijken wat eigenlijk afgesloten is. Dat zijn leuke
ervaringen, vind ik. In een van de winkels kopen we een mooi kado voor
iemand thuis (wie??) en daarna worden we meegenomen naar een gebouw om
vanaf het dak de ‘tanneries’ te bekijken. In de ‘tanneries’ (vrij
vertaald: ververij) worden huiden en wol bewerkt en geverfd om er daarna
tassen, schoenen, kleden, kleding e.d van te maken. Het is een mooi
gezicht, zo van bovenaf maar het is zwaar werk voor de mensen die daar
werken. Omdat het schapenfeest net voorbij is worden er op het moment
vooral heel veel schapenhuiden gebruikt.
Met een laatste blik op
een van de mooie poorten van Fez stappen we in de taxi naar het hotel. 1
dagje fez is eigenlijk tekort en we hebben maar een klein gedeelte kunnen
zien maar het is een mooie 1e indruk. Morgen naar Mekness. Mekness ligt op
60 kilometer afstand van Fez en we zijn er dan ook snel. Eerst even
lunchen en dan de oude stad in. We bekijken een paleis met daarin een
mausoleum. Weer rijk versierd met mozaïek. Daarna de souk in. We zien weer
een oude medersa maar deze is niet zo goed onderhouden en daarom ook niet
zo mooi. Na Marrakech en Fez zijn we een beetje verzadigd met medina’s,
mozaïek, medersas, souvenirwinkels, Marokkaanse slippers, tajine en
keramiek winkeltjes. We verlaten het centrum dan ook snel om in de buurt
van het hotel een restaurant te gaan zoeken.
Op 1 februari rijden
we naar Tetouan. We zoeken een hotel op en lopen naar de souk waar Hassan
en Ibrahim, de vrienden van Mustapha, werken. Helaas zijn ze beiden niet
aanwezig. We bellen Hassan nog op maar het is niet mogelijk om af te
spreken. We gaan zoek naar een restaurantje, wat nog niet meevalt in
Tetouan. Dan ontmoeten we in een eettentje Abdul, een Marokkaan die in
Nederland woont. Hij is op vakantie in Marokko. We komen vaker mensen
tegen die in Nederland wonen of gewoond hebben en anders hebben ze wel
familie in Nederland, meestal in Amsterdam. De volgende dag nogmaals naar
de souk, maar helaas zijn Hassan en Ibrahim er niet. We laten een kadootje
en briefje achter bij een van de buurwinkeltjes. Daarna op weg naar de
grens met Spanje. Er rijdt een taxi voor ons die steeds langzamer gaat
rijden. Dan begint-ie te knipperen met zijn knipperlichten. De hele tijd
kijkt hij in de spiegel naar ons, het is bijna gevaarlijk. Wat moet-ie van
ons? Dan stopt hij en gebaart ons te ook stoppen. Blijkt ook weer een
Marokkaan te zijn met familie in Nederland en hij wil ons alleen maar
begroeten en een fijne vakantie wensen. “En vinden we Marokko mooi?”
vraagt hij. Naar waarheid kunnen we hierop volmondig ja zeggen.
De
grensformaliteiten verlopen voorspoedig en al gauw zijn we op weg naar de
boot van La Ceuta naar Algeciras. We komen op het goede moment aan en
kunnen zo doorrijden de boot op die een klein kwartiertje erna vertrekt.
We laten Afrika achter ons en proberen in te schatten hoelang we erover
zullen doen voordat we thuis zijn. Nu we naar huis gaan willen we er ook
zo snel mogelijk zijn. De reis door Europa verloopt prima over goede
snelwegen. Breed, zonder gaten en gare auto’s en mensen die rare
manoeuvres uithalen enzo. Maar ook saai want er is in Afrika veel te zien
op de wegen. Overvolle auto’s en fietsen. Scheve vrachtwagens die
nauwelijks nog rijden. Het wordt wel steeds kouder vooral in de bergen van
Spanje. Eerst zien we sneeuw op de bergtoppen en dan ook langs de weg. We
slapen in Baraka, op een camping en 1x in een hotel (met ligbad!). Het
wordt weer wat warmer richting de kust en we rijden meer kilometers per
dag dan we van tevoren hadden ingeschat. Baraka rijdt ook lekker. Op 5
februari 2005 (precies 6 maanden nadat we vertrokken zijn) moeten we ‘s
ochtends het ijs van de ruiten krabben... zullen we teruggaan? Nee toch
maar niet. Het is even wennen om Spaans te spreken in Spanje en het is ook
erg weggezakt. Bij de grens bedanken we de Spaanse douanebeambte nog
automatisch in het Arabisch, oeps. Ik moet een uur nadenken over hoe je
alstublieft in het Spaans zegt. Maar dat duurt maar 2 dagen en dan zijn we
alweer in Frankrijk, het schiet nu toch echt op...... Op zaterdagavond 5
februari kijken we eens op te kaart. We verwachten nog 1,5 dag te rijden
en op maandag aan te komen. Maar dan tellen we de kilometers eens goed bij
elkaar op en …. denken dat als we vroeg opstaan en wegrijden we het wel in
1 dag kunnen redden. Dus dan zijn we morgen al thuis. Snel de familieleden
bellen om te zeggen dat we eraan komen. Iedereen is verrast dat we er al
zo snel zullen zijn (wij ook). Dan lopen we terug naar het wegrestaurant
waar we net hebben gegeten. We willen nog een flesje wijn drinken met wat
Franse kaas om onze laatste avond te vieren. Aangekomen bij de kassa mogen
we geen wijn kopen. Alleen wijn als je er een warme maaltijd bij neemt.
“Ja maar, we hebben hier net gegeten…”. Maar de regels zijn
onverbiddelijk, geen wijn: we zijn weer in Europa!!!! We kopen een flesje
wijn in het winkeltje ernaast en drinken dat op in Baraka. Lekker knus,
het kooktoestel aan om het binnen warm te maken, en daarna gaan we voor
(voorlopig) de laatste keer in Baraka slapen.
Hopen jullie snel
weer te zien, Mariska en Robert
Fri Feb 11 16:18:17 2005
mariska
Sale- Marokko
Salé, 29 januari 2005
Nadat we in Casablanca een kostuum
gescoord hebben voor Robert, gaan we op 27 januari op weg naar Salé. Daar
woont de familie Khalil die wij in augustus in Bab Boudier ontmoet hebben
via hun dove zoon Youness. We komen om half 4 aan op de camping en bellen
vader Khalil. Een klein half uurtje later komen ze ons ophalen. We worden
bij hen thuis verwelkomt met zoete thee, koekjes, croissants en gebak (we
hadden zelf ook gebak meegenomen). De familie is erg blij ons weer te
zien. De Marokkaanse gastvrijheid is met 1 woord te beschrijven: VEEL.
Veel zoete thee, veel praten, veel lachen, heel veel eten en veel
teleurstelling omdat we maar 1 dagje kunnen blijven want er is veel te
zien in Rabat en Salé (Salé ligt naast Rabat). Later gaan we naar de zus
van Fatima (Fatima is de moeder van Youness) en haar ouders. Daar worden
we hartelijk verwelkomt met zoete thee en brochettes (vleesspiezen). De
brochettes worden op de barbecue gemaakt en die staat gewoon binnen in de
huiskamer (Terwijl ik dit schrijf rijden we in de richting van Fez en uit
het raam zie ik SNEEUW). In Marokko is het nu heel koud. Zo koud is het
sinds 1981 niet meer geweest. We zitten dus binnen met onze jas aan, muts
op en sjaal om, lekker gezellig. De mensen zijn niet aan deze kou gewend
en hebben dan ook geen verwarming. Gelukkig krijgen we wat dekens om onder
te zitten want de stoom komt uit onze monden. We praten wat en oefenen ons
Arabisch en dan gaan we weer terug naar het huis van de familie Khalil.
Het is inmiddels na 10-en en als we binnen komen is Bushra (zus) druk aan
het koken..... nog meer eten. Robert zit al aardig vol, wat nu? Het valt
niet mee voor hem om het eten af te slaan maar Mariska geniet van een
lekkere salade en kiptajine. Daarna brengt vader Khalil ons naar de
camping. Het hele gezin vind het jammer dat we niet willen blijven slapen,
maar ja, wij hebben geen spullen daarvoor meegenomen en gaan dus liever op
de camping slapen.
De volgende ochtend komt Youness om een uurtje
of 10 en we gaan wat door Salé wandelen. Veel van de gebaren die hij mij
in augustus heeft geleerd ben ik vergeten maar het komt snel weer boven.
Youness weet nog wel veel Nederlandse gebaren te herinneren en de
communicatie verloopt al gauw weer heel vlot. Om 1 uur worden we opgehaald
door vader Kahlil om bij hen te lunchen. Hij rijdt expres via een andere
route dan gisteren naar hun huis zodat we uit het autoraampje Salé kunnen
bekijken. Voor mij valt dat nog niet mee omdat Youness lekker tegen me zit
te gebaren en ik kan maar naar een ding tegelijk kijken. We zitten nu niet
meer in de grote, mooie bezoekkamer maar in de ruimte die meestal door hen
als woonkamer wordt gebruikt en waar de tv ook (heel erg aan-)staat.
Het is vrijdag en dan wordt er altijd couscous gegeten. Zo ook
vandaag. Na het eten bekijken we wat foto’s van onze reis. Met vader
Khalil spreken we Engels en hij vertaald voor moeder Fatima die alleen
Arabisch spreekt. Maar omdat zij ook de gebarentaal een beetje beheerst
komen we er in gebaren ook vaak wel uit. Soms vertaald Younnes mijn
gebaren in hun gebaren en tegen de zussen spreken we Frans en/of Duits,
dus het wordt al met al een hele mix van talen. Vader Khalil heeft een
beetje haast want hij wil ons nog van alles in Rabat en Salé laten zien.
Dus we springen in de auto en gaan op weg. Eerst een beetje toeren dan
naar een ‘potterie’ waar je allerlei keramiek kan kopen. Wij zien wat
leuks maar volgens de familie kun je dat beter ergens anders kopen:
goedkoper. Dan gaan we naar Rabat naar het mausoleum waar de koningen
liggen. Het is heel mooi versierd met mozaïek. Echt prachtig. Het
mausoleum staat op een plein waar ook de Hassan toren staat. Het is een
mooi plein. Op dit plein komen op zondag vaak doven bij elkaar. Vandaag
zijn er ook een paar en Youness gaat even met ze praten. Dan gaan we naar
de medina van Rabat. We wandelen daar rustig rond en elke lekkernij die we
tegenkomen wordt voor ons gekocht om te proeven.... Ayoup (jongste broer,
10 jaar) raakt over zijn verlegenheid heen en kletst er, tegen ons, in het
Frans vrolijk op los.
We sluiten de wandeling af met thee/koffie
en (weer) gebak en dan naar huis. Daar bekijken we 1,5 uur lang de
videoband van de verschillende vakanties van de familie. Wij staan er ook
op! Als de video voorbij is komt er een videoopname van het laatste
schapenfeest. Tot en met het slachten van de schapen aan toe. Lekker dan,
ik (Mariska) kijk er maar niet naar en de rest vind dat wel een beetje
maf. Moet wel zeggen dat er bijna niks van de schapen wordt weggegooid.
Alles wordt opgegeten of gebruikt. Het schapenvel met wol wordt
schoongemaakt en als zitkleedje gebruikt. De darmen worden schoongemaakt
om er worstjes van te maken. Enz. De 1e dag van het feest eten ze vooral
de ingewanden: lever, hart, nieren e.d. Het vlees moet namelijk 1 dag tot
rust komen en dat wordt de volgende dag pas gegeten. Daarna komt er een
video met traditionele muziek met danseressen. Zij vinden het erg leuk om
naar te kijken maar wij vinden dat de danseressen erg vreemd dansen,
cultuurverschil??? Ondertussen is Bushra weer druk aan het koken. We eten
brochette en ook ditmaal wordt dit op de barbecue klaargemaakt midden in
de woonkamer. Dus met tranen in onze ogen van de barbecuerook, de kamer
staat inmiddels blauw maar niemand die dat erg schijnt te vinden kijken we
video en fotoboekjes met foto’s van de kinderen. Fatima vraagt of wij in
Nederland ook barbecuen. “Jawel” zeggen wij: “maar niet binnenshuis”.
Waarop gevraagd wordt: “waarom niet?”
Dan wordt het tijd om weer
naar de camping te gaan en de familie rekent er al op (teleurgesteld) dat
we niet blijven slapen Toch nodigen ze ons uit en als wij daarop
antwoorden dat we blijven slapen juicht de hele familie van blijdschap,
zoals een klein kind juicht bij het krijgen van de allergrootste
verjaardagstaart die er bestaat. Jeetje, stel dat we nee hadden gezegd,
wat had dat een teleurstelling geweest zeg! Vlak voordat ik naar bed ga
komt Bushra met haar fotoboekje naar mij (Mariska) toe. Zij heeft 2 jaar
geleden besloten voor het dragen van een hoofddoek maar in het fotoboekje
staan nog foto’s van voor die tijd en die wil ze me graag laten zien.
De volgende ochtend een flink ontbijt met zoete thee, koffie,
croissants, diverse broodjes, olijven en chocoladecake. Daarna is het echt
tijd om afscheid te nemen van deze lieve mensen. We krijgen nog wat
laatste kadootjes en zelfs het eigen servies wordt ingepakt voor ons omdat
ik eruit had gefloept dat het zo’n leuk schaaltje was....”We kopen wel
weer een andere” wordt er gezegd. Papa Khalil gaat de auto opwarmen (de
auto is erg oud) terwijl wij afscheid nemen van Bushra, Fadoua en.Ayoep.
Dan brengen ze ons, weer via een andere weg, naar de camping. Daar nemen
we afscheid van Fatima, papa Khalil en Youness. Als we Salé uitrijden en
stilstaan voor een rood stoplicht komt er een oudere man naar ons toe.
“Doe het raam eens open” gebaart hij. Wat zou hij nu willen? Hij zegt in
het Nederlands: ”ik zag jullie nummerbord en ik moet even een praatje
maken. Goede vakantie?”. Hij blijkt in Nederland te hebben gewoond en
wenst ons een goede reis, dan springt het stoplicht op groen.....
Soms doe je in 1,5 dag meer ervaringen op dan in 1 week....
Mariska en Robert
Mon Feb 7 18:39:11 2005
Robert en Mariska
Utrecht
Hallo iedereen,
Een aantal weten het al, bedankt voor de
geweldige ontvangst!, we zijn weer thuis.
De laatste kilometers
waren wat koud, maar weer thuiskomen is erg fijn.
We zijn ook al
weer telefonisch bereikbaar onder nummer: 06-41930070
Om de verhalen
live te horen kun je altijd langskomen.
De laatste verslagen komen
er aan, even een paar dagen geduld en dan kun je het slot van ons verhaal
lezen!!!!
Groetjes Robert en Mariska
Thu Jan 27 13:01:53 2005
Mariska
Casablanca
Marrakech, 25 januari 2005
Vanaf ons plekje aan het strand weer
verder naar het noorden gereden. In de buurt van Laayoune komen we weer in
een zandstorm terecht. De ergste tot nu toe. Bij een tankstation vragen we
of het restaurant open is. Helaas is het gesloten maar de gastvrijheid van
Marokkanen is groot en we worden meteen het pompbediendehokje ingesleurd
om samen met hen te eten. Het eten was namelijk net klaar. De deur van het
hokje wordt angstvallig dichtgehouden vanewge de wind en zand. Vanwege de
wind en het zand gaan we deze keer dus maar niet kamperen maar zoeken een
hotel op en de volgende dag rijden we weer door. Het weer is gelukkig
opgeklaard. We rijden via Tan Tan en kamperen in de buurt van Tiznit. Op
20 januari rijden we naar Marrakech. Een rit met mooie uitzichten op het
Atlasgebergte en we rijden door bergen en dalen maar het is ook een
vervelende tweebaansweg. Het is heel druk en Marokkanen rijden als gekken.
Het liefst halen ze in vlak voor een onoverzichtelijke bocht of wanneer er
tegenliggers zijn. We zien bijna-ongelukken, auto’s die wel frontaal
gebotst zijn en moeten zelf ook een aantal keer flink uitwijken en/of in
de remmen. Ik (Mariska) ben blij als we in Marrakech zijn. De camping
aldaar bestaat niet meer dus we zoeken een hotelletje op en we vinden er
een met een fantastisch ontbijt erbij (jus d’orange, baquette, ei,
pannekoeken met stroop, koffie of thee). We hebben een prive-douche en wc.
Alleen loopt de wc continue door en maakt daarbij veel lawaai. Dus na elk
wc bezoek moeten we het kraantje open en daarna weer dicht draaien. Maar
er is wel wc papier... en dat is weer een voordeel in Marokko.
Het
is weer even wennen om in zo’n grote westerse stad te zijn. De 1e Mac
Donalds sinds maanden gezien, veel winkels met kleding, schoenen,
huishoudelijke apparatuur. We moeten ook even wennen aan de hogere prijzen
voor koffie, thee en eten. De volgende dag, 21 januari, is het
schapenfeest (Aïd el Kebir). Een van de belangrijkste islamitische
feesten, vergelijkbaar met kerst bij ons. Iedereen gaat op bezoek bij
familie en ‘s ochtends slachten alle families schapen en ze eten de hele
dag. Marrakech was hierdoor erg rustig. Bijna alles is gesloten en de
mensen zijn heel vrolijk. Op straat worden de hele dag schapenkoppen
geroosterd op grote vuren. We kunnen dus niet naar het museum en ook de
winkels in de souk (soort permanente markt) zijn gesloten. Maar er is
genoeg te zien en we wandelen lekker rond. Op het beroemde plein van
Marrakech, Jemaâ el Fna, is het ook rustig maar ‘s avonds wordt het toch
wat drukker met eetkraampjes, muziek en ander vermaak. We zien ook de
slangenbezweerders met fluit. Hoewel ik mij afvraag hoe ze die slang toch
omhoogfluiten, ga ik niet kijken omdat ik het pure dierenmishandeling
vind. We gaan wel op het plein eten bij de kraampjes en dat is leuk en
lekker.
Zaterdag de 22e gaan we wat winkelen om een kostuum (nee,
geen carnavalskostuum) voor Robert te kopen in de winkels die wel open
zijn. Heel apart winkelen in Marrakech. De winkels hebben van elk model
broek, kostuum, trui maar 1 of 2 maten liggen. Als jouw maat er niet
bijzit, is het dus pech. Dus moet je heel veel winkels bezoeken en eerst
kijken of de juiste maat erbij zit en dan pas kijken of het ook nog een
leuk kledingstuk is.... De verkopers zijn vriendelijk, niet opdringerig
maar wel behulpzaam. Sta je te kijken naar een zwart kostuum en zit de
goede maat er niet bij dan komen ze doodleuk met een bruin, blauw of iets
met rode streepjes aan: of we die dan die niet willen want dat is wel de
juiste maat. Tja, bijna hetzelfde als een zwart pak (not): “Nee bedankt,
laa sukran, tu as tres gentile”. De volgende winkel dan maar.
Helaas is nog veel gesloten i.v.m het schapenfeest. Dus gaan we op
zoek naar een museum dat open is. We lopen rond van het ene naar het
andere museum waarbij we ook continue verdwalen in de wirwar van straten
van Marrakech, maar alles is nog dicht. De volgende dag is alles weer
gewoon open en we bezoeken dan wat mooie museums en paleizen van
Marrakech. Ook de architectuur wordt niet vergeten en we bezoeken de tuin
van Majorelle. Aan het eind van de dag laten we onze fotorolletjes
ontwikkelen en tijdens het eten in een restaurantje bekijken we de foto’s
van Paris-Dakar, Mali, de zandduinen van Mauretanie, echt heel leuk.
‘s Avonds gaan we op het plein kijken bij een speciale
souveniersbeurs. We lopen wat rond en dan spot Mariska twee doven.
Natuurlijk even met ze praten en adressen uitwisselen. Ze blijken bij de
beurs te horen en in de souk te werken. Ze maken en ontwerpen tassen van
leer.
De 25ste vertrekken we naar Casablanca. Na ongeveer 100 km.
tweebaansweg begint het asfalt. Heerlijk gescheiden banen. Dat rijdt een
stuk rustiger. Maar het blijft Marokko. Na een paar honderd meter zien we
op de vluchtstrook een jongetje met ezel rijden. Dan een jongen die op de
middenberm (on)kruid wied. Daarna een heel gezin dat op de vangrail rustig
op de bus naar Casa wacht. Handig dat zo’n bus op de snelweg stopt, half
op de rechterrijstrook want zo breed is de vluchtstrook nou ook weer niet
:-). En vervolgens nog heel wat mensen die op de vluchtstrook lopen of
liften of wachten op de bus.....
Dan komen we aan in Casa en
vinden vrij snel de kamping die vlakbij een moskee staat. Om 6 uur ‘s
ochtends wordt er opgeroepen tot gebed. Maar gelukkig duurt dat niet lang
en kunnen we weer verder slapen. Goed uitrusten want we gaan wederom op
zoek naar een kostuum voor Robert. In Casa moet het toch gaan lukken zou
je denken.......
Liefs, Maris en Robert
ps: kostuum is
gekocht!
Thu Jan 20 21:29:24 2005
Maris en Robert
Marrakech!!!!
Atar: Paris-Dakar, 9 januari 2005 en Tan Tan plage, 18 januari
Op 1 januari rijden we terug naar Nouakchott. Het is deze dag
slecht weer in Mauretanie. Dat betekent wind, veel wind en dus ook heel
veel zand en stof in de lucht. En Baraka zuigt die stof op alsof zij een
stofzuiger is :-0. De wind wakkert aan en wij vinden dat het toch wel erg
op een kleine zandstorm begint te lijken..... Onderweg stoppen we voor een
auto met pech. Hier in de sahara stopt iedereen voor elkaar om te zien of
iemand pech heeft of misschien gewoon even moet plassen of bidden tot
Mekka. Robert gaat kijken wat er aan de hand is. Zijn conclusie: een veel
te moderne auto voor hier met allerlei onderdelen die er niet in horen en
een aantal belangrijke andere onderdelen zitten er niet in. Hij kan er
niet veel aan repareren. Zijn advies aan de Mauretaanse bestuurders:
langzaam doorrijden en het gas erop houden. Succes!
In auberge
Sahara zien we weer wat oude bekenden. Zoals Kanya (de eigenaresse) en
Simon, een Engelsman die na een motorongeluk in de Sahara al 2 maanden
hier verblijft om te herstellen van een gebroken sleutelbeen e.d. Dan
komen er twee Italianen aan en zij rijden in een kleine 'melkwagen' op 3
wielen. Onderweg hebben we ze al zien rijden. Ze zijn met hun Piaggio
vanuit Florance gekomen en willen doorijden tot Dakar om de aankomst van
Paris-Dakar te zien. Ze hebben zich flink laten sponsoren en de auto zit
vol stickers. Zij rijden met een snelheid van max. 40 km. per uur. Daarmee
vergeleken is Baraka een racewagen. Uit het autootje stappen Rosco (150
kg.) en Alessandro (60 kg.). We raken aan de praat omdat Robert een
kapotte bout aan Baraka wil lassen en zij toevallig een lasapparaat in de
auto hebben! Waarschijnlijk zijn zij de best uitgeruste overlanders. Rosco
spreekt bijna alleen Italiaans en Robert spreekt Frans tegen hem en zo
gaan zij aan de slag en na een paar uurtjes is de klus geklaard. Ons plan
is om de volgende dag naar Marokko te rijden. Dan stelt Alessandro aan
Robert voor om met zijn vieren naar Atar te gaan voor de Paris- Dakar die
daar zal zijn. Daar heeft Robert wel oren naar (NB: Paris-Dakar is dit
jaar vertrokken uit Barcelona en is dus eigenlijk Barcelona-Dakar). We
blijven dus een aantal dagen hangen in Nouakchott en eten elke avond met
zo'n 12 man. Mariska doet boodschappen, Robert kookt de vis en tussen de
middag maken de Italianen lekkere pasta. Dan adopteert Mariska een heel
klein zwart poesje met de namen: Steward, Stupina of Veronica maar ze mag
haar van Robert niet meenemen, jammer. Maar stupina krijgt alle aandacht
van de gasten in de auberge us di komt niets te kort.
Op 7 januari
vertrekken we naar Atar. 400 km dezelfde saaie weg die we nu al 2x hebben
gereden. (bij helder weer is het minder saai, maar als wij deze weg rijden
is het steeds wind en dus zand in plaats van mooie uitzichten). We rijden
ongeveer 200 km en kamperen dan in de woestijn (de Italianen rijden niet
zo snel en dan is 400 km op 1 dag wel erg ver). De 8e komen we aan in Atar
en we rijden met zijn allen naar de bivak van de Paris-Dakar. Langzaamaan
komen de 1e rijders al binnen. We zoeken een plekje om te kamperen en de
kleine melkwagen van Alessandro heeft veel bekijks, meer dan Baraka, dat
zijn we niet gewend. Meestal zijn wij degenen met de rare auto :-).
Paris-Dakar: Vorig jaar hebben we dit allemaal op tv gezien en nu
staan we er dan zelf. We bezoeken een van de Nederlandse teams: van Rooy.
Eg leuk allemaal. Het bivak van de rally oprijden blijkt niet zo heel
moeilijk, aanvankelijk reden we chterin de Piaggio gezeten illegaal naar
binnen, maar al snel haalden wij ook Baraka op. Achterin de Piaggio, dat
was pas hobbelen, en ik maar denken dat Baraka hobbelt. We vinden een
prima kampeerplek op de Bivak van de rally, we vinden ook de Franse
journalist die ons destijds in Burkina Faso heeft geinterviewd voor de
Tour du Faso. Het bivak bevindt zich altijd nabij een vliegveld en de pers
houdt zich letterlijk op in en onder de vliegtuigen. Hoeze vliegveld?
Tentjes staan onder de vliegtuigen opgesteld en iedereen loopt overal.
De volgende dag, 9 januari, heeft de rally rustdag en dit geeft
ons de gelegenheid eens in de keuken te kijken van de rally. Er wordt hard
gewerkt, vooral gesleuteld om alle machines de volgende dag weer tiptop in
de race te hebben. Het team van Van Rooy heeft wel tijd voor een praatje
en aan het eind van de middag legt Dany (navigator) ons aan de hand van
het roadbook uit waar we een goede plek kunnen vinden om de 10e etappe te
bekijken. We rijden er nog voor het donker heen, Robert rijdt en Mariska
navigeert ons door de eerste 9 km van de rally. En we reden in 1 keer
goed!!! Wat een navigator! Om half acht de volgende ochtend komen de
eerste motoren langs en later de auto's en vrachtwagens, we blijven tot
ongeveer twaalf uur staan en dan is alles wel voorbij, erg veel spectakel.
Misschien hebben jullie er iets van gezien op de televisie? Allesandro en
Rosco zijn inmiddels al op weg naar Dakar om op tijd te zijn voor de
finish van de Rally. We hadden gisteravond al afscheid genomen, maar toch
hoopten we ze nog even te zien in het bivak. We besluiten om nog een nacht
in het bivak door te brengen zodat we de rijders weer kunnen zien
binnenkomen en dan zullen we morgenochtend de 11e weer terugkeren naar
Nouakchott, om van daaruit naar Marokko te rijden.
groetjes,
Robert en Mariska
Omdat de computer in Nouakchott de floppy niet
hapte konden we dit verslag niet plaatsen en dus schrijf ik er nog maar
een stukje bij....
Het is imiddels 18 januari en we hebben
Mauretanie verlaten. Maar niet voordat we op 11 januari bij aankomst in
auberge Sahara, tot ons plezier, Rosco en Alessandro terugzien. 's Avonds
eten we gezamelijk pizza en de volgende dag vertrekken de Italianen naar
Dakar. Wij zijn ook van plan te vertrekken maar helaas is de pizza bij
Mariska niet zo goed gevallen en dus blijven we nog 1 dagje in Nouakchott.
Terug naar Marokko gaan we deze keer niet door de woestijn rijden maar
gewoon over de geasfalteerde weg die nog lang niet af is....helaas.
De formaliteiten bij de grens verlopen soepel en al gauw rijden we
weer over de lange weg door de Westelijke Sahara richting Agadir en
Marrakech. Niet echt een interesante weg en wel vele kilometers lang (1500
km.) Maar onerweg vinden we ons plekje bij het scheepswrak weer terug. Het
mooie plekje aan het strand waar niemand komt. Niemand? Deze keer is het
anders. Het waait en is koud maar de zee en de golven zijn zo mooi dat we
voorin de auto gaan zitten en "tv" kijken. We hebben verschillende
programma's: eerst kijken we naar de zee terwijl het langzaam donker wordt
en dan verschijnt er opeens een auto in beeld die door het zand en over
het strand scheuren.... grappig. Een van de mannen komt later naar ons toe
en begint een verhaal over stiekum vis kopen bij een bootje dat vanavond
komt???? Oke, eerst maar eens eten. Er verschijnen nog wat auto's en
wanneer we horen dat de actie begint gaan we weer voor de "tv" zitten. Er
wordt met lichten geseind vanaf het water en er wordt teruggeseind vanaf
het strand. Dan zien we vaag in het donker allerlei bewegingen maar het is
te donker om te zien wat er gebeurd. Robert is erg nieuwsgierig maar om
nou bij deze 'illegale' praktijken te gaan kijken? Af en toe gaat er een
zaklamp aan maar het meeste speelt zich af in het donker. Dan beginnen de
auto's te vertrekken en eentje rijdt zich vast in het zand, hihi. Dezelfde
man van daarnet komt vragen of we een sleepkabel hebben. Robert grijpt
zijn kans om eens te gaan kijken wat ze voor vis hebben. Het blijken
inktvissen te zijn en we krijgen er 2 aangeboden. Maar omdat we niet weten
hoe we die moeten schoon- en klaarmaken hebben we ze maar niet aangenomen.
Dan vertrekken ze allemaal en hebben we het strand voor onszelf tot de
volgende avond 7 uur. Er komt weer een auto en deze man komt gezellig even
kletsen omdat zijn vrienden er nog niet zijn. Hij is bang dat ze gepakt
zijn door de politie omdat de inktvivisserij en verkoop hier op het strand
illegaal is. Maar ja, iedereen doet zijn best om iets te verdienen, er is
niet veel werk in Marokko.
Overdag genieten we van de zon en de
zee. Mariska wil erg graag zwemmen maar het is echt veel te koud. 's
Ochtends lopen we naar links het strand op en wandelen een eind langs
rotsen waarop de golven beuken. We zien vele mossels en vogels. 's Middags
wandelen we de andere kant op langs het scheepswrak en verzamelen heel
veel schelpen, een stuk schild van een schildpad we zien weer allerlei
skeletten van orka's, dolfijnen e.d. Een dagje strandjutten is erg lekker.
De volgende dag moeten we dan toch vertrekken. Mariska loopt nog 1 keer
naar de rotsen voor de laatste foto's en dan voor het eerst in 5 maanden
het gevoel nu echt op weg naar huis te zijn...... Maar weer op de weg toch
meteen weer veel zin in de rest van Marokko en terwijl we de laatste
zandduinen achter ons laten maken we nieuwe plannen voor een volgende keer
woestijn (van Nouadhibou naar Choum dan van Atar naar Tidjika en van
Nouakchott terug naar Nouadhibou, alles door het zand natuurlijk :-)).
Inshallah.
Mariska & Robert
ps: (20 jan.)We zijn in
Marrakech!!!!
Tue Jan 11 21:00:41 2005
robert en maris
After Paris-Dakar
Hallo allemaal, we hebben een stukje paris-Dakar mogen meemaken en
natturlijk hebben we daarover een stukje geschreven. Maar ondanks dat het
cybercafe, hier in Nouakchott, er prachtig uitziet, hapt-ie onze floppies
niet..... Maar het was erg gaaf!
Dus de verhalen laten nog even op
zich wachten.
Morgen, de 12e, zijn we dan ECHT van plan richting
Marokko te gaan rijden, inshallah!
Veel mensen vragen ons wanneer
we weer thuis zullen zijn..... we DENKEN ergens tussen 7 en 15 februari
2005 in Utrecht aan te komen. Maar... je weet nooit wat we onderweg nog
tegenkomen (behalve, Madrid, Parijs, kou en regen???)
Groetjes, M
en R
Mon Jan 3 17:43:28 2005
Robert en Maris
Verandering van het plan
Vandaag besloten om wat langer in Mauretanie te blijven. We gaan terug
rijden naar Atar om daar te genieten van de rally Paris-Dakar!
Samen met twee Italianen, die gekomen zijn met een melkwagen met
drie wielen en 40 kilometer per uur kunnen rijden, zullen we naar Atar
rijden. Foto's volgen indien mogelijk. De communicatie verloopt ook
geweldig. Rosco spreekt alleen Italiaans en doet dat ook zonder stoppen de
hele dag, net zolang totdat je hem begrijpt en ze hebben heerlijk eten in
de auto: pasta, chocola, pesto, wijn. Dus jullie begrijpen: die houden we
te vriend!!!!
De verhalen zullen later volgen en Marokko moet nog
even op ons wachten. Verwachtte aankomst in Marrakech? Rond de 21ste
januari.
(ps. hou de tv in de gaten, misschien komen we wel in
beeld en anders binnenkort zeer waarschijnlijk een reportage op de
Paris-Dakar website)
Hasta la pasta, tutti frutti, Mariska en
Roberto
Sun Jan 2 16:14:47 2005
Robert
nog eens Nouakchott
Nouakchott. 2 januari 2005 Gelukkig nieuwjaar allemaal!!!!
We
rijden Nouakchott uit wat later in de middag van 26 december. De politie
bij de uitpost controleert alles grondig, meestal is het alleen paspoort
en een praatje, maar laten we nu net onze verzekering vervalst hebben. In
Afrika moet je de auto verzekeren, niet dat je er iets aan hebt, maar je
moet nu eenmaal aan de formaliteiten voldoen. De agent kijkt eens een paar
keer grondig naar het verzekeringsplaatje op onze voorruit en vind het
uiteindelijk allemaal wel goed zo en we mogen doorrijden. We zochten een
kampeerplek, dit keer een ‘maanlandschap’, gelukkig zagen we de echte maan
zodat we wisten dat we nog op aarde stonden. Inmiddels wordt het wel
steeds kouder, vooral ‘s nachts is dat te merken. De volgende dag, 27
december, even flink doorrijden over asfalt en dan de piste op naar
Terjit. Een kleine oase vlak voor Atar. De piste wordt in het plaatsje
Terjit steeds slechter, erg vermakelijk als we even stoppen en zien hoe
sommige auto’s zich door het zachte zand worstelen). Voor ons geen
probleem en wanneer even later weer stoppen om te kijken wat we verder
doen spreekt een man ons aan, hij heeft een soort van campement en
besluiten al snel daar te overnachten.
‘s Morgens wandelen we in de
omgeving van Terjit. Eigenlijk wilden we rotsschilderingen gaan bekijken,
deze hebben we nooit gevonden, maar evengoed een erg mooie wandeling. Dan
weer met Baraka op pad richting Atar, in Atar lunchen we kebab, kip en
friet, regelen een verzekering (de vervalste was verlopen), tanken en
rijden verder richting Chinquetti. Het wordt al weer laat in de middag en
we zoeken langs de piste een kampeerplek. We vinden een plek bij een
rivier (zonder water, vrijwel alle rivieren staan deze tijd van het jaar
droog) en bergen, het blijkt een plek te zijn waar men zoekt naar
pre-historische gebruiksvoorwerpen, speerpunten enzo. De volgende ochtend
waait het zo hard met veel stof en zand dat de bergen geheel verdwenen
zijn. De piste naar Chinquetti is erg goed en we zijn er dan ook snel.
Chinquetti is een woestijnstadje zoals je je een woestijnstadje voorstelt.
Veel zand, een beetje bebouwing, veel wind en verder vooral niets. We
lopen nog even naar een grote zandduin en maken mooie foto’s. Omdat het zo
hard waait kun je goed zien hoe zandduinen zich langzaam verplaatsen.
Wanneer we teruglopen, zien we dat onze voetstappen in het zand door de
wind alweer met zand gevuld zijn, zo gaat dat in de woestijn. We besluiten
een begin te maken met de route naar Ouadane, een andere woestijnstad
verder de Sahara in. Dit is een route door de woestijn daar waar geen weg
of piste is, dus zijn we blij met onze gps. Erg zacht zand om mee te
beginnen, dus bandenspanning omlaag en rijden maar Baraka! Na de eerste 20
km besluiten we om een kampeerplekje te zoeken, nou ja zoeken, gewoon
stoppen maar. Het werd al wat kouder de laatse dagen maar nu werd het s’
nachts toch wel heel erg koud. s’ Morgens stond de thermometer nog net
onder het vriespunt! Overdag halen we nog maar 25 graden (ja, ook hier is
het winter en hebben we het koud).
Door de duinen naar Ouadane.
Woestijn zoals je het kent uit de boeken en van de televisie (Parijs-Dakar
bijvoorbeeld), veel zand, duinen in alle kleuren en maten. En het mooie is
dat je daar ‘gewoon’ overheen kunt rijden. Alle bonus gaat naar Baraka!
Baraka was op haar best door het zand. Na een prachtige rit door deze
duinen komen we aan in Ouadane. Het is een prachtig. Rustig klein plaatsje
gebouwd op een rots. Het is onduidelijk te zien waar de rots eindigt en de
bebouwing begint.
We overnachten hier bij auberge Zaida en eten
een heerlijke maaltijd voorzien van veel verse groenten. De volgende
ochtend bekijken we Ouadane nog eens en rijden dan richting Atar. Het is
inmiddels 31 december en we zoeken een plek om te kamperen en
oud/nieuwjaar te vieren.
Uiteindelijk staan we onderaan een mooie berg
en het waait enorm. Als dat maar goed gaat met ons vuurwerk. Na een
heerlijk 3 gangenmenu, soep en chocoladevla uit blik en de rest vers,
tellen we de laatste seconden weg…. GELUKKIG NIEUWJAAR!!!!!
We
steken ons vuurwerk af en dat gaat nog best goed ondanks de harde wind en
we overdenken het komende jaar en denken aan iedereen in Nederland. Hoe
zullen jullie het nu hebben……
De volgende dag door naar
Nouakchott, we overnachten in auberge Sahara en binnenkort vertrekken we
naar Marokko, maar niet voordat we voor de laatste keer op de markt verse
vis hebben gekocht!. We verwachten rond half januari in Marrakech te zijn.
We wensen iedereen een heel goed 2005 toe en kijken ernaar uit om iedereen
weer te spreken over een aantal weken.
Hasta la pasta! Maris en
Robert
Sun Jan 2 15:59:42 2005
Robert
Nouakchott 2 januari
Nouakchott, 24 december 2004
In Bamako blijven we een aantal
dagen om Baraka rijklaar te maken voor de reis naar Mauretanie. We moeten
nog wat inkopen doen, een visa regelen, de gastank vullen en wat
internetten. Dus de dagen vliegen om.
We gaan het visum voor
Mauretanie aanvragen en lopen daarna terug op zoek naar een internetcafe.
Laten we nou per ongeluk langs een dovenschool lopen! Mariska naar binnen
en ze krijgt de directeur te spreken en wat onderwijzers. Van de 15
onderwijzers die er zijn, zijn er 3 doof. Ze spreekt af om de volgende dag
terug te komen met wat schriften (Pauline P. bedankt!), pennen en
kleurpotloden. Deze school heeft weinig middelen om les te geven. De
schoolbus is stuk en er zijn geen computers. Er wordt gebruikt gemaakt van
gebaren uit het Amerikaans en Frans. De horende onderwijzers gebaren in
Frans ondersteund met gebaren of de doven onderling wel een gebarentaal
met eigen grammatica gebruiken is Mariska niet duidelijk geworden. Wanneer
Mariska er de 2e dag is komen er 6 blanken het schooplein oplopen en het
blijken Nederlanders te zijn. Een van de vrouwen is logopedist en haar man
is de Nederlandse ambassadeur in Mali. Zij wil graag de school helpen met
het opzetten en realiseren van logopedielessen. De kinderen krijgen
helemaal geen logopedie en ook mimiek (wat een grammaticaal onderdeel is
van gebarentaal) wordt niet aangemoedigd. Ze vraagt of Mariska nog een
stageplek nodig heeft en hoe dat werkt op de Hogeschool met
buitenlandstages. Mariska lijkt het wel wat om een tijdje op deze school
rond te kijken :-)
Op 15 december vertrekken we uit Bamako om via
Nara (Mali) naar Nema in Mauretanie te reizen. Het asfalt verdwijnt als
snel om plaats te maken voor een rode ribbelweg (wasbordweg) en eindigd in
een piste in Nara. Aldaar bezoeken we de douane en politie om onze
exitstempels te halen om daarna even buiten Nara te kamperen. De volgende
ochtend op naar Nema. Er lopen verschillende pistes die allemaal naar Nema
leidden. Maar welke is nou de beste? De ene piste eindigt in een groot
gat. De ander eindigt in enorm zacht zand. De derde wordt veel bereden
door vrachtwagens en daardoor wordt het spoor veel te diep voor Baraka.
Soms verdwijnt de piste opeens en onstaat er zomaar weer een nieuwe.....
Na 1 dag rijden over deze pistes die steeds slechter worden staan we bij
de grensplaats Adel Bagrou. Daar worden we flink afgezet door een agent.
Die laat ons veel betalen voor een stempel die uiteindelijk niet echt
nodig bleek. In Nema krijgen we namelijk nieuwe stempels bij de politie en
daarvoor moeten we opnieuw betalen. Dan rijden we langs de douane. De man
geeft Mariska een hand, raakt haar arm aan en bekijkt haar van top tot
teen. Het voelt niet goed aan en ze is blij dat ze hier met Robert is. In
Mauretanie krijg je meestal geen hand van mannen (uit respect) en ze raken
je al helemaal niet aan. Brrr, enge vent. Dan wil hij dat we met de auto
ergens heen rijden om de papieren in te vullen. We vertrouwen het niet en
gaan weg. Later blijkt dat er in dit dorp helemaal geen douane aanwezig
is. Vreemde zaak dus. We rijden door naar Nema en de pistes worden
langzamerhand weer beter. In Nema komen we op zaterdag aan (wat hier dus
geld als zondag) en dus is de douane gesloten. We kunnen de papieren voor
Baraka nu niet ingevuld krijgen. In de eerstvolgende plaats zou dat dan
wel kunnen wordt ons verteld. Het is al laat en we gaan maar eens een
kampeerplek zoeken. De volgende dag op naar Timbedgra en daar de douane
opgezocht en... geen stempel want er zijn geen stempels!!! Dat kan ook
alleen maar hier! We rijden door naar Ayoun al Atrous en kunnen daar
eindelijk de papieren voor Baraka laten stempelen. Gelukkig, nu mogen we
alledrie door Mauretanie reizen. Even buiten Ayoun gekampeerd en de
volgende ochtend weer terug gereden om geld te wisselen. De bank bleek
geen CFA’s (Afrikaanse franken) te wisselen maar we vinden iemand die wel
een goede koers bied. Het is weer even wennen hier in Mauretaie. Ze
spreken een Arabisch dialect. Ik draag weer een lange broek aan en een
t-shirt met (korte) mouwen. De omgangsvormen verschillen ook met die van
de rest van west-afrika en alle vrouwen zijn gesluierd. Maar het went snel
en we hebben in een restaurantje alweer heerlijk rijst (met onze handen)
gegeten. Het Arabisch gaat ook vooruit. Lebas? Lebas mo a ve? Ihamdullah!
Insallah. Baash? Abdie, kaavi?
Dan willen we de watertank vullen.
Waar halen we water vandaan? In Burkina en Mali gingen we in een dorp op
zoek naar de plek waar een kraantje was. Voor een klein bedrag kun je dan
de tank vullen met emmers water of door de tuinslang op de kraan aan te
sluiten. We vragen het aan de gendarmerie. De kraan blijkt in en klein
kastje te zitten en voor een klein bedrag mogen we de tank vullen. Maar
uiteindelijk hoeven we als gasten niets te betalen en krijgen we ook nog
Mauretaanse thee aangeboden.
De weg van Nema naar Nouakchott loopt
van oost naar west door Maureetanie en wordt de ‘route l’espoir’ genoemd.
Het is een geafsalteerde weg met veel goed asfalt en af en toe gaten of
hobbels. Er lopen veel dieren op en naast de weg. Dus het is goed opletten
want soms steken ze zomaar over. Geiten en schapen rennen meestal hard weg
als je aan komt rijden maar soms besluiten ze op het laatste moment toch
nog even over te steken. Ezels steken het liefst over vlak voordat je ze
voorbij rijdt en dan blijven ze vervolgens midden op de weg stokstijf
stilstaan! Afremmen dus. Kamelen smeren hem meestal en koeien steken
doodgemoedereerd op hun gemak over en laten zich niet haasten door een
grote blauwe toeterende auto. Dus saai is deze ruim 1000 kilometer niet.
Zeker niet wat betreft het landschap. We rijden door prachtig afwisselend
woestijnlandschap. Rood, geel, wit, grijs, bruin, oranje zand al dan niet
met verschillende groene plantjes (3 soorten, meer variatie is er niet) of
rotsen. Op 21 december rijden we de Djouk pas. Een kleine maar mooie pas
met mooie rotswanden aan weerszijden en prachtige uitzichten. De weg
vervolgt en al snel komen we op het gedeelte Aleg – Nouakchott, dit deel
vonden we de eerste keer dat we dit reden al erg mooi en dat vinden we nog
steeds. Eigenlijk wilden we op dit gedeelte een ‘oude’ kampeerplek
opzoeken, maar we waren moe en zijn toen een willekeurige piste ingereden
en stonden even later op een erg mooie plek in de buurt van oranje
zandduinen, slechts wat kamelen en ezels als toeschouwers. Naar welk dorp
de piste leidde zullen we nooit weten.
In Noaukchott aangekomen
vinden we vrij snel de weg naar Auberge Sahara, deels op herkenning en met
een beetje hulp van de kaart. Heerlijk om toch zo af en toe een echte
douche te kunnen nemen. ‘s Avonds besluiten we de aankomst te vieren met
een pizza en een biertje (in een van de weinige restaurants die bier
serveren, want alcohol is verboden in Mauretanie) bij de Italiaan Pizza
Lina. Voor Robert valt de pizza niet helemaal goed en heeft daardoor de
beruchte reizigers diaree te pakken, een beetje omgekeerde wereld want na
alles te kunnen eten aan de straat was dit weer de eerste keer Europees
voedsel.
Het is nu bijna Kerstmis! Kerstavond is betrekkelijk
rustig en Robert heeft ook nog niet echt behoefte aan een kerstdiner. Maar
de volgende dag, eerste kertsdag, gaat het beter en Mariska heeft het idee
om een kleine kerstmaaltijd in de vorm van een barbeque met 4 of 5 man te
organiseren.....Inmiddels wordt de Auberge drukker en wat begon als een
eenvoudige barbeque loopt prettig uit de hand tot een feestje met zo’n 25
man. Vergt wel wat extra organiseren, maar Mariska ging het taken verdelen
erg goed af. Mariska ging met Isabella groenten inkopen en later met wat
meer mensen op de vismarkt uitgebreid vis ingekocht (9 kilo verdeeld over
3 vissoorten en 1 kilo gamba’s). De vis kun je vervolgens ter plekke op de
vismarkt schoon laten maken. De Engelsman Simon , die al enige tijd in de
Auberge bivakkeert, word verantwoordelijk gesteld voor de drank, hij weet
als een van de weinige namelijk dat er een chinees is die chinees bier
importeert. De Zwitsers blijken een aardige voorraad wijn bij zich te
hebben, ze hebben in Frankrijk een wijngaard. Dit verklaard meteen het
probleem van de door de veren gezakte auto. Met een paar man, onder andere
Johan en Robert, de keuken in om de vis voor te bereiden en al snel kan
het kerstfeest beginnen. Iedereen helpt fantastisch mee met de
voorbereidingen en de afwas achteraf. Met een Zweedse visstoofpot, vis en
gamba’s op de bbq en twee salades wordt het een heerlijke maaltijd. Simon
en Robert draaien nog wat plaatjes met de iPod van Simon, er wordt
gedanst, gezongen en gepraat onder de sterren en al snel wordt het laat en
beginnen ze van de auberge te vragen of het iets zachter mag.... Een
fantastische eerste kerstdag in Mauretanie!!
Na een goed ontbijt
met eieren en verse jus (wie zij ook al weer dat aan eten komen in
WestAfrika lastig is) rusten we nog wat uit en gaan vervolgens op weg naar
Chinquetti en Ouadane.
Lees verder in het volgende verslag,
Mariska en Robert
Wed Dec 22 18:41:10 2004
de kerstnomaden
mauretanie
Iedereen fijne kerstdagen gewenst en een hele goede, leuke
jaarwisseling. We hebben vuurwerk kunnen kopen in Mali en zullen dat op
een mooie kampeerplek in de Sahara in Mauretanie afsteken.
Tot
volgend jaar!!!!!!!!!!!!!
Veel liefs, Robert en Mariska
Mon Dec 13 16:12:01 2004
mariska
Tombouctou
7 december 2004, Timboektoe
Op 1 december rijden we Bankass uit
richting Djigibombo. Dat is een klein Dogondorpje waar een feest zal zijn
i.v.m de opening van een nieuw hotel. We rijden over een hobbelige weg en
zoeken een plek om te slapen. Als we die plek hebben gevonden komt er een
oud mannetje aan. Hij spreekt bijna geen Frans maar weet ons wel duidelijk
te maken dat hij geld wil. In plaats daarvan geven we hem een lange broek
en daarmee is hij enorm in zijn nopjes. Terwijl hij ermee wegloopt loopt
hij blij in zichzelf te praten en haalt de broek keer op keer uit zijn tas
om hem te bekijken. Dan komen er twee jongetjes kijken naar ons en op een
brommer komen 2 mannen aanzwieren. Ze rijden over een steen en donderen
bijna van de brommer af, gierend van de lach. Even later blijkt dat het
twee gidsen zijn, op weg naar het feest, en dat ze een lekker vrolijk
sigaretje hebben gerookt. We praten wat en ze vragen aan ons of er in
Nederland echt melk uit de kraan komt....... We helpen ze dit keer uit de
droom. Na nog zo’n lekker sigaretje gaan ze apestoned op een gammele
brommer, in het donker over een smalle weg verder. ‘A demain!’ (tot
morgen!). De jongetjes staan er nog en laten trots hun schoolboeken zien.
Biologie in het Frans en Dogon lesboeken. Ik lees voor in Dogon en zij
vinden het prachtig. Geen idee waar het verhaal over ging;-). Dan koken we
een Italiaanse hap en kruipen er vroeg in.
De volgende dag door
naar Djigibombo. Als we aankomen worden we aangesproken door een jongen,
Boubacar, die Baba kent en hij regelt ontbijt en een kleine tour door het
dorp. Het feest duurt 3 dagen en dit is de tweede dag. Boubacar is al of
nog dronken. Hij vertelt de hele nacht gedanst te hebben en heeft maar 1
uurtje geslapen. Op dit soort feesten drinken de mensen milletbier (alsof
het limonade is) en dat bier is gratis(!) voor het hele dorp en zijn
gasten. Het wordt gemaakt van graan. Het wordt gebrouwen in grote aarden
potten en gedronken uit kalebassen. De hele dag staat het te gisten en
daardoor loopt het alcoholpercentage op naarmate de potten langer staan.
Dan zien we ‘Bassie’ een jongen uit Bankass die ons de rest van de dag op
sleeptouw neemt. Zijn Frans is af en toe niet te verstaan en daarbij
stottert hij ook nog, dat maakt het er niet gemakkelijker op, maar hij is
erg aardig. Zijn grote broer Yacuba woont in dit dorp en schijnt nog
Nederlands te spreken ook (!). Dan beginnen de festiviteiten. Eerst een
officiele toespraak in het Frans en dat wordt ook vertaald in Dogontaal.
Daarna komen er twee dansgroepen. Een uit Songho en een Dogondans met
maskers. Supergaaf om te zien!!! Oude en jonge mannen en vrouwen uit het
publiek dansen af en toe een stukje mee. De maskers zijn soms wel 5 of 6
meter hoog en ze zwieren ermee rond. De maskerdans hebben we in Nederland
al eens gezien. Maar het is geweldig om het hier te zien waar de dans
vandaankomt.
Later ontmoeten we de gidsen van de vorige dag weer,
ze zijn gelukkig veilig aangekomen. We ontmoeten ook Yacuba die inderdaad
Nederlands spreekt. Beter dan ons Frans. Hij werkt veel samen met een
Nederlandse architect, Joop van Sticht, en komt ook wel eens naar
Nederland. We hoopten Joop nog te ontmoeten, maar hij was net weer terug
naar Nederland. Wel vreemd om een Malineese traditioneel gekleedde man
Nederlands te horen praten. De rest van de dag eten we wat en we hangen
wat rond. s’ Avonds gaan we bij ‘Bassie’ eten (eigenijk heet hij Abdulaye
maar hij draagt steeds een Bassie en Adriaan t-shirt). We gaan naar het
erf van zijn familie en we koken samen macaroni met dogonuitjes in
tomatensaus..... We zitten dus in een Dogondorp bij mensen thuis en koken
daar ons maaltje. Echt leuk want tijdens de wandelingen door Dogon maak je
dat niet mee. Dan blijf je echt de toerist die toekijkt en die in het
hotel (of campement zoals dat hier heet) eet. We eten ook weer met onze
handen. Later die avond komt er een griot zingen. Een griot is een
speciale zanger(es) die komt zingen op speciale gelegenheden. Voor ons
klinken alle nummers hetzelfde maar Bassie vertaald voor ons en zo weten
we dat ze toch steeds weer wat anders zingt. De mensen uit het publiek
springen weer af en toe op de dansvloer om een stukje te dansen. Het echte
dansen komt later maar ik val al luisterend naar de griot in slaap en
besluit naar bed te gaan. Bassie blijft nog om te dansen. De volgende
ochtend om half 7 opgestaan en..... daar zit Bassie alweer. Blijkt dat hij
in het hotel op een mat in de gang heeft geslapen. Dat was dichterbij dan
zijn eigen huis (5 minuten lopen of 10 minuten lopen).
Na het
ontbijt van al onze vrienden afscheid genomen en Yacuba uitgenodigd om bij
ons thuis te komen wanneer hij weer in Nederland is. We rijden naar Sévaré
over een asfaltweg, joepie. Niet eens gaten in het wegdek. We gaan naar
een campement dat ‘Mac’s Refuge’ heet. We kunnen daar in onze tent slapen,
dat is goedkoper dan een kamer, en hij schijnt geweldig te koken en het
ontbijt schijnt ook fantastisch te zijn. Nou we kunnen zeggen dat dat
klopt. Als je in Mali toe bent aan lekker en gezond eten met veel groenten
en fruit, dan zit je hier goed! De volgende ochtend komt Gilbert, een van
de medewerkers, naar ons toe en vraagt of de auto heel misschien al eens
eerder in Mali is geweest. Jazeker, zeggen wij. Robert noemt de naam van
Bart en Gilbert roept opgetogen: ‘et Linda!’ Hij weet ook een polaroidfoto
tevoorschijn te toveren met daarop: Bart, Linda, Baraka, Gilbert en nog 2
menseen. Dat is lachen en ook de 1e keer dat iemand Baraka herkent. We
maken ook een polaroidfoto voor Gilbert met daarop Gilbert en wij tweeen
en Baraka.
Mac is een huis aan het bouwen in Adobi-stijl. Hij
maakt gebruik van traditionele en moderne technieken. Robert wil dat
natuurlijk wel even bekijken en doen dat vind Mac prima. Daarna huren we 2
fietsen bij Mac en fietsen naar Mopti, 12 kilometer verderop. We voelen
ons helemaal Malinees op onze fietsen maar worden af en toe uitgelachen
door kinderen, die vinden het maar vreemd. Als toubab (blanke) fiets je
niet want die hebben toch geld voor een auto. Mopti ligt aan twee rivieren
de Bani en de Niger. Hierdoor fietsen we langs een soort ‘uiterwaarden’,
het lijkt net op de weilanden in Nederland, maar dan zonder koeien. In
Mopti verwachten we veel te worden aangesproken door allerlei gidsen die
willen dat we gaan varen of met hen door Mopti gaan lopen. Maar het valt
erg mee. Mopti is sfeervol en erg klein en we zijn er zo doorheen dus we
checken nog even snel onze berichten op de website en de e-mail. Dan
fietsen we terug naar Sévaré en komen op het idee om echte Malinese
stoelen te kopen. Een soort (tuin-) stoel waar zo ongeveer iedere Malinees
op zit. Ze zijn er in verschillende kleuren. Uiteindelijk vinden we een
stoelenmatter die de stoelen kan maken. Niet zo duur en ze zijn over 3
dagen klaar. Mooi, dan gaan wij ondertussen Timboektoe bezoeken. s’Avonds
eten we overheerlijk mexicaans eten bij Mac en de volgende dag vertrekken
we naar Timboektoe. Eerst een fijne asfalt weg daarna een wasbordpiste tot
aan Bambara-Maoundé. Er is ons verteld dat we in deze omgeving beter niet
kunnen gaan kamperen i.v.m bandieten. Dus in Bambara gaan we naar een
campement om de volgende dag naar Timboektoe door te rijden. Timboektoe
heeft een pont waar we achteruit op moeten rijden want dat is handig voor
de overkant. Dat je de pont ook om kunt draaien, daar komt niemand op. Dus
met veel gedoe (zacht zand, gaten en bergjes en een helling naar beneden)
staat ze dan toch op de pont. We komen om 13.00 uur aan in Tombouctou en
zoeken een camping. Daarna gaan we eten en kaartjes schrijven: ‘groeten
uit Timboektoe’. Op naar het postkantoor om de kaartjes te posten en de
poste restante post van HendrikJan en Julian op te halen. Er is zeker wat
gestuurd maar het was nog niet aangekomen toen zij in Timboektoe waren. Er
liggen 2 kaarten en een pakje voor hen. Ik mag het pakje openmaken want er
zit een Nederlands boek in wat we van HendrikJan en Julian cadeau kregen
als we het ophaalden in Timboektoe.
Dan gaan we Timboektoe
bekijken. Het een leuk, klein plaatsje met authentieke architectuur
(vergeleken met de rest van de kleine dorpjes die we bezoeken). We vinden
erg leuk om er rond te lopen, de atmosfeer is goed. Als we de volgende dag
Timboektoe uitrijden blijken we een politiepost gemist te hebben. We
krijgen een boete. Ik probeer nog uit te leggen dat we dat niet wisten en
dat het de dag ervoor ook geen probleem was om door te rijden maar de
agent is onvermurwbaar. Onze eerste boete is binnen :-( Hierna rijden we
terug naar Bambara-Maounde. Eerst weer met de pont. Als we eenmaal aan het
varen zijn krijgen we een dubbele rekening. Tja, er staat maar 1 auto op
de pont dus moeten we het volle pond betalen, want er passen wel 2 auto’s
op! Als ze dat nou eerder hadden gezegd..... en hetzelfde gedoe met
achteruitrijden als gisteren maar nu moeten we er achteruit afrijden. De
bestuurder zegt dat hij wel kàn draaien maar het gewoon niet wil doen.
Hierna weer de lekkere wasbordpiste waarbij de beschermkap van de koelfan
lostrilt (gelukkig op tijd gezien en weer vastgezet). Op woensdag de 8e
rijden we vanuit Bambare door naar Sévaré om onze stoelen op te halen. De
andere 2 stoelen die we vanuit Nederland hadden meegenomen zijn kapot
gegaan, maar wat voor ons kapot is kunnen ze hier nog prima gebruiken. De
stoelen zijn gemat en geverfd op typisch Afrikaase wijze. Eerst de stoel
matten en daarn het frame zwart verven met een dikke kwast. Gevolg: zwarte
spetters en vegen op de zitting en rugleuning, zo gaat dat hier en de
Afrikanen zien het probleem niet. Verder is de verf erg dun en gaat het zo
van de zitting af en dus ook van het frame...... Nu we in Sevare dan toch
in de buurt zijn kunnen we het niet weerstaan om weer naar ‘Mac’s Refuge’
te gaan vanwege het lekkere eten. Als we aankomen blijkt er al een
kerstboom te staan, toch een beetje kerstsfeer al voelt het wel vreemd met
40 graden.
Dan gaan we naar Djenne. Het tafereel aanchouwend met
de pont op en af hobbelende bussen, motoren met onderwatergelopen motor en
glijdende brommertjes besluiten we Djenne per mobylette te bezoeken
(Baraka dus nit op de pont te rijden). We huren een brommertje, laten ons
in een pinasse (klein vissersbootje) naar de overkant zetten en ‘scheuren’
naar Djenne. Daar aangekomen gaan we eerst eten en daarna laten we ons
door een gids door Djenne loodsen. Je kunt er mooie gebouwen zien, de
Moskee is absoluut de moeite waard, maar het is er erg vies i.v.m het open
riool. Gelukkig pakken ze dat nu aan en over 1 jaar zal Djenne er weer
schoon bijliggen (naar Afrikaanse maatstaven dan want in heel Afrika gooit
iedereen zijn afval zo op straat). Het is er ook behoorlijk toeristisch.
In het pakje wat we in Timboektoe hebben opgehaald zit het boek: ‘Het
zandkasteel’ van Ton van der Lee. Deze Nederlander heeft in Djenne op
traditionele manier een huis gebouwd. We wagen het erop om bij zijn huis
langs te gaan en worden hartelijk ontvangen. Het is een prachtig huis, een
waar zandkasteel. Een gelukkig mens die daar mag wonen. Hij heeft ook nog
wat dikke boeken over die ik mag meenemen. Fijn, weer leesvoer. Dan zoeken
we een kampeerplek. We krijgen bezoek van een koeienherder die ook de
nacht daar doorbrengt. We hebben hout gesprokkeld en hij maakt een
vuurtje. Van de kooltjes die ontstaan uit het hout maakt hij een apart
stapeltje, daarop het theepotje en als je steeds kooltjes blijft aanvoeren
gaat het water vanzelf koken. We drinken samen thee. Wij koken macaroni.
Deels op gas.... totdat het op is.... en zetten dan de pan op de kooltjes.
Zo kun je ook prima koken. We spelen met Ibrahim het spel wali. Het is erg
gezellig. Net voordat we gaan slapen hoort Robert opeens gesis. Het blijkt
een kleine slang te zijn waar Robert vlak langs wilde lopen. Gelukkig
hoorde hij op tijd het gesis. Best spannend en die nacht ga ik voor het
eerst niet in de bosjes plassen maar op het dak van Baraka in de plasemmer
(sorry, Dennis, ik heb toen niet aan je gedacht, hihi). De volgende
ochtend brengt Ibrahim ons verse melk, zo uit de koe. Er is ons verteld
dat we dat beter eerst kunnen koken voordat we het drinken. We maken net
als Ibrahim een vuurtje en koken de melk op de kooltjes. Vlak voordat we
vertrekken komen er wat kinderen aan. Ze spreken geen Frans maar Fulani.
Dat is dus moeilijk communiceren? Niet echt, we praten in gebaren! Zij
beginnen ermee. Echt heel grappig. Ik geef ze kleurpotloden en papier. Ze
krassen eerst wat. Dan teken ik Baraka. Dat vinden ze erg leuk en een
meisje tekent zichzelf. Een andere jongen tekent de pont. Dan vertrekken
we in de richting van Bamako.
Het volgende verslag komt vanuit
Mauretanie, adios, Maris en Robert
Mon Dec 13 16:10:24 2004
robert en mariska
land van de Dogon
Het land van de Dogon, 3 december 2004
(mariska) Vlakbij de
grens naar Mali ligt Ouahigouya daar zullen we onze laatste nacht in
Burkina Faso doorbrengen. We gaan naar de markt, internetten wat en laten
foto’s ontwikkelen. s’Avonds gaan we naar een hotel waar je, naar schijnt,
heel lekker kunt eten. We komen om 8 uur aan en vragen of we daar kunnen
eten.‘Even aan mijn moeder vragen’ zegt een man. Het kan. Er wordt een
tafel voor ons gedekt en verder gebeurd er niets. Wel wordt er een biertje
gebracht maar geen menukaart ofzo. Iedereen lijkt het heel druk te hebben.
Rond half 9 gaan de gasten van het hotel aan tafel. Er wordt heerlijk eten
geserveerd. Alle tafels krijgen hetzelfde eten, wij ook. Mmm, blijkbaar
wordt hier elke avond een maaltijd gekookt en als er voldoende is kun je
dus meeeten. Er is geen keuze in het menu. Oke prima, het eten is ook echt
heel lekker. De rekening achteraf valt ook reuze mee dus we gaan voldaan
nar ons hotel voor onze laatste nacht in Burkina. De volgende dag, 26
november, steken we de grens naar Mali over en rijden over een beroerde
weg naar Bankass.
Vanuit Bankass kun je wandelingen regelen in het
Dogongebied. Dus als we daar vermoeid aankomen worden we meteen door
allerlei jongens aangesproken. Daar hebben we even geen trek in, we zijn
moe en willen een hotel en een biertje. Mariska krijgt spontaan ruzie met
een van de jongens. Maar nadat duidelijk wordt dat we eerst rust willen
gaan ze weg. Na onze rust gehad te hebben konden we op een gezellige
manier praten met iedereen, en natuurlijk ook met enkele gidsen. Ik,
Robert, vraag ze of ze een Nederlandse architect kennen die in de Dogon
actief is. Er wordt meteen Joop geroepen. Ik vraag of we Joop van Stigt
kunnen ontmoeten. De gidsen zullen hun best doen om uit te vinden waar
Joop nu verblijft. Wordt vervolgd... Onze gids door de Dogon wordt Baba.
Hij spreekt gelukkig Engels. We gaan met hem 3 dagen wandelen en vanaf het
moment dat dat is afgesproken (met handgeschreven contract) regelt hij
alles voor ons wat we maar willen. Meestal heeft hij iemand in zijn
familie die iets verkoopt of kan maken of regelen. Daar wij net de handrem
hebben gemold (nou ja, waarschijnlijk was die al 25 jaar oud en dus
versleten en kon die het gehots en gehobbel op de Afrikaanse wegen niet
meer aan en toen is er iets gebroken) gaat de broer van Baba op zoek naar
een nieuw onderdeel. Helaas kan hij het niet vinden maar ze kunnen het wel
lassen? We betwijfelen of dat houdt maar beter dat dan niets. Hier wordt
alles wat stuk is aan elkaar gelast of aan elkaar gebonden met stukken
touw en ijzerdraad. Dus wie weet werkt het wel.
Op 28 november
vertrekken we om 7 uur richting de Dogondorpjes. Het eerste stuk leggen we
af op een paardenkar. Lopen en galop is nog wel te doen maar als het paard
draaft schudden we de kar af. Baba en Robert hebben ‘s avonds blauwe
plekken. We komen aan in Kani-Kombolé, het eerste Dogon dorp ooit. We zien
stenenmakers die direct uit de grond stenen maken en Baba verteld hoe het
bouwen van een huis in zijn werk gaat. We zien onze 1e Dogon moskee. Dogon
zijn eigenlijk animist maar sommigen hebben zich bekeerd tot de islam of
het christendom. Baba weet veel te vertellen over het animisme. Erg
interessant want daar weten we echt niks van. De Dogon woonden langs, op
en in een rotswand, de falaise. Vroeger woonden daar ook de Tellem en de
Pygmee. Hun huizen kun je vaak nog zien. De meeste Dogon wonen nu onderaan
de rotswand of er bovenop. De oude huizen, graanschuren in de rotswand kun
je bezoeken. Waarschijnlijk worden de Dogon nog wel in de rotswand
‘begraven’. We leren over de god van het water, de tweelinggod. In
Kani-Kombole maken we kennis met een typisch Afrikaans spel: wali. De
eenvoudige versie ervan hebben we inmiddels onder de knie maar er zijn
vele varianten.
Het tweede dorp dat we bezoeken heet Teli. Het
ligt op ongeveer 4 kilometer van Kani Kombole, we gaan lekker wandelen. We
zien de moskee, een wever, de smid, een kerk, een school, het praathuis of
ook genoemd huis van woorden en hebben een prachtig uitzicht op het weidse
landschap van Mali. We bezoeken het dorp in en onderaan de rotswand. We
zien het heilige huis van Sigi en Baba legt ons van alles uit. Het is
teveel om nu te beschrijven. We zien de verschillen in de silo’s voor
mannen en vrouwen. We zien waar de oorlogswespen vroeger werden gehouden
en de vogeltjes (die waren om op te eten). We leren waarvoor je de
baobabboom allemaal kunt gebruiken (touw, medicijen, koken, kleding). We
horen hoe het graan van wortel tot top wordt gebruikt. Er gaat niets
verloren. Zelfs graanresten worden weer verwerkt in de lemen bakstenen.
Dan lopen we door naar Ende. Het ongeveer 4 kilometer wandelen.
Lekker om weer eens flink te wandelen. De natuur hier is werkelijk
prachtig. Met de hitte valt het mee, vinden wij. De koude periode in Mali
breekt aan en wij zijn ook meer gewend aan de warmte. Het is een heerlijke
dag. Ende is erg toeristish en we worden langs allerlei souveniers
geloodsd. Deze dag is er markt. Een bontgekleurd marktje waar bijna alleen
vrouwen zijn. Ze willen niet dat we foto’s maken maar Baba vind het onzin.
Hij pakt onze camera en maakt een paar foto’s. s’Avonds in het campement
speelt Robert onder het genot van een biertje een potje klaverjas met de
Malinezen.
De tweede dag: we ontbijten met oliebollen zonder
krenten waar je jam op smeert. Zijn wij nu de eerste die oliebollen hebben
gegeten dit jaar? ?? We leggen Baba uit dat wij die alleen rond de
jaarwisseling eten en hij denkt even dat ze ‘holybollen’ heten. Hihi. Dan
weer op pad met Baba. Hij weet veel over Dogon en Mali in het algemeen en
we kunnen hem veel vragen, dat is leuk. Ik leer wat over de zwerfkinderen
op straat en over hoe er tegen gekke mensen wordt aangekeken. Heel anders
dan bij ons. In Ende zijn ze bezig met het bouwen van een dam. Daar gaan
we, op verzoek van Robert, naar kijken. Daarna klimmen we de rotswand op
en bezoeken we de heilige man die afgezonderd in de rotsen woont. Je mag
hem geen hand geven maar voor 500 CFA mogen we hem wel fotograferen. We
zien het huis waarin vroeger de maskers werden bewaard en we zien wat
graven en een mooi praathuis. Het praathuis is maar max. 1 meter hoog. Het
idee erachter is dat als je in een verhitte discussie wil opstaan om de
ander aan te vallen dat dat niet kan of je stoot knoerthard je hoofd tegen
het plafond. De eerste god van de Dogon was afrodiet. We zien een plek
waar je dingen aan hem kunt offeren. Dan helpt hij/zij je dat wat gestolen
is terug te vinden of de dief gaat dood, dat kan ook. Ze hebben ook iets
met een tweelinggod. Het gevolg daarvan is dat als je een tweeling hebt of
bent je altijd alles dubbel moet kopen en meestal trouwen ze ook op
dezelfde dag.
Dan lopen we door naar Yabatalou alwaar we lunchen.
Na de lunch lopen we naar Bingimato dat bovenop de rotswand ligt. Het is
een prachtige wandeling en het dorpje is echt heel mooi. Het een heel
andere stijl dan we tot nu toe gezien hebben. In plaats van huisjes van
leem, bouwen ze hier huisjes van stenen die uit de rotsen gehakt zijn.
Vanuit Bignimato lopen we aan het eind van de dag naar Indelou. Een dorpje
waar tradities nog hoog in het vaandel staan. Er mogen daar geen mensen op
de foto gezet worden. En als we een misstap maken staan we opeens op het
erf voor menstruerende vrouwen. Verboden voor mannen maar gelukkig is er
nu niemand. Ik mag er, als vrouw, wel even rondkijken. Wanneer vrouwen
menstrueren krijgen ze 1 week vrij. Ze hoeven niet te koken, wassen,
werken en voor de kinderen te zorgen, lekker he?! We bezoeken de smid die
een Dogonnaald maakt. Deze naald is bedoeld om kapotte kalebassen
repareren. Ik probeer ook de blaasgalg aan de praat te houden, valt nog
niet mee, en we kopen de naald. De omgeving hier is bergachtig en
prachtig.
(robert) Al wandelend begin ik, robert, langzaam te
begrijpen wat de ‘grote’ Nederlandse architecten vroeger zo gefascineerd
moet hebben. Het zien van de verzameling van graansilo’s, huizen e.d.
gemaakt van materiaal uit de directe omgeving is van een verbluffende
schoonheid. Door de eenvoud, door het materiaalgebruik, maar vooral ook
door de combinatie met de omgeving van de Falaise. Het is erg boeiend hoe
de verschillende huizen worden gegroepeerd tot een dorp. Van dichtbij
ontdek je dat het huis vooral buiten is, vergeleken met onze westerse
indeling is de woonkamer buiten met daaromheen een binnen zoals de keuken
en slaapkamer. Veelal bestaat een Dogondorp uit kwartieren. Voor elke
religie, christen, moslim en animist, een kwartier. Ondanks de
verschillende religie’s leven ze samen als een gemeenschap. De tradities
zorgen voor respect voor ieders religie (kunnen ze in de rest van de
wereld nog wat van leren). Inmiddels heb ik aantekeningen over de Dogon en
ook over architectuur in West-Africa gemaakt, maar daar zal ik bij
thuiskomst de geinteresseerden wel mee vermoeien :-)
(mariska) De
derde dag (oliebollen als ontbijt) bekijken we het dorp Bignimato beter en
dan lopen we terug naar Yabatoulou. We lopen daar ook de rotswand op en
dan gaan we terug met de paardenkar naar Bankass. Het is erg druk op het
klein paardenpaadje want er is markt geweest in Bankass. De mensen gaan
met gevulde paarden-, ezel-, en koeienkarren terug naar hun dorpjes. Er is
op de weg ruimte voor 1 kar maar wat nou de voorrangregels zijn weet
niemand. Regelmatig gaat het maar net goed en ik donder bijna van de kar
af waneer hij opeens uitwijkt en over een grote hobbel rijdt. Weer terug
in Bankass staat Baraka gelukkig nog op ons te wachten. Zou ze ons gemist
hebben? De hotelmanager Ali heeft belooft tegen haar te praten zolang we
er niet zijn.... s’Avonds eten we couscous bij Baba met onze handen. We
worden er al aardig handig in en eten zonder knoeien. Iedereen in Bankass
is ‘dikke vrienden’ met ons. Met name Ali van het hotel die alle
Nederlanders aardig vindt omdat de eigenaar van het hotel ook Nederlander
is. Volgens mij is-ie een beetje gek op mij (Mariska). Hij zoekt me de
hele tijd op en verteld dat ik zo aardig ben en dat mijn haar zo mooi zit.
Het liefst heeft hij dat ik een zus of vriendin voor hem zoek, naar Mali
stuur en waarmee hij dan kan trouwen.... Dus zussen en vriendinnen, iemand
geinteresseerd? Dan hoor ik het wel!
Groeten met handen en voeten,
Maris en Robert
Thu Nov 25 11:34:33 2004
Mariska
Ouahigouya
24 november 2004, nabij Ouahigouya
Het is nu 7 uur ‘s ochtends
en we kamperen op een prachtig plekje in Noord-West Burkina. Onze laatste
dagen hier want over 2 dagen gaan we naar Mali. Robert is iets aan het
popnagelen (oh, alweer klaar) en ik type dit verslag. Een paar dagen
geleden hebben we tussen Gorum Gorum en Arabinda toevallig een prachtige
plek gevonden om te kamperen. We stopten eigenlijk alleen even voor een
pauze want we wilden doorrijden naar Arabinda. Maar we vonden de plek zo
mooi dat we zijn blijven kamperen. Er komen wat kinderen kijken maar ze
durven niet dichtbij te komen. Ze blijven een tijdje op grote afstand
kijken en gaan dan weg. s’Avonds drinken we een flesje wij bij een
overheerlijke bbq met hot dogs, paprika, aubergine en gegrilde
aardappelen. Echt genieten. We zien verderop steeds een heuvel met een
dorpje. Eerst hadden we die niet gezien want het leken wel gewoon
rotsblokken op een heuvel maar het blijken toch huisjes te zijn. De
volgende ochtend lopen we erheen. We komen 3 vrouwen tegen die hard
wegrennen als we hun richting uitkomen. Misschien niet gewend aan witte
mensen? We maken een mooie wandeling en schetsen het dorpje. Dan weer
terug naar Baraka.
We rijden vanaf Arabinda over een akelige
ribbelweg richting Ouahigouya. We komen aan in Djibo en parkeren Baraka
vlakbij de gendarmerie en gaan op zoek naar koud drinken en de markt. De
markt is niet groot en het is moeilijk om (verse) groente te vinden.
Uiteidelijk kopen we een kool en nog wat dingen. We kopen ook een mat.
Hier in West-Afrika liggen mensen vaak op plastic matten. Om uit te rusten
of te bidden of gewoon bedoeld als meubilair. Ze hebben dan geen stoelen.
Zo’n mat wilden wij ook wel om lekker op te luieren als we kamperen. We
zijn ook op zoek naar (opklapbare) stoelen omdat de onze het inmiddels
hebben begeven. Maar die hebben we nog niet gevonden. Dus voorlopig zitten
we op een kist en de mat. We lopen terug naar Baraka en een man van de
gendarmerie vraagt naar onze papieren. Dan begint hij over een of ander
papier waarop zou staan dat we toeristen zijn. We weten van niks en denken
dat hij gewoon gaat proberen geld te verdienen. We geven hem wat
autopapieren en een zelfgetypte lijst met onze gegevens erop waarop ook
staat dat we toeristen zijn. Uiteidelijk laat hij het maar en we mogen
doorgaan. Onze autogegevens worden nog op een kladje gekrabbeld. Volgens
mij meer om indruk te maken dan dat het echt ergens voor nodig is. Dat
kladje gaat straks gewoon de prullebak in, denk ik.
We rijden door
en het is moeilijk om langs deze weg een kampeerplek te vinden. Veel
dorpjes of er is geen mogelijkheid om van de weg af te rijden. Het word
steeds later en de zon gaat al bijna onder. Uiteindelijk vinden we een
plekje. We verwachten er niet veel van maar later blijkt dat het een erg
relax plekje is en we blijven 2 nachten en maken kampvuur met gesprokkeld
hout. De volgende ochtend gaat Robert Baraka nakijken en lekker smeren.
Blijkt dat er nu toch eindelijk iets kapot is getrild op deze wegen. De
rubbers waaraan de uitlaat hangt zijn gescheurd en er zit ook een gaatje
in de uitlaat. Robert gaat aan de slag en repareert en smeert Baraka. Ik
ontdek dat er binnen in Baraka ook iets kapot is gegaan en repareer dat
ook. Dan ruimen we Baraka eens goed op en ik doe de was. We besluiten om
dus nog een nachtje te blijven. We koken ‘s avonds ‘riz sauce’ een echt
West-Afrikaans gerecht (eigenlijk rijst met pindasaus en kool) met hier
gekochte saus. Dan krijgen we weer een onverwachte gast. Geen muis, geen
kikker maar een oude man met een stok. Hij begroet ons met ‘salam aleikum’
en spreekt verder geen Frans. Hij wil niet bij het vuur zitten maar blijft
achteraf zitten en geeft mij een halve kalebas (om te vullen met eten).
Helaas is de riz sauce op maar ik doe er wat brood en koekjes in en geef
hem ook een klein flesje met water. Na van het brood en de koekjes te
hebben gegeten gaat hij op de grond liggen om te slapen. Wij zetten een
koekepan op de kooltjes en poffen wat popcorn. Ik geef de man popcorn,
oude slippers en een warme trui. De volgende ochtend is hij er nog. Hij
vraagt om water en we geven hem ook warme thee met veel suiker. Er is ook
nog wat cocosnoot over en dat geef ik hem ook mee. Nadat hij de thee heeft
opgedronken pakt hij zijn spulletjes in, staat met moeite op (we vragen
ons af of hoe oud hij wel niet is) en vertrekt.
We pakken ook
alles in en gaan verder over de akelige ribbelweg naar Ouahigouya. Dat
blijkt een plaatsje met een grote markt te zijn. We kopen een heleboel
groenten, wat fruit en brood en rijden dan door naar een klein plaatsje
dat Ramatoulaye heet. Als we aankomen zien we tussen de lemen hutjes en
bomen een witte moskee uitsteken. Het is net de Fata Morgana van de
efteling. We bekijken de moskee van dichtbij en van binnen en gaan dan op
zoek naar een kampeerplek. We gaan het wildkamperen steeds leuker vinden
(mede omdat hier geen muggen zitten). We denken een goede plek te hebben
gevonden. Helaas blijken er wat dorpjes omheen te liggen en we krijgen
veel ‘bezoek’. De mensen spreken nauwelijks Frans en vinden ons soms heel
raar, geloof ik. Ik denk dat de kinderen de 1e generatie zijn die naar
school gaan. De mensen zijn, denk ik, ook heel arm. Ze hebben geen draad
aan hun lijf. Zelfs de volwassenen hebben echt alleen hele oude en kapotte
kleren aan.
s’Avonds eten we weer heerlijk van de bbq. We hebben
geen kooltjes meer en we sprokkelen hout. Dat fikken we en als het
kooltjes zijn geworden roosteren we het eten, mmm lekker. We hebben ook
een potje mayo gekocht, dus extra lekker eten. De volgende ochtend zoeken
we een wat rustiger plekje. We vinden iets maar als Baraka staat en we
lopen wat rond wordt het steeds mooier en uiteindelijk staan we aan de
rand van een heuvel met prachtig uitzicht op het landschap van Burkina.
Daar willen we eigenlijk wel met Baraka staan.... maar het is niet
eenvoudig om er te komen. We zoeken naar de beste weg ernaartoe en
markeren die met hoopjes stenen. Alles lijkt op elkaar en je bent zo
vergeten hoe je ook alweer wilde rijden, langs welke boom en waar zat dat
grote gat ook alweer? Dan staat ze en het is een mooie plek. De hele dag
luieren we wat, lezen, puzzelen, hangen en ‘s avonds maken we tajine op de
bbq. Eerst sprokkelen we hout en dat stoppen we in de bbq. Als het
kooltjes zijn geworden zetten we de tajine erop. Het werkt goed en het
spaart gas uit. Dat gaan we vaker doen! We trekken ons laatste flesje wijn
open en eten als toetje chocoladevla uit blik. Wat een lekker leven!
Op 26 november zullen we de grens over gaan naar Mali. Daar zullen
we de Niger Delta bezoeken, het Dogon gebied en naar Timboektoe, Mopti en
Djenne gaan. We komen daarna nog even in Bamako voor het visum en de
verzekering voor Mauretanie. Het visum voor Mali geldt tot 26 december dus
uiterlijk die dag zullen we de grens naar Mauretanie oversteken. Dan in
Mauretanie gaan we over de ‘route de l’espoir’ naar Nouakchott. Vandaaruit
rijden we naar Atar, Ouadane en Chinguetti. Daarna richting Marokko. We
weten niet hoelang we overal zullen zijn en waar we met kerst zullen zijn.
Misschien nog net in Mali of al in Mauretanie?
Hasta la pasta,
Maris en Robert
Thu Nov 25 11:32:28 2004
Mariska
Gorom Gorom
0016, na Gorom Gorom
Stof, stof en nog meer stof.... hier in
Burkina (in heel West-Afrika) heb je wat asfaltwegen en maar voornamelijk
aarden wegen. Als je daar overeen rijdt stuift het stof op. En het stuift
op, om ons heen en naar binnen. Alles is stoffig en ruikt stoffig, we
ademen stof in. Elke keer vegen we weer wat stof uit uit Baraka maar ‘s
avonds zit alles weer onder. We moeten borden en bekers eerst afwassen
voordat we ze kunnen gebruiken. Volgens mij moeten de mensen hier last
hebben van stoflongen, dat kan bijna niet anders. Daarnaast heb je in deze
periode ook nog de Harmattan. Dat is een warme wind die veel stof doet
opwaaien. Soms lijkt de lucht wel vol mist maar dat is dan stof/zand.
We blijven wat langer in Ouaga dan gedacht. Niet omdat Ouaga nou
zo leuk is maar het is wel gezellig met Hendrikjan, Julian en Henry. De 1e
avond gaan we uit eten en naar een bandje luisteren. Helaas niet zo’n leuk
bandje maar we kletsten lekker met elkaar. De 2e avond gaat Henry naar de
‘Nederlandse’ avond, wij gaan mee. Een avond die 1x per week wordt
georganiseerd door Nederlanders voor de buitenlanders in Ouaga. Het thema
is ‘Arabisch’ dus het is geen echte Nederlandse avond met Hazes enzo,
gelukkig. Wel zijn er bitterballen, olijven en arabische hapjes en
waterpijpen. We spreken de ambassadeur en Margriet. Zij kent Linda en Bart
nog en we doen haar de groeten van hen. Linda en Bart: hartelijke groeten
terug, natuurlijk. Margriet heeft een textielfabriek waar vrouwen werken
en woont hier al 24 jaar. Alle dagen dat we bij het hotel kamperen krijgen
we steeds meer ‘vrienden’. Ze blijven steeds langer hangen en praten.
Sommigen zijn wel te verstaan maar bij sommigen is het Frans bijna
onverstaanbaar. Als het ons teveel wordt gaan we in het zwembad liggen en
kletsen in het Nederlands. En jongen verkoopt autoonderdelen. Onze
ruitenwissers doen het niet meer. De motor is doorgebrand omdat de
ruitenwissers zijn vastgelopen door het stof of het gehobbel ofzo. Ibrahim
lukt het om dit Land Rover onderdeel te vinden en Robert is er een dagje
zoet mee om het te repareren. Hier regent het dan wel niet maar straks in
Europa.... In Ouaga rijdt iedereen rondt op fietsen of kleine
motoren/brommers. Wie het kan betalen rijdt auto. Het is dus een grote
smogstad. Maar achterop een brommer/motor is dus het ‘echte’ werk. Dus
Mariska klimt achterop de brommer van Jacuba en laat zich naar het
internetcafe brengen, maar niet voordat hij heeft bedongen dat ik zijn
benzine betaal. Hij brengt en haalt me op en onderweg laat hij me nog even
zien aan familie en vrienden. Ik krijg een pannetje met heerlijk eten mee,
mmm. De ramadan is vandaag voorbij en iedereen is vrolijk en heel mooi
gekleed.
Dan worden we uitgenodigd om mee te gaan om het einde van
de ramadan te vieren. Dat lijkt ons leuk maar het is nogal een gedoe om
een afspraak te maken. Uiteindelijk staan er ‘s avonds om 6 uur een stuk
of 6 Afrikanen bij onze auto. Het is nog steeds niet duidelijk wat we gaan
doen. Eigenlijk zijn er 2 groepjes die allebei iets anders willen, geloof
ik. Er wordt gezegd: ‘wat jullie willen’. Wij zeggen dat we het willen
vieren als Burkinabe’s. Hmmm... het duurt even voordat dat duidelijk is.
Uiteindelijk komt het neer op een biertjes drinken, wat eten en dansen. Of
dat nou echt een ‘einde-van ramadan-feest’ is? Een groepje jongens gaat
mee en de anderen zijn weg... we weten niet waarheen en of ze nog
terugkomen. De volgende ochtend blijkt dat ze nog wel zijn teruggekomen
maar wij waren al weg. Ze zeggen dat we een leuke avond met lekker eten
hebben gemist. Wij weten niet wat ervan moeten denken.
16 november
is het dan toch tijd om afscheid te nemen van Hendrikjan, Julian, onze
Afrikaanse vrienden en Ouagadougou. Op naar Gorum Gorum en Oursi. We
hebben ook weer veel zin in wildkamperen, lekker weg van de vieze stad.
Eerst rijden we op goed asfalt maar al gauw houdt het op en maakt het
plaats voor een lange ribbelweg. Daar gaan we weer, hobbelend en
schuddend. Weer blijft Baraka lekker doorrijden en we hebben nog geen
losse bouten en schroeven of andere onderdelen ontdekt, Baraka is ‘the
best’. Onderweg stoppen we in Bani waar een mooie moskee staat. Helaas is
die onlangs gedeeltelijk ingestort en ze zijn hem nu aan het restaureren.
Dat doen de dorpelingen samen en vrijwillig. Ondanks de schade is toch de
moeite waard om er even te gaan kijken. Dan rijden we door op zoek naar
een slaapplek. Moeilijk te vinden omdat het ene dorpje begint waar het
andere dorpje ophoudt. Dan denken we iets te hebben gevonden. Het is al
tegen 4-en en echt tijd om te stoppen. Hier wordt het om half 6 al donker
en voor die tijd willen we nog even lekker van het daglicht genieten.
Helaas staan we toch weer vlakbij een dorpje. Soms is het gewoon lekker om
even samen te zijn. Maar ja. Binnen een mum van tijd staan er 10 kinderen
rond onze auto. Ze spreken bijna geen Frans en ze gaan niet naar school.
Ze zien er niet zo goed uit. Weinig kleren, vieze ogen. Maar ze vinden
onze auto wel prachtig. We maken een polaroid foto. Daar zijn ze erg blij
mee. Ze vragen om water. Ik geef ze een beker met water en heel netjes
krijgt iedereen een slokje. Het is me al eerder opgevallen dat kinderen
eten en drinken samen delen. s’Avonds eten we wat soep. De kinderen vragen
niets maar blijven wel zitten. Ik breek een stuk brood en iedereen krijgt
een stukje. De overgebleven soep warm ik op met extra water en een
bouillonblokje en dat geef ik aan de kinderen. Binnen de kortste keren is
het opgegeten. Ik vraag me af hoevaak die kinderen te eten krijgen.
Inmiddels is het pikdonker (hier hoeven kinderen niet voor het donker
thuis te zijn) en we worden bedankt voor de soep daarna gaan ze weg. Wij
genieten nog van de sterrenhemel en de vallende sterren. We vragen ons af
waar het steelpannetje toch is? Een paar dagen later komen we erachter dat
het steelpannetje hier pas veel later in de nacht te zien is. Het is hier
ook heel stil. Geen krekels, muggen, vliegen en vogelgeluiden.
De
volgende ochtend wordt ik al voor 6 uur wakker en hoor van alles om me
heen. Er hebben zich nu zo’n 20 kinderen rondom Baraka verzameld. We
blijven nog lekker een tijdje liggen en dan staan we op. We eten wat en
vertrekken. In Gorom Gorom gaan we op zoek naar de weg naar Oursi. Niemand
wil ons vertellen waar die weg begint. Iedereen zegt dat het moeilijk te
vinden is en dat we een gids moeten meenemen. Uiteindelijk vind Robert
Rabo. Een Afrikaan die ons gewoon de weg wijst en verteld dat een
Nederlandse organisatie die weg heeft aangelegd, hij is daarom dol op
Nederlanders en helpt ons graag zonder bijbedoelingen. De weg is inderdaad
spiksplinternieuw, geen gids voor nodig, je moet alleen even het begin
vinden. Rondom Gorom Gorom blijken allemaal nieuw aangelegde wegen te
liggen. Alleen in Gorom zijn er oude, hobbelige rotzooiwegen. Robert
vraagt aan Rabo waarom de Nederlanders hier niet ook een weg hebben
gemaakt. Hij kan het antwoord niet helemaal vertstaan maar het heeft iets
te maken met de chef van het dorp die het niet wil ofzo. Bij Oursi zijn
zandduinen te vinden. We vinden ze maar ze zijn voor ons niet berijdbaar
en we zoeken weer een plekje in de ‘broesse’ (natuur) om te kamperen. We
vinden een heel prachtig plekje waar niemand komt. We genieten van de
omgeving en Robert wandeld wat rond. We zien ‘s avond weer mooie sterren.
18 november gaan we terug naar Gorom Gorom alwaar een grote markt is. We
hebben plannen voor het kopen van fruit en groente en dan een paar dagen
in de natuur kamperen. Helaas is er niet veel te krijgen. Gorom ligt ver
van de grote stad en groenten zijn moeilijk goed te houden in de warmte.
Het gevolg is dat er weinig te koop is en dat het er ook niet zo geweldig
uit ziet. Jammer. We kopen nog wel wat kadootjes voor thuis en ik koop
nieuwe teenslippers. Mijn oude zijn versleten (vind ik, maar naar
Afrikaanse maatstaven kunnen ze nog heel lang mee en ik ben van plan ze
weg te geven). We vertrekken uit Gorom en onderweg bedenk ik me dat ik
vergeten ben om Winnie te bellen. Ze was vandaag jarig. Stom. Winnie:
alsnog gefeliciteerd! Er is een verjaardagsbriefje onderweg.
Het
gebied waar we nu zijn, in Noord-Burkina heet de Sahel. Veel mensen dragen
hier (indigo-)blauwe kleren. Er wonen hier voornamelijk Peulen en
Toearegs. Dit zijn 2 nomadenvolken. We voelen ons ook wel een beetje
Nomaden met onze blauwe auto.
In West-Afrika wordt je door de
kinderen en volwassenen vaak nageroepen (blanke): le blanche, le blanc,
toebab of nasara. Inmiddels weet ik het woord voor ‘zwarte’ in een van de
Afrikaanse talen: Baledjo. Wanneer ik dat terug zeg moeten de mensen
lachen. We laten de markt achter ons en rijden een kleine weg in. We komen
langs dorpjes waar de mensen geen Frans spreken. Ze spreken verschillende
dialecten van de Peultaal. Het Peul wat we in Senegal hebben geleerd is
hier nutteloos. Jammer. Toch kunnen de mensen d.m.v gebaren duidelijk
maken dat ze eten of kleding van ons willen en dat de oogst is mislukt
door te weinig regen. Het is dan wel gek om weg te rijden met een auto
‘vol’ kleren en eten en niets (of 1 á 2 dingetjes) weg te geven. Maar we
kunnen ook niet heel Burkina voorzien van eten en kleding.
Op het
moment hebben we een mooi kampeerplekje gevonden. Af en toe komt er iemand
even kijken naar ons en gaat dan weer weg. Het waait hier lekker en we
hebben prachtig uitzicht op het landschap van Burkina: bomen, rotsen,
dorpje.
Groetjes van 2 nomaden
Thu Nov 25 11:30:28 2004
Mariska
olifanten
Nabij olifanten, 10 november 2004
In het zuiden van Burkina
ligt het plaatsje Pô. Daar rijden we naartoe om een aantal dagen rustig in
een hotel te luieren. Op de parkeerplaats van het hotel (vergelijkbaar met
5-sterren hotel) in Ouaga staan is dan wel gratis (met zwembad) maar we
staan daar niet echt een privé. Mensen komen langs, zeggen gedag of komen
een praatje maken en gluren in Baraka. Dus we hadden wel wat behoefte aan
een hotel en de luxe van een badkamer. We hoopten dat Pô een rustig klein
plaatsje zou zijn even weg van de grote stad, Ouaga is echt een grote,
drukke stad met veel stof en benzinedampen. Het blijkt dat het inderdaad
een rustig plaatsje is met een markt, 3 hotels en wat eetgelegenheden.
Natuurlijk zeggen mensen je gedag en roepen je na: nasara, le blanc of
blanche. Één jongetje heeft het niet helemaal begrepen en vraagt aan ons:
”heet jij echt Blanche?”. Hihi.
Dus we luieren wat aan. Er komen
af en toe mensen langs die ons willen gidsen naar het een of ander of die
ons souveniers willen verkopen. Wij hebben geen haast en weten nog niet
wanneer we waar naar toe gaan en poeieren de gidsen af. We zijn ook niet
geinteresseerd in kleine balafoninstrumenten en lelijke tasjes, jammer.
Uiteindelijk kopen we in dit plaatsje nog wel wat kadootjes. We lopen
regelmatig naar de markt en het restaurant van ons hotel is niet duur en
heeft de beste kok in west-afrika. De man weet echt hoe die moet koken,
heerlijk. We praten met hem en geven hem 3 indonesische recepten van
Robert en het recept van andijviestamppot. Met behulp van het woordenboek
proberen we alles zo goed mogelijk te vertalen. Natuurlijk worden er weer
adressen uitgewisseld en we beloven hem de foto’s die we van hem nemen te
sturen.
Opvallend in Pô is dat mensen duidelijk aandacht
besteedden aan kleding en haar en hun huizen. Zijn de mensen hier rijker
of is het belangrijker voor hen dan voor andere Burkinabe’s? Met name de
vrouwen hebben mooie kapsels.
Op 8 november naar Tiébélé. Een
touristische ‘trekpleister’ waar bijzondere huizen van de Gourounsi te
zien zijn. Het is ongeveer 30 km. rijden. Daar aangekomen worden we
aangesproken door een man. Hij wil ons gidsen en heeft een pasje waarop
staat dat hij echt gids is. We hadden in ‘the rough guide’ al gelezen dat
een gids onontkoombaar is. We nemen hem mee. In het centrum van het dorpje
aagekomen blijkt dat het niet helemaal de bedoeling dat hij ons rondleidt.
Er is blijkbaar een systeem met die gidsen ofzo. We laten het ze lekker
samen uitvechten. Uiteindelijk lopen we dus rond met 2 gidsen maar niet
voordat we duidelijk de prijs hebben afgesproken. Ze vragen veel geld en
uiteindelijk betalen we minder maar beloven de 2 gidsen een ‘cadeaux’. We
bezoeken het dorp, het is heel mooi en bijzonder en de gids legt alles
goed uit. Wanneer we het niet begrijpen probeerd hij het in het Engels. De
1e gids hobbelt ook wat mee(?!), maar levert verder geen echte bijdrage
aan het geheel. C’est Afrique.
Het dorp bestaat uit lemen huisjes
met elkaar verbonden door lemen muurtjes. Er zijn geen echte rechte hoeken
te vinden. Alle randen zijn afgerond. Het ziet eruit alsof het hele dorp
aan elkaar geboetseerd is. De huizen en muurtjes zijn traditioneel
beschilderd. De huisjes houden het maar een paar jaar vol en dan brokkelen
ze af. Ernaast worden dan weer nieuwe huisjes gebouwd. Het resultaat is
een klein doolhof waar zo’n 400 mensen wonen uit 1 familie, dit is een
uitzonderljke grote familie. De muren zijn gedecoreerd met patronen in
rood, wit en zwart. De patronen en kleuren hebben allerlei betekenissen
die ik helaas niet allemaal onthouden heb. De schilderingen stellen
bijvoorbeeld voor: visnetten, arend, macraménetten waarin kalebassen
hangen, de zon. Na de regentijd worden de muren opnieuw beschilderd. Als
dat klaar is wordt er nog iets overheen gedaan, een soort vernis.
We komen langs een silo waarin graan wordt bewaard. De silo is
helemaal dicht, geen deurtje of ramen. Wanneer de voorraad wordt
aangesproken wordt er een gat in de wand geslagen. Alleen mannen mogen
graan uit de silo halen. Het is namelijk zo dat als de vrouwen graan
zouden mogen halen en ze zien dat de silo bijna leeg is..... ze misschien
weglopen naar hun ouders. En dat wil je als man natuurlijk niet;-)
We
mogen in het huis van oma kijken. Het huis heeft een hele lage ingang met
nog een extra muurtje binnen vlak achter de ingang. Dat is ter bescherming
van oma. Wanneer er een stam op oorlogspad is (en dat is vroeger veel
gebeurd) en de aanvallers willen met pijl en boog naar binnen schieten dan
ketst de pijl af op het muurtje. Zo is oma goed beschermd.
De
kleuren en motieven stammen af van vroeger. Ooit heeft de Mori deze stam
verjaagd naar Ghana. Regelmatig werden de Gourounsi verjaagd en opgejaagd.
In 1895 hebben ze, in samenwerking met de Fransen, eindelijk hun plek
permanent herwonnen. Om duidelijk te maken wie er wonen bouwen en verven
ze hun huizen zoals je nu kunt zien. Deze traditie van kleur en
patroongebruik zie je nu nog steeds in dit dorp en af en toe in de
omgeving. Maar bij veel huizen in de omgeving wordt alleen zwart en wit
gebruikt en ook vaak andere patronen. Soms zelfs hele tekeningen van
dieren of vliegtuigen. Dat zijn dan de ‘moderne’ versies. Misschien dat
deze geschiedenis en tradities van invloed zijn op het feit dat de mensen
in dit gebied nog steeds veel aandacht besteeden aan hun uiterljk en het
uiterlijk van hun huizen en gebouwen? In het dorp lopen we nog langs
machines zoals zelf in elkaar gefabriceerde circelzagen en oliepersen. Het
ziet er levensgevaarlijk uit! 5 minuten ervoor vertelde de gids nog dat er
veel wezen in het dorp wonen. Hun ouders komen om bij ongelukken (! met
machines?) en door ziekte.
Aan het eind van de tour betalen we de
mannen en geven ze ieder een t-shirt en voor oma een mooi hoofddoek met
glitter en wat haarelastiekjes. Een kleinkind van oma gaat het haar
brengen. Wij gaan nog even wat drinken voordat we terugrijden. Dan komt
oma langs om ons te bedanken voor de mooie kadootjes, ze kijkt echt blij.
Ik denk dat het kadoo voor oma meestal een klein geldbedrag is en geen
kleding enzo. Leuk dat zij er zo blij mee is.
We rijden terug naar
Pô. Onderweg zien we een zwart/wit beschilderd huis en maken foto’s. Een
man komt aanrennen of wij in zijn huis willen kijken. Dat willen we wel.
Het huis bestaat uit allerlei verschillende, aan elkaar gekleide,
vertrekken. Het blijkt dat het huis verlaten is op 1 vertrek na, waar hij
woont met vrouw en kind. Ik probeer erachter te komen wat hiervan de reden
is en krijg alleen als antwoord eruit dat het gewoon verlaten is.
Terug in Pô willen we graag een soepje eten maar dat staat niet op
het menu. Onze vriend, de kok, regelt het wel en schud een heerlijk
kippensoepje uit zijn mouw. Speciaal met sliertjes mie omdat hij weet dat
wij van chinees eten houden. s’Avonds eten we ook weer daar (veel keus is
er niet). We worden bediend door een jongen. We verwennen onszelf met een
flesje wijn. De wijn wordt in limonadeglazen geschonken en hij schenkt de
glazen ook lekker vol :-). Duidelijk niet gewend aan wijndrinken. Dan
vraagt hij of hij ook wat wijn mag. Dat zou in Nederland echt niet kunnen.
Van een tafel waar andere mensen hebben gegeten pakt hij een gebruikt
bierglas, schenkt zichzelf royaal in en klokt het in 1x weg. Volgens mij
gebeurd dat wel vaker die avond want als hij met ons komt praten (komt er
ongevraagd bij zitten) komt hij behoorlijk aangeschoten over, ik moet erg
om deze maffe situatie lachen. Dit kan ook alleen maar hier in Afrika!
De volgende dag vertrekken we naar Ranch Gibier de Nazinga over
een niet al te goede weg. We willen daar ‘op safari’ op zoek naar
olifanten. Als we aankomen bij het stuwmeertje verdwijnt er snel een
krokodil in het water. Maar we zien hem lekker nog net. Er blijkt geen
auto beschikbaar te zijn om door het park te rijden en we willen niet met
Baraka gaan, de weg is te slecht. De meeste mensen komen met een tour
vanuit Ouaga met een auto met een Afrikaanse chauffeur. We wachten op zo’n
tour en wanneer er 4 Fransen arriveren trekt Robert zijn stoute schoenen
aan en vraagt of wij met hen mee kunnen. Het zijn 4 superaardige Fransen
en ze zeggen meteen dat het geen probleem is. Ze gaan vandaag nog voor een
1e tour en morgenochtend vroeg voor een 2e tour en we kunnen ook beide
keren mee! De chauffeur vind het ook geen probleem. Bovendien herkend hij
ons: “horen jullie niet bij de tour de Faso, kamperen bij het hotel Ok
Inn?”. Ook in Afrika is de wereld maar klein. Bovenop het dak van de auto
is een stevig imperiaal gemonteerd daarin wordt een matras gelegd. Daarin
gaan de Fransen zitten en zo rijden we door het park. Die middag zien we
in de verte 4 olifanten. Daarna zien we naast vele, vele vogels nog 2
waterbocken, 2 herten, 1 wandelende tak (valt zo op mijn schoot), 1 zwijn
met 2 jongen, insecten. s’Middags zien we nog een stuk of 6 apen rondom
ons huisje.
De volgende ochtend vetrekken we om 7 uur. Dit keer
kunnen wij ook bovenop zitten. De gids werkt al bijna 25 jaar in het park
en kent de weg op zijn duimpje. We zien weer waterbocken en een groep
bavianen. Dan zegt hij: “ik ruik een olifant, we gaan hier rechtsaf”. Nog
geen 100 meter verder rijden we vlak langs een olifant. Wij zien hem niet
eens hoewel die maar 15 meter van de weg staat achter een bosje. We
stappen van het dak af en kunnen op 25 meter afstand van de olifant komen
die daar een boom staat te slopen. Daar hebben we goed zicht en kunnen de
olifant goed bekijken en fotograferen. Na 5 á 10 minuten heeft-ie er
genoeg van en vertekt. Supergaaf! Kicken om gezien te hebben. Hierna zien
we nog vele vogels en 1 hert. De volgende ochtend sta ik vroeg op om de
zonsopgang te bekijken. Al lopend door de natuur stuit ik op een
reuzegroot hert. Een bushbock! Hij schrikt van mij en rent al blaffend
weg. Wow.
We rijden weer terug naar Ouaga. Onderweg pikken we 2
franse meisjes op die met ons meerijden. We gaan weer naar hotel Ok Inn,
waar iedereen ons herkent en begroet: ”zo, weer terug?”. De volgende
ochtend naar de ambassade van Mali voor het visum en daar ontmoeten we
Henry die in Burkina is voor 3 maanden om iets met zonnepanelen te doen.
We praten Engels, blijkt dat-ie Nederlander is. He, lekker weer eens
Nederlands kletsen. We spreken voor s’avonds af om wat te gaan eten. We
doen een architectonische tour door Ouaga, voor Robert, nemen foto’s e.d.
We zien hoe mensen een etage verbouwen en Robert neemt foto’s en wordt
uitgenodigd om boven te komen kijken. De stenen worden met een ezelskar
gebracht en 1 voor 1 omhoog gehesen. Binnen zijn ze met zijn zevenen bezig
1 muurtje te metselen(!). Bij het postkantoor nog wat brieven naar huis
sturen (kostte mij 25 minuten vanwege een postbeamte die net nieuw was en
ook niet kon rekenen en dan ook nog die rare brieven voor Nederland.
Brieven met verschillend gewicht en de envelop volgekleurd met
kersttekeningen??????) Dan terug bij Baraka blijkt ze een vriendje te
hebben. Een ander Nederlands stel is met een Toyota Landcruiser (Baloe)
aangekomen. s’ Avonds gaan we met zijn allen uit eten. Heel gezellig.
Vandaag is het zaterdag 13 november en we hangen wat bij het
zwembad, lezen een Nederlandse (!) krant. Hebben die anderen bij de
ambassade gescoord. Binnenkort vertrekken we naar het noorden van Burkina
(Gorum Gorum) dan naar het noordwesten en over 2 weken steken we de grens
over naar Mali. Van de andere 2 horen we goede berichten over de wegen in
het Dogon gebied en de routes in en naar Mauretanie!!! We verheugen ons
erop......
Liefs en groetjes Mariska en Robert
Sun Nov 14 13:10:15 2004
maris
mislukt
ik wilde vandaag een reisverslag lanceren maar de computer werkt niet
mee... liefs maris
Thu Nov 11 20:04:54 2004
mariska
Tour du Faso
6 november 2004, Ouagadougou
Op zoek naar olifanten rijden we
naar Poura. De reis naar Poura is niet lang. Daar aangekomen komen we
langs de gendarmerie. De mannen zijn druk bezig een bed in het kantoor te
sjouwen dus we rijden door. Dan komt een van hen ons achterna op zijn
motor. Waarom we ons niet hebben gemeld, vraagt hij. Normaal gesproken
mogen we bij de gendarmerie altijd doorrijden mits ze anders aangeven,
maar leg dat maar eens uit in het Frans. We maken een praatje met de man
en voor we het weten zitten we in een tentje aan de cola en hij aan het
bier. Hij wil dat we adressen uitwisselen en dat zijn dorp ook wel
projecten uit Nederland kan gebruiken en gaat ons zeker schrijven. Dan
vragen we hem naar de olifanten. Er wordt gezegd dat de olifanten rond het
middaguur meestal naar een bepaalde drinkplaats komen en dat het dus niet
moeilijk is om ze te vinden. Hij haalt een man ergens vandaan en die moet
met ons mee. We vragen nog of de weg goed is maar dat is geen probleem. Al
tijdens het rijden wordt de weg steeds wat smaller en aan de kanten steeds
meer hoog gras/struiken (1.50m). Opeens verschijnt er achter dat gras een
groot gat en we stuiteren erin. Baraka helt gevaarlijk naar rechts over.
Heel voorzichtig stappen we uit. Shit! Het is bloedheet en geen schaduw.
We bekijken de situatie goed en dan gaat onze ‘gids’ wat mannen verderop
halen om te helpen. Er wordt een boom gekapt om de auto te stutten, de
zandplaten erbij, een aantal mannen duwen en een aantal hangen aan de
linkerkant aan Baraka om haar uit het gat te krijgen. Hel lukt!!!! Maar we
zijn wel geschrokken. We keren en gaan terug. De man weet nog een andere
weg. Ik ben inmiddels oververhit en heb hoofdpijn. We rijden ergens heen
en daar ergens zouden dan wel olifanten te vinden zijn. We moeten te voet
de natuur in. Ik besluit niet mee te gaan en Robert gaat wel. 2 uur later
komen ze terug... niks gezien alleen vogels en misschien een
olifantenkeutel. Wat een k-dag. We zetten de ‘gids’ af bij zijn dorp. Hij
wil nog met ons naar de markt enzo maar wij willen niet. Dan zoeken we een
mooi plekje in de natuur om te kamperen. We vinden een prachtig rustig
plekje en blijven daar 2 nachten. ‘s Morgens maken we een kleine
wandeling. We zien hagedissen, vogels en 3 varanen (meer dan Robert de dag
ervoor heeft gezien). We zitten een tijdje heerlijk aan een watertje.
Overdag is het wel bloedjeheet en we liggen, hangen en lezen en drinken
water. Heerlijk even bijkomen. Hier in Afrika is zoveel te zien en je wilt
niks missen maar het is ook heel vemoeiend om atijd alles op te nemen, te
onthouden en met iedereen in een vreemde taal te spreken. Aan het eind van
de 2e dag komen er wat donkere wolken in de verte opzetten. Dan zien we
ook een regenboog en het begint te waaien. De lucht ziet er prachtig uit.
We maken wat foto’s. Heel langzaam komt de regen dichterbij. Ik wil
eigenijk in de regen douchen maar het water is veel te koud. Snel de auto
in. De regen trekt snel voorbij en frist de boel lekker op. De volgende
dag, 31 oktober, rijden we naar de piste waarop op 1 november een etappe
van de tour du Faso gereden wordt. We kopen onderweg wat brood en zoeken
weer een plek in de natuur. Overdag waait het af en toe en dat is heel
lekker want het is weer erg warm. Op 1 november zetten we Baraka langs de
kant van de weg en we wachten....... er komen allerlei Burkinabe’s langs
die een ‘cadeaux’ willen en adressen willen hebben om te corresponderen.
We vertellen dat we in de auto wonen en geen adres hebben.
Dan
komt er een auto van de tour voorbij. Verbaasde gezichten en rijdt
achteruit terug. Het is de coordinator van de tour en we leggen uit wat we
in Burkina en Afrika doen. We krijgen een programmaboekje van de tour en 2
t-shirts (weer eens wat anders dan t-shirts weggeven). Hij geeft ons het
adres van het hotel waar de renners komen om te eten want het lijkt ons
leuk om met het Nederlandse team te praten. Hij gaat weer door en wij
wachten in de schaduw van Baraka met een boek in de hand. Dan komt het
peleton eraan. We klimmen op het dak van Baraka om alles goed te zien en
om niet in het stof te zitten. Dit deel van de etappe gaat niet over
asfalt maar over een aarden weg. We applaudiseren en zien renners afzien.
Het is een zwaar stuk. De dag en avond ervoor is er nog aan de weg gewerkt
die eerst vol met gaten zat. Er is veel verschil te zien tussen het
materiaal van de renners. Van mooie dure fietsen tot eenvoudige
racefietsen zoals Robert er ook thuis 1 heeft staan. Dan zien we een
renner op een gare fiets zonder rugnummer. Hij stopt. Het blijkt dat hij
de hele etappe heeft meegereden en de renners ook bij kan houden. Helaas
heeft hij geen club en geen mogelijkheid om aan de tour mee te doen. Maar
hij vind het wel ‘cool’.
Als de tour voorbij is rijden we naar
Ouagadougou naar het hotel waar de renners eten. Het is nog een heel gedoe
en frustratie om het hotel te vinden. Het is een 3-sterren hotel met
zwembad. We leggen uit wat we komen doen en vragen of we op de
parkeerplaats mogen kamperen. Geen probleem en ook nog gratis als we dan
in het hotel maar wat eten/drinken. De rest van de dag liggen we bij en in
het zwembad. Heerlijk. s’ Avonds kijken we op de menukaart van het hotel
maar we viden het veel te duur. We besluiten om ergens anders te eten en
dan in het hotel nog wel een drankje te drinken. Rond 7 uur a half 8 komen
de renners om in het hotel te eten. We vragen de Nederlanders over het hoe
en waarom van deze tour. Het blijkt dat zij meedoen om het geld aan een
goed doel te geven: ‘Right to play’. Dus het geld komt weer terug in
Afrika. Wat ‘Right to play’ precies is kun je nalezen op hun website:
www.righttoplay.com.
De volgende dag komt de tourcoordinator weer
langs. Het blijkt dat wij de enige 2 ‘supporters’ zijn en de
tourjournalist wil ons interviewen voor de Tour du Faso website. Hij maakt
ook foto’s en zal die digitaal naar Ko sturen. We bezoeken in Oaugaougou
de SIAO. Dat is een grote souveniersmarkt met stands uit heel West-Afrika
en met muziek. We willen graag een mooi, groot, bronzen beeld kopen voor
in ons huis. We zien wel iets mooi maar besluiten in het centrum van Ouaga
veder te gaan kijken. En daar vinden we ‘madame Peul’. Een lang, slank,
bronzen beeld van ongeveer 1.50 hoog. We hopen dat ze mooi in ons huis zal
passen. Ze wordt goed ingepakt en de komende 3 maanden zal ze in ons
kledingrek meereizen naar Nederland. We internetten wat en laten foto’s
ontwikkelen.
Op 5 november gaan we weer een etappe van de tour
bekijken. De journalist komt ons op de route opzoeken om foto’s te maken
voor de site (www.letour.fr, kijk bij het kopje Tour du Faso). De etappe
is lang en zwaar en eindigt in een 10 kilometer lange aarden piste met
kuilen en hobbels. De renners moeten echt afzien. Bij de finish van deze
etappe ontmoeten we een verslaggever van het Algemeen Dagblad. Door hem
worden we ook geinterviewd en het zal zaterdag 6 november in de krant
staan. Ik bel mijn moeder op om te zeggen dat ze de krant in de gaten moet
houden. Later blijkt hij wat problemen met internetten heeft gehad en is
niet zeker dat het artikeltje en de foto’s goed zijn aangekomen. Hopenlijk
is het toch gelukt, maar dat horen we later nog wel eens.
Vandaag,
6 november, vertrekken we naar het zuiden van Burkina. Een gebied met
bijzondere huisjes, naar het schijnt en met een park alwaar we beesten
(o.a. olifanten, jawel 3x is scheepsrecht, hopen we) kunnen zien.
Veel liefs, Mariska en Robert
Thu Nov 4 18:57:30 2004
mariska
algemeen mailtje
Hallo allemaal,
nu even een bericht van ons, los van het
reisverslag. We zijn blij dat jullie ons nog regelmatig mailen met
verhalen, gebeurtenissen vanuit Nederland. We vinden het leuk om over het
alledaagse en soms niet-alledaagse leven in Nederland te lezen. Het is wel
raar om te lezen over regen, herfstvakantie en herfstkleuren. Hier is het
zo warm en totaal geen herfst dat we bijna vergeten dat het november is.
Sint en Kerst komen er volgende maand weer aan.... helaas vertrouwen we de
post hier niet dus de bijbehorende kadootjes laten op zich wachten totdat
we terug zijn in Nederland. Winnie ook bijna jarig en wordt dan 18! Jammer
dat ik dan hier ben maar als het lukt bel ik wel even.
We
ontvangen hier bijna geen wereldnieuws maar ik hoor iets over Arafat... en
is Bush toch weer president, of niet? Wie kan ons op de hoogte brengen?
Internet is zo traag dat het ook moeilijk is om de (Nederlandse) kranten
te lezen.
Voordat we weggingen hebben een aantal mensen ons
(2-hands) t-shirten en andere kleding meegegeven. Hiervoor onze grote
dank. We hebben er veel aan. Vaak geven we ze weg aan mensen die ons
gastvrij ontvangen of ons ergens mee helpen. Ons gevoel zegt dat het beter
is om kleding als dank te geven dan geld.
We zijn nu ook zo’n
beetje op de helft van onze reis. Over een paar dagen gaan we weer
‘terug’rijden. Eerlijk gezegd, helemaal niet erg. Een van de leuke dingen
van reizen vind ik het thuiskomen. Altijd weer erg leuk om iedereen te
zien en te spreken en weer gewoon thuis te zijn. Als je reist is elke dag
anders en onvoorspelbaar. Je weet vaak niet hoe een dag zal verlopen.
Makkelijk, moeilijk, leuk of met veel gedoe. Daarnaast zullen we op de
terugweg ook weer veel mooie dingen zien en daar kijken we naar uit.
Verder staan ons ook thuis weer leuke en spannende dingen te wachten. O.A.
ons nieuwe huisje... ik kijk ernaar uit om daar te wonen en het langzaam
mooi op te knappen (we hebben al vele plannen en dromen om er een paleisje
van te maken).
Het volgende reisverslag zal o.a. over de Tour du
Faso gaan. Maar.... houdt vanaf dit weekend deze site eens in de gaten:
http://www.letour.fr/stf/faso/2004/fr/index.html
Dus tot over
zo’n 3 maanden en veel liefs van Mariska en Robert!!!!!!
Wed Nov 3 12:58:27 2004
Mariska
Poura
Rondom Poura, 30 oktober 2004, afgelegde reisafstand 10.000 kilometer.
Temperatuur op dit moment: 52 graden in de zon, ruim 45 graden in de
schaduw......
De woensdag nadat we Nefrelaye bezocht hebben doen
we rustig aan en verblijven nog een aantal dagen in Bobo-Dioulasso. Robert
is nog steeds flink verkouden dus die kan wel wat rust gebruiken. We
bezoeken nog een weeshuis dat door nonnen wordt gerund. Half-wezen worden
hier als baby opgevangen totdat ze groot genoeg zijn zelf te kunnen eten.
Ze moeten tegen hun broertjes en zusjes opkunnen wanneer ze uit 1 schaal
eten. Als ze dat kunnen gaan ze weer naar huis.
Donderdagochtend
gaat Robert met Baraka naar de garage om haar te voorzien van nieuwe olie.
Samen met Samba, de garageman, gaat Robert op zoek naar 16 liter diverse
olieen. Dat wordt bij 3 verschillende plaatsen gekocht omdat ze niet
zoveel olie hebben in 1 winkel. Robert probeert Samba ervan te overtuigen
dat er minimaal 8,5 liter versnellingsbakolie nodig is. Samba gelooft het
niet en koopt 8 liter. Uiteindelijk is het niet genoeg en moet hij op zijn
brommer eropuit om olie bij te kopen. Mariska gaat op bezoek bij de
dovenschool die vlakbij is. Daar aangekomen blijkt de school gesloten. In
Burkina zijn de scholen gesloten op donderdag en gaan de kinderen op
zaterdag naar school. Er zijn wel een paar dove jongens van rond de 20 en
ik praat wat met ze via gebaren en schrijven. Ik leer weer wat nieuwe
gebaren. Ik spreek af de volgende dag terug te komen.
Baraka is
bijgevuld en we gaan nog even de stad in om boodschappen te doen. We gaan
even langs bij het postkantoor maar helaas ligt er niets. We schrijven
brieven, kaartjes en e-mails, even de correspondentie bijwerken nu we de
kans hebben. Vrijdag 22 oktober een toeristische tour door Bobo samen met
Solo. We bezoeken de moskee, waar we helaas niet in mogen, en
verschillende wijken in Bobo. ‘s Avonds bereidt Robert een geweldige
indonesische rijsttafel, mmmm lekker.
Op vrijdagochtend ben ik
teruggegaan naar de dovenschool. De directeur ontvangt mij in zijn kamer.
Het blijkt dat zij voornamelijk Amerikaanse gebaren gebruiken met wat
Franse gebaren erdoorheen. Er is geen Burkinabese gebarentaal. Alle
docenten gebruiken gebaren(taal) en dit leren ze op de school zelf.
Wanneer docenten met mij spreken ondersteunen ze zich met gebaren, echt
heel goed. Ik wordt uitgenodigd om 2 maanden op de school te komen
werken.... mmmm aantrekkelijk aanbod ;-). Ik hou het tegoed. Daarna leiden
de jongens van gisteren mij rond en ik maak wat foto’s. We kletsen nog wat
door en om 12 uur lopen ze, samen, met 2 meiden, met mij terug naar
‘huis’. Ze vragen of ik zaterdag weer kom. Maar dan kan ik helaas niet. We
wisselen adressen en e-mail uit.
Op zaterdag 23 oktober komen er
12 kinderen/jongeren uit de omringende dorpen naar het huis van ASAP om
mee te doen aan een prijsvraag die is uitgeschreven door de Rabobank. Er
kunnen 5 kinderen winnen. Zij krijgen dan ongeveer 30 euro op een
bankrekening en als ze 18 zijn kunnen ze dat geld met rente ophalen. De
deelnemers zijn kinderen die naar school gaan met een beurs van ASAP. Alle
deelnemers krijgen ook een enveloppe met het adres van ASAP in Nederland
en een postzegel erop. Later blijkt dat de meeste kinderen voor het eerst
in Bobo, de grote stad, zijn. Zij hebben geen idee wat het inhoud om een
brief te schrijven of te posten en kijken dan ook heel glazig als hen dit
wordt uitgelegd. Voor ons is de post zo normaal, wij zijn misschien nog
een stap verder met internet en e-mail. Maar deze kinderen zijn niet eens
op de hoogte van het feit dat er zoiets bestaat als post, brieven en
postkantoor.
Dan wordt ik geroepen. Er is iemand voor mij aan de
deur?! Het is een van de dove jongens die is langsgekomen om mij en Robert
kadootjes te brengen. Echt heel lief, ik hoop maar niet dat hij zijn
laatste geld eraan heeft uitgegeven en ik neem mij voor om aan hun vanuit
Nederland iets leuks op te sturen samen met de foto’s.
Inmiddels
is Baraka opgeruimd en schoongemaakt en die zondagochtend gaan we weer
verder. Na 10 heerlijke dagen doorgebracht hebben bij Herve en Eugenie en
Sylvia gaan we weer op pad. We vertrekken naar Banfora over een fijne
geasfalteerde weg. In Banfora is een grote maar rustige markt. We kopen
onze 1e souveniers sinds we vetrokken zijn. Dan gaan we daar naar het meer
Trengela. Daar slapen we in een hutje in een eenvoudig campement. Als je
wilt douchen moet je eerst een emmer water vullen met water uit de
waterput. De doucheruimte bestaat uit 4 muurtjes van 1.55 hoog. Als ik
(mariska) op mijn tenen ga staan kan ik er net overheen kijken. Een
muurtje is nog net iets lager en kijkt uit over het platteland van
Burkina. Als ik rond 6 uur ga douchen heb ik een douche met uitzicht op de
zonsondergang, wat wil je nog meer?!. De eigenaar van het campement is
musicus en ‘s avonds repeteert zijn band en wij kunnen kijken en luisteren
naar muziek op traditionele instrumenten zoals djembe’s en andere trommels
en de balafon. De balafon is een soort xylofoon gemaakt van hout en
kalebassen. De mensen uit het dorpje komen ook even kijken. De groep heet
Farafina en later lezen we dat zij met bekende musici, o.a. Brian Eno,
Rolling Stones, hebben gespeeld.
De volgende dag staan we om 6 uur
op om met een klein bootje op het meer te varen. Het is een prachtige
omgeving maar eigenlijk hopen we nijlpaarden te zien. Helaas lukt dat
niet, ze zijn ergens anders. We spreken af om het ‘s middags nog eens te
proberen. Die middag kunnen we de nijlpaarden horen brommen maar ze zitten
verstopt achter bomen en riet, we kunnen ze niet zien. Jammer. We gaan ook
nog met Baraka naar een waterval. Een dag vol uitstapjes dus. De waterval
is heel mooi. We kunnen naar boven lopen om de waterval van bovenaf te
bekijken en het is prachtig.
We hebben dorst en gaan een cola drinken.
Dan herrinert Robert zich dat hij alleen groot geld heeft, stom, en het
blijkt dan ook dat de jongen niet kan wisselen. Maar we hebben niets
anders. Hij gaat op de fiets proberen ons biljet ergens te wisselen. Dat
lukt niet en we willen hem al een t-shirt ofzo aanbieden in ruil voor de
drankjes als..... opeens een man, die er al die tijd al bij zat, het
biljet toch kan wisselen..... afrikanen, ik snap er soms niets van.
Op dinsdag 26 oktober rijden we door naar een gebied in
Zuid-Burkina waar het Lobi-volk woont. We komen aan in Loropeni alwaar je
ruines kunt bekijken. Dat gaan we dus doen. Maar het valt tegen. De ruines
zijn niet echt interessant om naar te kijken en men weet eigenlijk ook
niet wat het zijn of wie het gebouwd heeft, waarschijnlijk is het ondanks
dat wel een Unesco monument. Door naar Gaoua. Daar worden we belaagd door
jongens die onze gids willen zijn. Het is de 1e keer in Afrika dat de
mensen echt vervelend zijn en we hem niet kunnen afpoeieren. We gaan eten
en hij wacht, ongevraagd, op ons aan een tafeltje verderop. Als hij even
niet oplet smeren we hem snel.
Van de eigenaar van het vorige
campement kregen we een naam door van een vriend van hem in Gaoua.
Toevallig lopen we hem tegen het lijf want hij hangt rond in het hotel
waar we zitten. Even later wordt hij op zijn mobieltje gebeld en het is
telefoon voor ons... voor ons? Het is de eigenaar van het vorige campement
die iets wil weten over onze boottocht over het meer. Grappig, ik dacht
dat we onbereikbaar waren, hihi.
De volgende dag gaan we naar het
museum in Gaoua waar we wat leren over de gebruiken van het Lobivolk en de
Gan. Leuk om te zien. Dan weer een mannetje die ons rond wil gidsen.
Willen we de heilige grot niet zien, alwaar je kippen kunt (lees moet)
offeren??? Nee bedankt, ik hoef geen grot te zien waarvoor ik een kip moet
kopen die dan daar ter plekke wordt geslacht. Hij blijft volhouden en
uiteindelijk wordt ik het echt zat en bek hem af, dat helpt. Hier in
Burkina hebben ze wel iets met kippen offeren. In Bobo kun je naar een
plek met heilige vissen (echt waar!). Daar kun je dan een kip offeren en
om een gunst vragen. Komt je wens uit dan moet je teruggaan en iets
groters offeren (bijvoorbeeld een geit)..... Verder is er in Burkina ook
een krokodillenfarm met oude kroko’s. Die lokken ze met kip uit het water
zodat je ze goed kunt zien.... Nou nee bedankt, deze bezienswaardigheden
slaan we liever over.
We vertrekken snel uit deze vervelende
plaats. We hebben gelezen dat je ergens olifanten kunt zien, daar gaan we
nu heen rijden. We komen aan in Boromo en wat blijkt, de ‘tour du Faso’
zal daar de volgende dag voor de 2e etappe vertrekken. Leuk maar ook balen
want het enige goedkope hotel dat er was is nu opgewaardeerd, duur en vol.
Gelukkig mogen we op de parkeerplaats in Baraka slapen. Het stadje is in
de ban van de tour, voor 1 dag. Wagens met muziek en podia. Heel gezellig.
s’ Avonds gaan we dan ook het stadje in. We ontmoeten Issouf (maar hij
wordt liever: Black Rasta genoemd). Even aftasten wat hij van ons wil....
gidsen?.... nee hoor, gewoon een gezellige gast. Beetje vaag en erg
stoned, rastahaar maar wel aardig. Hij stelt ons voor aan een vriend van
hem. Een franse jongen die hier 1 maand stage loopt in het natuurpark.
Alexandre verteld dat het momenteel heel moeilijk is om olifanten te
spotten. Maar we kunnen misschien de volgende dag gezamenlijk naar een of
ander campement om het te proberen. Oke, dat is goed maar eerst willen we
s’ morgens de 2e etappe van de tour zien, nu we er toch zijn.
De
volgende ochtend heel vroeg opgestaan en geprobeerd uit te vogelen waar de
etappe vertrekt. 5 kilometer buiten Boromo. We proberen een lift te vinden
en vinden in plaats daarvan het tourbusje van het Nederlandse team dat de
tour fietst. We spreken kort met de jongens maar moeten dan snel in een
taxibus richting start. Er wordt nog iets gezegd over veranderingen in de
etappe, maar geen tijd, we moeten instappen. Samen met Issouf proppen we
ons in het overvolle busje. 5 kilometer later.... geen startpaats, hoe zit
dat nu weer? Niemand die het precies weet. Na 15 kilometer stappen we bij
een heel klein plaatsje uit. Maar ook hier is er geen start. Dan komen er
een auto en een motor van de pers aan. We vragen hoe het zit. Het blijkt
dat de weg te slecht is om te rijden en er is ‘s ochtend besloten om met
een aantal renners de route rustig aan te rijden. Geen wedstrijd, geen
officiele start. C’est afrique! Een klein half uur later komt het peloton
voorbij peddelen. We zwaaien naar de Nederlanders. Dan gaan we in het
‘bushokje’ wachten op vervoer terug naar Boromo. En we wachten...... er is
bijna geen verkeer. Uiteindelijk een busje en we gaan terug naar Boromo.
Hadden we dit geweten dan hadden we in Boromo gebleven bij de onofficiele
start.
Dan Baraka opruimen, tanken en op naar het campement.
Ongeveer 7 kilometer rijden over een goede piste, zegt men. De piste was
niet goed maar ook niet echt heel slecht. Het campement ligt aan de rand
van het natuurpark naast een van de drinkplaatsen van de olifanten. Het is
er lekker rustig en we zien 2 apen. Nee, geen olifanten. Om in het
campement te blijven slapen is veel te duur en vlak ernaast ligt een park
met veel gratis campingplekken, denken wij. In ons beste Frans besluiten
wij, Issouf en Alexandre om in de ‘brousse’ te gaan slapen. Issouf weet
een goede plek zegt hij. Het blijkt dat we helemaal terugrijden naar
Boromo daar ergens aan de rivier gaan staan. Veel minder mooi en druk met
mensen en verkeer..... Ligt het aan ons gebrekkige frans of is het
cultuurverschil dat we dit niet helemaal begrijpen. Maar goed, nu zijn we
er en we blijven. Een andere optie is de parkeerplaats van het hotel....
Issouf spreekt nog met een vriend en verteld ons dat we de
volgende dag met zijn pirogue (een piepklein vissersbootje) het park in
kunnen varen op zoek naar olifanten. De volgende dag... geen vriend, geen
pirogue en er wordt ook niets meer over gezegd?? Het zal wel. We zijn het
zat en hebben zin in samenzijn zonder gedoe en miscommunicatie. We zetten
de jongens af in Boromo, tanken onze watertank vol en rijden naar Poura.
Ook daar zouden olifanten te vinden zijn volgens de ‘Rough guide’.
En hebben we de olifanten gevonden?????? lees verder in ons
volgende verslag, Mariska en Robert.
Thu Oct 21 18:47:04 2004
robert en mariska
Bobo 21 oktober 2004
Bobo Dioulasso, 21 oktober 2004
Vanuit Bamako rijden we in 2
dagen via een goede weg naar Burkina Faso. Lekker snel over het asfalt. De
1e dag willen we in Segou even snel eten. We worden aangesproken door een
oude man en moeten bij hem komen eten. Enne... willen we misschien de auto
verkopen? We zeggen nog dat we niet veel tijd hebben en hij belooft dat we
snel zullen eten. Helaas duurde het eten en thee drinken en nog een thee
en nog een thee een paar uur. De volgende dag komen we aan in Burkina
Faso. Wat een verschil met Mali. Je kunt de armoede nog beter zien dan in
Mali en de andere landen. Ik geloof dat Burkina het armste land van
West-Afrika is. In Bobo Dioulasso gaan we op zoek naar het huis van ASAP.
Een paar jongens zeggen dat het erg moeilijk te vinden is en ze willen wel
meerijden (voor geld waarschijnlijk). Toch maar besloten zelf te gaan
zoeken en we vinden het eigelijk al snel. Door Hervé en Eugenie worden we
hartelijk onthaalt. We kunnen in hun huis slapen, van alle gemakken
voorzien en alle voorzieningen gebruiken. Baraka kan fijn in de tuin
staan. Airco op de kamer, een echt bed, kleren worden voor ons gewassen,
wat een luxe! Het is mijn verjaardag en ik mag ook nog even naar huis
bellen. Kort even met mijn moeder gekletst. Er was geen taart in de winkel
maar mijn dag is goed met chips en wijn, dat kun je hier in West-Afrika
vaak lastig krijgen.
Desiré werkt voor ASAP, hij is een Burkinabe,
en de volgende dag gaan we met hem, een busje en een vrachtwagen langs
allerlei dorpen van ASAP. We gaan de rijst, zout en olie brengen die de
scholen gebruiken voor het lunchprogramma op de scholen. De scholen geven
de kinderen 1x per dag lunch, mits de kinderen die dag op school zijn.
Door 1 vrouw word er dan voor de kinderen gekookt. De ene school heeft 100
kinderen, de andere 250! Hiervoor is o.a. ook de groentetuin bedoeld. Als
aanvulling op het eten. Op 1 dag rijden we langs zo’n 6 dorpen. We
ontmoeten onderwijzers en kinderen. De schoolvakantie is net voorbij en de
scholen zijn nog in de opstartfase. De lessen zijn nog niet begonnen of de
leraren zijn er nog niet allemaal. s’Avonds gaan we naar Les Bambous om
een concertje te bezoeken. Eigenlijk zijn we heel moe, maar je bent maar
1x in Bobo.
De volgende dag gaan we met ASAP mee naar Mogobaso.
ASAP bezoekt de dorpen waarmee ze samenwerken 3x per jaar. We vertrekken
weer om 8 uur s’morgens. Aangekomen in het dorp worden we bij de school
opgewacht. In het dorp zijn er verschillende groepen (vrouwen,
oudervereniging, boeren). Van elke groep komt er een vertegenwoordiger
naar de school en er wordt een aantal uur over allerlei zaken gepraat.
Daarna gaan we onder de boom zitten met het hele dorp. De
vertegenwoordigers vertellen wat er is besproken. Hierna wordt er op
grappige wijze door ASAP nog iets duidelijk gemaakt over het belang van
samenwerken. Als alles voorbij is moeten we aan het dorp om de ‘route’
vragen. D.w.z.vragen of we mogen vertrekken. Het dorp moet ons daarvoor
toestemming geven. We moeten eerst eten en drinken en daarna mogen we
vertrekken.
Zondag 17 oktober bezoeken we een ander dorp,
Toungouana. In dit dorp worden we onthaald met muziek en dans. De kinderen
wachten ons en ASAP op en we krijgen applaus. Het blijkt dat de directeur
van de school heel blij is met ASAP. Hij heeft een bord gemaakt met de
naam van de school erop en het logo van ASAP (normaal gesproken doet ASAP
niet aan dat soort borden) en Hervé mag het onthullen. Hier wordt ook weer
met de vertegenwoordigers van de diverse groepen uit het dorp gesproken.
Wanneer we onder de boom gaan zitten voor het gesprek met het hele dorp is
ook het hele dorp uitgelopen. Er zijn 2 orkestjes met muziek en 2 groepen
vrouwen die aan het dansen zijn. Echt geweldig om mee te maken. Dit dorp
vind het heel belangrijk dat de kinderen naar school gaan. Zij vinden het
ook belangrijk om uniformen te dragen op school. Zo kun je zien wie er op
school zit en de kinderen hebben dan een extra set kleding. De kinderen
zijn zelf heel trots op hun uniform. Helaas is de oogst dit jaar mislukt
en kunnen de ouders van de 1e en 2e klassers geen uniformen betalen. Dat
betekent dat de helft van de school wel een uniform heeft en de andere
helft niet. Robert en ik besluiten om de uniformen te financieren met het
geld dat onze vrienden, familie en collega’s hebben gestort. We kunnen de
groentetuin betalen en hebben dan nog geld over. De dorpelingen zijn heel
blij. Iedereen komt handen schudden met ons. Als dank krijgen Robert en ik
3 kippen cadeau, levend. Op hun kop bungelend worden ze aangeboden en
achterin het busje gaan ze mee terug naar Bobo. Daar worden ze verdeeld
onder de mensen die voor ASAP werken.
Het huis van ASAP en de auto
zijn voorzien van airco. Het gevolg is dat Robert nu snotverkouden is
geworden. Maandag besloten we om het centrum van Bobo te bezoeken. Als een
vaatdoek liep Robert achter me aan. Thuis aangekomen uitgezocht waar de
etappes van de “tour du Faso” zijn (een soort tour de France). Over 2
weken willen we 1 of 2 etappes bekijken. Die avond vroeg naar bed want de
volgende dag zouden we om half 8 vertrekken naar “ons” dorp Nefrelaye. Het
dorp alwaar wij en jullie de groentetuin voor de school financieren.
Dinsdag 19 oktober... Nefrelaye. We vertrekken zoals gezegd vroeg
in de ochtend naar Nefrelaye. Het is ongeveer 85 km over tarmac met gaten
en hobbels. Maar met Desire als chauffeur gaat dat best snel. In het dorp
staat iedereen al klaar om ons te ontvangen. Er wordt flink gedanst en
gezongen. En ja,ja, Mariska danst mee (is alleen bedoeld voor vrouwen).
Het dorp weet nog niets van de groentetuin, alleen de schooldirecteur is
op de hoogte. Het is dan ook een hele verassing als wordt aangekondigd dat
wij samen met familie, vrienden en collega’s de groentetuin gefinancieerd
hebben en het materiaal voor de groentetuin bij ons hebben. Naast dit
bracht ASAP ook schoolboeken mee voor de school. Als dank voor dit alles
kregen we ditmaal 3 kippen, 2 parelhoenen en 1 schaap mee (uiteraard ook
weer zeer vers = levend). Er zijn die dag veel foto’s en zelfs een kort
filmpje gemaakt van de dag in het dorp Nefrelaye. De groentetuin wordt
door de mensen nu zelf aangelegd en omstreeks januari 2005 moet de tuin
dan in gebruik zijn. We zijn al uitgenodigd om dan weer naar Nefrelaye te
komen, wat we natuurlijk graag doen :-)
Inmiddels is het 21
oktober. Baraka heeft vandaag heerlijk nieuwe olie gekregen op allerlei
plaatsen, dus ze kan er weer tegenaan. Gisteren is ze grondig ontstoft en
schoongemaakt. We schrijven nog wat mailtjes, kaartjes, brieven en het
reisverslag en bereiden ons langzaam voor op de rest van de reis. Hervé en
Eugenie zijn heel gastvrij en we blijven dan ook tot a.s zondag (24
oktober). Dan gaan we via een omweg langzaamaan naar Ouagadougou. Gisteren
werden we verrast door een telefoontje van Ko. Het was erg leuk om te
kletsen. Vandaag een telefoontje van Ben. Wat leuk om weer eens bereikbaar
te zijn! Morgen ga ik op bezoek bij de dovenschool in Bobo. Joke T.: ik ga
je stiften en poppetjes brengen.... Vandaag was ik er ook al maar de
school is op donderdag gesloten. Ik heb met wat dove jongens gesproken
maar er was verder niemand op school. Het is een wonder hoe makkelijk je
met gebaren internationaal kunt communiceren! Tot het volgende verslag,
ciao!!!
Mariska en Robert
Wed Oct 20 10:36:01 2004
Robert
Bamako
Bamako, 11 oktober 2004
Na de ietwat chaotische grensovergang
bij Rosso, Senegal, verloopt de grensoversteek Senegal-Mali erg rustig. In
Mali moeten we een mannetje wakker maken en precies aanwijzen waar hij wat
moet schrijven en stempelen. De gendarmerie probeert ons op te lichten
door te zeggen dat onze verzekering niet goed is en we zouden veel geld
moeten betalen (ca. 15 euro boete) maar wij betalen niet zomaar en opeens
hoeft het niet meer!?!?! Voordat we weer gaan rijden eerst een broodje ei
eten. Tijdens ons eten komt de man die ons zojuist nog wilde oplichten,
blij vertellen dat hij zojuist vader is geworden van een dochtertje.
Daarna op de slechtste weg tot dan toe naar Kayes gereden. De weg
is een grote gatenkaas waar je niet tussendoor kan rijden. We rijden dan
ook regelmatig stapvoets en slapen langs de weg, onder een baobabboom en
luisteren naar vogels en apen. De volgende dag komen we aan in Kayes en we
maken plannen. We willen op ons gemak naar Bamako rijden. In Kayes leren
we een Fransman, Timothy, kennen en hij zal met ons meerijden.
De
weg zou leiden via een klein dorpje, Diamou, naar Bafoulabé en via Keita
naar Bamako. De weg naar Diamo blijkt erg, erg slecht. De
moeilijkheidsgraad stijgt langzaam. Eindelijk op de 3e ochtend komen we
aan in Diamou alwaar we gastvrij door een familie worden uitgenodigd. Aan
het einde van de dag een echte afrikaanse regenbui. Iedereen rent naar
buiten om de regentonnen te vullen en om zich te wassen met regenwater.
Het frist er wel lekker van op.
De weg vervolgen naar Bafoulabé
was niet mogelijk, teveel modder en diepe vrachtwagensporen. Er zat zelfs
een gedeelte tussen waarna we met behulp van 2 houthakkers, die de gaten
met bomen dichtmaakte, onze weg pas konden vervolgen. Elke houthakker een
t-shirt cadeau en verder. Uiteindelijk besluiten om terug te gaan naar
Diamou en van daaruit de route opnieuw te plannen naar Bamako. Onderweg
merken we dat er wel erg vaak bosbrandjes zijn. Dit blijken grasvelden te
zijn die aangestoken worden door jagers zodat ze het wild, zwijnen en
hyena’s, kunnen zien en afschieten. Na de jager gesproken te hebben was
het tijd om te kamperen en de jager beloofde dat het grasveldje waar wij
stonden niet in brand te steken.
Weer aangekomen in Diamou is de
gastvrije familie verbaasd ons weer te zien. De kinderen en een wat oudere
man verwelkomen Robert openhartig. Dat is toch wel mooi, een dorpje
binnenkomen en je naam horen roepen. Weer worden we uitgenodigd voor eten,
drinken, slapen. En wat blijkt.... er is nog een andere weg naar Kayes,
via Sadiola. Het is een omweg, terug naar Kayes, staat niet op de kaarten,
maar het zou een betere weg zijn..... Deze weg staat niet op de kaart
omdat-ie is aangelegd door de mensen van de goudmijn in Sadiola.
We vertrekken de volgende dag. De weg is de eerste 35 kilometer
(van de 55 tot aan de doorgaande, goede weg) erg goed en mooi. We genieten
en stoppen regelmatig voor de mooie uitzichten, vogels. We zien mooie
vlinders en hagedissen, eekhoorns en vele vogels. We zijn dolgelukkig dat
we daar rijden met z’n drieen, Robert, Baraka en Mariska. Toch ook heeft
deze weg een paar gevaarlijke hindernissen, maar Baraka is een
fantastische auto in goede conditie en nadat we van een motorrijder hoorde
dat we de moeilijkste afdaling gehad hadden (wat nu eens echt klopte)
kwamen we aan in Sadiola. Vanaf hier over een goede tarmac weg naar Kayes
terug. Ondanks alles hebben we de terugweg in 1 dag afgelegd. 6 dagen
geleden vertrokken we uit Kayes om naar Bamako te gaan en nu zijn we weer
terug. We laten ons ‘verwennen’ in een hotel met airco en gaan vandaag ons
plan trekken. We hebben geleerd betere, goede vragen te stellen. Niet
vragen: “hoe is de weg?”. Want dan is het antwoord: “bon”. Maar echt goed
doorvragen. O ns frans is er de afgelopen dagen in contact met Timothy en
de Malineese familie wel op vooruitgegaan.
Ons frans gaat
voorruit, we hebben prachtige landschappen in Mali gezien. We hebben
prachtige grote en kleine (roof-) vogels gezien en een soort eekhoorntjes
gezien. We zien hoe en waarin de mensen wonen en leven. (ik, Robert, kan
het niet laten om een kleine studie te starten naar ‘petit maison de
afrique’. We hebben genoten van de Malineese gastvrijheid, het diverse
Malinese eten en de aardige mensen. We hebben er wat logeeradressen bij:
Iedereen nodigt je uit. Je kunt hier zo gratis en voor niks bij iedereen
logeren. En nu: zitten we in het hotel met uitzicht op de rivier ‘de
Senegal’ met een kopje koffie en we voelen ons heel gelukkig. Het is hier
‘lizards paradise’. Veel verschillende soorten kleine hagedissen en skinks
te zien hier. Op naar de rest van Mali en afrika!!!!!!
En dan op
weg naar Bamako via Diema. Goede asfaltweg, maar met een gedeelte (170 km)
ribbelweg, dat betekent of stapvoets of heel hard..... ongelooflijk dat
Baraka dit zonder problemen vol weet te houden. Baraka deed het beter dan
ons, wij zijn helemaal door elkaar geschud. Maar de vele kilometers asfalt
deden dit snel vergeten en genoten van de mooie uitzichten. Ook op deze
route weer erg veel vogels, klein en groot. In Bamako komen we aan na een
aantal rondjes door de stad op onze overnachtingsplek.... een oude
Libanese missiepost met kerk die niet meer in gebruik is, maar hier kunnen
we Baraka veilig parkeren en kunnen we prima kamperen. Een erg rustige
plek in de stad. Hier blijkt ook Jan uit Belgie te wonen. Jan, de
Belgische aannemer die van de Ivoorkust komt en nu in Bamako werkt. Hij
werkt op dit moment aan een ambassadeurswoning voor de Nederlandse
ambassade..... Als architect zijn er dan wel wat ideeen uit te
wisselen....
Veel vers fruit en groente kunnen inkopen in de markt
die valkbij ons hostal is. Eigenlijk is de markt hier in Bamako altijd
vlakbij, want de hele stad is een grote markt. In het hostal verblijft ook
de spanjaard Eduardo die al jaren rondreist over de wereld en met z’n
vieren vieren we de verjaardag van Jan, onder het genot van de heerlijke
tajien van Mariska. Morgen naar het museum in Bamako....wat ze daar dan
ook mogen laten zien...
Liefs, Mariska en Robert
Fri Oct 15 19:15:30 2004
Robert en Mariska
Bobo-dialasso
Hallo beste allemaal,
We zijn gisteren [14-10] in Bobo-dialasso
in Burkina Faso aangekomen. Vandaag hebben we een aantal dorpen bezocht
waar ASAP actief is. Dit weekend zullen we materiaal voor ons project, de
groentetuin, gaan inkopen. Na het weekend zullen we het dorp Nefrelaye
bezoeken. We zullen hier in Bobo 1 a 2 weken verblijven, en geloof het of
niet we zijn via ASAP per telefoon te bereiken ... tel.nr. 0022620981114
je hoeft ons niet plat te bellen, maar een telefoontje is wel leuk :-) ps.
goedkoop bellen; zie www.telediscount.nl
Er komt nog steeds geld
binnen voor ons project, zelfs iets meer zodat het project iets uitgebreid
kan worden. Iedereen heel erg bedankt voor de bijdrage, en blijf storten!
:-)
meer nieuws over project en reis volgt zeer binnenkort
groetjes, Robert en Mariska
Wed Sep 29 21:16:41 2004
robert en Mariska
2 nieuwe verslagen uit
Kayes
0009, 26 september, te gast bij de Maraboet
Op 25 september
vetrekken we vroeg naar de beruchte grens bij Rosso, op weg van Mauretanie
naar Senegal. Onderweg nemen we een lifter mee en zien we een varaan. wow.
Het is een hectisch gebeuren en ik krijg nog bijna ruzie met een
politieagent. Maar die helpt ons uiteindelijk goed en snel. Dan met de
boot naar de overkant. Ruzie met de bootjongen en we worden geholpen door
een Senagalees. ‘Die wil geld’ denken we nog. Maar dat was een onaardige
gedachte want hij was gewoon behulpzaam. Dan zijn we in Senegal!! Wow!
Daar wilde ik graag heen. We beginnen te rijden over de noordelijke weg
die richting Kayes in Mali gaat. Wanneer we een plekje zoeken om te
kamperen valt dat niet mee. Overal wonen mensen. En weet je wat?..... ze
wonen echt in rieten hutjes. Uiteindelijk ergens maar gaan staan en na een
tijdje komt er een man. Hij spreekt een paar woorden frans en nog iets
anders. Peul, komen we later achter. We moeten met hem mee om in zijn
dorpje te gaan slapen. Zijn broer blijkt frans te preken en docent Peul te
zijn. Hij verteld dat zijn broer Maraboet is en Samba heet :-) Daarna
krijgen we de rest van de avond cursus peultaal. Erg lachen. We zitten nog
niet 1 dag in Senegal of we zijn al op bezoek bij een maraboet, een cursus
peul en liggen op een mat tussen de rieten hutjes!! De kinderen komen er
ook gezellig bij zitten en voelen aan mijn haar en arm. Gelukkig mogen we
in onze eigen tent slapen. Er werdt ons een bed binnen aangeboden maar dat
leek ons veel te warm. De volgende ochtend ontbijten, foto’s maken en bij
de waterput de watertank vullen. We mogen nog langer blijven en hun dorp
is nu ook ons dorp... heel lief, maar we gaan toch maar verder. Ik krijg
ook nog een van de kleine kinderen aangeboden om mee te nemen naar
Nederland, aangezien ik zelf geen kinderen heb..... Trouwens hoeveel
kinderen ze zelf hebben is ook niet helemaal duidelijk. De man zegt 2
vrouwen en 4 kinderen te hebben. Maar als hij aanwijst welke kinderen van
hem zijn tel ik er toch echt 5.
Tot de volgende mail, maris en robert
Wed Sep 29 21:15:00 2004
robert en mariska
kayes
0008, vlak voor Rosso, 22 september 2004
De avond voordat we uit
Nouakchott wilden we verse vis eten, zelf klaarmaken. Dus wij naar de
haven alwaar kleine vissersbootjes hun vangst binnenbrengen. De meeste
bootjes waren al binnen en we hoorden dat er niet veel gevangen was. Toen
gingen we vis kopen. Een heel dilemma. Want wie zou die verse vis dan
schoonmaken? Wij hadden dat nog nooit gedaan. Wat blijkt.... als de vis is
gekocht loop je een stukje door en daar staan de visschoonmakers. Voor 100
of 200 oogya maken ze de vis voor je schoon en fileren hem desnoods...
probleem opgelost en wij ‘s avonds lekker vis gegeten. Op 23 september
wilden we Nouakchott verlaten om richting Bogue te gaan om aldaar de grens
over te steken. Nog even de banden op spanning brengen en toen scheurde er
een ventiel af... uitgedroogd! Psssssst, lege band. Balen maar niet
getreurd. Voor 300 oogya (ca. 99 eurocent) kon een bandenmannetje de band
voor ons omwisselen en oppompen, dat in nog geen 7 minuten. Band erop
gezet en op weg naar Bogue. Bogue is een heel eind en we vertrekken laat.
We zien wel hoever we komen vandaag. We rijden de ‘route l’espoir’. Zo
heet die weg. Het is een mooie weg. Mooi omdat het goed asfalt is en omdat
de omgevig heel mooi is. Eerst rijden we tussen zandduinen van
verschillende kleuren. Langzaamaan veranderd het landschap. Er komen
steeds meer groene plantjes en boompjes en de aarde wordt roder. Soms
grenst de rode aarde aan de gele zandduinen, erg mooi. We zie weinig
verkeer maar veel overstekende ezels, koeien, geiten en kamelen. De
kamelen zijn er in wit, bruin en donkerbruin met veel jonge kameeltjes
erbij. We zoeken rond een uurtje of 5 een kampeerplek en vinden een
prachtig plekje, weg van de weg op de rode aarde. We krijgen bezoek van
vele torren en torretjes. Er staat gelukkig een lekker windje want het was
overdag behoorlijk warm, nu dus even afkoelen.
De volgende dag weer
verder naar Bogue. De weg bijft heel mooi, zowel asfalt als omgeving. Het
veranderd steeds weer in een ander prachtig landschap. Langzaamaan wordt
het steeds groener. We zien af en toe ook gras verschijnen. Dan bij Aleg
rechtsaf naar Bogue. We stoppen bij wat politieposten en vertellen ons
plan om bij Bogue de grens over te gaan. Goede reis! zeggen ze. Dan komen
we aan bij Bogue een dorpje aan de rivier ‘de senegal’. We vragen een
aantal mensen de weg naar de grensposten. Als we daar bijna zijn verteld
een man ons dat we hier niet naar Senegal kunnen. We moeten namelijk de
rivier oversteken (dat wisten we) en er zijn hier alleen boten voor
personen. Dus we kunnen wel gaan, maar Baraka kan dan niet mee.... We
bespreken andere opties maar volgens de mensen hier is de enige
mogelijkheid Rosso. De plaats die zo slecht bekend staat dat we die nu
juist wilde vermijden. Daarbij komt dat we dan helemaal naar Nouakchott
moeten terugrijden om daarvandaan de weg naar Rosso te nemen. Helemaal
terug..???!!! Een andere binnendoorweg zou te nat zijn, ‘beaucoup pluie’.
Maar dat was ons al eerder verteld over Bogue en daar was nou net geen
spatje gevallen. Toch nog even bij de rivier kijken en het klopt, geen
doorgang met de auto. Er zat niets anders op dan terug te rijden.
Gelukkig niet bij de pakken neergezeten en de weg was terug ook heeeel
mooi. We genoten wederom met lekkere muziek op de achtergrond. Halverwege
bij Boutilimit zei Mariska opeens: ‘ik zie op de kaart een piste naar een
meer, lac Rkiz, en die loopt door naar Rosso. Hoeven we niet helemaal
terug’. Bij de eerste politiepost nagevraagd en het bleek een zeer goede
piste te zijn, goed om te rijden. Nu het begin nog vinden. Wanneer je de
mensen de weg vraagt wijzen ze een beetje en zeggen links, rechts. Als ze
meer vertellen kunnen we het ook niet altijd verstaan. We denken de juiste
piste te hebben gevonden. We zetten de GPS op track, mochten we verdwalen,
dan kunnen we altijd dezelfde weg terugrijden.
(piste: een onverharde
weg. Deels zand, glad, kuilen, gras, takken en struiken. Meestal kun je de
meest gereden route zien die de lokale bewoners gebruiken en die kun je
dan ook rijden. 4x4 is vereist, meestal ook lagere bandenspaning nodig)
We vragen het maar aan de mensen die we tegenkomen. Ja hoor, tout
droit (rechtdoor) en het is een goede weg. Dan komen we in een dorpje, we
vragen de weg en maken wat foto’s. Na een aantal kilometers is het tijd om
een kampeerplek te vinden. Niet zo moeilijk, het is een erg mooie
omgeving. We zien een grote uil, div. vogels en weer die torren. We vinden
een plek en worden getracteerd op een mooie zonsondergang. Na het eten
zitten we nog een tijdje buiten in het maanlicht en kijken naar de
sterren.
De volgende ochtend vroeg op en door naar Rosso. Steeds in
een dorpje of aan mensen onderweg vragen we naar de route. Rechtdoor....
Alle wegen leiden naar Rosso, lijkt het wel. Er zijn verschillende sporen
om te kiezen maar ze komen steeds weer bij elkaar. De omgeving word steeds
mooier en groener. We zien steeds meer beesten. Voornamelijk geiten,
koeien (met enorme horens), kamelen en ezels. Maar ook steeds meer en meer
verschillende bontgekleurde vogels. Ze zijn helaas te snel om ze op de
foto te zetten. We zien vele, vele sprinkhanen (groene, oranje, gele) in
zwermen rondvliegen en springen. We zien plotseling 3 afrikaanse zwijnen
(zoals je in ‘the lion king’ ziet). Zodra ze ons zien rennen ze weg om
vanachter een bosje terug te gluren..... We zien enorme termietenheuvels.
Dit hadden we niet verwacht te zien in Mauretanie. Toch niet helemaal
woestijn.
Later op de dag wordt de weg steeds onduidelijker, maar ook
mooier en vogelrijker. We vragen steeds weer opnieuw de weg. Ongeveer 30
kilometer voor Rosso verdwalen we. Het blijkt dat we om moeten rijden.
Eerst (volgens de GPS) de verkeerde kant op en dan weer terug.
Uiteindelijk hebben we de juiste weg gevonden. Veel tijd verloren en de
grensovergang sluit al bijna. Geeft niks. We kamperen hier wel ergens en
gaan dan morgen uitgerust en opgeruimd deze hectische grensovergang over.
aa toet aa leur, maris en robert
Mon Sep 20 18:50:33 2004
Mariska en Robert
Nouakchott
20 September 2004, Nouackchott
3 nieuwe reisverslagen! emailen
lukt op dit moment even niet; erg langzaam hier
groetjes, M&R
Mon Sep 20 18:45:07 2004
mariska
Nouakchott
20 September 2004, Nouackchott
Op de 15e zijn we van Nouadhibou op
weg naar Nouakchott gegaan. We rijden op de coordinaten in onze GPS door
de Sahara. Deels langs de kust en deels inland. We rijden samen met Judith
en Ralf. Twee duitsers die met een IFA-truck (ong. 8 ton) op reis zijn.
Allebei dezelfde coordinaten ingevoerd en op weg! Eerst Nouhadhibou uit
over het asfalt. Dan zoeken we een plek waar we van het asfalt afkunnen om
de mooiere en langere route naar Nouakchott te nemen door de Sahara. Dat
lukt en de duitsers nemen het voortouw. Zij hebben een legertruck
omgebouwd tot een klein huis. Daarbij vergeleken is Baraka niets. Maar zij
zijn dan ook van plan om 18 maanden weg te blijven. Zo’n truck is luxe
maar soms ook onhandig want hij is zwaar en kan geen kleine wegen aan.
Maar Ralf rijdt in dat ding alsof hij een smart bestuurd. Ondertussen
bedenken we dat Robert krap 11 weken geleden zijn rijbewijs haalde en nu
in de sahara rijdt :-). De weg is heel afwisselend en er zijn veel harde
stukken waar je flink kunt doorrijden. Aan het einde van de dag zoeken we
een plek om te kamperen en we slapen naast een grote zandduin. Helaas geen
sterrenhemel want het is bewolkt. Dat zal het de komende dagen blijven.
Hierdoor ook geen mooie zonsopgang hoewel ik er wel speciaal voor was
opgestaan, balen. De volgende dag veel vlaktes, zand, zandduinen,
rotsachtig gebied. De sahara is prachtig en hier heel afwisselend. We
rijden over gele, witte, bruine vlaktes, zien zandduinen, beplanting
(bomen, div. struikjes) dan weer helemaal niks. We zien kamelen, veel
sporen van beesten (muisjes, hagedissen), we zien flamingo’s en pelikanen
aan de kust. Er vliegen zwaluwen met ons mee. Ze cirkelen rondjes om de
auto en vliegen vlak bij de grond. Dan vliegen ze weer voor auto langs om
dan bij het rechterwiel opeens omhoog te schieten.... super! We zien
reigers, meeuwen en roofvogels (valken?) van veel vogels weten we niet
precies welke het zijn. Aan het eind van de middag zoeken we een plek om
te slapen en komen in heeeeel zacht zand terecht. De truck (genaamd:
Iefjen) komt vast te zitten en wij uiteindelijk ook. We zijn moe maar
nadat de bandenspanning is verlaagt komen we er uit en besluiten om dan
maar meteen te blijven staan om daar te kamperen. Het is in de buurt van
een dorpje en al gauw komen er 2 jongetjes kijken. Beetje vervelend wordt
de ene. Hij wil een ‘cadeau’ en als ie die niet krijgt pakt hij iets met
de vraag of-ie het mag hebben. We sluiten de auto maar helemaal af. Dan
komt er een man met een Landy en daaraan is iets niet goed. Robert en Ralf
bekijken de auto en maken hem. De man is heel blij. Inmiddels zijn er nog
wat andere mannen bijgekomen. Eentje is echt een macho en ergert zich
eraan dat wij geen goed frans spreken. Maar uiteindelijk krijgen we als
dank een lekkere vis waarvan we later smullen. Judith en Ralf hebben nog
chocoladepudding als toetje, mmmm.
De 3e dag zou het moelijkst worden
volgens de omschrijvingen. Veel zacht zand. s’Morgens eerst alle
losgetrilde bouten weer vastzetten, de tank vullen en op weg. Daar komt de
eerste echte zandduin. Wow, het ziet er mooi uit. Zoals je je de woestijn
eigenlijk voorsteld. Maar ook erg zacht. Eerst de route goed bekijken en
dan zonder kleerscheuren er doorheen gereden. Robert en Baraka zijn mijn
helden! Deze dag is weer zeer afwisselend met rotsachtig gebied en dan
weer zacht zand. We komen dicht langs de kust en door 2 piepkleine
dorpjes. Hordes kinderen vragen om een ‘cadeau’ en rennen achter ons aan.
Hier zijn ze volgens mij echt heel arm. M.n. de kinderen hebben amper iets
om aan te trekken. Langs de kust zien we weer veel soorten vogels en
krabben en vissen die uit het water springen. We vinden een plekje langs
de zee en gaan lekker zwemmen. Inmiddels is het gaan REGENEN. Het regent
te hard om nog buiten te zitten. Hmmm, regen in de sahara is wel het
laatste wat je verwacht.
Op de 4e dag wachten we totdat het eb wordt
om dan over het strand te rijden. We hebben uitgerekend aan de hand van
oude gegevens wanneer dat is. ‘s Middags om 4 uur gaan we rijden. Het
begin is best eng. Het strand is daar erg schuin maar later word het
beter. We zien links de zandduinen van de Sahara en rechts de
zee...?!?!?!? Heel apart en heel mooi. We rijden langs wat vissershutten
en zien weer pelikanen en grote krabben. Dan komen we een rotspartij op
het strand tegen. Linksom heeeel zacht zand en door het water is voor
Baraka geen optie, veel te hoog. Balen, nu moeten we over het land verder.
Een stukje terugrijden en de route op de GPS opgezocht. We vinden de weg
die naar Nouakchott leidt. Ze zijn ermee bezig. Voorlopig hobbel de bobbel
over de slechte weg ernaast rijden. Het wordt al laat en redden het
vandaag niet meer. Een plekje gezocht om te eten en slapen. Judith en Ralf
kruipen vroeg in bed maar wij spelen nog een spelletje. Wel in Baraka want
buiten waait het veel te hard!! De afgelopen dagen wisselend veel en
weinig wind gehad. De wind is meestal wel lekker want koel maar ook vaak
iets te hard. Het saharazand is dan ook echt overal te vinden, in Baraka
dus. Er valt niet tegenop te vegen en uit te kloppen. De volgende ochtend
de laatste 100 km. naar Nouakchott over een zeer slechte weg met gaten.
Dan weer hard dan weer zeer zacht zand. De weg is geribbeld en we schudden
en shaken onze ingewanden door elkaar. De laatste 30 km. gelukkig asfalt
en we eindigen in auberge Sahara. Een leuk, vriendelijk hostal. Deze dag
is het zeer heet. Het komt door de harmattanwind die vanuit het binnenland
waait. Normaal is het niet zo heet en benauwd, wordt ons verteld. Dus we
slapen buiten, boven op het terras onder een muskietennet. Heerlijk,
buiten slapen! Aan het begin van de avond zien we dan ook opeens de
sprinkhanen, waarover we hebben gehoord. Er komt een zwerm van miljoenen
sprinkhanen overvliegen. Overal waar je kijkt zie je sprinkhanen van zo’n
12 centimeter groot! In het hostal worden gauw de planten in de tuin
afgedekt met kleden. Het duurt lang (meer dan 1 uur) en dan zijn de
sprinkhanen weg. Ze zijn niet neergedaald en hebben vandaag weinig schade
toegebracht. Maar toch.... we zitten tussen de zee en de Sahara, wat doen
die beesten hier?
Hasta la pasta, M&R
Mon Sep 20 18:31:36 2004
mariska
nouakchott deel 2
Nouadhibou, Maurtanie 14 september 2004
In Layounne op 8 september
een werkplaats gevonden voor het laswerk. Na anderhalf uur was alles
klaar. Wij blij en zij blij (we hadden vast teveel betaald). Het was al
tegen 6-en en rond 7 uur wordt het donker dus snel op zoek naar een
slaapplek. Naar een klein dorpje bij het strand gereden en net buiten het
dorpje het strand opgereden. Het werd al schemerig en we reden
rechtstreeks los zand in en stonden uiteindelijk muurvast.... Maar wat
lucht uit de banden laten lopen en we konden weer verder, dat ook weer
eens meegemaakt! Vanwege veiligheid in Baraka geslapen. s’ Nachts hebben
er dan ook mensen aan de deur staan kloppen. Ik kon niet zien of het
politie was ofzo. Waarschijnlijk politie of mensen uit het dorp, om ons
een betere slaapplek aan te bieden maar we hadden daar geen zin in. Niet
geantwoord en toen gingen ze weer weg. De volgende ochtend de banden
opgepompt met de compressor, voor de eerste keer gebruikt. En... het werkt
goed. Weer de asfaltweg op richting Dakhla en Mauretanie. Veel kilometers
gemaakt door woestijnachtig gebied. Toch nog best afwisselend. Wel zand,
geen zand, rotsen, meer en minder planten, rood zand, grijs zand, geel
zand, wit zand, bruin zand. Rond een uurtje of 4 op zoek naar een
slaapplek. En er een gevonden bovenop een klif. Lekker rustig en uit het
zicht van de weg. Mooi uitzicht op het strand beneden. Het grootste deel
van de weg naar Mauretanie loopt op 60 tot 100 meter boven het strand. Dus
af en toe een blik op het strand werpen kan wel maar het is lastig om bij
het strand te komen. Op de kampeerplek haren gewassen, gelezen, lekker
rustig aan. Genoten van zelfgemaakte tajine. B&L bedankt voor de tip.
En voor de mensen thuis.... het is het lekkerste en makkelijkste recept
wat ik ken en jullie gaan daar nog vaak van meeeten als je bij ons komt
eten..... Toen lekker slapen en toen kwam de wind!!!!! Wow wat kan het
waaien zeg! Maar met name IN de tent klonk het erg heftig. Als je buiten
stond kon je zien dat Baraka en de tent geen last hadden van de wind. Maar
goed, oordoppen in en slapen maar. De volgende dag (10 September) weer
verder en s’middags een kampeerplek gezocht. Inmiddels reden we al een
heel stuk op zeenivau maar konden we nog steeds niet bij het strand
komen.... Totdat Robert besloot dan maar dwars over het zand richting
strand te rijden. “we hebben toch een 4x4”. Mariska twijfelde nog maar het
zou het beste, mooiste, rustigste kampeerplekje tot nu toe worden. We
kwamen uit op een stuk strand vlakbij een aangespoeld scheepwrak. Echt “
Blue Lagoon”, zonder plambomen. We zijn daar twee nachten gebleven en
hebben geen mens gezien. Wel vogels, krabben, het wrak, prachtige
“zeeschatten” (schelpen, skeletten van orka/ dolfijn/ hond, koraal e.d)
Lekkere strandwandeling gemaakt en gezwommen. Enne...bleek de
eerstvolgende dag, een lekke band opgelopen. Dus Robert plakken en dat was
ook de 1e keer en dat ging hem eigenlijk prima af. s’Avond een kampvuurtje
waarbij ik (mariska) meteen in slaap viel. Die ochtend hadden we er ook
nog een huisdier bij. s’Nachts was een muisje in onze emmer water gevallen
en die kon nog net verkleumd zijn koppie boven het water houden. De emmer
leeggegooid en de muis uit de wind gezet onder een lapje. Hij had het echt
heel koud en het heeft de hele dag geduurd voordat ie weer droog was.
Uitendelijk is-ie ‘m gepeerd. Het was heerlijk op deze plek maar na 2
nachten wilden we door naar Mauretanie.
Op 12 september zijn we de
grens overgestoken. Tot aan de grens was er een asfalt weg. Vanaf het
moment dat we de grens passeerden was de weg weg. Heel apart. De politie
en douane van Marokko en Mauretanie zijn gestationeerd in krotjes (nee,
dat overdrijf ik niet). Je gelooft je ogen niet als je de arremoedige
dingen ziet. Alles is vies en kapot. De formaliteiten verliepen vlot. Er
werd gevraagd om aanstekers en sokken. Maar als je die niet hebt is geen
probleem. Toen weer verder over de”weg” cq. piste. ‘Ja, die is heel
duidelijk hoor, hoe je moet rijden’ .... nou we zaten een aantal keer goed
fout. Een aantal splitsingen waarbij we niet precies wisten waarheen en
dan rij je ook nog tussen de mijnen en wil je dus geen fouten maken!
Uiteindelijk de weg gevonden. Er is een deel asfalt aangelegd maar dat is
nog niet af, zoals later bleek. Al met al duurde de tocht langer dan
gedacht en Robert wilde niet kamperen vanwege de mijnen. Uiteindelijk toch
in het donker gereden (we hadden onszelf belooft dat niet te doen) en
heelhuids aangekomen in Nouadhibou op de camping.
De volgende dag
geldzaken geregeld en toen konden we weer vers brood kopen enzo.
Uiteindelijk wilden we ook wel verse vis voor op de bbq. Nouadhibou heeft
een haven dus dat moest lukken. We konden het eerst niet vinden. Toen
vroegen we het aan een militair. Die overlegde weer met een vriend en toen
gingen ze ons brengen. Eerst lopen toen toch maar 1 minuut in de taxi.
Aangekomen bij de visverkoper ligt daar een enorme vis... Hoeveel willen
we, 1 kilo, 2 kilo?? “het is niet duur hoor!” En dat klopt, 1 kilo vis
voor 2 euro. Dus maar 1 kilo gekocht en op naar de bbq. Heerlijk die verse
vis. Ook nog onze nieuwe buren (overlanders) en de katten en hond van de
camping wat vis gegeven. Vandaag de auto klaargemaakt voor de tocht door
de woestijn en over het strand naar Nouachkchott. Daarna naar Cap Blanc
gereden omdat het daar heel mooi zou zijn. Dat was het ook maar het waaide
ook zo hard dat je bijna niets kon zien omdat het zand je in de ogen
waaide. Uiteindelijk een plekje uit de wind gevonden en daar met de
verrekijker naar vogels, zee en zeehonden turen. Op de kaap schijnen veel
zeehonden te zijn, we hebben er 1 gezien. Die was lekker visjes aan het
vangen in de zee. Terug naar de camping, tajine eten (mmm) en voorbereiden
op de gps-route die we morgen gaan rijden. Daarover later
meer..............
Maris en Robert
Mon Sep 20 18:29:45 2004
mariska
nouahchott deel 1
7 september 2004, onderweg naar Laayoune
In Casa, op 3 september,
het visum voor Mauretanie gehaald. Wat formuliertjes invullen, paspoort
inleveren en wat kopieen inleveren en 5 uur later konden we het visum
ophalen. Ondertussen wat praktische dingen in Casa gedaan en toen naar het
zuiden gereden. De avond ervoor op een hele vieze camping gestaan dus we
waren wel weer toe aan een nachtje wildkamperen. Na heel lang zoeken en
verdwalen een plekje gevonden. Het was echt nog net niet donker. Toen kwam
de gendarmerie langsrijden. Zij wilden niet dat we daar zouden blijven
staan. Het zou gevaarlijk zijn. Dus moesten we in het donker achter hen
aan rijden en werden we een paar kilometer verderop bij een familie
achtergelaten. Van wildkamperen of in ons eigen bed slapen was
(natuurlijk) geen sprake meer. De familie moest van de politie goed voor
ons zorgen en de Marokkaanse gastvrijheid schrijft thee, eten en binnen
logeren toe.
Het gezin bestond uit pa, ma, 5 kinderen en er kwamen ook
nog wat buren/familie kijken. De oudste dochter bleek goed Engels en Frans
te spreken en vond het leuk om dat te doen. Uiteindelijk vertrouwden pa en
ma ons genoeg om ons achter te laten bij de kinderen terwijl zij naar een
feestje gingen. De oudste dochter is 16 en zal in december gaan trouwen.
Ze vind het zelf erg spannend en vertelde er verlegen en giechelend over.
De ouders hadden het huwelijk geregeld. Na de trouwerij zal ze in
Casablanca gaan wonen en haar man is meubelmaker. Ze heeft hem 1 of enkele
keren gezien toen hij op bezoek was. Ik ben helaas vergeten te vragen hoe
oud hij was. Ze vond haar school heel leuk en haar favouriete vakken waren
Frans en Engels. Met school moest ze stoppen vanwege het huwelijk. Ze keek
erg uit naar de bruiloft. De volgende ochtend kunnen genieten van een
warme douche. Natuurlijk nog uitgenodigd voor lunch en nog een dag blijven
maar dat hebben we kunnen afslaan.
Die dag een flink stuk gereden naar
Essouiera een plaatsje in zuidelijk Marokko. Daar een goede camping
gevonden met schone wc’s en douche om 2 nachten te blijven. Even rusten
van het rijden, de was doen enzo. Blijkt dat dit plaatsje (aan het strand)
echt een touristenplaats is. Voor Europeanen en Marokkanen. Straten vol
souveniers en mooie restaurants. Dat hadden we tot nog toe nog niet
gezien. De hele sfeer was anders. Geen Salaam Aleikum maar bonjour en
hello. Ook geen handen schudden in winkels of als je mensen ontmoet. En de
prijzen waren ook hoger. Heel apart om te beseffen dat wij bijna alleen op
plaatsen waren geweest die niet ingesteld zijn op touristen. Daar hebben
het gewone leven van Marokko gezien. De souveniers die verkocht werden
waren heel mooi maar hebben wij in Marokko nog nergens anders gezien. Niet
bij mensen thuis noch in restaurants of op straat. We hebben ( nog) niks
gekocht omdat we het niet mee willen sjouwen alle maanden. Misschien op de
terugweg een mooi kleed???
Van Essaouira doorgereden naar Tiznit, de
weg was goed dus veel kilometers gemaakt. We willen nu ook wel eens naar
Mauretanie en de rest van Afrika. In Tiznit ‘s avonds het dorpje in
gelopen, een leuk klein gezellig plaatsje. 6 september door naar TanTan
alwaar we gingen proberen een vriend van Bart en Linda te bezoeken om hem
een brief te brengen. Van B&L hadden we het waypoint gekregen. Het was
zoeken en uiteindelijk aan iemand geraagd of hij het wist. Het was een
man, gekleed als militair. Maar of-ie dat ook was??? Die kleedde zich om
in t-shirt en korte broek en reed met ons mee om te zoeken. Uiteindelijk
hadden we Mustapha gevonden. Hij woont 3 maanden per jaar in een piepklein
huisje aan het strand om te vissen. We hebben daar de nacht doorgebracht
en vandaag zijn we op weg naar Laayoune over een nog steeds goede
geasfalteerde weg. Daar willen we iets laten lassen aan de auto en ook
Mauretanie komt steeds dichterbij:-) Iedereen rijdt in dit gebied
LandRover. Baraka rijdt perfect en lijkt er zin in te hebben om weer naar
Afrika te gaan. We zijn heel blij met de autoradio en luisteren naar
lekkere muziek en we zijn ook heel blij met elkaar! We zijn dan ook enorm
getrouwd en helaas, helaas kinderloos (Inshallah, “als god het wil” komen
ze nog, horen we dan). Nog wat belangrijke momenten.... de dropjes zijn
op! Maar we hebben nog Haagse hopjes (van Gertjan)en wat snoepjes,
gekregen van Kitty. De eerste kamelen zijn gesignaleerd. Al noemen wij ze
in Nederland dromedarissen want ze hebben maar 1 bult.
Salut, M&R
Sun Sep 5 18:30:00 2004
mariska
Essaouiera - marokko
2 september 2004, Tamarin
We zijn uiteindelijk een tweetal
dagen op de camping bij Bab Boudier blijven staan. Robert kon dan wat
dingen aan Baraka doen, ik de was en uitrusten. Siesta houden, wat lezen
en veel gebaren met Younnes. Op zondag zouden we vertrekken maar er was
s’ochtends vroeg markt. Blijkbaar had Younnes mij (mariska) dat de avond
tevoren geprobeerd uit te leggen, maar dat had ik toch niet helemaal
begrepen. Younnes stond mij dus om 6.30 op te wachten om naar de markt te
gaan. Hij regelde alles. Wat wil je hebben... pepers, komkommers, tomaten.
Aan halve kilo’s deden ze niet (eigenlijk ook logisch, het was
spotgoedkoop) dus met een tas vol groenten kwam ik aan bij de tent waar
Robert net uit bed kroop. Melk hadden we niet kunnen vinden maar even
later kwam Younnes er toch mee aan. De Marokkaanse behulppzaamheid ten
top! Dus lekker ontbeten met vers Marokkaans brood, gebakken ei en koude
melk. Wat een luxe.
Afscheid genomen van de familie Khalid en toen
naar grotten in de buurt. Even cultureel doen en een grotje bekijken,
dachten we. Oke, met vette zaklamp de grot in...... en toen begon het.
Binnen 5 minuten waren we echt smerig van de modder. We moesten door nauwe
doorgangen kruipen en het was behoorlijk glibberig. Volgens mij best link
en ik vroeg mij af of de verzekering zou betalen als ik uitgleed en iets
brak. Uitgegleden zeker maar gelukkig ging dat niet verkeerd. Het klimmen
en klauteren was nog spectaculairder dan de behoorlijk grote
stalagmieten/tieten e.d. Maar veel was beschadigd en afgebroken. Kompleet
onder de bagger kwamen we weer buiten..... In de auto omgekleed en na een
drankje op het terras doorgereden naar Guercif (Noord-west Marokko). We
wilden gaan wildkamperen maar omdat het al wat laat was en we een camping
tegenkwamen toch maar naar de camping. Ook wel lekker om even goed te
douchen. Onszelf ook nog verwend met kip met friet in een restaurant! Toen
weer doodmoe het bed in.
De volgende ochtend van plan naar het
zuiden te rijden en wild te kamperen:-).
De weg naar het zuiden was
prachtig en lekker vlak. We hebben veel in de bergen gereden en plat is
ook wel eens leuk. Heel woestijnachtig en heel mooi. Ook heel rustig ook
al was de weg wat smal. Hele mooie uitzichten op het Atlasgebergte. Veel
foto’s gemaakt. Aangekomen in een klein dorpje, Fritissa, gingen we wat
drinken. We werden door een vrouw uitgenodigd in haar huisje. Leuk dachten
we. Haar man maakte de kamer in orde. Kleedje op de grond, thee gezet,
ramen open, stoeltjes erbij enz. Toen vroeg de man of we wilden blijven
slapen en misschien wat van de omgeving zien. Eerst twijfelden we, toen
dachten we waarom niet. Zo’n klein dorpje, leuk!
Af en toe neem je op
reis wel eens een beslissing waarvan je al snel spijt hebt, juist!
Uiteindelijk met de man in de auto op weg naar een klein
dorpje.... niet dus. We komen uit in een kleine, vervallen stad, Ouat el
Hadj. We gaan daar bij vrienden slapen, zegt hij. Vervolgens lopen we met
hem het hele centrum rond: “kijk eens wat ik bij me heb, mijn vrienden uit
Nederland, ze spreken Frans en Arabisch” Naar de gemeente om ons te melden
en via de politie. Dan naar zijn vriend. Later op de avond gaan we daar
ook eten en kijken met de hele familie een arabische soap. Echt heel
serieus. We verstaan er geen bal van maar kunnen het gemakkelijk volgen!
De man doet zijn best om ons in sneltreinvaart Frans en Arabisch te leren.
We moeten steeds dingen herhalen. Hij wil ook ons adres en dat wij hem
brieven sturen. Hij verteld dat hij wel eens eerder een Fransman op bezoek
heeft gehad en dat-ie hem nooit heeft geschreven. Hij heeft hem toen
opgebeld (oh shit, dus wij geven hem ons oude huisadres). Ik neem me voor
om hem dan in ieder geval 1x te schrijven en foto’s te sturen die ik heb
gemaakt van zijn kinderen. Dan is het tijd om te slapen en we mogen in een
kamertje op dekens op de grond liggen. De volgende dag nemen we afscheid,
we geven hem wat kadootjes. Het liefste wil hij wel mee naar
Nederland......
Een hele ervaring rijker vertrekken we weer. We
rijden weer door prachtig landschap. Langzaamaan veranderd het van
woestijnachtig in wat heuvelachtig en uiteindelijk een beetje bossig. We
rijden in de midden-atlas. We vinden op aanraden van de Footprint een
heeeel klein weggetje richting Kerrouchen en daar vinden we een perfecte
kampeerplaats, lekker met zijn 2-en. (Bart en Linda: vergeten een waypoint
te maken)
Daar lekker gekampeerd en de volgende dag vervolgen we
dit weggetje en het wordt steeds mooier en mooier. Donker rood/roze bergen
met felgroene planten ertegenaan. Kleine lemen huisjes. In dezelfde kleur
als de berg, soms zie je ze niet meteen. Echt supermooi en we genieten!!
Ook weer veel foto’s gemaakt. Dit was toch wel het mooiste wat we tot nu
toe in Marokko hebben gezien. De weg brengt ons naar een dorpje: El Kebab.
Een mooi dorpje en daar eten we ook zoiets als kebab. We lopen een klein
eethuisje binnen en willen gaan zitten. Maar nee, we moeten in de mooie
zaal zitten met een ventilator, maar wel alleen..... Dat is typisch
Marokko, ze willen je altijd het beste geven. Daar laten we ons heerlijke
kebab (o.i.d) voorzetten. De dag kan niet meer stuk! Verder over de mooie
weg. Uieindelijk hield die op, jammer en we rijden naar El Ksiba om daar
op een kamping te staan. Geen mogelijkheid tot wild kamperen, helaas. De
volgende dag naar Casablanca gereden. Dit voornamelijk over redelijk grote
wegen en een stukje snelweg.
We gaan binnenkort richting
Mauretanie rijden (zodra we het visum hebben). De volgende keer weer
meer.......
Mariska en Robert
ps: visum voor Mauretanie is
binnen.....
Mon Aug 30 22:06:40 2004
mariska
Bab Boudier
28 augustus 2004, Bab Boudier
Vanaf onze kampeerplek de
volgende dag het kleine weggetje vervolgd. Uiteindelijk weer bij het meer
uitgekomen, vanaf een andere kant konden we er wel zo bij. Doorgereden
naar Tazza toen waren we moe en het rijden (in de hitte) zat en hebben een
camping opgezocht in die buurt. Dus we zitten op de “camping” in Bab
Boudier. Camping is een groot woord. Er staat een hek om een stuk grond
heen en er is een wc (VIES!!!) en er is water. Iedereen mag op het terrein
komen en water halen. Net buiten het terrein staan ook tentjes.
Waarschijnlijk hoeven zij niet te betalen maar kunnen ze wel gebruik maken
van de “voorzieningen”. De douche is koud en gesloten, maar kon
uiteindelijk toch wel even open voor ons. De douche was ook erg vies en
vol met kikkers, maar wel errug lekker om even af te spoelen. Kosten
camping? 2 euro per dag.
Voordat we naar de camping gingen even
een fanta gedronken in het enige winkeltje dat dit dorpje rijk is en daar
zat een dove jongen. Even getwijfeld en hem toen aangesproken. In het
begin ging het wat moeizaam maar de Arabische gebarentaal zit me al aardig
in de vingers en we kunnen al goed communiceren. Hij blijkt met zijn
familie op de camping te zitten en al gauw genieten we weer van de
Marokkaanse gastvrijheid. Thee drinken, tajine en couscous eten. We
communiceren in Engels, Duits, Arabisch/ Marokkaans, Frans en gebaren!!!
De familie kan ook redelijk gebaren en zo kunnen we met elkaar spreken
wanneer we er in gesproken taal niet uitkomen. Soms vertaal ik van
Arabische gebaren naar Nederlands voor Robert! Heel bijzonder.
Adressen uitgewisseld en wie weet bezoeken wij ze nog op de terugweg.
Ondertussen verblijven we nu al 2 dagen hier en kunnen even bijkomen van
het rijden, opruimen, kleren wassen en de auto onderhouden. De familie
Khalil vind ons maar druk, druk en brengt ons af en toe een kopje thee.
Gisterenavond hen bij ons uitgenodigd voor een kopje zwarte thee met veel
suiker!!
Verder is er op deze camping een kinderkamp met allerlei
activiteiten en verkleedpartijen. We hebben naar een scetch over een
trouwerij gekeken met allerlei optredens van de kinderen en leiding.
.......................................................
Inmiddels zitten we in Outat el Hadj op weg naar het zuiden. De
rest van het campingverhaal en onze aankomende verhalen komen later......
Iedereen bedankt voor alle leuke berichten. verhalen over thuis.
lieve woorden in het gastenboek of op de mail: We lezen ze graag!
Daarnaast iedereen bedankt voor de giften voor ons project. We
hebben nu genoeg voor 1 groentetuin maar we sparen door voor een volgend
project!!!!! De rekening blijft geopend tot we terug zijn in Nederland
Groetjes en liefs en knuffels van Robert en Mariska
Mon Aug 30 21:59:32 2004
mariska
Tissa
Ergens in Marokko in de buurt van Tissa, 25 augustus 2004
We
zitten in the ‘middle of knoware’, op een heuvel en het WAAIT!!! Maar dat
heeft zo zijn nadelen en zijn voordelen. De wind is warm en koelt ons niet
echt af. Maar wanneer je een doek natmaakt en om een warme fles water
wikkelt en je zet die in de wind... dan is je water heel snel een stuk
koeler. Dat is heel prettig omdat het nu in het gebied waar wij zitten,
snikheet is. Het schijnt abnormaal warm te zijn i.v.m bosbranden. De
warmte blijft tussen de bergen hangn en het koelt ‘s nachts dus nauwelijks
af. Hierdoor wordt ons water echt warm. Je kunt er mee douchen of de
handwas doen. Wij moeten veeeeeeel water drinken en liever koel water dan
warm.....
Vrijdag 20 aug. gingen we dan naar Marokko.
Donderdagmiddag was de ruit er (1 uurtje te laat, maar ja) en die werd er
rap ingezet. Daarna richting Algeciras gereden en onderweg een plekje om
te kamperen gezocht. Een mooi plekje gevonden en de volgende ochtend
richting boot. De overtocht verliep vlot. Bij de douane langs
verschillende loketjes voor de vereiste stempels. We werden een beetje
geholpen door een Fransman. Van Spaans naar Frans overschakelen viel nog
niet mee. Bij de laatste check (autocontrole op verboden middelen) een
klein probleempje. We hadden de kaart van Afrika op de auto gschilderd en
daarbij een stippeltjesgrens bij de Westelijke Sahara gemaakt.
Tegenwoordig hoort dit ongeveer wel bij Marokko. We moesten het ter
plaatse veranderen. Verf gepakt en de douanier nam zelf de kwast ter hand
zodat het ten minste goed gedaan werd. Toen wilden ze nog van alles erop
schilderen. Nadat we hadden uitgelegd dat de kaart nog niet af was mochten
we gaan. Helaas mochten we er geen foto van maken. Op naar Tetouan....
Daar zouden we iemand opzoeken. We wisten of hij er nog zou zijn
omdat we later dan verwacht naar Marokko gingen. In Tetouan de auto
geparkeerd en naar het centrum gelopen. Even wennen.. vreemde gezichten,
talen en gebouwen.... Geld gehaald en toen Mustapha gebeld. Wat bleek....
hij was nog in Marokko.
We werden meteen opgehaald en hij vond het
heel leuk dat we waren gekomen, wij ook. De halve stad was afgezet omdat
de koning in de stad was. Nadat we wat hadden rondgelopen, gegeten en
gedronken hadden zijn we naar zijn huis gegaan om te douchen en wat uit te
rusten. Daar kwamen we erachter dat het in Marokko 2 uur vroeger was dan
in Spanje. Wij gingen ervanuit bijna te gaan slapen maar de avond moest
nog beginnen! Eten en drinken (geen alcohol maar frisdrank, thee, koffie)
en Hassan, een vriend, ontmoeten. Noord-marokkanen spreken vaak ook Spaans
dus dat was makkelijker communiceren. Heel gezellig en ook heel laat lagen
we in bed. Maar dat blijkt een vast ritme te zijn.... rond een uurtje of
acht wat kleins eten en daarna rond 1 uur nog eens uitgebreid eten! Daarna
nog wat drinken of een ijsje.
Al snel bleek hoe ver de gastvrijheid
gaat. 3 dagen lag zijn we verwend en hebben van alles gezien en gedaan. We
hebben ook Arabisch en Marokaans geoefend en daar hebben we nog steeds
veel aan. We hebben ook veel Marokkaans eten geproefd. Vis, ontbijt,
vlees, koffie e.d
De 2e dag hebben we lekker uitgeslapen. Na het
ontbijt in een cafeetje zijn we bij de oom van Mus op bezoek gegaan en
zijn daar in Martil, naar het strand geweest. Lekker geluierd en in de zee
gezwommen. ‘s Middags werden we uitgenodigd om bij die oom te eten. Heel
lekker eten. De dames/meisjes zaten bij elkaar op het terras en de mannen
/jongens en ik aten binnen.
In Tetouan zie je veel vrouwen op
straat. De een helemaal gesluierd (niet veel), veel met een hoofddoek en
af en toe zonder. Veel varianten dus. De mannen lopen soms in zo’n soort
jurk met slofjes aan. Veel mensen dragen slippers. Op het strand zie je
ook alles. Vrouwen in bikini en vrouwen die geheel gekleed met hoofddoek
op gaan zwemmen.
Na het strand even douchen en omkleden en toen
naar de Medina (soort markt). Daar wat rondgelopen en wat inkopen gedaan.
Linda en Bart: de tajine is binnen! Wel gemakkelijk met iemand die de weg
en de prijzen kent. Mustapha heeft ook een digicamera en er werden dan ook
vele foto’s genomen, zie website... Robert heeft nu Marokkaanse slippers,
het olielampje een nieuw lontje, wij Marokkaanse nootjes. Daarna naar de
Souk (een soort overdekte markt met spullen). Daar hebben Hassan en
Brahim, vrienden van Mus, winkeltjes. Hassan heeft een muziekwinkeltje,
heel klein. We hebben een bandje met Algerijnse muziek gekregen.
Daarna wat kleins eten (chocoladetaartje voor mij, mmm). S’avonds
nog gegeten met vrienden van Mus en laat naar bed. Zondag 22 augustus na
het ontbijt een binnenspiegel regelen bij een vriend van Mus. Eigenlijk
was het winkeltje dicht, maar dat was geen probleem. Daarna in de BMW wat
rondrijden. De berg op en van bovenaf Tetouan bekijken. Daar ergens thee
gedronken en een spelletje Mens-erger-je-niet op zijn Marokkaans gedaan.
Marokkanen tegen de Nederlanders, wij wonnen!!!! Nog verder over een
kleine weg naar een strandje gereden en toen werd het donker, terug naar
Tetouan. Tussendoor ook nog heerlijke vis gegeten. S’avonds bijtijds naar
bed, de volgende dag zouden we vertrekken.
Maandag 23 aug.
afscheid genomen van Mus, na 3 heerlijke dagen. We zijn echt verwend. Op
weg naar Chaouen. Daar in de omgeving gekampeerd en dan op weg naar Al
Hoceima. In dat gebied word veel hasj verbouwd en verkocht. Allerlei
toeren worden uitgehaald om ons hasj te verkopen, echt levensgevaarlijk.
We werden kilometers achterna gereden. Heel vervelend. We konden nergens
stoppen zonder lastig gevallen te worden. We konden geen camping vinden en
durfden er niet zomaar te kamperen. Daarom besloten Al Hoceima over te
slaan en snel naar het zuiden, richting Fez te rijden. Gelukkig was het de
volgende dag voorbij en konden we overal rustig stoppen. In een dorpje
inkopen gedaan en we vonden een schone douche voor 70 eurocent p.p. Het
was al een aantal dagen heeeel warm en we zweten ons rot. Dus een douche
maakte ons erg gelukkig. Doorgereden richting Tissa richting een
(stuw)meer. Daar aamgekomen staat er een hek en blijken we er niet in te
mogen. Op zoek naar een plekje langs de rivier komen we een Marokkaans
gezin tegen dat aan het picknicken is. We worden uitgenodigd couscous te
komen eten (die later op blijkt). Twee jongens spreken Frans de rest
(opa,oma, kinderen) Marokkaans. Wij daar naartoe, de vrouwen giechelen en
met ons talenboekje, in ons beste Marokkaans en Frans gepraat. Een van de
jongens wil wel met een Nederlandse vrouw trouwen en of ik er niet een
voor hem kan zoeken:-) Na een paar uurtjes afscheid genomen en weer
verder. Robert nam spontaan een heeeel klein weggetje, wat niet op de
kaart stond.... maar vrij snel een mooie kampeerplek gevonden. Helaas
moesten we daar weg van een geitenhoeder, al werd ons niet duidelijk
waarom. Nu staan we dus met een prachtig uitzicht bovenop een heuvel, en
het waait heel hard. Doorrijden kan niet want is wordt al donker.
Thu Aug 19 14:28:23 2004
mariska
Chipiano
Chipiona- Spanje, 18 augustus 2004
Afgelopen dinsdag naar
Car-glass gegaan voor een nieuwe autoruit (was al stuk toen we weggingen).
Er zou een nieuwe klaarliggen. Wij vroeg opgestaan om op tijd bij
Carr-glass te zijn. Daar aangekomen moesten we wachten op de chef. Wat
bleek: er was nog geen ruit binnen. Hij ging bellen. De ruit zou nog
komen. We moesten maar om 4 uur terugkomen (na de siesta). Om half 5
stonden we weer voor de deur. Nog geen ruit. Wel weer mijn Spaans
opgefrist en een nieuw woord geleerd: parabrisas – autoruit.
Om half 7
kwam de lading, waarop zij zaten te wachten, binnen. Hij had er al een
aantal keer voor gebeld en onze ruit zou er zeker bijzitten. Je voelt ‘m
al aankomen... niet dus. Weer bellen en wat bleek: de ruit stong nog
steeds in het depot in Barcelona! Terwijl de opdracht voor het transport
al 1 week geleden was gegeven!!! Wij balen want we wilden woensdag naar
Marokko.... eindelijk op het continent Afrika, zijn. Het enige wat we
kunnen doen is wachten tot donderdagmiddag. Om 6 uur zal de ruit er
hopenlijk in zitten. Daarna zullen we richting Algeciras rijden en
onderweg wild kamperen. Hopenlijk kunnen we dan vrijdagochtend met de boot
naar Marokko.... wordt vervolgd.
Van 5 augustus, ons vertrek:
uitgezwaaid door Kitty en Nico (bedankt!!!) tot nu zijn er zo’n 2 weken
verstreken. In die 2 weken hebben we voornamelijk veel gereden en de
mogelijkheden van Baraka (qua snelheid) leren kennen. Het gaat iets
langzamer dan verwacht maar dat komt ook doordat we in het begin geen
peages wilden rijden. De b-wegen zijn ook heel mooi en gratis en Baraka
kan toch niet zo snel, was ons idee. Daar zijn we van teruggekomen. Zeker
in Frankrijk na de zoveelste rotonde binnen 2 kilometer en het honderdste
dorpje (waar je dus maar 50 mag rijden) waren we het zat. Vanaf
zuid-frankrijk zijn we dus meer over de snelweg en af en toe peages gaan
rijden. Niet dat die tolwegen nou zo lekker zijn.... op 1 dag 128 km.
rijden in 5 uur....dat kwam dus door heftige files op de peage in
Frankrijk en we konden er niet af!!!!
Maar goed....haastige spoed
enzo......
We hebben ook een aantal dagen lekker op de (familie)
campings doorgebracht. Eerst bij echte familie: mijn (mariska’s ouders).
Het was erg gezellig. Lekker luxe met een heerlijk zwembad. We konden
lekker afkoelen, luieren, spelletjes doen met Winnie en Liesbeth en Baraka
wat opruimen. Hoe goed je zo’n reis voorbereid, uiteindelijk hebben we
toch het een en ander achterin Baraka gegooid en gedacht “dat ruimen we
onderweg wel op”. Nu twee weken later kunnen we zeggen dat alles een
plekje heeft gevonden. Soms wordt er nog iets verplaatst “dat is toch
handiger in een ander kastje, vind je niet?” en altijd, altijd blijft er 1
ding over. Hoe je ook opruimt en weggooit! Verder hebben we op de campings
veel bekijks. Kijken, kijken en onze auto uitgebreid bespreken, lachen!!!
Ook de zijkant van Baraka is aan veranderingen onderhevig. De kaart van
Nederland naar west-afrika is al een heel eind af. Wanneer die klaar is
maken we een foto en zetten die tzt op de website.(nou, ja Ko dan)
Het wild kamperen gaat ook al lekker. Noodgedwongen, de 1e keer,
omdat er in bepaalde delen van Spanje geen campings te vinden zijn. Het
vinden van een plekje is ook meestal niet zo 1-2-3 gedaan. Maar... zeker
de moeite waard! Lekker met zijn 2-en, omringd door akkers en in de
stilte. ‘s avonds een prachtige sterrenhemel (en af en toe bezoek van
schapen en hoeders). Wedstrijdje: wie ziet het “steelpannetje” het eerste?
Het is ook gemakkelijk. Als je een geschikte plek hebt gevonden, schakel
je de motor uit en de stilte komt je tegemoet. Dan doe je de achterdeuren
open en haalt de tafel en stoelen uit de auto. Meestal is het tijd om te
eten dus plankje uitklappen, gasstelletje erop zetten en koken maar!
Verder hebben zijn we het een en ander kwijtgeraakt: tandenborstel
(later weer teruggevonden), bord (is blijven staan op een camping met
wespenplaag), shampoo, slippers (nieuwe gekocht maar toch jammer) ons
humeur maar ook dat is elke keer weer goed gekomen (soms zijn we een
beetje moe). Al met al hebben we het saampjes heel gezellig en leuk en
zien het helemaal zitten, 6 maanden. Lekker met zijn 2-en rijden en
kamperen en tuttelen aan Baraka, alles een plekje geven en handige
oplossingen bedenken voor als het niet in een kastje past. Roberts
boormachine (a la Mc Guyver, aangesloten op de acccu, via de
sigarettenaansteker) heeft zijn diensten al meerdere malen bewezen.
Enfin, we hopen dat morgen alles loopt zoals bedacht (dat is tot
nu toe meestal niet zo) en dan hopenlijk vrijdag naar Marokko, we hebben
er enorm zin in. Wachtend bij Car-glass geprobeerd wat Arabische woorden
te onthouden. Inshallah, als god het wil, zijn we vrijdag in Marokko.
M&R
Tue Aug 17 14:25:00 2004
Robert
Jerez de la Frontera
Hoi allemaal,
Het gaat prima met ons en Baraka. Tussen alle
hitte door 2 dagen aan de zee in zuid Spanje afgekoeld. Nog 1 dag en dan
zullen we de oversteek naar Marokko maken! Best af en toe even wennen,
vooral wannneer je voor de 1e keer wil wildkamperen als er geen campings
meer te vinden zijn. Maar des te mooier, ook al kost het soms een extra
uurtje om een mooi plekje te vinden. En dan denk je rustig en alleen te
staan onder een mooie sterrenhemel, hoor je in de verte bellen die dichter
en dichterbij komen... dat is dan een schaapsherder met 1300 schapen die
´s nachts op pad is omdat het overdag te heet is om met schapen te lopen.
(die 1300 is geen typefoutje). Glaasje wijn meegedronken en dan weer
verder achter zijn schapen aan.
Voor iedereen die onze route tot
nu toe wil weten.... tot nu toe ca. 2500 km (op onze teller, die iets
afwijkt van de werkelijkheid). Utrecht, Maastricht, Luik, Luxemburg,
Pleuvezain, Lyon, omgeving Montpellier, Figueras, Madrid, Zaragoza, Jerez,
... en dan nu op naar Algeciras voor de boot naar Marokko... wordt
vervolgd.
Groetjes, Robert en Mariska
Wed Aug 11 12:49:50 2004
Mariska
Spanje
Hallo, even een kort berichtje. we zitten in Figueras in Spanje. zijn
net naar het museum van Dali geweest. Alles gaat goed. We rijden morgen
door richtig Madrid! Iedereen bedankt voor de felicitaties voor Robert.
Hasta la Pasta!!
Wed Aug 4 13:14:50 2004
hakuna baraka
vertrek
we vertrekken donderdagochtend om 6 uur!
Tue Aug 3 19:12:25 2004
maris en robert
reisroute
de poste restante draseen zijn niet goed overgekomen, nog een keer:
ZANTEN, van Mariska
poste restante
PTT
Dakar
Senegal
Zo moet je dat bij alle landen doen.
Tue Aug 3 19:07:48 2004
mariska en robert
"reisschema"
Dit is ons reisschema zoals we ongeveer denken te gaan reizen. Het is
natuurlijk aan veranderingen onderhevig. Check de website.We zijn zeker
van de data in Dakar en in Bobo Dioulasso.
Als je het leuk vind
kun je post sturen naar ons maar denk eraan dat het 2 tot 3 weken duurt
voordat het aankomt. Schrijf eerst onze achternaam in hoofdletters en
onderstreep die ook, bijvoorbeeld naar Senegal:
ZANTEN, van
Mariska Poste Restante PTT Dakar Senegal
naar Mali: Burkina Faso
of Burkina faso Poste Restante Poste Restante Poste Restante PTT PTT PTT
Bamako Ouagadougou Bobo Dioulasso Mali Burkina Faso Burkina Faso
naar Marokko Poste restante PTT centrale naam v.d stad Marocco
Datum: Tot wanneer: Plaats:
4 aug 2004 (vertrek) Utrecht
6 augustus 2004 tot 8 augustus 2004 Frankrijk (ouders maris)
12 augustus 2004 La Ceuta - Marokko
12 augustus 2004 tot
13 augustus 2004 Tetouan- Marokko
30 augustus 2004 tot 10
september 2004 Mauretanie
10 september 2004 tot 14 september 2004
Dakar - Senegal
14 september 2004 tot 1 oktober 2004 Senegal
1 oktober 2004 tot 4 oktober 2004 Bamako-Mali
4 oktober 2004
tot 17 oktober 2004 Mali
17 oktober 2004 tot 10 november 2004
Burkina Faso - Bobo Dioulasso
10 november 2004 tot 24 november
2004 Ghana
24 november 2004 tot 7 december 2004 Burkina Faso-
Ouagadougou
7 december 2004 tot 31 december 2004 Mali
2
januari 2005 tot 9 januari 2005 Mauretanie
9 januari 2005 tot 23
januari 2005 Marokko
23 januari 2005 tot 31 januari 2005 Europa
Sun Aug 1 18:12:38 2004
mariska
communicatie
Vanaf 5 augustus zal ons huisnummer (030 2433910) vervallen. Streep
maar definitief door in je agenda's want als we terug zijn zullen we een
nieuw nummer krijgen. Mijn mobiel gaat NIET mee. Dus daarop kun je mij
vanaf de 5e ook niet meer op bereiken (wel als we weer terug zijn). Onze
computer gaat dinsdagavond 3 augustus weg. Dan kunnen we thuis niet meer
internetten en zullen de komende maanden aangewezen zijn op
internetcafe's. We zullen dus dinsdag rond 5 uur de laatste berichten
lezen en dan ...... wie weet wanneer we weer internetten.
Sat Jul 31 17:49:41 2004
mariska
we tellen af....
Hallo allemaal, we tellen de dagen af... al gaat het vanzelf, we hebben
het druk zat maar... zitten op schema!! Dus we vertrekken a.s. woensdag op
donderdagnacht.
Wat betreft de (reis)verslagen. Wanneer mogelijk
zullen we er foto's bijzetten. Foto's van de borrel komen eraan. Wanneer
onze webmaster van vakantie terug is zal hij ze plaatsen.
Verder
hebben we onlangs terrein gereden. Best moeilijk, grote heuvels, modder of
juist los zand. Ook hiervan zullen er binnenkort wat foto's te zien zijn.
Robert heeft afgelopen donderdag afscheid genomen op zijn werk.
Zoals jullie weten heeft hij daar ontslag genomen. Aan het eind van de
middag was er een borrel en heeft hij nog wat mooie woorden en kadootjes
ontvangen en toen... naar huis. Vanaf nu zullen we de komende maanden zo'n
beetje elke dag samen zijn, wow!
Nu we thuis zijn zijn we bezig
met de laatste voorbereidingen. Gereedschap uitzoeken, papierwerk op orde
brengen, bandjes met muziek samenstellen, enzovoorts.
De
inzameling voor 'ons' project loopt heel goed. Maar blijf vooral storten
want dan kunnen we alleen maar meer projecten steunen. Let op!Ook tijdens
de reis kun je geld op de rekening storten. Iedereen alvast bedankt!
We voelen ons prima en hebben er enorm zin in!!!!
salut!
Mon Jul 26 10:28:02 2004
mariska
krantenartikel
Voor degenen die in Utrecht wonen en het krantje "ons Utrecht" kunnen
ontvangen:
op 4 augustus komt er een artikel over onze reis en
over het project in het krantje! we zijn gisteren geinterviewd.
Groetjes Maris en Robert
Tue Jul 20 23:27:34 2004
mariska
ASAP project: groentetuin
Graag willen we jullie laten weten dat de eerste donaties binnen zijn.
Tue Jul 20 10:04:57 2004
mariska
borrel
Zondag was de borrel. Open huis voor degenen die het huis nog niet
hadden gezien en Baraka was even terug uit de garage. Robert heeft meteen
onze nieuwe autoradio en "nieuwe" boxen ingezet. De muziek schalt nu in
het rond. Ook als we rijden kunnen we nu muziek luisteren. Meteen onze
koelkast uitgeprobeerd op de sigarettenaansteker. Werkt heel goed (in
Nederland). Hij kan tot 20 graden onder de buitentemperatuur koelen.
Vinden we vast heel fijn, af en toe. We hebben leuke, grappige kadootjes
gekregen en veel gelukwensen. Vreemd om te bedenken dat we sommigen nu
echt lang niet zien. Maar bijna iedereen nam afscheid met de woorden: we
bellen nog wel. Wendy bedankt voor je stemmige muziek,nemen we zeker mee.
Joke ik ga nu nog meer mijn best doen om een dovenschool te bezoeken!
Ruth: ik ga binnenkort nog lekker wat boeken aanschaffen. Irene de
plastuit is nog niet gebruikt maar binnenkort....
Alle wijnen die we
hebben gekregen: heerlijk!!! We zullen ervan genieten. Las net dat in
Mauretanie alcohol verboden is. Woensdag gaan we onderdelen en gereedschap
kopen en dan is bijna alles geregeld. Nou ja, alleen het huis dan nog. De
studenten die erin zouden komen, komen niet. Dus we moeten nu snel wat
anders bedenken. Eigenlijk moeten we ook nog proefinpakken. Kijken wat er
mee moet / kan en achterblijft. Ben benieuwd.
We hebben op de valreep
nog besloten een ander meeladres te gebruiken in Afrika:
africa@altern.org
Dus stuur al je berichten voortaan daar naartoe.
Verder is onze webmaster op vakantie dus foto's van de borrel volgen later
(Dennis nog bedankt!)
Groeten
Thu Jul 15 11:03:38 2004
mariska
Utrecht
Hoi wen, nee, we hebben cassettedeck!!! Ik denk dat cd's te erg
overslaan! Grezzz, mir en mar
Tue Jul 13 11:22:33 2004
mariska
Utrecht
Hallo allemaal, deze week zullen we de website definitief afmaken.
Teksten corrigeren, lay-out, goede kaarten erop e.d. Dus neem nog eens een
kijkje. Verder hopen we jullie naturlijk a.s. zondag (18 juli) te zien op
onze afscheidsborrel!! vanaf 15.00 uur. Sarah heeft inmiddels een
logeerplek gevonden, dus dat is een hele zorg minder. De voorbereidingen
lopen maar door. Als het goed is zijn die over ongeveer 21 dagen klaar en
kunnen we gaan.
Dan nog een berichtje voor Mirjam.......... !!!!!
GEFELICITEERD met je rijbewijs.
Echt goed gedaan in 1 keer!!
Tot
zondag?! Mariska
Sun Jul 4 12:51:59 2004
mariska
mariskamail@yahoo.com
Hoi Mam, is het gelukt met de website? Vast wel dan kun je dit nu
lezen. Hele fijne vakantie, rij voorzichtig en we zien jullie in
Frankrijk. Kusjes voor Winnie en groetjes aan Ben. Ben succes met de
gitaar (of blijft-ie thuis?)
Mariska
Sun Jul 4 12:50:14 2004
mariska
mariskamail@yahoo.com
Hallo allemaal, we zijn hard bezig met de voorbereidingen voor de reis
naar Afrika: spullen kopen, gereedschap regelen, het project dat we gaan
bezoeken promoten (al 50 euro beloofd), huis verhuren en we zoeken nog een
logeerplek voor Sarah,onze poes van bijna 9 jaar. De website wordt ook
steeds beter. Ook het afscheid nemen is al begonnen. Sommigen zie ik nu al
niet meer tot volgend jaar, dat is wel een raar idee! We hebben nog steeds
het plan om op 5 augustus te vertrekken (om 5 uur 's nachts) maar we
houden nog een slag om de arm, je weet maar nooit. Mocht je ons willen
uitzwaaien dan ben je welkom om te komen slapen(zelf spullen meenemen).
Anders zien we je misschien de 18e nog? Baraka gaat nog even naar de
garage voor de laatste check-up en wij gaan deze week onze laatste
inentingen halen. We vinden het heel spannend worden en hebben er veel zin
in. Zelf vind ik het een onwerkelijk idee dat ik straks ECHT in de sahara
ben. Maar wel gaaf!
Nou, genoeg Afrika voor nu. Ik ga lekker de stad
on "rondom de dom". Even geen Afrika en lekker ontspannen. Hopenlijk
blijft het droog.
Groetjes Mariska
Thu Jul 1 13:11:17 2004
robert
thekatsman@yahoo.com
Hoi Ko,
als je in de gelegenhied bent.....
ik heb 2 emails naar
je gestuurd met info en materiaal voor de site in het 1e mailtje en met
tekst en bankrekeningnummer voor het project in Burkina Faso
groet, Robert
Wed Jun 30 12:35:51 2004
mariska
mariskamail@yahoo.com
Hoi Ko, wordt steeds beetje beter, de website.
Wil je op de project
pagina zetten:
Informatie over het steunen van 'ons' te bezoeken
project volgt binnenkort. Kijk vast op: www.asap.nl
De links pagina:
van ons mogen alle links eraf behalve die ik aan jou heb doorgegeven en de
eigen website van Robert en de site van ASAP moet dan ook daar teogevoegd
worden.
De homepage:
harah haraka hakuna(st)baraka
(dit graag
schuingedrukt, eens kijken hoe dat staat en per 2 woorden) en dan eronder
in kleinere letters de vertaling:
"haasten haasten is geen enkele
zegen"
thanx, groetjes maris
Tue Jun 29 16:53:28 2004
robert
thekatsman@yahoo.com
Hoi Ko,
al gezien?
www.stbaraka.nl werkt nu.
wat betreft het
logboek/verslag en gastenboek: zou je misschien alles links kunnen
uitlijnen.
groet, Robert
Fri Jun 25 8:37:57 2004
robert
thekatsman@yahoo.com
hoi, de site begint al aardig ergens op te lijken.
We kunnen nu de
dagen gaan aftellen....
groet, Robert
Wed Jun 23 8:32:21 2004
mariska
mariskmail@yahoo.com
nog ongeveer 42 dagen en dan gaan we.... we vetrekken om 5 uur 's
nachts! mariska