Mon Mar 14 16:03:07 2005
mariska
telefoonnummer

Hallo allemaal, internet doet het weer, thuis. We hebben ook een nieuw telefoonnummer. De telefoon werkt nog niet maar hopenlijk is dat snel verholpen.

Ons nieuwe nummer: 030 7074546
Groetjes Maris


Fri Feb 11 16:21:43 2005
mariska
Utrecht

Utrecht, 10 februari 2005

Zondagmiddag 7 februari om half 5 zijn we thuisgekomen. Na een prachtige, indrukwekkende reis door West-Afrika. We hebben hopen foto’s en verhalen en de hele weg naar huis hebben we de zon meegenomen. De thuiskomst was dus ook zonnig maar wel koud. In Utrecht worden we verwelkomd door de ouders van Mariska, vader van Robert, Tonneke, Kitty, Dennis en de zus van Robert met Alexander. Een heel comité dus. ’s Avonds krijgen we ook nog wat bezoek van vrienden. Heel leuk om iedereen weer te zien. Ons huis ligt er netjes en schoon bij (daarvoor onze dank aan degenen die hebben schoongemaakt) en er staat ook wat ontbijt in de (koel)kast. Wat een verwennerij om niet meteen naar de winkel te hoeven rennen. Na al meteen vele foto’s te hebben bekeken en verhalen te hebben gehoord en verteld gaat iedereen weer naar huis en wij naar bed. Maar waar zijn de schone lakens? Na even zoeken op zolder iets gevonden wat als laken op het bed kon dienen en ook het dekbed word gevonden, gelukkig want alles wat uit Baraka komt is toch wel erg vies of stoffig geworden….

De volgende dag zijn we eerst maar eens lekker gaan ontbijten en toen hebben we Baraka leeggeruimd. Eens even kijken wat we nu eigenlijk aan souvenirs hebben meegesleept. “Madame Peul” hadden we de vorige avond al uitgepakt. Ze was nog net zo mooi als we dachten en paste precies op de plek waarvoor we haar hadden gekocht. Alle souvenirs uitgestald en het is nog heel wat al zijn de meeste spullen om weg te geven. De dag vliegt voorbij en langzamerhand komen er meer dozen met spullen tevoorschijn van zolder en uit de schuur. Wat kun je toch een hoop spullen hebben en hebben we het allemaal wel nodig? Dat vraag je je af als je alles na 6 maanden weer ziet. Helemaal als je al die tijd met weinig spullen gewoon hebt kunnen leven….

Vandaag (10 feb.) is het weer omgeslagen: Regen…. Dat hebben we lang niet gezien en ondanks dat vinden we het er toch heel ongezellig uitzien buiten, we zijn nu eenmaal meer zonmensen, denk ik .

Dit is het laatste verslag van onze reis. Maar de website blijft nog een hele tijd in de lucht dus je kunt alles nog op je gemak nalezen. Er komen binnenkort zeker nog meer foto’s op de website nadat we een selectie hebben gemaakt. We hebben thuis nu nog geen internet en ‘gewone’ telefoon maar kom gerust langs of bel ons mobiel: 06 41930070. Voor degenen die het stadskrantje “Ons Utrecht” kunnen ontvangen…. Hou de krant van komende woensdag (16 februari) in de gaten, dan staat er weer een interview van ons in.

ASAP

Iedereen die een bijdrage heeft geleverd voor de ASAP projecten willen we heel, heel hartelijk bedanken!!!!!!!!!!!!!! Het geld wordt zeker goed besteedt.

Binnenkort zullen we bekijken hoeveel geld er totaal is gestort en in overleg met ASAP bepalen aan welke projecten we het zullen geven. Op dit moment is ASAP in Burkina Faso om hun projecten (en dus ook de groentetuin) te bezoeken. We zijn erg benieuwd of er al wat groeit… De bankrekening voor ASAP staat nog steeds open en ER KAN DUS NOG GELD GESTORT WORDEN. Zodra we met ASAP hebben gesproken zullen we hiervan verslag doen op de website en hopelijk ook wat foto’s van de aangeplante groentetuin.
(wil je nog geld storten? Kijk dan op de ‘projectpagina’ voor de juiste gegevens…)


Fri Feb 11 16:19:46 2005
mariska
Madrid

Madrid, 4 februari 2005

Met mooie herinneringen aan de familie Khalil in ons hoofd rijden we door naar Fez. We zijn van plan om Fez en Meknes te bezoeken, misschien Volubilis te bekijken en onze laatste nacht in Marokko in Tetouan door te brengen. Misschien dat we daar de vrienden van Mustapha nog eens kunnen opzoeken. Maar eerst op weg naar Fez over de snelweg en onderweg zien we af en toe sneeuw. In Fez nemen we een hotel met een douche met warm (!) water, hebben ze ook niet overal. Er is geen verwarming in het hotel maar gelukkig liggen er veel dikke dekens op het bed. Baraka laten we een nachtje op de parkeerplaats staan, vanuit ons raam kunnen we haar nog net zien. We lopen wat rond in de wijk ‘ville nouvelle’ en gaan eten bij de pizzeria, helaas serveert deze geen wijn. De volgende dag bekijken we het oude gedeelte van Fez. We lopen door de souk en voor het eerst in Marokko worden we belaagd door ‘gidsen’ die ons niet met rust laten. We krijgen bijna ruzie... Normaal gesproken maak je een praatje en zegt: “nee bedankt, geen interesse” en dat is dan oké. Maar goed, uiteindelijk zonder de gidsen lopen we rond en verdwalen in de straatjes. Dat is nou net het leuke van de souk, erin verdwalen... We zien een prachtige medersa (koranschool). We maken een praatje met de man bij de ingang, deels de begroetingen in het Arabisch en als hij dan vraagt in het Arabisch: “spreken jullie Arabisch?”, antwoorden wij in het Arabisch: “swuja, swuja (een beetje)”. Hierna mogen we doorlopen om een gedeelte van het gebouw te bekijken wat eigenlijk afgesloten is. Dat zijn leuke ervaringen, vind ik. In een van de winkels kopen we een mooi kado voor iemand thuis (wie??) en daarna worden we meegenomen naar een gebouw om vanaf het dak de ‘tanneries’ te bekijken. In de ‘tanneries’ (vrij vertaald: ververij) worden huiden en wol bewerkt en geverfd om er daarna tassen, schoenen, kleden, kleding e.d van te maken. Het is een mooi gezicht, zo van bovenaf maar het is zwaar werk voor de mensen die daar werken. Omdat het schapenfeest net voorbij is worden er op het moment vooral heel veel schapenhuiden gebruikt.

Met een laatste blik op een van de mooie poorten van Fez stappen we in de taxi naar het hotel. 1 dagje fez is eigenlijk tekort en we hebben maar een klein gedeelte kunnen zien maar het is een mooie 1e indruk. Morgen naar Mekness. Mekness ligt op 60 kilometer afstand van Fez en we zijn er dan ook snel. Eerst even lunchen en dan de oude stad in. We bekijken een paleis met daarin een mausoleum. Weer rijk versierd met mozaïek. Daarna de souk in. We zien weer een oude medersa maar deze is niet zo goed onderhouden en daarom ook niet zo mooi. Na Marrakech en Fez zijn we een beetje verzadigd met medina’s, mozaïek, medersas, souvenirwinkels, Marokkaanse slippers, tajine en keramiek winkeltjes. We verlaten het centrum dan ook snel om in de buurt van het hotel een restaurant te gaan zoeken.

Op 1 februari rijden we naar Tetouan. We zoeken een hotel op en lopen naar de souk waar Hassan en Ibrahim, de vrienden van Mustapha, werken. Helaas zijn ze beiden niet aanwezig. We bellen Hassan nog op maar het is niet mogelijk om af te spreken. We gaan zoek naar een restaurantje, wat nog niet meevalt in Tetouan. Dan ontmoeten we in een eettentje Abdul, een Marokkaan die in Nederland woont. Hij is op vakantie in Marokko. We komen vaker mensen tegen die in Nederland wonen of gewoond hebben en anders hebben ze wel familie in Nederland, meestal in Amsterdam. De volgende dag nogmaals naar de souk, maar helaas zijn Hassan en Ibrahim er niet. We laten een kadootje en briefje achter bij een van de buurwinkeltjes. Daarna op weg naar de grens met Spanje. Er rijdt een taxi voor ons die steeds langzamer gaat rijden. Dan begint-ie te knipperen met zijn knipperlichten. De hele tijd kijkt hij in de spiegel naar ons, het is bijna gevaarlijk. Wat moet-ie van ons? Dan stopt hij en gebaart ons te ook stoppen. Blijkt ook weer een Marokkaan te zijn met familie in Nederland en hij wil ons alleen maar begroeten en een fijne vakantie wensen. “En vinden we Marokko mooi?” vraagt hij. Naar waarheid kunnen we hierop volmondig ja zeggen.

De grensformaliteiten verlopen voorspoedig en al gauw zijn we op weg naar de boot van La Ceuta naar Algeciras. We komen op het goede moment aan en kunnen zo doorrijden de boot op die een klein kwartiertje erna vertrekt. We laten Afrika achter ons en proberen in te schatten hoelang we erover zullen doen voordat we thuis zijn. Nu we naar huis gaan willen we er ook zo snel mogelijk zijn. De reis door Europa verloopt prima over goede snelwegen. Breed, zonder gaten en gare auto’s en mensen die rare manoeuvres uithalen enzo. Maar ook saai want er is in Afrika veel te zien op de wegen. Overvolle auto’s en fietsen. Scheve vrachtwagens die nauwelijks nog rijden. Het wordt wel steeds kouder vooral in de bergen van Spanje. Eerst zien we sneeuw op de bergtoppen en dan ook langs de weg. We slapen in Baraka, op een camping en 1x in een hotel (met ligbad!). Het wordt weer wat warmer richting de kust en we rijden meer kilometers per dag dan we van tevoren hadden ingeschat. Baraka rijdt ook lekker. Op 5 februari 2005 (precies 6 maanden nadat we vertrokken zijn) moeten we ‘s ochtends het ijs van de ruiten krabben... zullen we teruggaan? Nee toch maar niet. Het is even wennen om Spaans te spreken in Spanje en het is ook erg weggezakt. Bij de grens bedanken we de Spaanse douanebeambte nog automatisch in het Arabisch, oeps. Ik moet een uur nadenken over hoe je alstublieft in het Spaans zegt. Maar dat duurt maar 2 dagen en dan zijn we alweer in Frankrijk, het schiet nu toch echt op...... Op zaterdagavond 5 februari kijken we eens op te kaart. We verwachten nog 1,5 dag te rijden en op maandag aan te komen. Maar dan tellen we de kilometers eens goed bij elkaar op en …. denken dat als we vroeg opstaan en wegrijden we het wel in 1 dag kunnen redden. Dus dan zijn we morgen al thuis. Snel de familieleden bellen om te zeggen dat we eraan komen. Iedereen is verrast dat we er al zo snel zullen zijn (wij ook). Dan lopen we terug naar het wegrestaurant waar we net hebben gegeten. We willen nog een flesje wijn drinken met wat Franse kaas om onze laatste avond te vieren. Aangekomen bij de kassa mogen we geen wijn kopen. Alleen wijn als je er een warme maaltijd bij neemt. “Ja maar, we hebben hier net gegeten…”. Maar de regels zijn onverbiddelijk, geen wijn: we zijn weer in Europa!!!! We kopen een flesje wijn in het winkeltje ernaast en drinken dat op in Baraka. Lekker knus, het kooktoestel aan om het binnen warm te maken, en daarna gaan we voor (voorlopig) de laatste keer in Baraka slapen.

Hopen jullie snel weer te zien, Mariska en Robert


Fri Feb 11 16:18:17 2005
mariska
Sale- Marokko

Salé, 29 januari 2005

Nadat we in Casablanca een kostuum gescoord hebben voor Robert, gaan we op 27 januari op weg naar Salé. Daar woont de familie Khalil die wij in augustus in Bab Boudier ontmoet hebben via hun dove zoon Youness. We komen om half 4 aan op de camping en bellen vader Khalil. Een klein half uurtje later komen ze ons ophalen. We worden bij hen thuis verwelkomt met zoete thee, koekjes, croissants en gebak (we hadden zelf ook gebak meegenomen). De familie is erg blij ons weer te zien. De Marokkaanse gastvrijheid is met 1 woord te beschrijven: VEEL. Veel zoete thee, veel praten, veel lachen, heel veel eten en veel teleurstelling omdat we maar 1 dagje kunnen blijven want er is veel te zien in Rabat en Salé (Salé ligt naast Rabat). Later gaan we naar de zus van Fatima (Fatima is de moeder van Youness) en haar ouders. Daar worden we hartelijk verwelkomt met zoete thee en brochettes (vleesspiezen). De brochettes worden op de barbecue gemaakt en die staat gewoon binnen in de huiskamer (Terwijl ik dit schrijf rijden we in de richting van Fez en uit het raam zie ik SNEEUW). In Marokko is het nu heel koud. Zo koud is het sinds 1981 niet meer geweest. We zitten dus binnen met onze jas aan, muts op en sjaal om, lekker gezellig. De mensen zijn niet aan deze kou gewend en hebben dan ook geen verwarming. Gelukkig krijgen we wat dekens om onder te zitten want de stoom komt uit onze monden. We praten wat en oefenen ons Arabisch en dan gaan we weer terug naar het huis van de familie Khalil. Het is inmiddels na 10-en en als we binnen komen is Bushra (zus) druk aan het koken..... nog meer eten. Robert zit al aardig vol, wat nu? Het valt niet mee voor hem om het eten af te slaan maar Mariska geniet van een lekkere salade en kiptajine. Daarna brengt vader Khalil ons naar de camping. Het hele gezin vind het jammer dat we niet willen blijven slapen, maar ja, wij hebben geen spullen daarvoor meegenomen en gaan dus liever op de camping slapen.

De volgende ochtend komt Youness om een uurtje of 10 en we gaan wat door Salé wandelen. Veel van de gebaren die hij mij in augustus heeft geleerd ben ik vergeten maar het komt snel weer boven. Youness weet nog wel veel Nederlandse gebaren te herinneren en de communicatie verloopt al gauw weer heel vlot. Om 1 uur worden we opgehaald door vader Kahlil om bij hen te lunchen. Hij rijdt expres via een andere route dan gisteren naar hun huis zodat we uit het autoraampje Salé kunnen bekijken. Voor mij valt dat nog niet mee omdat Youness lekker tegen me zit te gebaren en ik kan maar naar een ding tegelijk kijken. We zitten nu niet meer in de grote, mooie bezoekkamer maar in de ruimte die meestal door hen als woonkamer wordt gebruikt en waar de tv ook (heel erg aan-)staat.

Het is vrijdag en dan wordt er altijd couscous gegeten. Zo ook vandaag. Na het eten bekijken we wat foto’s van onze reis. Met vader Khalil spreken we Engels en hij vertaald voor moeder Fatima die alleen Arabisch spreekt. Maar omdat zij ook de gebarentaal een beetje beheerst komen we er in gebaren ook vaak wel uit. Soms vertaald Younnes mijn gebaren in hun gebaren en tegen de zussen spreken we Frans en/of Duits, dus het wordt al met al een hele mix van talen. Vader Khalil heeft een beetje haast want hij wil ons nog van alles in Rabat en Salé laten zien. Dus we springen in de auto en gaan op weg. Eerst een beetje toeren dan naar een ‘potterie’ waar je allerlei keramiek kan kopen. Wij zien wat leuks maar volgens de familie kun je dat beter ergens anders kopen: goedkoper. Dan gaan we naar Rabat naar het mausoleum waar de koningen liggen. Het is heel mooi versierd met mozaïek. Echt prachtig. Het mausoleum staat op een plein waar ook de Hassan toren staat. Het is een mooi plein. Op dit plein komen op zondag vaak doven bij elkaar. Vandaag zijn er ook een paar en Youness gaat even met ze praten. Dan gaan we naar de medina van Rabat. We wandelen daar rustig rond en elke lekkernij die we tegenkomen wordt voor ons gekocht om te proeven.... Ayoup (jongste broer, 10 jaar) raakt over zijn verlegenheid heen en kletst er, tegen ons, in het Frans vrolijk op los.

We sluiten de wandeling af met thee/koffie en (weer) gebak en dan naar huis. Daar bekijken we 1,5 uur lang de videoband van de verschillende vakanties van de familie. Wij staan er ook op! Als de video voorbij is komt er een videoopname van het laatste schapenfeest. Tot en met het slachten van de schapen aan toe. Lekker dan, ik (Mariska) kijk er maar niet naar en de rest vind dat wel een beetje maf. Moet wel zeggen dat er bijna niks van de schapen wordt weggegooid. Alles wordt opgegeten of gebruikt. Het schapenvel met wol wordt schoongemaakt en als zitkleedje gebruikt. De darmen worden schoongemaakt om er worstjes van te maken. Enz. De 1e dag van het feest eten ze vooral de ingewanden: lever, hart, nieren e.d. Het vlees moet namelijk 1 dag tot rust komen en dat wordt de volgende dag pas gegeten. Daarna komt er een video met traditionele muziek met danseressen. Zij vinden het erg leuk om naar te kijken maar wij vinden dat de danseressen erg vreemd dansen, cultuurverschil??? Ondertussen is Bushra weer druk aan het koken. We eten brochette en ook ditmaal wordt dit op de barbecue klaargemaakt midden in de woonkamer. Dus met tranen in onze ogen van de barbecuerook, de kamer staat inmiddels blauw maar niemand die dat erg schijnt te vinden kijken we video en fotoboekjes met foto’s van de kinderen. Fatima vraagt of wij in Nederland ook barbecuen. “Jawel” zeggen wij: “maar niet binnenshuis”. Waarop gevraagd wordt: “waarom niet?”

Dan wordt het tijd om weer naar de camping te gaan en de familie rekent er al op (teleurgesteld) dat we niet blijven slapen Toch nodigen ze ons uit en als wij daarop antwoorden dat we blijven slapen juicht de hele familie van blijdschap, zoals een klein kind juicht bij het krijgen van de allergrootste verjaardagstaart die er bestaat. Jeetje, stel dat we nee hadden gezegd, wat had dat een teleurstelling geweest zeg! Vlak voordat ik naar bed ga komt Bushra met haar fotoboekje naar mij (Mariska) toe. Zij heeft 2 jaar geleden besloten voor het dragen van een hoofddoek maar in het fotoboekje staan nog foto’s van voor die tijd en die wil ze me graag laten zien.

De volgende ochtend een flink ontbijt met zoete thee, koffie, croissants, diverse broodjes, olijven en chocoladecake. Daarna is het echt tijd om afscheid te nemen van deze lieve mensen. We krijgen nog wat laatste kadootjes en zelfs het eigen servies wordt ingepakt voor ons omdat ik eruit had gefloept dat het zo’n leuk schaaltje was....”We kopen wel weer een andere” wordt er gezegd. Papa Khalil gaat de auto opwarmen (de auto is erg oud) terwijl wij afscheid nemen van Bushra, Fadoua en.Ayoep. Dan brengen ze ons, weer via een andere weg, naar de camping. Daar nemen we afscheid van Fatima, papa Khalil en Youness. Als we Salé uitrijden en stilstaan voor een rood stoplicht komt er een oudere man naar ons toe. “Doe het raam eens open” gebaart hij. Wat zou hij nu willen? Hij zegt in het Nederlands: ”ik zag jullie nummerbord en ik moet even een praatje maken. Goede vakantie?”. Hij blijkt in Nederland te hebben gewoond en wenst ons een goede reis, dan springt het stoplicht op groen.....

Soms doe je in 1,5 dag meer ervaringen op dan in 1 week.... Mariska en Robert


Mon Feb 7 18:39:11 2005
Robert en Mariska
Utrecht

Hallo iedereen,


Een aantal weten het al, bedankt voor de geweldige ontvangst!, we zijn weer thuis.

De laatste kilometers waren wat koud, maar weer thuiskomen is erg fijn.

We zijn ook al weer telefonisch bereikbaar onder nummer: 06-41930070
Om de verhalen live te horen kun je altijd langskomen.

De laatste verslagen komen er aan, even een paar dagen geduld en dan kun je het slot van ons verhaal lezen!!!!


Groetjes Robert en Mariska


Thu Jan 27 13:01:53 2005
Mariska
Casablanca

Marrakech, 25 januari 2005

Vanaf ons plekje aan het strand weer verder naar het noorden gereden. In de buurt van Laayoune komen we weer in een zandstorm terecht. De ergste tot nu toe. Bij een tankstation vragen we of het restaurant open is. Helaas is het gesloten maar de gastvrijheid van Marokkanen is groot en we worden meteen het pompbediendehokje ingesleurd om samen met hen te eten. Het eten was namelijk net klaar. De deur van het hokje wordt angstvallig dichtgehouden vanewge de wind en zand. Vanwege de wind en het zand gaan we deze keer dus maar niet kamperen maar zoeken een hotel op en de volgende dag rijden we weer door. Het weer is gelukkig opgeklaard. We rijden via Tan Tan en kamperen in de buurt van Tiznit. Op 20 januari rijden we naar Marrakech. Een rit met mooie uitzichten op het Atlasgebergte en we rijden door bergen en dalen maar het is ook een vervelende tweebaansweg. Het is heel druk en Marokkanen rijden als gekken. Het liefst halen ze in vlak voor een onoverzichtelijke bocht of wanneer er tegenliggers zijn. We zien bijna-ongelukken, auto’s die wel frontaal gebotst zijn en moeten zelf ook een aantal keer flink uitwijken en/of in de remmen. Ik (Mariska) ben blij als we in Marrakech zijn. De camping aldaar bestaat niet meer dus we zoeken een hotelletje op en we vinden er een met een fantastisch ontbijt erbij (jus d’orange, baquette, ei, pannekoeken met stroop, koffie of thee). We hebben een prive-douche en wc. Alleen loopt de wc continue door en maakt daarbij veel lawaai. Dus na elk wc bezoek moeten we het kraantje open en daarna weer dicht draaien. Maar er is wel wc papier... en dat is weer een voordeel in Marokko.

Het is weer even wennen om in zo’n grote westerse stad te zijn. De 1e Mac Donalds sinds maanden gezien, veel winkels met kleding, schoenen, huishoudelijke apparatuur. We moeten ook even wennen aan de hogere prijzen voor koffie, thee en eten. De volgende dag, 21 januari, is het schapenfeest (Aïd el Kebir). Een van de belangrijkste islamitische feesten, vergelijkbaar met kerst bij ons. Iedereen gaat op bezoek bij familie en ‘s ochtends slachten alle families schapen en ze eten de hele dag. Marrakech was hierdoor erg rustig. Bijna alles is gesloten en de mensen zijn heel vrolijk. Op straat worden de hele dag schapenkoppen geroosterd op grote vuren. We kunnen dus niet naar het museum en ook de winkels in de souk (soort permanente markt) zijn gesloten. Maar er is genoeg te zien en we wandelen lekker rond. Op het beroemde plein van Marrakech, Jemaâ el Fna, is het ook rustig maar ‘s avonds wordt het toch wat drukker met eetkraampjes, muziek en ander vermaak. We zien ook de slangenbezweerders met fluit. Hoewel ik mij afvraag hoe ze die slang toch omhoogfluiten, ga ik niet kijken omdat ik het pure dierenmishandeling vind. We gaan wel op het plein eten bij de kraampjes en dat is leuk en lekker.

Zaterdag de 22e gaan we wat winkelen om een kostuum (nee, geen carnavalskostuum) voor Robert te kopen in de winkels die wel open zijn. Heel apart winkelen in Marrakech. De winkels hebben van elk model broek, kostuum, trui maar 1 of 2 maten liggen. Als jouw maat er niet bijzit, is het dus pech. Dus moet je heel veel winkels bezoeken en eerst kijken of de juiste maat erbij zit en dan pas kijken of het ook nog een leuk kledingstuk is.... De verkopers zijn vriendelijk, niet opdringerig maar wel behulpzaam. Sta je te kijken naar een zwart kostuum en zit de goede maat er niet bij dan komen ze doodleuk met een bruin, blauw of iets met rode streepjes aan: of we die dan die niet willen want dat is wel de juiste maat. Tja, bijna hetzelfde als een zwart pak (not): “Nee bedankt, laa sukran, tu as tres gentile”. De volgende winkel dan maar.

Helaas is nog veel gesloten i.v.m het schapenfeest. Dus gaan we op zoek naar een museum dat open is. We lopen rond van het ene naar het andere museum waarbij we ook continue verdwalen in de wirwar van straten van Marrakech, maar alles is nog dicht. De volgende dag is alles weer gewoon open en we bezoeken dan wat mooie museums en paleizen van Marrakech. Ook de architectuur wordt niet vergeten en we bezoeken de tuin van Majorelle. Aan het eind van de dag laten we onze fotorolletjes ontwikkelen en tijdens het eten in een restaurantje bekijken we de foto’s van Paris-Dakar, Mali, de zandduinen van Mauretanie, echt heel leuk.

‘s Avonds gaan we op het plein kijken bij een speciale souveniersbeurs. We lopen wat rond en dan spot Mariska twee doven. Natuurlijk even met ze praten en adressen uitwisselen. Ze blijken bij de beurs te horen en in de souk te werken. Ze maken en ontwerpen tassen van leer.

De 25ste vertrekken we naar Casablanca. Na ongeveer 100 km. tweebaansweg begint het asfalt. Heerlijk gescheiden banen. Dat rijdt een stuk rustiger. Maar het blijft Marokko. Na een paar honderd meter zien we op de vluchtstrook een jongetje met ezel rijden. Dan een jongen die op de middenberm (on)kruid wied. Daarna een heel gezin dat op de vangrail rustig op de bus naar Casa wacht. Handig dat zo’n bus op de snelweg stopt, half op de rechterrijstrook want zo breed is de vluchtstrook nou ook weer niet :-). En vervolgens nog heel wat mensen die op de vluchtstrook lopen of liften of wachten op de bus.....

Dan komen we aan in Casa en vinden vrij snel de kamping die vlakbij een moskee staat. Om 6 uur ‘s ochtends wordt er opgeroepen tot gebed. Maar gelukkig duurt dat niet lang en kunnen we weer verder slapen. Goed uitrusten want we gaan wederom op zoek naar een kostuum voor Robert. In Casa moet het toch gaan lukken zou je denken.......

Liefs, Maris en Robert

ps: kostuum is gekocht!


Thu Jan 20 21:29:24 2005
Maris en Robert
Marrakech!!!!

Atar: Paris-Dakar, 9 januari 2005 en Tan Tan plage, 18 januari

Op 1 januari rijden we terug naar Nouakchott. Het is deze dag slecht weer in Mauretanie. Dat betekent wind, veel wind en dus ook heel veel zand en stof in de lucht. En Baraka zuigt die stof op alsof zij een stofzuiger is :-0. De wind wakkert aan en wij vinden dat het toch wel erg op een kleine zandstorm begint te lijken..... Onderweg stoppen we voor een auto met pech. Hier in de sahara stopt iedereen voor elkaar om te zien of iemand pech heeft of misschien gewoon even moet plassen of bidden tot Mekka. Robert gaat kijken wat er aan de hand is. Zijn conclusie: een veel te moderne auto voor hier met allerlei onderdelen die er niet in horen en een aantal belangrijke andere onderdelen zitten er niet in. Hij kan er niet veel aan repareren. Zijn advies aan de Mauretaanse bestuurders: langzaam doorrijden en het gas erop houden. Succes!

In auberge Sahara zien we weer wat oude bekenden. Zoals Kanya (de eigenaresse) en Simon, een Engelsman die na een motorongeluk in de Sahara al 2 maanden hier verblijft om te herstellen van een gebroken sleutelbeen e.d. Dan komen er twee Italianen aan en zij rijden in een kleine 'melkwagen' op 3 wielen. Onderweg hebben we ze al zien rijden. Ze zijn met hun Piaggio vanuit Florance gekomen en willen doorijden tot Dakar om de aankomst van Paris-Dakar te zien. Ze hebben zich flink laten sponsoren en de auto zit vol stickers. Zij rijden met een snelheid van max. 40 km. per uur. Daarmee vergeleken is Baraka een racewagen. Uit het autootje stappen Rosco (150 kg.) en Alessandro (60 kg.). We raken aan de praat omdat Robert een kapotte bout aan Baraka wil lassen en zij toevallig een lasapparaat in de auto hebben! Waarschijnlijk zijn zij de best uitgeruste overlanders. Rosco spreekt bijna alleen Italiaans en Robert spreekt Frans tegen hem en zo gaan zij aan de slag en na een paar uurtjes is de klus geklaard. Ons plan is om de volgende dag naar Marokko te rijden. Dan stelt Alessandro aan Robert voor om met zijn vieren naar Atar te gaan voor de Paris- Dakar die daar zal zijn. Daar heeft Robert wel oren naar (NB: Paris-Dakar is dit jaar vertrokken uit Barcelona en is dus eigenlijk Barcelona-Dakar). We blijven dus een aantal dagen hangen in Nouakchott en eten elke avond met zo'n 12 man. Mariska doet boodschappen, Robert kookt de vis en tussen de middag maken de Italianen lekkere pasta. Dan adopteert Mariska een heel klein zwart poesje met de namen: Steward, Stupina of Veronica maar ze mag haar van Robert niet meenemen, jammer. Maar stupina krijgt alle aandacht van de gasten in de auberge us di komt niets te kort.

Op 7 januari vertrekken we naar Atar. 400 km dezelfde saaie weg die we nu al 2x hebben gereden. (bij helder weer is het minder saai, maar als wij deze weg rijden is het steeds wind en dus zand in plaats van mooie uitzichten). We rijden ongeveer 200 km en kamperen dan in de woestijn (de Italianen rijden niet zo snel en dan is 400 km op 1 dag wel erg ver). De 8e komen we aan in Atar en we rijden met zijn allen naar de bivak van de Paris-Dakar. Langzaamaan komen de 1e rijders al binnen. We zoeken een plekje om te kamperen en de kleine melkwagen van Alessandro heeft veel bekijks, meer dan Baraka, dat zijn we niet gewend. Meestal zijn wij degenen met de rare auto :-).
Paris-Dakar: Vorig jaar hebben we dit allemaal op tv gezien en nu staan we er dan zelf. We bezoeken een van de Nederlandse teams: van Rooy. Eg leuk allemaal. Het bivak van de rally oprijden blijkt niet zo heel moeilijk, aanvankelijk reden we chterin de Piaggio gezeten illegaal naar binnen, maar al snel haalden wij ook Baraka op. Achterin de Piaggio, dat was pas hobbelen, en ik maar denken dat Baraka hobbelt. We vinden een prima kampeerplek op de Bivak van de rally, we vinden ook de Franse journalist die ons destijds in Burkina Faso heeft geinterviewd voor de Tour du Faso. Het bivak bevindt zich altijd nabij een vliegveld en de pers houdt zich letterlijk op in en onder de vliegtuigen. Hoeze vliegveld? Tentjes staan onder de vliegtuigen opgesteld en iedereen loopt overal.

De volgende dag, 9 januari, heeft de rally rustdag en dit geeft ons de gelegenheid eens in de keuken te kijken van de rally. Er wordt hard gewerkt, vooral gesleuteld om alle machines de volgende dag weer tiptop in de race te hebben. Het team van Van Rooy heeft wel tijd voor een praatje en aan het eind van de middag legt Dany (navigator) ons aan de hand van het roadbook uit waar we een goede plek kunnen vinden om de 10e etappe te bekijken. We rijden er nog voor het donker heen, Robert rijdt en Mariska navigeert ons door de eerste 9 km van de rally. En we reden in 1 keer goed!!! Wat een navigator! Om half acht de volgende ochtend komen de eerste motoren langs en later de auto's en vrachtwagens, we blijven tot ongeveer twaalf uur staan en dan is alles wel voorbij, erg veel spectakel. Misschien hebben jullie er iets van gezien op de televisie? Allesandro en Rosco zijn inmiddels al op weg naar Dakar om op tijd te zijn voor de finish van de Rally. We hadden gisteravond al afscheid genomen, maar toch hoopten we ze nog even te zien in het bivak. We besluiten om nog een nacht in het bivak door te brengen zodat we de rijders weer kunnen zien binnenkomen en dan zullen we morgenochtend de 11e weer terugkeren naar Nouakchott, om van daaruit naar Marokko te rijden.

groetjes, Robert en Mariska

Omdat de computer in Nouakchott de floppy niet hapte konden we dit verslag niet plaatsen en dus schrijf ik er nog maar een stukje bij....

Het is imiddels 18 januari en we hebben Mauretanie verlaten. Maar niet voordat we op 11 januari bij aankomst in auberge Sahara, tot ons plezier, Rosco en Alessandro terugzien. 's Avonds eten we gezamelijk pizza en de volgende dag vertrekken de Italianen naar Dakar. Wij zijn ook van plan te vertrekken maar helaas is de pizza bij Mariska niet zo goed gevallen en dus blijven we nog 1 dagje in Nouakchott. Terug naar Marokko gaan we deze keer niet door de woestijn rijden maar gewoon over de geasfalteerde weg die nog lang niet af is....helaas.

De formaliteiten bij de grens verlopen soepel en al gauw rijden we weer over de lange weg door de Westelijke Sahara richting Agadir en Marrakech. Niet echt een interesante weg en wel vele kilometers lang (1500 km.) Maar onerweg vinden we ons plekje bij het scheepswrak weer terug. Het mooie plekje aan het strand waar niemand komt. Niemand? Deze keer is het anders. Het waait en is koud maar de zee en de golven zijn zo mooi dat we voorin de auto gaan zitten en "tv" kijken. We hebben verschillende programma's: eerst kijken we naar de zee terwijl het langzaam donker wordt en dan verschijnt er opeens een auto in beeld die door het zand en over het strand scheuren.... grappig. Een van de mannen komt later naar ons toe en begint een verhaal over stiekum vis kopen bij een bootje dat vanavond komt???? Oke, eerst maar eens eten. Er verschijnen nog wat auto's en wanneer we horen dat de actie begint gaan we weer voor de "tv" zitten. Er wordt met lichten geseind vanaf het water en er wordt teruggeseind vanaf het strand. Dan zien we vaag in het donker allerlei bewegingen maar het is te donker om te zien wat er gebeurd. Robert is erg nieuwsgierig maar om nou bij deze 'illegale' praktijken te gaan kijken? Af en toe gaat er een zaklamp aan maar het meeste speelt zich af in het donker. Dan beginnen de auto's te vertrekken en eentje rijdt zich vast in het zand, hihi. Dezelfde man van daarnet komt vragen of we een sleepkabel hebben. Robert grijpt zijn kans om eens te gaan kijken wat ze voor vis hebben. Het blijken inktvissen te zijn en we krijgen er 2 aangeboden. Maar omdat we niet weten hoe we die moeten schoon- en klaarmaken hebben we ze maar niet aangenomen. Dan vertrekken ze allemaal en hebben we het strand voor onszelf tot de volgende avond 7 uur. Er komt weer een auto en deze man komt gezellig even kletsen omdat zijn vrienden er nog niet zijn. Hij is bang dat ze gepakt zijn door de politie omdat de inktvivisserij en verkoop hier op het strand illegaal is. Maar ja, iedereen doet zijn best om iets te verdienen, er is niet veel werk in Marokko.

Overdag genieten we van de zon en de zee. Mariska wil erg graag zwemmen maar het is echt veel te koud. 's Ochtends lopen we naar links het strand op en wandelen een eind langs rotsen waarop de golven beuken. We zien vele mossels en vogels. 's Middags wandelen we de andere kant op langs het scheepswrak en verzamelen heel veel schelpen, een stuk schild van een schildpad we zien weer allerlei skeletten van orka's, dolfijnen e.d. Een dagje strandjutten is erg lekker. De volgende dag moeten we dan toch vertrekken. Mariska loopt nog 1 keer naar de rotsen voor de laatste foto's en dan voor het eerst in 5 maanden het gevoel nu echt op weg naar huis te zijn...... Maar weer op de weg toch meteen weer veel zin in de rest van Marokko en terwijl we de laatste zandduinen achter ons laten maken we nieuwe plannen voor een volgende keer woestijn (van Nouadhibou naar Choum dan van Atar naar Tidjika en van Nouakchott terug naar Nouadhibou, alles door het zand natuurlijk :-)). Inshallah.

Mariska & Robert

ps: (20 jan.)We zijn in Marrakech!!!!


Tue Jan 11 21:00:41 2005
robert en maris
After Paris-Dakar

Hallo allemaal, we hebben een stukje paris-Dakar mogen meemaken en natturlijk hebben we daarover een stukje geschreven. Maar ondanks dat het cybercafe, hier in Nouakchott, er prachtig uitziet, hapt-ie onze floppies niet..... Maar het was erg gaaf!

Dus de verhalen laten nog even op zich wachten.

Morgen, de 12e, zijn we dan ECHT van plan richting Marokko te gaan rijden, inshallah!

Veel mensen vragen ons wanneer we weer thuis zullen zijn..... we DENKEN ergens tussen 7 en 15 februari 2005 in Utrecht aan te komen. Maar... je weet nooit wat we onderweg nog tegenkomen (behalve, Madrid, Parijs, kou en regen???)

Groetjes, M en R


Mon Jan 3 17:43:28 2005
Robert en Maris
Verandering van het plan

Vandaag besloten om wat langer in Mauretanie te blijven. We gaan terug rijden naar Atar om daar te genieten van de rally Paris-Dakar!

Samen met twee Italianen, die gekomen zijn met een melkwagen met drie wielen en 40 kilometer per uur kunnen rijden, zullen we naar Atar rijden. Foto's volgen indien mogelijk. De communicatie verloopt ook geweldig. Rosco spreekt alleen Italiaans en doet dat ook zonder stoppen de hele dag, net zolang totdat je hem begrijpt en ze hebben heerlijk eten in de auto: pasta, chocola, pesto, wijn. Dus jullie begrijpen: die houden we te vriend!!!!

De verhalen zullen later volgen en Marokko moet nog even op ons wachten. Verwachtte aankomst in Marrakech? Rond de 21ste januari.

(ps. hou de tv in de gaten, misschien komen we wel in beeld en anders binnenkort zeer waarschijnlijk een reportage op de Paris-Dakar website)

Hasta la pasta, tutti frutti, Mariska en Roberto


Sun Jan 2 16:14:47 2005
Robert
nog eens Nouakchott

Nouakchott. 2 januari 2005 Gelukkig nieuwjaar allemaal!!!!

We rijden Nouakchott uit wat later in de middag van 26 december. De politie bij de uitpost controleert alles grondig, meestal is het alleen paspoort en een praatje, maar laten we nu net onze verzekering vervalst hebben. In Afrika moet je de auto verzekeren, niet dat je er iets aan hebt, maar je moet nu eenmaal aan de formaliteiten voldoen. De agent kijkt eens een paar keer grondig naar het verzekeringsplaatje op onze voorruit en vind het uiteindelijk allemaal wel goed zo en we mogen doorrijden. We zochten een kampeerplek, dit keer een ‘maanlandschap’, gelukkig zagen we de echte maan zodat we wisten dat we nog op aarde stonden. Inmiddels wordt het wel steeds kouder, vooral ‘s nachts is dat te merken. De volgende dag, 27 december, even flink doorrijden over asfalt en dan de piste op naar Terjit. Een kleine oase vlak voor Atar. De piste wordt in het plaatsje Terjit steeds slechter, erg vermakelijk als we even stoppen en zien hoe sommige auto’s zich door het zachte zand worstelen). Voor ons geen probleem en wanneer even later weer stoppen om te kijken wat we verder doen spreekt een man ons aan, hij heeft een soort van campement en besluiten al snel daar te overnachten.
‘s Morgens wandelen we in de omgeving van Terjit. Eigenlijk wilden we rotsschilderingen gaan bekijken, deze hebben we nooit gevonden, maar evengoed een erg mooie wandeling. Dan weer met Baraka op pad richting Atar, in Atar lunchen we kebab, kip en friet, regelen een verzekering (de vervalste was verlopen), tanken en rijden verder richting Chinquetti. Het wordt al weer laat in de middag en we zoeken langs de piste een kampeerplek. We vinden een plek bij een rivier (zonder water, vrijwel alle rivieren staan deze tijd van het jaar droog) en bergen, het blijkt een plek te zijn waar men zoekt naar pre-historische gebruiksvoorwerpen, speerpunten enzo. De volgende ochtend waait het zo hard met veel stof en zand dat de bergen geheel verdwenen zijn. De piste naar Chinquetti is erg goed en we zijn er dan ook snel. Chinquetti is een woestijnstadje zoals je je een woestijnstadje voorstelt. Veel zand, een beetje bebouwing, veel wind en verder vooral niets. We lopen nog even naar een grote zandduin en maken mooie foto’s. Omdat het zo hard waait kun je goed zien hoe zandduinen zich langzaam verplaatsen. Wanneer we teruglopen, zien we dat onze voetstappen in het zand door de wind alweer met zand gevuld zijn, zo gaat dat in de woestijn. We besluiten een begin te maken met de route naar Ouadane, een andere woestijnstad verder de Sahara in. Dit is een route door de woestijn daar waar geen weg of piste is, dus zijn we blij met onze gps. Erg zacht zand om mee te beginnen, dus bandenspanning omlaag en rijden maar Baraka! Na de eerste 20 km besluiten we om een kampeerplekje te zoeken, nou ja zoeken, gewoon stoppen maar. Het werd al wat kouder de laatse dagen maar nu werd het s’ nachts toch wel heel erg koud. s’ Morgens stond de thermometer nog net onder het vriespunt! Overdag halen we nog maar 25 graden (ja, ook hier is het winter en hebben we het koud).
Door de duinen naar Ouadane. Woestijn zoals je het kent uit de boeken en van de televisie (Parijs-Dakar bijvoorbeeld), veel zand, duinen in alle kleuren en maten. En het mooie is dat je daar ‘gewoon’ overheen kunt rijden. Alle bonus gaat naar Baraka! Baraka was op haar best door het zand. Na een prachtige rit door deze duinen komen we aan in Ouadane. Het is een prachtig. Rustig klein plaatsje gebouwd op een rots. Het is onduidelijk te zien waar de rots eindigt en de bebouwing begint.

We overnachten hier bij auberge Zaida en eten een heerlijke maaltijd voorzien van veel verse groenten. De volgende ochtend bekijken we Ouadane nog eens en rijden dan richting Atar. Het is inmiddels 31 december en we zoeken een plek om te kamperen en oud/nieuwjaar te vieren.
Uiteindelijk staan we onderaan een mooie berg en het waait enorm. Als dat maar goed gaat met ons vuurwerk. Na een heerlijk 3 gangenmenu, soep en chocoladevla uit blik en de rest vers, tellen we de laatste seconden weg…. GELUKKIG NIEUWJAAR!!!!!

We steken ons vuurwerk af en dat gaat nog best goed ondanks de harde wind en we overdenken het komende jaar en denken aan iedereen in Nederland. Hoe zullen jullie het nu hebben……

De volgende dag door naar Nouakchott, we overnachten in auberge Sahara en binnenkort vertrekken we naar Marokko, maar niet voordat we voor de laatste keer op de markt verse vis hebben gekocht!. We verwachten rond half januari in Marrakech te zijn. We wensen iedereen een heel goed 2005 toe en kijken ernaar uit om iedereen weer te spreken over een aantal weken.

Hasta la pasta! Maris en Robert


Sun Jan 2 15:59:42 2005
Robert
Nouakchott 2 januari

Nouakchott, 24 december 2004

In Bamako blijven we een aantal dagen om Baraka rijklaar te maken voor de reis naar Mauretanie. We moeten nog wat inkopen doen, een visa regelen, de gastank vullen en wat internetten. Dus de dagen vliegen om.

We gaan het visum voor Mauretanie aanvragen en lopen daarna terug op zoek naar een internetcafe. Laten we nou per ongeluk langs een dovenschool lopen! Mariska naar binnen en ze krijgt de directeur te spreken en wat onderwijzers. Van de 15 onderwijzers die er zijn, zijn er 3 doof. Ze spreekt af om de volgende dag terug te komen met wat schriften (Pauline P. bedankt!), pennen en kleurpotloden. Deze school heeft weinig middelen om les te geven. De schoolbus is stuk en er zijn geen computers. Er wordt gebruikt gemaakt van gebaren uit het Amerikaans en Frans. De horende onderwijzers gebaren in Frans ondersteund met gebaren of de doven onderling wel een gebarentaal met eigen grammatica gebruiken is Mariska niet duidelijk geworden. Wanneer Mariska er de 2e dag is komen er 6 blanken het schooplein oplopen en het blijken Nederlanders te zijn. Een van de vrouwen is logopedist en haar man is de Nederlandse ambassadeur in Mali. Zij wil graag de school helpen met het opzetten en realiseren van logopedielessen. De kinderen krijgen helemaal geen logopedie en ook mimiek (wat een grammaticaal onderdeel is van gebarentaal) wordt niet aangemoedigd. Ze vraagt of Mariska nog een stageplek nodig heeft en hoe dat werkt op de Hogeschool met buitenlandstages. Mariska lijkt het wel wat om een tijdje op deze school rond te kijken :-)

Op 15 december vertrekken we uit Bamako om via Nara (Mali) naar Nema in Mauretanie te reizen. Het asfalt verdwijnt als snel om plaats te maken voor een rode ribbelweg (wasbordweg) en eindigd in een piste in Nara. Aldaar bezoeken we de douane en politie om onze exitstempels te halen om daarna even buiten Nara te kamperen. De volgende ochtend op naar Nema. Er lopen verschillende pistes die allemaal naar Nema leidden. Maar welke is nou de beste? De ene piste eindigt in een groot gat. De ander eindigt in enorm zacht zand. De derde wordt veel bereden door vrachtwagens en daardoor wordt het spoor veel te diep voor Baraka. Soms verdwijnt de piste opeens en onstaat er zomaar weer een nieuwe..... Na 1 dag rijden over deze pistes die steeds slechter worden staan we bij de grensplaats Adel Bagrou. Daar worden we flink afgezet door een agent. Die laat ons veel betalen voor een stempel die uiteindelijk niet echt nodig bleek. In Nema krijgen we namelijk nieuwe stempels bij de politie en daarvoor moeten we opnieuw betalen. Dan rijden we langs de douane. De man geeft Mariska een hand, raakt haar arm aan en bekijkt haar van top tot teen. Het voelt niet goed aan en ze is blij dat ze hier met Robert is. In Mauretanie krijg je meestal geen hand van mannen (uit respect) en ze raken je al helemaal niet aan. Brrr, enge vent. Dan wil hij dat we met de auto ergens heen rijden om de papieren in te vullen. We vertrouwen het niet en gaan weg. Later blijkt dat er in dit dorp helemaal geen douane aanwezig is. Vreemde zaak dus. We rijden door naar Nema en de pistes worden langzamerhand weer beter. In Nema komen we op zaterdag aan (wat hier dus geld als zondag) en dus is de douane gesloten. We kunnen de papieren voor Baraka nu niet ingevuld krijgen. In de eerstvolgende plaats zou dat dan wel kunnen wordt ons verteld. Het is al laat en we gaan maar eens een kampeerplek zoeken. De volgende dag op naar Timbedgra en daar de douane opgezocht en... geen stempel want er zijn geen stempels!!! Dat kan ook alleen maar hier! We rijden door naar Ayoun al Atrous en kunnen daar eindelijk de papieren voor Baraka laten stempelen. Gelukkig, nu mogen we alledrie door Mauretanie reizen. Even buiten Ayoun gekampeerd en de volgende ochtend weer terug gereden om geld te wisselen. De bank bleek geen CFA’s (Afrikaanse franken) te wisselen maar we vinden iemand die wel een goede koers bied. Het is weer even wennen hier in Mauretaie. Ze spreken een Arabisch dialect. Ik draag weer een lange broek aan en een t-shirt met (korte) mouwen. De omgangsvormen verschillen ook met die van de rest van west-afrika en alle vrouwen zijn gesluierd. Maar het went snel en we hebben in een restaurantje alweer heerlijk rijst (met onze handen) gegeten. Het Arabisch gaat ook vooruit. Lebas? Lebas mo a ve? Ihamdullah! Insallah. Baash? Abdie, kaavi?

Dan willen we de watertank vullen. Waar halen we water vandaan? In Burkina en Mali gingen we in een dorp op zoek naar de plek waar een kraantje was. Voor een klein bedrag kun je dan de tank vullen met emmers water of door de tuinslang op de kraan aan te sluiten. We vragen het aan de gendarmerie. De kraan blijkt in en klein kastje te zitten en voor een klein bedrag mogen we de tank vullen. Maar uiteindelijk hoeven we als gasten niets te betalen en krijgen we ook nog Mauretaanse thee aangeboden.

De weg van Nema naar Nouakchott loopt van oost naar west door Maureetanie en wordt de ‘route l’espoir’ genoemd. Het is een geafsalteerde weg met veel goed asfalt en af en toe gaten of hobbels. Er lopen veel dieren op en naast de weg. Dus het is goed opletten want soms steken ze zomaar over. Geiten en schapen rennen meestal hard weg als je aan komt rijden maar soms besluiten ze op het laatste moment toch nog even over te steken. Ezels steken het liefst over vlak voordat je ze voorbij rijdt en dan blijven ze vervolgens midden op de weg stokstijf stilstaan! Afremmen dus. Kamelen smeren hem meestal en koeien steken doodgemoedereerd op hun gemak over en laten zich niet haasten door een grote blauwe toeterende auto. Dus saai is deze ruim 1000 kilometer niet. Zeker niet wat betreft het landschap. We rijden door prachtig afwisselend woestijnlandschap. Rood, geel, wit, grijs, bruin, oranje zand al dan niet met verschillende groene plantjes (3 soorten, meer variatie is er niet) of rotsen. Op 21 december rijden we de Djouk pas. Een kleine maar mooie pas met mooie rotswanden aan weerszijden en prachtige uitzichten. De weg vervolgt en al snel komen we op het gedeelte Aleg – Nouakchott, dit deel vonden we de eerste keer dat we dit reden al erg mooi en dat vinden we nog steeds. Eigenlijk wilden we op dit gedeelte een ‘oude’ kampeerplek opzoeken, maar we waren moe en zijn toen een willekeurige piste ingereden en stonden even later op een erg mooie plek in de buurt van oranje zandduinen, slechts wat kamelen en ezels als toeschouwers. Naar welk dorp de piste leidde zullen we nooit weten.

In Noaukchott aangekomen vinden we vrij snel de weg naar Auberge Sahara, deels op herkenning en met een beetje hulp van de kaart. Heerlijk om toch zo af en toe een echte douche te kunnen nemen. ‘s Avonds besluiten we de aankomst te vieren met een pizza en een biertje (in een van de weinige restaurants die bier serveren, want alcohol is verboden in Mauretanie) bij de Italiaan Pizza Lina. Voor Robert valt de pizza niet helemaal goed en heeft daardoor de beruchte reizigers diaree te pakken, een beetje omgekeerde wereld want na alles te kunnen eten aan de straat was dit weer de eerste keer Europees voedsel.

Het is nu bijna Kerstmis! Kerstavond is betrekkelijk rustig en Robert heeft ook nog niet echt behoefte aan een kerstdiner. Maar de volgende dag, eerste kertsdag, gaat het beter en Mariska heeft het idee om een kleine kerstmaaltijd in de vorm van een barbeque met 4 of 5 man te organiseren.....Inmiddels wordt de Auberge drukker en wat begon als een eenvoudige barbeque loopt prettig uit de hand tot een feestje met zo’n 25 man. Vergt wel wat extra organiseren, maar Mariska ging het taken verdelen erg goed af. Mariska ging met Isabella groenten inkopen en later met wat meer mensen op de vismarkt uitgebreid vis ingekocht (9 kilo verdeeld over 3 vissoorten en 1 kilo gamba’s). De vis kun je vervolgens ter plekke op de vismarkt schoon laten maken. De Engelsman Simon , die al enige tijd in de Auberge bivakkeert, word verantwoordelijk gesteld voor de drank, hij weet als een van de weinige namelijk dat er een chinees is die chinees bier importeert. De Zwitsers blijken een aardige voorraad wijn bij zich te hebben, ze hebben in Frankrijk een wijngaard. Dit verklaard meteen het probleem van de door de veren gezakte auto. Met een paar man, onder andere Johan en Robert, de keuken in om de vis voor te bereiden en al snel kan het kerstfeest beginnen. Iedereen helpt fantastisch mee met de voorbereidingen en de afwas achteraf. Met een Zweedse visstoofpot, vis en gamba’s op de bbq en twee salades wordt het een heerlijke maaltijd. Simon en Robert draaien nog wat plaatjes met de iPod van Simon, er wordt gedanst, gezongen en gepraat onder de sterren en al snel wordt het laat en beginnen ze van de auberge te vragen of het iets zachter mag.... Een fantastische eerste kerstdag in Mauretanie!!

Na een goed ontbijt met eieren en verse jus (wie zij ook al weer dat aan eten komen in WestAfrika lastig is) rusten we nog wat uit en gaan vervolgens op weg naar Chinquetti en Ouadane.

Lees verder in het volgende verslag, Mariska en Robert


Wed Dec 22 18:41:10 2004
de kerstnomaden
mauretanie

Iedereen fijne kerstdagen gewenst en een hele goede, leuke jaarwisseling. We hebben vuurwerk kunnen kopen in Mali en zullen dat op een mooie kampeerplek in de Sahara in Mauretanie afsteken.

Tot volgend jaar!!!!!!!!!!!!!

Veel liefs, Robert en Mariska


Mon Dec 13 16:12:01 2004
mariska
Tombouctou

7 december 2004, Timboektoe

Op 1 december rijden we Bankass uit richting Djigibombo. Dat is een klein Dogondorpje waar een feest zal zijn i.v.m de opening van een nieuw hotel. We rijden over een hobbelige weg en zoeken een plek om te slapen. Als we die plek hebben gevonden komt er een oud mannetje aan. Hij spreekt bijna geen Frans maar weet ons wel duidelijk te maken dat hij geld wil. In plaats daarvan geven we hem een lange broek en daarmee is hij enorm in zijn nopjes. Terwijl hij ermee wegloopt loopt hij blij in zichzelf te praten en haalt de broek keer op keer uit zijn tas om hem te bekijken. Dan komen er twee jongetjes kijken naar ons en op een brommer komen 2 mannen aanzwieren. Ze rijden over een steen en donderen bijna van de brommer af, gierend van de lach. Even later blijkt dat het twee gidsen zijn, op weg naar het feest, en dat ze een lekker vrolijk sigaretje hebben gerookt. We praten wat en ze vragen aan ons of er in Nederland echt melk uit de kraan komt....... We helpen ze dit keer uit de droom. Na nog zo’n lekker sigaretje gaan ze apestoned op een gammele brommer, in het donker over een smalle weg verder. ‘A demain!’ (tot morgen!). De jongetjes staan er nog en laten trots hun schoolboeken zien. Biologie in het Frans en Dogon lesboeken. Ik lees voor in Dogon en zij vinden het prachtig. Geen idee waar het verhaal over ging;-). Dan koken we een Italiaanse hap en kruipen er vroeg in.

De volgende dag door naar Djigibombo. Als we aankomen worden we aangesproken door een jongen, Boubacar, die Baba kent en hij regelt ontbijt en een kleine tour door het dorp. Het feest duurt 3 dagen en dit is de tweede dag. Boubacar is al of nog dronken. Hij vertelt de hele nacht gedanst te hebben en heeft maar 1 uurtje geslapen. Op dit soort feesten drinken de mensen milletbier (alsof het limonade is) en dat bier is gratis(!) voor het hele dorp en zijn gasten. Het wordt gemaakt van graan. Het wordt gebrouwen in grote aarden potten en gedronken uit kalebassen. De hele dag staat het te gisten en daardoor loopt het alcoholpercentage op naarmate de potten langer staan. Dan zien we ‘Bassie’ een jongen uit Bankass die ons de rest van de dag op sleeptouw neemt. Zijn Frans is af en toe niet te verstaan en daarbij stottert hij ook nog, dat maakt het er niet gemakkelijker op, maar hij is erg aardig. Zijn grote broer Yacuba woont in dit dorp en schijnt nog Nederlands te spreken ook (!). Dan beginnen de festiviteiten. Eerst een officiele toespraak in het Frans en dat wordt ook vertaald in Dogontaal. Daarna komen er twee dansgroepen. Een uit Songho en een Dogondans met maskers. Supergaaf om te zien!!! Oude en jonge mannen en vrouwen uit het publiek dansen af en toe een stukje mee. De maskers zijn soms wel 5 of 6 meter hoog en ze zwieren ermee rond. De maskerdans hebben we in Nederland al eens gezien. Maar het is geweldig om het hier te zien waar de dans vandaankomt.

Later ontmoeten we de gidsen van de vorige dag weer, ze zijn gelukkig veilig aangekomen. We ontmoeten ook Yacuba die inderdaad Nederlands spreekt. Beter dan ons Frans. Hij werkt veel samen met een Nederlandse architect, Joop van Sticht, en komt ook wel eens naar Nederland. We hoopten Joop nog te ontmoeten, maar hij was net weer terug naar Nederland. Wel vreemd om een Malineese traditioneel gekleedde man Nederlands te horen praten. De rest van de dag eten we wat en we hangen wat rond. s’ Avonds gaan we bij ‘Bassie’ eten (eigenijk heet hij Abdulaye maar hij draagt steeds een Bassie en Adriaan t-shirt). We gaan naar het erf van zijn familie en we koken samen macaroni met dogonuitjes in tomatensaus..... We zitten dus in een Dogondorp bij mensen thuis en koken daar ons maaltje. Echt leuk want tijdens de wandelingen door Dogon maak je dat niet mee. Dan blijf je echt de toerist die toekijkt en die in het hotel (of campement zoals dat hier heet) eet. We eten ook weer met onze handen. Later die avond komt er een griot zingen. Een griot is een speciale zanger(es) die komt zingen op speciale gelegenheden. Voor ons klinken alle nummers hetzelfde maar Bassie vertaald voor ons en zo weten we dat ze toch steeds weer wat anders zingt. De mensen uit het publiek springen weer af en toe op de dansvloer om een stukje te dansen. Het echte dansen komt later maar ik val al luisterend naar de griot in slaap en besluit naar bed te gaan. Bassie blijft nog om te dansen. De volgende ochtend om half 7 opgestaan en..... daar zit Bassie alweer. Blijkt dat hij in het hotel op een mat in de gang heeft geslapen. Dat was dichterbij dan zijn eigen huis (5 minuten lopen of 10 minuten lopen).

Na het ontbijt van al onze vrienden afscheid genomen en Yacuba uitgenodigd om bij ons thuis te komen wanneer hij weer in Nederland is. We rijden naar Sévaré over een asfaltweg, joepie. Niet eens gaten in het wegdek. We gaan naar een campement dat ‘Mac’s Refuge’ heet. We kunnen daar in onze tent slapen, dat is goedkoper dan een kamer, en hij schijnt geweldig te koken en het ontbijt schijnt ook fantastisch te zijn. Nou we kunnen zeggen dat dat klopt. Als je in Mali toe bent aan lekker en gezond eten met veel groenten en fruit, dan zit je hier goed! De volgende ochtend komt Gilbert, een van de medewerkers, naar ons toe en vraagt of de auto heel misschien al eens eerder in Mali is geweest. Jazeker, zeggen wij. Robert noemt de naam van Bart en Gilbert roept opgetogen: ‘et Linda!’ Hij weet ook een polaroidfoto tevoorschijn te toveren met daarop: Bart, Linda, Baraka, Gilbert en nog 2 menseen. Dat is lachen en ook de 1e keer dat iemand Baraka herkent. We maken ook een polaroidfoto voor Gilbert met daarop Gilbert en wij tweeen en Baraka.

Mac is een huis aan het bouwen in Adobi-stijl. Hij maakt gebruik van traditionele en moderne technieken. Robert wil dat natuurlijk wel even bekijken en doen dat vind Mac prima. Daarna huren we 2 fietsen bij Mac en fietsen naar Mopti, 12 kilometer verderop. We voelen ons helemaal Malinees op onze fietsen maar worden af en toe uitgelachen door kinderen, die vinden het maar vreemd. Als toubab (blanke) fiets je niet want die hebben toch geld voor een auto. Mopti ligt aan twee rivieren de Bani en de Niger. Hierdoor fietsen we langs een soort ‘uiterwaarden’, het lijkt net op de weilanden in Nederland, maar dan zonder koeien. In Mopti verwachten we veel te worden aangesproken door allerlei gidsen die willen dat we gaan varen of met hen door Mopti gaan lopen. Maar het valt erg mee. Mopti is sfeervol en erg klein en we zijn er zo doorheen dus we checken nog even snel onze berichten op de website en de e-mail. Dan fietsen we terug naar Sévaré en komen op het idee om echte Malinese stoelen te kopen. Een soort (tuin-) stoel waar zo ongeveer iedere Malinees op zit. Ze zijn er in verschillende kleuren. Uiteindelijk vinden we een stoelenmatter die de stoelen kan maken. Niet zo duur en ze zijn over 3 dagen klaar. Mooi, dan gaan wij ondertussen Timboektoe bezoeken. s’Avonds eten we overheerlijk mexicaans eten bij Mac en de volgende dag vertrekken we naar Timboektoe. Eerst een fijne asfalt weg daarna een wasbordpiste tot aan Bambara-Maoundé. Er is ons verteld dat we in deze omgeving beter niet kunnen gaan kamperen i.v.m bandieten. Dus in Bambara gaan we naar een campement om de volgende dag naar Timboektoe door te rijden. Timboektoe heeft een pont waar we achteruit op moeten rijden want dat is handig voor de overkant. Dat je de pont ook om kunt draaien, daar komt niemand op. Dus met veel gedoe (zacht zand, gaten en bergjes en een helling naar beneden) staat ze dan toch op de pont. We komen om 13.00 uur aan in Tombouctou en zoeken een camping. Daarna gaan we eten en kaartjes schrijven: ‘groeten uit Timboektoe’. Op naar het postkantoor om de kaartjes te posten en de poste restante post van HendrikJan en Julian op te halen. Er is zeker wat gestuurd maar het was nog niet aangekomen toen zij in Timboektoe waren. Er liggen 2 kaarten en een pakje voor hen. Ik mag het pakje openmaken want er zit een Nederlands boek in wat we van HendrikJan en Julian cadeau kregen als we het ophaalden in Timboektoe.

Dan gaan we Timboektoe bekijken. Het een leuk, klein plaatsje met authentieke architectuur (vergeleken met de rest van de kleine dorpjes die we bezoeken). We vinden erg leuk om er rond te lopen, de atmosfeer is goed. Als we de volgende dag Timboektoe uitrijden blijken we een politiepost gemist te hebben. We krijgen een boete. Ik probeer nog uit te leggen dat we dat niet wisten en dat het de dag ervoor ook geen probleem was om door te rijden maar de agent is onvermurwbaar. Onze eerste boete is binnen :-( Hierna rijden we terug naar Bambara-Maounde. Eerst weer met de pont. Als we eenmaal aan het varen zijn krijgen we een dubbele rekening. Tja, er staat maar 1 auto op de pont dus moeten we het volle pond betalen, want er passen wel 2 auto’s op! Als ze dat nou eerder hadden gezegd..... en hetzelfde gedoe met achteruitrijden als gisteren maar nu moeten we er achteruit afrijden. De bestuurder zegt dat hij wel kàn draaien maar het gewoon niet wil doen. Hierna weer de lekkere wasbordpiste waarbij de beschermkap van de koelfan lostrilt (gelukkig op tijd gezien en weer vastgezet). Op woensdag de 8e rijden we vanuit Bambare door naar Sévaré om onze stoelen op te halen. De andere 2 stoelen die we vanuit Nederland hadden meegenomen zijn kapot gegaan, maar wat voor ons kapot is kunnen ze hier nog prima gebruiken. De stoelen zijn gemat en geverfd op typisch Afrikaase wijze. Eerst de stoel matten en daarn het frame zwart verven met een dikke kwast. Gevolg: zwarte spetters en vegen op de zitting en rugleuning, zo gaat dat hier en de Afrikanen zien het probleem niet. Verder is de verf erg dun en gaat het zo van de zitting af en dus ook van het frame...... Nu we in Sevare dan toch in de buurt zijn kunnen we het niet weerstaan om weer naar ‘Mac’s Refuge’ te gaan vanwege het lekkere eten. Als we aankomen blijkt er al een kerstboom te staan, toch een beetje kerstsfeer al voelt het wel vreemd met 40 graden.

Dan gaan we naar Djenne. Het tafereel aanchouwend met de pont op en af hobbelende bussen, motoren met onderwatergelopen motor en glijdende brommertjes besluiten we Djenne per mobylette te bezoeken (Baraka dus nit op de pont te rijden). We huren een brommertje, laten ons in een pinasse (klein vissersbootje) naar de overkant zetten en ‘scheuren’ naar Djenne. Daar aangekomen gaan we eerst eten en daarna laten we ons door een gids door Djenne loodsen. Je kunt er mooie gebouwen zien, de Moskee is absoluut de moeite waard, maar het is er erg vies i.v.m het open riool. Gelukkig pakken ze dat nu aan en over 1 jaar zal Djenne er weer schoon bijliggen (naar Afrikaanse maatstaven dan want in heel Afrika gooit iedereen zijn afval zo op straat). Het is er ook behoorlijk toeristisch. In het pakje wat we in Timboektoe hebben opgehaald zit het boek: ‘Het zandkasteel’ van Ton van der Lee. Deze Nederlander heeft in Djenne op traditionele manier een huis gebouwd. We wagen het erop om bij zijn huis langs te gaan en worden hartelijk ontvangen. Het is een prachtig huis, een waar zandkasteel. Een gelukkig mens die daar mag wonen. Hij heeft ook nog wat dikke boeken over die ik mag meenemen. Fijn, weer leesvoer. Dan zoeken we een kampeerplek. We krijgen bezoek van een koeienherder die ook de nacht daar doorbrengt. We hebben hout gesprokkeld en hij maakt een vuurtje. Van de kooltjes die ontstaan uit het hout maakt hij een apart stapeltje, daarop het theepotje en als je steeds kooltjes blijft aanvoeren gaat het water vanzelf koken. We drinken samen thee. Wij koken macaroni. Deels op gas.... totdat het op is.... en zetten dan de pan op de kooltjes. Zo kun je ook prima koken. We spelen met Ibrahim het spel wali. Het is erg gezellig. Net voordat we gaan slapen hoort Robert opeens gesis. Het blijkt een kleine slang te zijn waar Robert vlak langs wilde lopen. Gelukkig hoorde hij op tijd het gesis. Best spannend en die nacht ga ik voor het eerst niet in de bosjes plassen maar op het dak van Baraka in de plasemmer (sorry, Dennis, ik heb toen niet aan je gedacht, hihi). De volgende ochtend brengt Ibrahim ons verse melk, zo uit de koe. Er is ons verteld dat we dat beter eerst kunnen koken voordat we het drinken. We maken net als Ibrahim een vuurtje en koken de melk op de kooltjes. Vlak voordat we vertrekken komen er wat kinderen aan. Ze spreken geen Frans maar Fulani. Dat is dus moeilijk communiceren? Niet echt, we praten in gebaren! Zij beginnen ermee. Echt heel grappig. Ik geef ze kleurpotloden en papier. Ze krassen eerst wat. Dan teken ik Baraka. Dat vinden ze erg leuk en een meisje tekent zichzelf. Een andere jongen tekent de pont. Dan vertrekken we in de richting van Bamako.

Het volgende verslag komt vanuit Mauretanie, adios, Maris en Robert


Mon Dec 13 16:10:24 2004
robert en mariska
land van de Dogon

Het land van de Dogon, 3 december 2004

(mariska) Vlakbij de grens naar Mali ligt Ouahigouya daar zullen we onze laatste nacht in Burkina Faso doorbrengen. We gaan naar de markt, internetten wat en laten foto’s ontwikkelen. s’Avonds gaan we naar een hotel waar je, naar schijnt, heel lekker kunt eten. We komen om 8 uur aan en vragen of we daar kunnen eten.‘Even aan mijn moeder vragen’ zegt een man. Het kan. Er wordt een tafel voor ons gedekt en verder gebeurd er niets. Wel wordt er een biertje gebracht maar geen menukaart ofzo. Iedereen lijkt het heel druk te hebben. Rond half 9 gaan de gasten van het hotel aan tafel. Er wordt heerlijk eten geserveerd. Alle tafels krijgen hetzelfde eten, wij ook. Mmm, blijkbaar wordt hier elke avond een maaltijd gekookt en als er voldoende is kun je dus meeeten. Er is geen keuze in het menu. Oke prima, het eten is ook echt heel lekker. De rekening achteraf valt ook reuze mee dus we gaan voldaan nar ons hotel voor onze laatste nacht in Burkina. De volgende dag, 26 november, steken we de grens naar Mali over en rijden over een beroerde weg naar Bankass.

Vanuit Bankass kun je wandelingen regelen in het Dogongebied. Dus als we daar vermoeid aankomen worden we meteen door allerlei jongens aangesproken. Daar hebben we even geen trek in, we zijn moe en willen een hotel en een biertje. Mariska krijgt spontaan ruzie met een van de jongens. Maar nadat duidelijk wordt dat we eerst rust willen gaan ze weg. Na onze rust gehad te hebben konden we op een gezellige manier praten met iedereen, en natuurlijk ook met enkele gidsen. Ik, Robert, vraag ze of ze een Nederlandse architect kennen die in de Dogon actief is. Er wordt meteen Joop geroepen. Ik vraag of we Joop van Stigt kunnen ontmoeten. De gidsen zullen hun best doen om uit te vinden waar Joop nu verblijft. Wordt vervolgd... Onze gids door de Dogon wordt Baba. Hij spreekt gelukkig Engels. We gaan met hem 3 dagen wandelen en vanaf het moment dat dat is afgesproken (met handgeschreven contract) regelt hij alles voor ons wat we maar willen. Meestal heeft hij iemand in zijn familie die iets verkoopt of kan maken of regelen. Daar wij net de handrem hebben gemold (nou ja, waarschijnlijk was die al 25 jaar oud en dus versleten en kon die het gehots en gehobbel op de Afrikaanse wegen niet meer aan en toen is er iets gebroken) gaat de broer van Baba op zoek naar een nieuw onderdeel. Helaas kan hij het niet vinden maar ze kunnen het wel lassen? We betwijfelen of dat houdt maar beter dat dan niets. Hier wordt alles wat stuk is aan elkaar gelast of aan elkaar gebonden met stukken touw en ijzerdraad. Dus wie weet werkt het wel.

Op 28 november vertrekken we om 7 uur richting de Dogondorpjes. Het eerste stuk leggen we af op een paardenkar. Lopen en galop is nog wel te doen maar als het paard draaft schudden we de kar af. Baba en Robert hebben ‘s avonds blauwe plekken. We komen aan in Kani-Kombolé, het eerste Dogon dorp ooit. We zien stenenmakers die direct uit de grond stenen maken en Baba verteld hoe het bouwen van een huis in zijn werk gaat. We zien onze 1e Dogon moskee. Dogon zijn eigenlijk animist maar sommigen hebben zich bekeerd tot de islam of het christendom. Baba weet veel te vertellen over het animisme. Erg interessant want daar weten we echt niks van. De Dogon woonden langs, op en in een rotswand, de falaise. Vroeger woonden daar ook de Tellem en de Pygmee. Hun huizen kun je vaak nog zien. De meeste Dogon wonen nu onderaan de rotswand of er bovenop. De oude huizen, graanschuren in de rotswand kun je bezoeken. Waarschijnlijk worden de Dogon nog wel in de rotswand ‘begraven’. We leren over de god van het water, de tweelinggod. In Kani-Kombole maken we kennis met een typisch Afrikaans spel: wali. De eenvoudige versie ervan hebben we inmiddels onder de knie maar er zijn vele varianten.

Het tweede dorp dat we bezoeken heet Teli. Het ligt op ongeveer 4 kilometer van Kani Kombole, we gaan lekker wandelen. We zien de moskee, een wever, de smid, een kerk, een school, het praathuis of ook genoemd huis van woorden en hebben een prachtig uitzicht op het weidse landschap van Mali. We bezoeken het dorp in en onderaan de rotswand. We zien het heilige huis van Sigi en Baba legt ons van alles uit. Het is teveel om nu te beschrijven. We zien de verschillen in de silo’s voor mannen en vrouwen. We zien waar de oorlogswespen vroeger werden gehouden en de vogeltjes (die waren om op te eten). We leren waarvoor je de baobabboom allemaal kunt gebruiken (touw, medicijen, koken, kleding). We horen hoe het graan van wortel tot top wordt gebruikt. Er gaat niets verloren. Zelfs graanresten worden weer verwerkt in de lemen bakstenen.

Dan lopen we door naar Ende. Het ongeveer 4 kilometer wandelen. Lekker om weer eens flink te wandelen. De natuur hier is werkelijk prachtig. Met de hitte valt het mee, vinden wij. De koude periode in Mali breekt aan en wij zijn ook meer gewend aan de warmte. Het is een heerlijke dag. Ende is erg toeristish en we worden langs allerlei souveniers geloodsd. Deze dag is er markt. Een bontgekleurd marktje waar bijna alleen vrouwen zijn. Ze willen niet dat we foto’s maken maar Baba vind het onzin. Hij pakt onze camera en maakt een paar foto’s. s’Avonds in het campement speelt Robert onder het genot van een biertje een potje klaverjas met de Malinezen.

De tweede dag: we ontbijten met oliebollen zonder krenten waar je jam op smeert. Zijn wij nu de eerste die oliebollen hebben gegeten dit jaar? ?? We leggen Baba uit dat wij die alleen rond de jaarwisseling eten en hij denkt even dat ze ‘holybollen’ heten. Hihi. Dan weer op pad met Baba. Hij weet veel over Dogon en Mali in het algemeen en we kunnen hem veel vragen, dat is leuk. Ik leer wat over de zwerfkinderen op straat en over hoe er tegen gekke mensen wordt aangekeken. Heel anders dan bij ons. In Ende zijn ze bezig met het bouwen van een dam. Daar gaan we, op verzoek van Robert, naar kijken. Daarna klimmen we de rotswand op en bezoeken we de heilige man die afgezonderd in de rotsen woont. Je mag hem geen hand geven maar voor 500 CFA mogen we hem wel fotograferen. We zien het huis waarin vroeger de maskers werden bewaard en we zien wat graven en een mooi praathuis. Het praathuis is maar max. 1 meter hoog. Het idee erachter is dat als je in een verhitte discussie wil opstaan om de ander aan te vallen dat dat niet kan of je stoot knoerthard je hoofd tegen het plafond. De eerste god van de Dogon was afrodiet. We zien een plek waar je dingen aan hem kunt offeren. Dan helpt hij/zij je dat wat gestolen is terug te vinden of de dief gaat dood, dat kan ook. Ze hebben ook iets met een tweelinggod. Het gevolg daarvan is dat als je een tweeling hebt of bent je altijd alles dubbel moet kopen en meestal trouwen ze ook op dezelfde dag.

Dan lopen we door naar Yabatalou alwaar we lunchen. Na de lunch lopen we naar Bingimato dat bovenop de rotswand ligt. Het is een prachtige wandeling en het dorpje is echt heel mooi. Het een heel andere stijl dan we tot nu toe gezien hebben. In plaats van huisjes van leem, bouwen ze hier huisjes van stenen die uit de rotsen gehakt zijn. Vanuit Bignimato lopen we aan het eind van de dag naar Indelou. Een dorpje waar tradities nog hoog in het vaandel staan. Er mogen daar geen mensen op de foto gezet worden. En als we een misstap maken staan we opeens op het erf voor menstruerende vrouwen. Verboden voor mannen maar gelukkig is er nu niemand. Ik mag er, als vrouw, wel even rondkijken. Wanneer vrouwen menstrueren krijgen ze 1 week vrij. Ze hoeven niet te koken, wassen, werken en voor de kinderen te zorgen, lekker he?! We bezoeken de smid die een Dogonnaald maakt. Deze naald is bedoeld om kapotte kalebassen repareren. Ik probeer ook de blaasgalg aan de praat te houden, valt nog niet mee, en we kopen de naald. De omgeving hier is bergachtig en prachtig.
(robert) Al wandelend begin ik, robert, langzaam te begrijpen wat de ‘grote’ Nederlandse architecten vroeger zo gefascineerd moet hebben. Het zien van de verzameling van graansilo’s, huizen e.d. gemaakt van materiaal uit de directe omgeving is van een verbluffende schoonheid. Door de eenvoud, door het materiaalgebruik, maar vooral ook door de combinatie met de omgeving van de Falaise. Het is erg boeiend hoe de verschillende huizen worden gegroepeerd tot een dorp. Van dichtbij ontdek je dat het huis vooral buiten is, vergeleken met onze westerse indeling is de woonkamer buiten met daaromheen een binnen zoals de keuken en slaapkamer. Veelal bestaat een Dogondorp uit kwartieren. Voor elke religie, christen, moslim en animist, een kwartier. Ondanks de verschillende religie’s leven ze samen als een gemeenschap. De tradities zorgen voor respect voor ieders religie (kunnen ze in de rest van de wereld nog wat van leren). Inmiddels heb ik aantekeningen over de Dogon en ook over architectuur in West-Africa gemaakt, maar daar zal ik bij thuiskomst de geinteresseerden wel mee vermoeien :-)
(mariska) De derde dag (oliebollen als ontbijt) bekijken we het dorp Bignimato beter en dan lopen we terug naar Yabatoulou. We lopen daar ook de rotswand op en dan gaan we terug met de paardenkar naar Bankass. Het is erg druk op het klein paardenpaadje want er is markt geweest in Bankass. De mensen gaan met gevulde paarden-, ezel-, en koeienkarren terug naar hun dorpjes. Er is op de weg ruimte voor 1 kar maar wat nou de voorrangregels zijn weet niemand. Regelmatig gaat het maar net goed en ik donder bijna van de kar af waneer hij opeens uitwijkt en over een grote hobbel rijdt. Weer terug in Bankass staat Baraka gelukkig nog op ons te wachten. Zou ze ons gemist hebben? De hotelmanager Ali heeft belooft tegen haar te praten zolang we er niet zijn.... s’Avonds eten we couscous bij Baba met onze handen. We worden er al aardig handig in en eten zonder knoeien. Iedereen in Bankass is ‘dikke vrienden’ met ons. Met name Ali van het hotel die alle Nederlanders aardig vindt omdat de eigenaar van het hotel ook Nederlander is. Volgens mij is-ie een beetje gek op mij (Mariska). Hij zoekt me de hele tijd op en verteld dat ik zo aardig ben en dat mijn haar zo mooi zit. Het liefst heeft hij dat ik een zus of vriendin voor hem zoek, naar Mali stuur en waarmee hij dan kan trouwen.... Dus zussen en vriendinnen, iemand geinteresseerd? Dan hoor ik het wel!

Groeten met handen en voeten, Maris en Robert


Thu Nov 25 11:34:33 2004
Mariska
Ouahigouya

24 november 2004, nabij Ouahigouya

Het is nu 7 uur ‘s ochtends en we kamperen op een prachtig plekje in Noord-West Burkina. Onze laatste dagen hier want over 2 dagen gaan we naar Mali. Robert is iets aan het popnagelen (oh, alweer klaar) en ik type dit verslag. Een paar dagen geleden hebben we tussen Gorum Gorum en Arabinda toevallig een prachtige plek gevonden om te kamperen. We stopten eigenlijk alleen even voor een pauze want we wilden doorrijden naar Arabinda. Maar we vonden de plek zo mooi dat we zijn blijven kamperen. Er komen wat kinderen kijken maar ze durven niet dichtbij te komen. Ze blijven een tijdje op grote afstand kijken en gaan dan weg. s’Avonds drinken we een flesje wij bij een overheerlijke bbq met hot dogs, paprika, aubergine en gegrilde aardappelen. Echt genieten. We zien verderop steeds een heuvel met een dorpje. Eerst hadden we die niet gezien want het leken wel gewoon rotsblokken op een heuvel maar het blijken toch huisjes te zijn. De volgende ochtend lopen we erheen. We komen 3 vrouwen tegen die hard wegrennen als we hun richting uitkomen. Misschien niet gewend aan witte mensen? We maken een mooie wandeling en schetsen het dorpje. Dan weer terug naar Baraka.

We rijden vanaf Arabinda over een akelige ribbelweg richting Ouahigouya. We komen aan in Djibo en parkeren Baraka vlakbij de gendarmerie en gaan op zoek naar koud drinken en de markt. De markt is niet groot en het is moeilijk om (verse) groente te vinden. Uiteidelijk kopen we een kool en nog wat dingen. We kopen ook een mat. Hier in West-Afrika liggen mensen vaak op plastic matten. Om uit te rusten of te bidden of gewoon bedoeld als meubilair. Ze hebben dan geen stoelen. Zo’n mat wilden wij ook wel om lekker op te luieren als we kamperen. We zijn ook op zoek naar (opklapbare) stoelen omdat de onze het inmiddels hebben begeven. Maar die hebben we nog niet gevonden. Dus voorlopig zitten we op een kist en de mat. We lopen terug naar Baraka en een man van de gendarmerie vraagt naar onze papieren. Dan begint hij over een of ander papier waarop zou staan dat we toeristen zijn. We weten van niks en denken dat hij gewoon gaat proberen geld te verdienen. We geven hem wat autopapieren en een zelfgetypte lijst met onze gegevens erop waarop ook staat dat we toeristen zijn. Uiteidelijk laat hij het maar en we mogen doorgaan. Onze autogegevens worden nog op een kladje gekrabbeld. Volgens mij meer om indruk te maken dan dat het echt ergens voor nodig is. Dat kladje gaat straks gewoon de prullebak in, denk ik.

We rijden door en het is moeilijk om langs deze weg een kampeerplek te vinden. Veel dorpjes of er is geen mogelijkheid om van de weg af te rijden. Het word steeds later en de zon gaat al bijna onder. Uiteindelijk vinden we een plekje. We verwachten er niet veel van maar later blijkt dat het een erg relax plekje is en we blijven 2 nachten en maken kampvuur met gesprokkeld hout. De volgende ochtend gaat Robert Baraka nakijken en lekker smeren. Blijkt dat er nu toch eindelijk iets kapot is getrild op deze wegen. De rubbers waaraan de uitlaat hangt zijn gescheurd en er zit ook een gaatje in de uitlaat. Robert gaat aan de slag en repareert en smeert Baraka. Ik ontdek dat er binnen in Baraka ook iets kapot is gegaan en repareer dat ook. Dan ruimen we Baraka eens goed op en ik doe de was. We besluiten om dus nog een nachtje te blijven. We koken ‘s avonds ‘riz sauce’ een echt West-Afrikaans gerecht (eigenlijk rijst met pindasaus en kool) met hier gekochte saus. Dan krijgen we weer een onverwachte gast. Geen muis, geen kikker maar een oude man met een stok. Hij begroet ons met ‘salam aleikum’ en spreekt verder geen Frans. Hij wil niet bij het vuur zitten maar blijft achteraf zitten en geeft mij een halve kalebas (om te vullen met eten). Helaas is de riz sauce op maar ik doe er wat brood en koekjes in en geef hem ook een klein flesje met water. Na van het brood en de koekjes te hebben gegeten gaat hij op de grond liggen om te slapen. Wij zetten een koekepan op de kooltjes en poffen wat popcorn. Ik geef de man popcorn, oude slippers en een warme trui. De volgende ochtend is hij er nog. Hij vraagt om water en we geven hem ook warme thee met veel suiker. Er is ook nog wat cocosnoot over en dat geef ik hem ook mee. Nadat hij de thee heeft opgedronken pakt hij zijn spulletjes in, staat met moeite op (we vragen ons af of hoe oud hij wel niet is) en vertrekt.

We pakken ook alles in en gaan verder over de akelige ribbelweg naar Ouahigouya. Dat blijkt een plaatsje met een grote markt te zijn. We kopen een heleboel groenten, wat fruit en brood en rijden dan door naar een klein plaatsje dat Ramatoulaye heet. Als we aankomen zien we tussen de lemen hutjes en bomen een witte moskee uitsteken. Het is net de Fata Morgana van de efteling. We bekijken de moskee van dichtbij en van binnen en gaan dan op zoek naar een kampeerplek. We gaan het wildkamperen steeds leuker vinden (mede omdat hier geen muggen zitten). We denken een goede plek te hebben gevonden. Helaas blijken er wat dorpjes omheen te liggen en we krijgen veel ‘bezoek’. De mensen spreken nauwelijks Frans en vinden ons soms heel raar, geloof ik. Ik denk dat de kinderen de 1e generatie zijn die naar school gaan. De mensen zijn, denk ik, ook heel arm. Ze hebben geen draad aan hun lijf. Zelfs de volwassenen hebben echt alleen hele oude en kapotte kleren aan.

s’Avonds eten we weer heerlijk van de bbq. We hebben geen kooltjes meer en we sprokkelen hout. Dat fikken we en als het kooltjes zijn geworden roosteren we het eten, mmm lekker. We hebben ook een potje mayo gekocht, dus extra lekker eten. De volgende ochtend zoeken we een wat rustiger plekje. We vinden iets maar als Baraka staat en we lopen wat rond wordt het steeds mooier en uiteindelijk staan we aan de rand van een heuvel met prachtig uitzicht op het landschap van Burkina. Daar willen we eigenlijk wel met Baraka staan.... maar het is niet eenvoudig om er te komen. We zoeken naar de beste weg ernaartoe en markeren die met hoopjes stenen. Alles lijkt op elkaar en je bent zo vergeten hoe je ook alweer wilde rijden, langs welke boom en waar zat dat grote gat ook alweer? Dan staat ze en het is een mooie plek. De hele dag luieren we wat, lezen, puzzelen, hangen en ‘s avonds maken we tajine op de bbq. Eerst sprokkelen we hout en dat stoppen we in de bbq. Als het kooltjes zijn geworden zetten we de tajine erop. Het werkt goed en het spaart gas uit. Dat gaan we vaker doen! We trekken ons laatste flesje wijn open en eten als toetje chocoladevla uit blik. Wat een lekker leven!

Op 26 november zullen we de grens over gaan naar Mali. Daar zullen we de Niger Delta bezoeken, het Dogon gebied en naar Timboektoe, Mopti en Djenne gaan. We komen daarna nog even in Bamako voor het visum en de verzekering voor Mauretanie. Het visum voor Mali geldt tot 26 december dus uiterlijk die dag zullen we de grens naar Mauretanie oversteken. Dan in Mauretanie gaan we over de ‘route de l’espoir’ naar Nouakchott. Vandaaruit rijden we naar Atar, Ouadane en Chinguetti. Daarna richting Marokko. We weten niet hoelang we overal zullen zijn en waar we met kerst zullen zijn. Misschien nog net in Mali of al in Mauretanie?

Hasta la pasta, Maris en Robert


Thu Nov 25 11:32:28 2004
Mariska
Gorom Gorom

0016, na Gorom Gorom

Stof, stof en nog meer stof.... hier in Burkina (in heel West-Afrika) heb je wat asfaltwegen en maar voornamelijk aarden wegen. Als je daar overeen rijdt stuift het stof op. En het stuift op, om ons heen en naar binnen. Alles is stoffig en ruikt stoffig, we ademen stof in. Elke keer vegen we weer wat stof uit uit Baraka maar ‘s avonds zit alles weer onder. We moeten borden en bekers eerst afwassen voordat we ze kunnen gebruiken. Volgens mij moeten de mensen hier last hebben van stoflongen, dat kan bijna niet anders. Daarnaast heb je in deze periode ook nog de Harmattan. Dat is een warme wind die veel stof doet opwaaien. Soms lijkt de lucht wel vol mist maar dat is dan stof/zand.

We blijven wat langer in Ouaga dan gedacht. Niet omdat Ouaga nou zo leuk is maar het is wel gezellig met Hendrikjan, Julian en Henry. De 1e avond gaan we uit eten en naar een bandje luisteren. Helaas niet zo’n leuk bandje maar we kletsten lekker met elkaar. De 2e avond gaat Henry naar de ‘Nederlandse’ avond, wij gaan mee. Een avond die 1x per week wordt georganiseerd door Nederlanders voor de buitenlanders in Ouaga. Het thema is ‘Arabisch’ dus het is geen echte Nederlandse avond met Hazes enzo, gelukkig. Wel zijn er bitterballen, olijven en arabische hapjes en waterpijpen. We spreken de ambassadeur en Margriet. Zij kent Linda en Bart nog en we doen haar de groeten van hen. Linda en Bart: hartelijke groeten terug, natuurlijk. Margriet heeft een textielfabriek waar vrouwen werken en woont hier al 24 jaar. Alle dagen dat we bij het hotel kamperen krijgen we steeds meer ‘vrienden’. Ze blijven steeds langer hangen en praten. Sommigen zijn wel te verstaan maar bij sommigen is het Frans bijna onverstaanbaar. Als het ons teveel wordt gaan we in het zwembad liggen en kletsen in het Nederlands. En jongen verkoopt autoonderdelen. Onze ruitenwissers doen het niet meer. De motor is doorgebrand omdat de ruitenwissers zijn vastgelopen door het stof of het gehobbel ofzo. Ibrahim lukt het om dit Land Rover onderdeel te vinden en Robert is er een dagje zoet mee om het te repareren. Hier regent het dan wel niet maar straks in Europa.... In Ouaga rijdt iedereen rondt op fietsen of kleine motoren/brommers. Wie het kan betalen rijdt auto. Het is dus een grote smogstad. Maar achterop een brommer/motor is dus het ‘echte’ werk. Dus Mariska klimt achterop de brommer van Jacuba en laat zich naar het internetcafe brengen, maar niet voordat hij heeft bedongen dat ik zijn benzine betaal. Hij brengt en haalt me op en onderweg laat hij me nog even zien aan familie en vrienden. Ik krijg een pannetje met heerlijk eten mee, mmm. De ramadan is vandaag voorbij en iedereen is vrolijk en heel mooi gekleed.

Dan worden we uitgenodigd om mee te gaan om het einde van de ramadan te vieren. Dat lijkt ons leuk maar het is nogal een gedoe om een afspraak te maken. Uiteindelijk staan er ‘s avonds om 6 uur een stuk of 6 Afrikanen bij onze auto. Het is nog steeds niet duidelijk wat we gaan doen. Eigenlijk zijn er 2 groepjes die allebei iets anders willen, geloof ik. Er wordt gezegd: ‘wat jullie willen’. Wij zeggen dat we het willen vieren als Burkinabe’s. Hmmm... het duurt even voordat dat duidelijk is. Uiteindelijk komt het neer op een biertjes drinken, wat eten en dansen. Of dat nou echt een ‘einde-van ramadan-feest’ is? Een groepje jongens gaat mee en de anderen zijn weg... we weten niet waarheen en of ze nog terugkomen. De volgende ochtend blijkt dat ze nog wel zijn teruggekomen maar wij waren al weg. Ze zeggen dat we een leuke avond met lekker eten hebben gemist. Wij weten niet wat ervan moeten denken.

16 november is het dan toch tijd om afscheid te nemen van Hendrikjan, Julian, onze Afrikaanse vrienden en Ouagadougou. Op naar Gorum Gorum en Oursi. We hebben ook weer veel zin in wildkamperen, lekker weg van de vieze stad. Eerst rijden we op goed asfalt maar al gauw houdt het op en maakt het plaats voor een lange ribbelweg. Daar gaan we weer, hobbelend en schuddend. Weer blijft Baraka lekker doorrijden en we hebben nog geen losse bouten en schroeven of andere onderdelen ontdekt, Baraka is ‘the best’. Onderweg stoppen we in Bani waar een mooie moskee staat. Helaas is die onlangs gedeeltelijk ingestort en ze zijn hem nu aan het restaureren. Dat doen de dorpelingen samen en vrijwillig. Ondanks de schade is toch de moeite waard om er even te gaan kijken. Dan rijden we door op zoek naar een slaapplek. Moeilijk te vinden omdat het ene dorpje begint waar het andere dorpje ophoudt. Dan denken we iets te hebben gevonden. Het is al tegen 4-en en echt tijd om te stoppen. Hier wordt het om half 6 al donker en voor die tijd willen we nog even lekker van het daglicht genieten. Helaas staan we toch weer vlakbij een dorpje. Soms is het gewoon lekker om even samen te zijn. Maar ja. Binnen een mum van tijd staan er 10 kinderen rond onze auto. Ze spreken bijna geen Frans en ze gaan niet naar school. Ze zien er niet zo goed uit. Weinig kleren, vieze ogen. Maar ze vinden onze auto wel prachtig. We maken een polaroid foto. Daar zijn ze erg blij mee. Ze vragen om water. Ik geef ze een beker met water en heel netjes krijgt iedereen een slokje. Het is me al eerder opgevallen dat kinderen eten en drinken samen delen. s’Avonds eten we wat soep. De kinderen vragen niets maar blijven wel zitten. Ik breek een stuk brood en iedereen krijgt een stukje. De overgebleven soep warm ik op met extra water en een bouillonblokje en dat geef ik aan de kinderen. Binnen de kortste keren is het opgegeten. Ik vraag me af hoevaak die kinderen te eten krijgen. Inmiddels is het pikdonker (hier hoeven kinderen niet voor het donker thuis te zijn) en we worden bedankt voor de soep daarna gaan ze weg. Wij genieten nog van de sterrenhemel en de vallende sterren. We vragen ons af waar het steelpannetje toch is? Een paar dagen later komen we erachter dat het steelpannetje hier pas veel later in de nacht te zien is. Het is hier ook heel stil. Geen krekels, muggen, vliegen en vogelgeluiden.

De volgende ochtend wordt ik al voor 6 uur wakker en hoor van alles om me heen. Er hebben zich nu zo’n 20 kinderen rondom Baraka verzameld. We blijven nog lekker een tijdje liggen en dan staan we op. We eten wat en vertrekken. In Gorom Gorom gaan we op zoek naar de weg naar Oursi. Niemand wil ons vertellen waar die weg begint. Iedereen zegt dat het moeilijk te vinden is en dat we een gids moeten meenemen. Uiteindelijk vind Robert Rabo. Een Afrikaan die ons gewoon de weg wijst en verteld dat een Nederlandse organisatie die weg heeft aangelegd, hij is daarom dol op Nederlanders en helpt ons graag zonder bijbedoelingen. De weg is inderdaad spiksplinternieuw, geen gids voor nodig, je moet alleen even het begin vinden. Rondom Gorom Gorom blijken allemaal nieuw aangelegde wegen te liggen. Alleen in Gorom zijn er oude, hobbelige rotzooiwegen. Robert vraagt aan Rabo waarom de Nederlanders hier niet ook een weg hebben gemaakt. Hij kan het antwoord niet helemaal vertstaan maar het heeft iets te maken met de chef van het dorp die het niet wil ofzo. Bij Oursi zijn zandduinen te vinden. We vinden ze maar ze zijn voor ons niet berijdbaar en we zoeken weer een plekje in de ‘broesse’ (natuur) om te kamperen. We vinden een heel prachtig plekje waar niemand komt. We genieten van de omgeving en Robert wandeld wat rond. We zien ‘s avond weer mooie sterren. 18 november gaan we terug naar Gorom Gorom alwaar een grote markt is. We hebben plannen voor het kopen van fruit en groente en dan een paar dagen in de natuur kamperen. Helaas is er niet veel te krijgen. Gorom ligt ver van de grote stad en groenten zijn moeilijk goed te houden in de warmte. Het gevolg is dat er weinig te koop is en dat het er ook niet zo geweldig uit ziet. Jammer. We kopen nog wel wat kadootjes voor thuis en ik koop nieuwe teenslippers. Mijn oude zijn versleten (vind ik, maar naar Afrikaanse maatstaven kunnen ze nog heel lang mee en ik ben van plan ze weg te geven). We vertrekken uit Gorom en onderweg bedenk ik me dat ik vergeten ben om Winnie te bellen. Ze was vandaag jarig. Stom. Winnie: alsnog gefeliciteerd! Er is een verjaardagsbriefje onderweg.

Het gebied waar we nu zijn, in Noord-Burkina heet de Sahel. Veel mensen dragen hier (indigo-)blauwe kleren. Er wonen hier voornamelijk Peulen en Toearegs. Dit zijn 2 nomadenvolken. We voelen ons ook wel een beetje Nomaden met onze blauwe auto.

In West-Afrika wordt je door de kinderen en volwassenen vaak nageroepen (blanke): le blanche, le blanc, toebab of nasara. Inmiddels weet ik het woord voor ‘zwarte’ in een van de Afrikaanse talen: Baledjo. Wanneer ik dat terug zeg moeten de mensen lachen. We laten de markt achter ons en rijden een kleine weg in. We komen langs dorpjes waar de mensen geen Frans spreken. Ze spreken verschillende dialecten van de Peultaal. Het Peul wat we in Senegal hebben geleerd is hier nutteloos. Jammer. Toch kunnen de mensen d.m.v gebaren duidelijk maken dat ze eten of kleding van ons willen en dat de oogst is mislukt door te weinig regen. Het is dan wel gek om weg te rijden met een auto ‘vol’ kleren en eten en niets (of 1 á 2 dingetjes) weg te geven. Maar we kunnen ook niet heel Burkina voorzien van eten en kleding.

Op het moment hebben we een mooi kampeerplekje gevonden. Af en toe komt er iemand even kijken naar ons en gaat dan weer weg. Het waait hier lekker en we hebben prachtig uitzicht op het landschap van Burkina: bomen, rotsen, dorpje.

Groetjes van 2 nomaden


Thu Nov 25 11:30:28 2004
Mariska
olifanten

Nabij olifanten, 10 november 2004

In het zuiden van Burkina ligt het plaatsje Pô. Daar rijden we naartoe om een aantal dagen rustig in een hotel te luieren. Op de parkeerplaats van het hotel (vergelijkbaar met 5-sterren hotel) in Ouaga staan is dan wel gratis (met zwembad) maar we staan daar niet echt een privé. Mensen komen langs, zeggen gedag of komen een praatje maken en gluren in Baraka. Dus we hadden wel wat behoefte aan een hotel en de luxe van een badkamer. We hoopten dat Pô een rustig klein plaatsje zou zijn even weg van de grote stad, Ouaga is echt een grote, drukke stad met veel stof en benzinedampen. Het blijkt dat het inderdaad een rustig plaatsje is met een markt, 3 hotels en wat eetgelegenheden. Natuurlijk zeggen mensen je gedag en roepen je na: nasara, le blanc of blanche. Één jongetje heeft het niet helemaal begrepen en vraagt aan ons: ”heet jij echt Blanche?”. Hihi.

Dus we luieren wat aan. Er komen af en toe mensen langs die ons willen gidsen naar het een of ander of die ons souveniers willen verkopen. Wij hebben geen haast en weten nog niet wanneer we waar naar toe gaan en poeieren de gidsen af. We zijn ook niet geinteresseerd in kleine balafoninstrumenten en lelijke tasjes, jammer. Uiteindelijk kopen we in dit plaatsje nog wel wat kadootjes. We lopen regelmatig naar de markt en het restaurant van ons hotel is niet duur en heeft de beste kok in west-afrika. De man weet echt hoe die moet koken, heerlijk. We praten met hem en geven hem 3 indonesische recepten van Robert en het recept van andijviestamppot. Met behulp van het woordenboek proberen we alles zo goed mogelijk te vertalen. Natuurlijk worden er weer adressen uitgewisseld en we beloven hem de foto’s die we van hem nemen te sturen.

Opvallend in Pô is dat mensen duidelijk aandacht besteedden aan kleding en haar en hun huizen. Zijn de mensen hier rijker of is het belangrijker voor hen dan voor andere Burkinabe’s? Met name de vrouwen hebben mooie kapsels.

Op 8 november naar Tiébélé. Een touristische ‘trekpleister’ waar bijzondere huizen van de Gourounsi te zien zijn. Het is ongeveer 30 km. rijden. Daar aangekomen worden we aangesproken door een man. Hij wil ons gidsen en heeft een pasje waarop staat dat hij echt gids is. We hadden in ‘the rough guide’ al gelezen dat een gids onontkoombaar is. We nemen hem mee. In het centrum van het dorpje aagekomen blijkt dat het niet helemaal de bedoeling dat hij ons rondleidt. Er is blijkbaar een systeem met die gidsen ofzo. We laten het ze lekker samen uitvechten. Uiteindelijk lopen we dus rond met 2 gidsen maar niet voordat we duidelijk de prijs hebben afgesproken. Ze vragen veel geld en uiteindelijk betalen we minder maar beloven de 2 gidsen een ‘cadeaux’. We bezoeken het dorp, het is heel mooi en bijzonder en de gids legt alles goed uit. Wanneer we het niet begrijpen probeerd hij het in het Engels. De 1e gids hobbelt ook wat mee(?!), maar levert verder geen echte bijdrage aan het geheel. C’est Afrique.

Het dorp bestaat uit lemen huisjes met elkaar verbonden door lemen muurtjes. Er zijn geen echte rechte hoeken te vinden. Alle randen zijn afgerond. Het ziet eruit alsof het hele dorp aan elkaar geboetseerd is. De huizen en muurtjes zijn traditioneel beschilderd. De huisjes houden het maar een paar jaar vol en dan brokkelen ze af. Ernaast worden dan weer nieuwe huisjes gebouwd. Het resultaat is een klein doolhof waar zo’n 400 mensen wonen uit 1 familie, dit is een uitzonderljke grote familie. De muren zijn gedecoreerd met patronen in rood, wit en zwart. De patronen en kleuren hebben allerlei betekenissen die ik helaas niet allemaal onthouden heb. De schilderingen stellen bijvoorbeeld voor: visnetten, arend, macraménetten waarin kalebassen hangen, de zon. Na de regentijd worden de muren opnieuw beschilderd. Als dat klaar is wordt er nog iets overheen gedaan, een soort vernis.

We komen langs een silo waarin graan wordt bewaard. De silo is helemaal dicht, geen deurtje of ramen. Wanneer de voorraad wordt aangesproken wordt er een gat in de wand geslagen. Alleen mannen mogen graan uit de silo halen. Het is namelijk zo dat als de vrouwen graan zouden mogen halen en ze zien dat de silo bijna leeg is..... ze misschien weglopen naar hun ouders. En dat wil je als man natuurlijk niet;-)
We mogen in het huis van oma kijken. Het huis heeft een hele lage ingang met nog een extra muurtje binnen vlak achter de ingang. Dat is ter bescherming van oma. Wanneer er een stam op oorlogspad is (en dat is vroeger veel gebeurd) en de aanvallers willen met pijl en boog naar binnen schieten dan ketst de pijl af op het muurtje. Zo is oma goed beschermd.

De kleuren en motieven stammen af van vroeger. Ooit heeft de Mori deze stam verjaagd naar Ghana. Regelmatig werden de Gourounsi verjaagd en opgejaagd. In 1895 hebben ze, in samenwerking met de Fransen, eindelijk hun plek permanent herwonnen. Om duidelijk te maken wie er wonen bouwen en verven ze hun huizen zoals je nu kunt zien. Deze traditie van kleur en patroongebruik zie je nu nog steeds in dit dorp en af en toe in de omgeving. Maar bij veel huizen in de omgeving wordt alleen zwart en wit gebruikt en ook vaak andere patronen. Soms zelfs hele tekeningen van dieren of vliegtuigen. Dat zijn dan de ‘moderne’ versies. Misschien dat deze geschiedenis en tradities van invloed zijn op het feit dat de mensen in dit gebied nog steeds veel aandacht besteeden aan hun uiterljk en het uiterlijk van hun huizen en gebouwen? In het dorp lopen we nog langs machines zoals zelf in elkaar gefabriceerde circelzagen en oliepersen. Het ziet er levensgevaarlijk uit! 5 minuten ervoor vertelde de gids nog dat er veel wezen in het dorp wonen. Hun ouders komen om bij ongelukken (! met machines?) en door ziekte.

Aan het eind van de tour betalen we de mannen en geven ze ieder een t-shirt en voor oma een mooi hoofddoek met glitter en wat haarelastiekjes. Een kleinkind van oma gaat het haar brengen. Wij gaan nog even wat drinken voordat we terugrijden. Dan komt oma langs om ons te bedanken voor de mooie kadootjes, ze kijkt echt blij. Ik denk dat het kadoo voor oma meestal een klein geldbedrag is en geen kleding enzo. Leuk dat zij er zo blij mee is.

We rijden terug naar Pô. Onderweg zien we een zwart/wit beschilderd huis en maken foto’s. Een man komt aanrennen of wij in zijn huis willen kijken. Dat willen we wel. Het huis bestaat uit allerlei verschillende, aan elkaar gekleide, vertrekken. Het blijkt dat het huis verlaten is op 1 vertrek na, waar hij woont met vrouw en kind. Ik probeer erachter te komen wat hiervan de reden is en krijg alleen als antwoord eruit dat het gewoon verlaten is.

Terug in Pô willen we graag een soepje eten maar dat staat niet op het menu. Onze vriend, de kok, regelt het wel en schud een heerlijk kippensoepje uit zijn mouw. Speciaal met sliertjes mie omdat hij weet dat wij van chinees eten houden. s’Avonds eten we ook weer daar (veel keus is er niet). We worden bediend door een jongen. We verwennen onszelf met een flesje wijn. De wijn wordt in limonadeglazen geschonken en hij schenkt de glazen ook lekker vol :-). Duidelijk niet gewend aan wijndrinken. Dan vraagt hij of hij ook wat wijn mag. Dat zou in Nederland echt niet kunnen. Van een tafel waar andere mensen hebben gegeten pakt hij een gebruikt bierglas, schenkt zichzelf royaal in en klokt het in 1x weg. Volgens mij gebeurd dat wel vaker die avond want als hij met ons komt praten (komt er ongevraagd bij zitten) komt hij behoorlijk aangeschoten over, ik moet erg om deze maffe situatie lachen. Dit kan ook alleen maar hier in Afrika!

De volgende dag vertrekken we naar Ranch Gibier de Nazinga over een niet al te goede weg. We willen daar ‘op safari’ op zoek naar olifanten. Als we aankomen bij het stuwmeertje verdwijnt er snel een krokodil in het water. Maar we zien hem lekker nog net. Er blijkt geen auto beschikbaar te zijn om door het park te rijden en we willen niet met Baraka gaan, de weg is te slecht. De meeste mensen komen met een tour vanuit Ouaga met een auto met een Afrikaanse chauffeur. We wachten op zo’n tour en wanneer er 4 Fransen arriveren trekt Robert zijn stoute schoenen aan en vraagt of wij met hen mee kunnen. Het zijn 4 superaardige Fransen en ze zeggen meteen dat het geen probleem is. Ze gaan vandaag nog voor een 1e tour en morgenochtend vroeg voor een 2e tour en we kunnen ook beide keren mee! De chauffeur vind het ook geen probleem. Bovendien herkend hij ons: “horen jullie niet bij de tour de Faso, kamperen bij het hotel Ok Inn?”. Ook in Afrika is de wereld maar klein. Bovenop het dak van de auto is een stevig imperiaal gemonteerd daarin wordt een matras gelegd. Daarin gaan de Fransen zitten en zo rijden we door het park. Die middag zien we in de verte 4 olifanten. Daarna zien we naast vele, vele vogels nog 2 waterbocken, 2 herten, 1 wandelende tak (valt zo op mijn schoot), 1 zwijn met 2 jongen, insecten. s’Middags zien we nog een stuk of 6 apen rondom ons huisje.

De volgende ochtend vetrekken we om 7 uur. Dit keer kunnen wij ook bovenop zitten. De gids werkt al bijna 25 jaar in het park en kent de weg op zijn duimpje. We zien weer waterbocken en een groep bavianen. Dan zegt hij: “ik ruik een olifant, we gaan hier rechtsaf”. Nog geen 100 meter verder rijden we vlak langs een olifant. Wij zien hem niet eens hoewel die maar 15 meter van de weg staat achter een bosje. We stappen van het dak af en kunnen op 25 meter afstand van de olifant komen die daar een boom staat te slopen. Daar hebben we goed zicht en kunnen de olifant goed bekijken en fotograferen. Na 5 á 10 minuten heeft-ie er genoeg van en vertekt. Supergaaf! Kicken om gezien te hebben. Hierna zien we nog vele vogels en 1 hert. De volgende ochtend sta ik vroeg op om de zonsopgang te bekijken. Al lopend door de natuur stuit ik op een reuzegroot hert. Een bushbock! Hij schrikt van mij en rent al blaffend weg. Wow.

We rijden weer terug naar Ouaga. Onderweg pikken we 2 franse meisjes op die met ons meerijden. We gaan weer naar hotel Ok Inn, waar iedereen ons herkent en begroet: ”zo, weer terug?”. De volgende ochtend naar de ambassade van Mali voor het visum en daar ontmoeten we Henry die in Burkina is voor 3 maanden om iets met zonnepanelen te doen. We praten Engels, blijkt dat-ie Nederlander is. He, lekker weer eens Nederlands kletsen. We spreken voor s’avonds af om wat te gaan eten. We doen een architectonische tour door Ouaga, voor Robert, nemen foto’s e.d. We zien hoe mensen een etage verbouwen en Robert neemt foto’s en wordt uitgenodigd om boven te komen kijken. De stenen worden met een ezelskar gebracht en 1 voor 1 omhoog gehesen. Binnen zijn ze met zijn zevenen bezig 1 muurtje te metselen(!). Bij het postkantoor nog wat brieven naar huis sturen (kostte mij 25 minuten vanwege een postbeamte die net nieuw was en ook niet kon rekenen en dan ook nog die rare brieven voor Nederland. Brieven met verschillend gewicht en de envelop volgekleurd met kersttekeningen??????) Dan terug bij Baraka blijkt ze een vriendje te hebben. Een ander Nederlands stel is met een Toyota Landcruiser (Baloe) aangekomen. s’ Avonds gaan we met zijn allen uit eten. Heel gezellig.

Vandaag is het zaterdag 13 november en we hangen wat bij het zwembad, lezen een Nederlandse (!) krant. Hebben die anderen bij de ambassade gescoord. Binnenkort vertrekken we naar het noorden van Burkina (Gorum Gorum) dan naar het noordwesten en over 2 weken steken we de grens over naar Mali. Van de andere 2 horen we goede berichten over de wegen in het Dogon gebied en de routes in en naar Mauretanie!!! We verheugen ons erop......

Liefs en groetjes Mariska en Robert


Sun Nov 14 13:10:15 2004
maris
mislukt

ik wilde vandaag een reisverslag lanceren maar de computer werkt niet mee... liefs maris


Thu Nov 11 20:04:54 2004
mariska
Tour du Faso

6 november 2004, Ouagadougou

Op zoek naar olifanten rijden we naar Poura. De reis naar Poura is niet lang. Daar aangekomen komen we langs de gendarmerie. De mannen zijn druk bezig een bed in het kantoor te sjouwen dus we rijden door. Dan komt een van hen ons achterna op zijn motor. Waarom we ons niet hebben gemeld, vraagt hij. Normaal gesproken mogen we bij de gendarmerie altijd doorrijden mits ze anders aangeven, maar leg dat maar eens uit in het Frans. We maken een praatje met de man en voor we het weten zitten we in een tentje aan de cola en hij aan het bier. Hij wil dat we adressen uitwisselen en dat zijn dorp ook wel projecten uit Nederland kan gebruiken en gaat ons zeker schrijven. Dan vragen we hem naar de olifanten. Er wordt gezegd dat de olifanten rond het middaguur meestal naar een bepaalde drinkplaats komen en dat het dus niet moeilijk is om ze te vinden. Hij haalt een man ergens vandaan en die moet met ons mee. We vragen nog of de weg goed is maar dat is geen probleem. Al tijdens het rijden wordt de weg steeds wat smaller en aan de kanten steeds meer hoog gras/struiken (1.50m). Opeens verschijnt er achter dat gras een groot gat en we stuiteren erin. Baraka helt gevaarlijk naar rechts over. Heel voorzichtig stappen we uit. Shit! Het is bloedheet en geen schaduw. We bekijken de situatie goed en dan gaat onze ‘gids’ wat mannen verderop halen om te helpen. Er wordt een boom gekapt om de auto te stutten, de zandplaten erbij, een aantal mannen duwen en een aantal hangen aan de linkerkant aan Baraka om haar uit het gat te krijgen. Hel lukt!!!! Maar we zijn wel geschrokken. We keren en gaan terug. De man weet nog een andere weg. Ik ben inmiddels oververhit en heb hoofdpijn. We rijden ergens heen en daar ergens zouden dan wel olifanten te vinden zijn. We moeten te voet de natuur in. Ik besluit niet mee te gaan en Robert gaat wel. 2 uur later komen ze terug... niks gezien alleen vogels en misschien een olifantenkeutel. Wat een k-dag. We zetten de ‘gids’ af bij zijn dorp. Hij wil nog met ons naar de markt enzo maar wij willen niet. Dan zoeken we een mooi plekje in de natuur om te kamperen. We vinden een prachtig rustig plekje en blijven daar 2 nachten. ‘s Morgens maken we een kleine wandeling. We zien hagedissen, vogels en 3 varanen (meer dan Robert de dag ervoor heeft gezien). We zitten een tijdje heerlijk aan een watertje. Overdag is het wel bloedjeheet en we liggen, hangen en lezen en drinken water. Heerlijk even bijkomen. Hier in Afrika is zoveel te zien en je wilt niks missen maar het is ook heel vemoeiend om atijd alles op te nemen, te onthouden en met iedereen in een vreemde taal te spreken. Aan het eind van de 2e dag komen er wat donkere wolken in de verte opzetten. Dan zien we ook een regenboog en het begint te waaien. De lucht ziet er prachtig uit. We maken wat foto’s. Heel langzaam komt de regen dichterbij. Ik wil eigenijk in de regen douchen maar het water is veel te koud. Snel de auto in. De regen trekt snel voorbij en frist de boel lekker op. De volgende dag, 31 oktober, rijden we naar de piste waarop op 1 november een etappe van de tour du Faso gereden wordt. We kopen onderweg wat brood en zoeken weer een plek in de natuur. Overdag waait het af en toe en dat is heel lekker want het is weer erg warm. Op 1 november zetten we Baraka langs de kant van de weg en we wachten....... er komen allerlei Burkinabe’s langs die een ‘cadeaux’ willen en adressen willen hebben om te corresponderen. We vertellen dat we in de auto wonen en geen adres hebben.

Dan komt er een auto van de tour voorbij. Verbaasde gezichten en rijdt achteruit terug. Het is de coordinator van de tour en we leggen uit wat we in Burkina en Afrika doen. We krijgen een programmaboekje van de tour en 2 t-shirts (weer eens wat anders dan t-shirts weggeven). Hij geeft ons het adres van het hotel waar de renners komen om te eten want het lijkt ons leuk om met het Nederlandse team te praten. Hij gaat weer door en wij wachten in de schaduw van Baraka met een boek in de hand. Dan komt het peleton eraan. We klimmen op het dak van Baraka om alles goed te zien en om niet in het stof te zitten. Dit deel van de etappe gaat niet over asfalt maar over een aarden weg. We applaudiseren en zien renners afzien. Het is een zwaar stuk. De dag en avond ervoor is er nog aan de weg gewerkt die eerst vol met gaten zat. Er is veel verschil te zien tussen het materiaal van de renners. Van mooie dure fietsen tot eenvoudige racefietsen zoals Robert er ook thuis 1 heeft staan. Dan zien we een renner op een gare fiets zonder rugnummer. Hij stopt. Het blijkt dat hij de hele etappe heeft meegereden en de renners ook bij kan houden. Helaas heeft hij geen club en geen mogelijkheid om aan de tour mee te doen. Maar hij vind het wel ‘cool’.

Als de tour voorbij is rijden we naar Ouagadougou naar het hotel waar de renners eten. Het is nog een heel gedoe en frustratie om het hotel te vinden. Het is een 3-sterren hotel met zwembad. We leggen uit wat we komen doen en vragen of we op de parkeerplaats mogen kamperen. Geen probleem en ook nog gratis als we dan in het hotel maar wat eten/drinken. De rest van de dag liggen we bij en in het zwembad. Heerlijk. s’ Avonds kijken we op de menukaart van het hotel maar we viden het veel te duur. We besluiten om ergens anders te eten en dan in het hotel nog wel een drankje te drinken. Rond 7 uur a half 8 komen de renners om in het hotel te eten. We vragen de Nederlanders over het hoe en waarom van deze tour. Het blijkt dat zij meedoen om het geld aan een goed doel te geven: ‘Right to play’. Dus het geld komt weer terug in Afrika. Wat ‘Right to play’ precies is kun je nalezen op hun website: www.righttoplay.com.

De volgende dag komt de tourcoordinator weer langs. Het blijkt dat wij de enige 2 ‘supporters’ zijn en de tourjournalist wil ons interviewen voor de Tour du Faso website. Hij maakt ook foto’s en zal die digitaal naar Ko sturen. We bezoeken in Oaugaougou de SIAO. Dat is een grote souveniersmarkt met stands uit heel West-Afrika en met muziek. We willen graag een mooi, groot, bronzen beeld kopen voor in ons huis. We zien wel iets mooi maar besluiten in het centrum van Ouaga veder te gaan kijken. En daar vinden we ‘madame Peul’. Een lang, slank, bronzen beeld van ongeveer 1.50 hoog. We hopen dat ze mooi in ons huis zal passen. Ze wordt goed ingepakt en de komende 3 maanden zal ze in ons kledingrek meereizen naar Nederland. We internetten wat en laten foto’s ontwikkelen.

Op 5 november gaan we weer een etappe van de tour bekijken. De journalist komt ons op de route opzoeken om foto’s te maken voor de site (www.letour.fr, kijk bij het kopje Tour du Faso). De etappe is lang en zwaar en eindigt in een 10 kilometer lange aarden piste met kuilen en hobbels. De renners moeten echt afzien. Bij de finish van deze etappe ontmoeten we een verslaggever van het Algemeen Dagblad. Door hem worden we ook geinterviewd en het zal zaterdag 6 november in de krant staan. Ik bel mijn moeder op om te zeggen dat ze de krant in de gaten moet houden. Later blijkt hij wat problemen met internetten heeft gehad en is niet zeker dat het artikeltje en de foto’s goed zijn aangekomen. Hopenlijk is het toch gelukt, maar dat horen we later nog wel eens.

Vandaag, 6 november, vertrekken we naar het zuiden van Burkina. Een gebied met bijzondere huisjes, naar het schijnt en met een park alwaar we beesten (o.a. olifanten, jawel 3x is scheepsrecht, hopen we) kunnen zien.

Veel liefs, Mariska en Robert


Thu Nov 4 18:57:30 2004
mariska
algemeen mailtje

Hallo allemaal,
nu even een bericht van ons, los van het reisverslag. We zijn blij dat jullie ons nog regelmatig mailen met verhalen, gebeurtenissen vanuit Nederland. We vinden het leuk om over het alledaagse en soms niet-alledaagse leven in Nederland te lezen. Het is wel raar om te lezen over regen, herfstvakantie en herfstkleuren. Hier is het zo warm en totaal geen herfst dat we bijna vergeten dat het november is. Sint en Kerst komen er volgende maand weer aan.... helaas vertrouwen we de post hier niet dus de bijbehorende kadootjes laten op zich wachten totdat we terug zijn in Nederland. Winnie ook bijna jarig en wordt dan 18! Jammer dat ik dan hier ben maar als het lukt bel ik wel even.

We ontvangen hier bijna geen wereldnieuws maar ik hoor iets over Arafat... en is Bush toch weer president, of niet? Wie kan ons op de hoogte brengen? Internet is zo traag dat het ook moeilijk is om de (Nederlandse) kranten te lezen.

Voordat we weggingen hebben een aantal mensen ons (2-hands) t-shirten en andere kleding meegegeven. Hiervoor onze grote dank. We hebben er veel aan. Vaak geven we ze weg aan mensen die ons gastvrij ontvangen of ons ergens mee helpen. Ons gevoel zegt dat het beter is om kleding als dank te geven dan geld.

We zijn nu ook zo’n beetje op de helft van onze reis. Over een paar dagen gaan we weer ‘terug’rijden. Eerlijk gezegd, helemaal niet erg. Een van de leuke dingen van reizen vind ik het thuiskomen. Altijd weer erg leuk om iedereen te zien en te spreken en weer gewoon thuis te zijn. Als je reist is elke dag anders en onvoorspelbaar. Je weet vaak niet hoe een dag zal verlopen. Makkelijk, moeilijk, leuk of met veel gedoe. Daarnaast zullen we op de terugweg ook weer veel mooie dingen zien en daar kijken we naar uit. Verder staan ons ook thuis weer leuke en spannende dingen te wachten. O.A. ons nieuwe huisje... ik kijk ernaar uit om daar te wonen en het langzaam mooi op te knappen (we hebben al vele plannen en dromen om er een paleisje van te maken).

Het volgende reisverslag zal o.a. over de Tour du Faso gaan. Maar.... houdt vanaf dit weekend deze site eens in de gaten:
http://www.letour.fr/stf/faso/2004/fr/index.html

Dus tot over zo’n 3 maanden en veel liefs van Mariska en Robert!!!!!!


Wed Nov 3 12:58:27 2004
Mariska
Poura

Rondom Poura, 30 oktober 2004, afgelegde reisafstand 10.000 kilometer. Temperatuur op dit moment: 52 graden in de zon, ruim 45 graden in de schaduw......

De woensdag nadat we Nefrelaye bezocht hebben doen we rustig aan en verblijven nog een aantal dagen in Bobo-Dioulasso. Robert is nog steeds flink verkouden dus die kan wel wat rust gebruiken. We bezoeken nog een weeshuis dat door nonnen wordt gerund. Half-wezen worden hier als baby opgevangen totdat ze groot genoeg zijn zelf te kunnen eten. Ze moeten tegen hun broertjes en zusjes opkunnen wanneer ze uit 1 schaal eten. Als ze dat kunnen gaan ze weer naar huis.

Donderdagochtend gaat Robert met Baraka naar de garage om haar te voorzien van nieuwe olie. Samen met Samba, de garageman, gaat Robert op zoek naar 16 liter diverse olieen. Dat wordt bij 3 verschillende plaatsen gekocht omdat ze niet zoveel olie hebben in 1 winkel. Robert probeert Samba ervan te overtuigen dat er minimaal 8,5 liter versnellingsbakolie nodig is. Samba gelooft het niet en koopt 8 liter. Uiteindelijk is het niet genoeg en moet hij op zijn brommer eropuit om olie bij te kopen. Mariska gaat op bezoek bij de dovenschool die vlakbij is. Daar aangekomen blijkt de school gesloten. In Burkina zijn de scholen gesloten op donderdag en gaan de kinderen op zaterdag naar school. Er zijn wel een paar dove jongens van rond de 20 en ik praat wat met ze via gebaren en schrijven. Ik leer weer wat nieuwe gebaren. Ik spreek af de volgende dag terug te komen.

Baraka is bijgevuld en we gaan nog even de stad in om boodschappen te doen. We gaan even langs bij het postkantoor maar helaas ligt er niets. We schrijven brieven, kaartjes en e-mails, even de correspondentie bijwerken nu we de kans hebben. Vrijdag 22 oktober een toeristische tour door Bobo samen met Solo. We bezoeken de moskee, waar we helaas niet in mogen, en verschillende wijken in Bobo. ‘s Avonds bereidt Robert een geweldige indonesische rijsttafel, mmmm lekker.

Op vrijdagochtend ben ik teruggegaan naar de dovenschool. De directeur ontvangt mij in zijn kamer. Het blijkt dat zij voornamelijk Amerikaanse gebaren gebruiken met wat Franse gebaren erdoorheen. Er is geen Burkinabese gebarentaal. Alle docenten gebruiken gebaren(taal) en dit leren ze op de school zelf. Wanneer docenten met mij spreken ondersteunen ze zich met gebaren, echt heel goed. Ik wordt uitgenodigd om 2 maanden op de school te komen werken.... mmmm aantrekkelijk aanbod ;-). Ik hou het tegoed. Daarna leiden de jongens van gisteren mij rond en ik maak wat foto’s. We kletsen nog wat door en om 12 uur lopen ze, samen, met 2 meiden, met mij terug naar ‘huis’. Ze vragen of ik zaterdag weer kom. Maar dan kan ik helaas niet. We wisselen adressen en e-mail uit.

Op zaterdag 23 oktober komen er 12 kinderen/jongeren uit de omringende dorpen naar het huis van ASAP om mee te doen aan een prijsvraag die is uitgeschreven door de Rabobank. Er kunnen 5 kinderen winnen. Zij krijgen dan ongeveer 30 euro op een bankrekening en als ze 18 zijn kunnen ze dat geld met rente ophalen. De deelnemers zijn kinderen die naar school gaan met een beurs van ASAP. Alle deelnemers krijgen ook een enveloppe met het adres van ASAP in Nederland en een postzegel erop. Later blijkt dat de meeste kinderen voor het eerst in Bobo, de grote stad, zijn. Zij hebben geen idee wat het inhoud om een brief te schrijven of te posten en kijken dan ook heel glazig als hen dit wordt uitgelegd. Voor ons is de post zo normaal, wij zijn misschien nog een stap verder met internet en e-mail. Maar deze kinderen zijn niet eens op de hoogte van het feit dat er zoiets bestaat als post, brieven en postkantoor.

Dan wordt ik geroepen. Er is iemand voor mij aan de deur?! Het is een van de dove jongens die is langsgekomen om mij en Robert kadootjes te brengen. Echt heel lief, ik hoop maar niet dat hij zijn laatste geld eraan heeft uitgegeven en ik neem mij voor om aan hun vanuit Nederland iets leuks op te sturen samen met de foto’s.

Inmiddels is Baraka opgeruimd en schoongemaakt en die zondagochtend gaan we weer verder. Na 10 heerlijke dagen doorgebracht hebben bij Herve en Eugenie en Sylvia gaan we weer op pad. We vertrekken naar Banfora over een fijne geasfalteerde weg. In Banfora is een grote maar rustige markt. We kopen onze 1e souveniers sinds we vetrokken zijn. Dan gaan we daar naar het meer Trengela. Daar slapen we in een hutje in een eenvoudig campement. Als je wilt douchen moet je eerst een emmer water vullen met water uit de waterput. De doucheruimte bestaat uit 4 muurtjes van 1.55 hoog. Als ik (mariska) op mijn tenen ga staan kan ik er net overheen kijken. Een muurtje is nog net iets lager en kijkt uit over het platteland van Burkina. Als ik rond 6 uur ga douchen heb ik een douche met uitzicht op de zonsondergang, wat wil je nog meer?!. De eigenaar van het campement is musicus en ‘s avonds repeteert zijn band en wij kunnen kijken en luisteren naar muziek op traditionele instrumenten zoals djembe’s en andere trommels en de balafon. De balafon is een soort xylofoon gemaakt van hout en kalebassen. De mensen uit het dorpje komen ook even kijken. De groep heet Farafina en later lezen we dat zij met bekende musici, o.a. Brian Eno, Rolling Stones, hebben gespeeld.

De volgende dag staan we om 6 uur op om met een klein bootje op het meer te varen. Het is een prachtige omgeving maar eigenlijk hopen we nijlpaarden te zien. Helaas lukt dat niet, ze zijn ergens anders. We spreken af om het ‘s middags nog eens te proberen. Die middag kunnen we de nijlpaarden horen brommen maar ze zitten verstopt achter bomen en riet, we kunnen ze niet zien. Jammer. We gaan ook nog met Baraka naar een waterval. Een dag vol uitstapjes dus. De waterval is heel mooi. We kunnen naar boven lopen om de waterval van bovenaf te bekijken en het is prachtig.
We hebben dorst en gaan een cola drinken. Dan herrinert Robert zich dat hij alleen groot geld heeft, stom, en het blijkt dan ook dat de jongen niet kan wisselen. Maar we hebben niets anders. Hij gaat op de fiets proberen ons biljet ergens te wisselen. Dat lukt niet en we willen hem al een t-shirt ofzo aanbieden in ruil voor de drankjes als..... opeens een man, die er al die tijd al bij zat, het biljet toch kan wisselen..... afrikanen, ik snap er soms niets van.

Op dinsdag 26 oktober rijden we door naar een gebied in Zuid-Burkina waar het Lobi-volk woont. We komen aan in Loropeni alwaar je ruines kunt bekijken. Dat gaan we dus doen. Maar het valt tegen. De ruines zijn niet echt interessant om naar te kijken en men weet eigenlijk ook niet wat het zijn of wie het gebouwd heeft, waarschijnlijk is het ondanks dat wel een Unesco monument. Door naar Gaoua. Daar worden we belaagd door jongens die onze gids willen zijn. Het is de 1e keer in Afrika dat de mensen echt vervelend zijn en we hem niet kunnen afpoeieren. We gaan eten en hij wacht, ongevraagd, op ons aan een tafeltje verderop. Als hij even niet oplet smeren we hem snel.

Van de eigenaar van het vorige campement kregen we een naam door van een vriend van hem in Gaoua. Toevallig lopen we hem tegen het lijf want hij hangt rond in het hotel waar we zitten. Even later wordt hij op zijn mobieltje gebeld en het is telefoon voor ons... voor ons? Het is de eigenaar van het vorige campement die iets wil weten over onze boottocht over het meer. Grappig, ik dacht dat we onbereikbaar waren, hihi.

De volgende dag gaan we naar het museum in Gaoua waar we wat leren over de gebruiken van het Lobivolk en de Gan. Leuk om te zien. Dan weer een mannetje die ons rond wil gidsen. Willen we de heilige grot niet zien, alwaar je kippen kunt (lees moet) offeren??? Nee bedankt, ik hoef geen grot te zien waarvoor ik een kip moet kopen die dan daar ter plekke wordt geslacht. Hij blijft volhouden en uiteindelijk wordt ik het echt zat en bek hem af, dat helpt. Hier in Burkina hebben ze wel iets met kippen offeren. In Bobo kun je naar een plek met heilige vissen (echt waar!). Daar kun je dan een kip offeren en om een gunst vragen. Komt je wens uit dan moet je teruggaan en iets groters offeren (bijvoorbeeld een geit)..... Verder is er in Burkina ook een krokodillenfarm met oude kroko’s. Die lokken ze met kip uit het water zodat je ze goed kunt zien.... Nou nee bedankt, deze bezienswaardigheden slaan we liever over.

We vertrekken snel uit deze vervelende plaats. We hebben gelezen dat je ergens olifanten kunt zien, daar gaan we nu heen rijden. We komen aan in Boromo en wat blijkt, de ‘tour du Faso’ zal daar de volgende dag voor de 2e etappe vertrekken. Leuk maar ook balen want het enige goedkope hotel dat er was is nu opgewaardeerd, duur en vol. Gelukkig mogen we op de parkeerplaats in Baraka slapen. Het stadje is in de ban van de tour, voor 1 dag. Wagens met muziek en podia. Heel gezellig. s’ Avonds gaan we dan ook het stadje in. We ontmoeten Issouf (maar hij wordt liever: Black Rasta genoemd). Even aftasten wat hij van ons wil.... gidsen?.... nee hoor, gewoon een gezellige gast. Beetje vaag en erg stoned, rastahaar maar wel aardig. Hij stelt ons voor aan een vriend van hem. Een franse jongen die hier 1 maand stage loopt in het natuurpark. Alexandre verteld dat het momenteel heel moeilijk is om olifanten te spotten. Maar we kunnen misschien de volgende dag gezamenlijk naar een of ander campement om het te proberen. Oke, dat is goed maar eerst willen we s’ morgens de 2e etappe van de tour zien, nu we er toch zijn.

De volgende ochtend heel vroeg opgestaan en geprobeerd uit te vogelen waar de etappe vertrekt. 5 kilometer buiten Boromo. We proberen een lift te vinden en vinden in plaats daarvan het tourbusje van het Nederlandse team dat de tour fietst. We spreken kort met de jongens maar moeten dan snel in een taxibus richting start. Er wordt nog iets gezegd over veranderingen in de etappe, maar geen tijd, we moeten instappen. Samen met Issouf proppen we ons in het overvolle busje. 5 kilometer later.... geen startpaats, hoe zit dat nu weer? Niemand die het precies weet. Na 15 kilometer stappen we bij een heel klein plaatsje uit. Maar ook hier is er geen start. Dan komen er een auto en een motor van de pers aan. We vragen hoe het zit. Het blijkt dat de weg te slecht is om te rijden en er is ‘s ochtend besloten om met een aantal renners de route rustig aan te rijden. Geen wedstrijd, geen officiele start. C’est afrique! Een klein half uur later komt het peloton voorbij peddelen. We zwaaien naar de Nederlanders. Dan gaan we in het ‘bushokje’ wachten op vervoer terug naar Boromo. En we wachten...... er is bijna geen verkeer. Uiteindelijk een busje en we gaan terug naar Boromo. Hadden we dit geweten dan hadden we in Boromo gebleven bij de onofficiele start.

Dan Baraka opruimen, tanken en op naar het campement. Ongeveer 7 kilometer rijden over een goede piste, zegt men. De piste was niet goed maar ook niet echt heel slecht. Het campement ligt aan de rand van het natuurpark naast een van de drinkplaatsen van de olifanten. Het is er lekker rustig en we zien 2 apen. Nee, geen olifanten. Om in het campement te blijven slapen is veel te duur en vlak ernaast ligt een park met veel gratis campingplekken, denken wij. In ons beste Frans besluiten wij, Issouf en Alexandre om in de ‘brousse’ te gaan slapen. Issouf weet een goede plek zegt hij. Het blijkt dat we helemaal terugrijden naar Boromo daar ergens aan de rivier gaan staan. Veel minder mooi en druk met mensen en verkeer..... Ligt het aan ons gebrekkige frans of is het cultuurverschil dat we dit niet helemaal begrijpen. Maar goed, nu zijn we er en we blijven. Een andere optie is de parkeerplaats van het hotel....

Issouf spreekt nog met een vriend en verteld ons dat we de volgende dag met zijn pirogue (een piepklein vissersbootje) het park in kunnen varen op zoek naar olifanten. De volgende dag... geen vriend, geen pirogue en er wordt ook niets meer over gezegd?? Het zal wel. We zijn het zat en hebben zin in samenzijn zonder gedoe en miscommunicatie. We zetten de jongens af in Boromo, tanken onze watertank vol en rijden naar Poura. Ook daar zouden olifanten te vinden zijn volgens de ‘Rough guide’.

En hebben we de olifanten gevonden?????? lees verder in ons volgende verslag, Mariska en Robert.


Thu Oct 21 18:47:04 2004
robert en mariska
Bobo 21 oktober 2004

Bobo Dioulasso, 21 oktober 2004

Vanuit Bamako rijden we in 2 dagen via een goede weg naar Burkina Faso. Lekker snel over het asfalt. De 1e dag willen we in Segou even snel eten. We worden aangesproken door een oude man en moeten bij hem komen eten. Enne... willen we misschien de auto verkopen? We zeggen nog dat we niet veel tijd hebben en hij belooft dat we snel zullen eten. Helaas duurde het eten en thee drinken en nog een thee en nog een thee een paar uur. De volgende dag komen we aan in Burkina Faso. Wat een verschil met Mali. Je kunt de armoede nog beter zien dan in Mali en de andere landen. Ik geloof dat Burkina het armste land van West-Afrika is. In Bobo Dioulasso gaan we op zoek naar het huis van ASAP. Een paar jongens zeggen dat het erg moeilijk te vinden is en ze willen wel meerijden (voor geld waarschijnlijk). Toch maar besloten zelf te gaan zoeken en we vinden het eigelijk al snel. Door Hervé en Eugenie worden we hartelijk onthaalt. We kunnen in hun huis slapen, van alle gemakken voorzien en alle voorzieningen gebruiken. Baraka kan fijn in de tuin staan. Airco op de kamer, een echt bed, kleren worden voor ons gewassen, wat een luxe! Het is mijn verjaardag en ik mag ook nog even naar huis bellen. Kort even met mijn moeder gekletst. Er was geen taart in de winkel maar mijn dag is goed met chips en wijn, dat kun je hier in West-Afrika vaak lastig krijgen.

Desiré werkt voor ASAP, hij is een Burkinabe, en de volgende dag gaan we met hem, een busje en een vrachtwagen langs allerlei dorpen van ASAP. We gaan de rijst, zout en olie brengen die de scholen gebruiken voor het lunchprogramma op de scholen. De scholen geven de kinderen 1x per dag lunch, mits de kinderen die dag op school zijn. Door 1 vrouw word er dan voor de kinderen gekookt. De ene school heeft 100 kinderen, de andere 250! Hiervoor is o.a. ook de groentetuin bedoeld. Als aanvulling op het eten. Op 1 dag rijden we langs zo’n 6 dorpen. We ontmoeten onderwijzers en kinderen. De schoolvakantie is net voorbij en de scholen zijn nog in de opstartfase. De lessen zijn nog niet begonnen of de leraren zijn er nog niet allemaal. s’Avonds gaan we naar Les Bambous om een concertje te bezoeken. Eigenlijk zijn we heel moe, maar je bent maar 1x in Bobo.

De volgende dag gaan we met ASAP mee naar Mogobaso. ASAP bezoekt de dorpen waarmee ze samenwerken 3x per jaar. We vertrekken weer om 8 uur s’morgens. Aangekomen in het dorp worden we bij de school opgewacht. In het dorp zijn er verschillende groepen (vrouwen, oudervereniging, boeren). Van elke groep komt er een vertegenwoordiger naar de school en er wordt een aantal uur over allerlei zaken gepraat. Daarna gaan we onder de boom zitten met het hele dorp. De vertegenwoordigers vertellen wat er is besproken. Hierna wordt er op grappige wijze door ASAP nog iets duidelijk gemaakt over het belang van samenwerken. Als alles voorbij is moeten we aan het dorp om de ‘route’ vragen. D.w.z.vragen of we mogen vertrekken. Het dorp moet ons daarvoor toestemming geven. We moeten eerst eten en drinken en daarna mogen we vertrekken.

Zondag 17 oktober bezoeken we een ander dorp, Toungouana. In dit dorp worden we onthaald met muziek en dans. De kinderen wachten ons en ASAP op en we krijgen applaus. Het blijkt dat de directeur van de school heel blij is met ASAP. Hij heeft een bord gemaakt met de naam van de school erop en het logo van ASAP (normaal gesproken doet ASAP niet aan dat soort borden) en Hervé mag het onthullen. Hier wordt ook weer met de vertegenwoordigers van de diverse groepen uit het dorp gesproken. Wanneer we onder de boom gaan zitten voor het gesprek met het hele dorp is ook het hele dorp uitgelopen. Er zijn 2 orkestjes met muziek en 2 groepen vrouwen die aan het dansen zijn. Echt geweldig om mee te maken. Dit dorp vind het heel belangrijk dat de kinderen naar school gaan. Zij vinden het ook belangrijk om uniformen te dragen op school. Zo kun je zien wie er op school zit en de kinderen hebben dan een extra set kleding. De kinderen zijn zelf heel trots op hun uniform. Helaas is de oogst dit jaar mislukt en kunnen de ouders van de 1e en 2e klassers geen uniformen betalen. Dat betekent dat de helft van de school wel een uniform heeft en de andere helft niet. Robert en ik besluiten om de uniformen te financieren met het geld dat onze vrienden, familie en collega’s hebben gestort. We kunnen de groentetuin betalen en hebben dan nog geld over. De dorpelingen zijn heel blij. Iedereen komt handen schudden met ons. Als dank krijgen Robert en ik 3 kippen cadeau, levend. Op hun kop bungelend worden ze aangeboden en achterin het busje gaan ze mee terug naar Bobo. Daar worden ze verdeeld onder de mensen die voor ASAP werken.

Het huis van ASAP en de auto zijn voorzien van airco. Het gevolg is dat Robert nu snotverkouden is geworden. Maandag besloten we om het centrum van Bobo te bezoeken. Als een vaatdoek liep Robert achter me aan. Thuis aangekomen uitgezocht waar de etappes van de “tour du Faso” zijn (een soort tour de France). Over 2 weken willen we 1 of 2 etappes bekijken. Die avond vroeg naar bed want de volgende dag zouden we om half 8 vertrekken naar “ons” dorp Nefrelaye. Het dorp alwaar wij en jullie de groentetuin voor de school financieren.

Dinsdag 19 oktober... Nefrelaye. We vertrekken zoals gezegd vroeg in de ochtend naar Nefrelaye. Het is ongeveer 85 km over tarmac met gaten en hobbels. Maar met Desire als chauffeur gaat dat best snel. In het dorp staat iedereen al klaar om ons te ontvangen. Er wordt flink gedanst en gezongen. En ja,ja, Mariska danst mee (is alleen bedoeld voor vrouwen). Het dorp weet nog niets van de groentetuin, alleen de schooldirecteur is op de hoogte. Het is dan ook een hele verassing als wordt aangekondigd dat wij samen met familie, vrienden en collega’s de groentetuin gefinancieerd hebben en het materiaal voor de groentetuin bij ons hebben. Naast dit bracht ASAP ook schoolboeken mee voor de school. Als dank voor dit alles kregen we ditmaal 3 kippen, 2 parelhoenen en 1 schaap mee (uiteraard ook weer zeer vers = levend). Er zijn die dag veel foto’s en zelfs een kort filmpje gemaakt van de dag in het dorp Nefrelaye. De groentetuin wordt door de mensen nu zelf aangelegd en omstreeks januari 2005 moet de tuin dan in gebruik zijn. We zijn al uitgenodigd om dan weer naar Nefrelaye te komen, wat we natuurlijk graag doen :-)

Inmiddels is het 21 oktober. Baraka heeft vandaag heerlijk nieuwe olie gekregen op allerlei plaatsen, dus ze kan er weer tegenaan. Gisteren is ze grondig ontstoft en schoongemaakt. We schrijven nog wat mailtjes, kaartjes, brieven en het reisverslag en bereiden ons langzaam voor op de rest van de reis. Hervé en Eugenie zijn heel gastvrij en we blijven dan ook tot a.s zondag (24 oktober). Dan gaan we via een omweg langzaamaan naar Ouagadougou. Gisteren werden we verrast door een telefoontje van Ko. Het was erg leuk om te kletsen. Vandaag een telefoontje van Ben. Wat leuk om weer eens bereikbaar te zijn! Morgen ga ik op bezoek bij de dovenschool in Bobo. Joke T.: ik ga je stiften en poppetjes brengen.... Vandaag was ik er ook al maar de school is op donderdag gesloten. Ik heb met wat dove jongens gesproken maar er was verder niemand op school. Het is een wonder hoe makkelijk je met gebaren internationaal kunt communiceren! Tot het volgende verslag, ciao!!!
Mariska en Robert


Wed Oct 20 10:36:01 2004
Robert
Bamako

Bamako, 11 oktober 2004

Na de ietwat chaotische grensovergang bij Rosso, Senegal, verloopt de grensoversteek Senegal-Mali erg rustig. In Mali moeten we een mannetje wakker maken en precies aanwijzen waar hij wat moet schrijven en stempelen. De gendarmerie probeert ons op te lichten door te zeggen dat onze verzekering niet goed is en we zouden veel geld moeten betalen (ca. 15 euro boete) maar wij betalen niet zomaar en opeens hoeft het niet meer!?!?! Voordat we weer gaan rijden eerst een broodje ei eten. Tijdens ons eten komt de man die ons zojuist nog wilde oplichten, blij vertellen dat hij zojuist vader is geworden van een dochtertje.

Daarna op de slechtste weg tot dan toe naar Kayes gereden. De weg is een grote gatenkaas waar je niet tussendoor kan rijden. We rijden dan ook regelmatig stapvoets en slapen langs de weg, onder een baobabboom en luisteren naar vogels en apen. De volgende dag komen we aan in Kayes en we maken plannen. We willen op ons gemak naar Bamako rijden. In Kayes leren we een Fransman, Timothy, kennen en hij zal met ons meerijden.

De weg zou leiden via een klein dorpje, Diamou, naar Bafoulabé en via Keita naar Bamako. De weg naar Diamo blijkt erg, erg slecht. De moeilijkheidsgraad stijgt langzaam. Eindelijk op de 3e ochtend komen we aan in Diamou alwaar we gastvrij door een familie worden uitgenodigd. Aan het einde van de dag een echte afrikaanse regenbui. Iedereen rent naar buiten om de regentonnen te vullen en om zich te wassen met regenwater. Het frist er wel lekker van op.

De weg vervolgen naar Bafoulabé was niet mogelijk, teveel modder en diepe vrachtwagensporen. Er zat zelfs een gedeelte tussen waarna we met behulp van 2 houthakkers, die de gaten met bomen dichtmaakte, onze weg pas konden vervolgen. Elke houthakker een t-shirt cadeau en verder. Uiteindelijk besluiten om terug te gaan naar Diamou en van daaruit de route opnieuw te plannen naar Bamako. Onderweg merken we dat er wel erg vaak bosbrandjes zijn. Dit blijken grasvelden te zijn die aangestoken worden door jagers zodat ze het wild, zwijnen en hyena’s, kunnen zien en afschieten. Na de jager gesproken te hebben was het tijd om te kamperen en de jager beloofde dat het grasveldje waar wij stonden niet in brand te steken.

Weer aangekomen in Diamou is de gastvrije familie verbaasd ons weer te zien. De kinderen en een wat oudere man verwelkomen Robert openhartig. Dat is toch wel mooi, een dorpje binnenkomen en je naam horen roepen. Weer worden we uitgenodigd voor eten, drinken, slapen. En wat blijkt.... er is nog een andere weg naar Kayes, via Sadiola. Het is een omweg, terug naar Kayes, staat niet op de kaarten, maar het zou een betere weg zijn..... Deze weg staat niet op de kaart omdat-ie is aangelegd door de mensen van de goudmijn in Sadiola.

We vertrekken de volgende dag. De weg is de eerste 35 kilometer (van de 55 tot aan de doorgaande, goede weg) erg goed en mooi. We genieten en stoppen regelmatig voor de mooie uitzichten, vogels. We zien mooie vlinders en hagedissen, eekhoorns en vele vogels. We zijn dolgelukkig dat we daar rijden met z’n drieen, Robert, Baraka en Mariska. Toch ook heeft deze weg een paar gevaarlijke hindernissen, maar Baraka is een fantastische auto in goede conditie en nadat we van een motorrijder hoorde dat we de moeilijkste afdaling gehad hadden (wat nu eens echt klopte) kwamen we aan in Sadiola. Vanaf hier over een goede tarmac weg naar Kayes terug. Ondanks alles hebben we de terugweg in 1 dag afgelegd. 6 dagen geleden vertrokken we uit Kayes om naar Bamako te gaan en nu zijn we weer terug. We laten ons ‘verwennen’ in een hotel met airco en gaan vandaag ons plan trekken. We hebben geleerd betere, goede vragen te stellen. Niet vragen: “hoe is de weg?”. Want dan is het antwoord: “bon”. Maar echt goed doorvragen. O ns frans is er de afgelopen dagen in contact met Timothy en de Malineese familie wel op vooruitgegaan.

Ons frans gaat voorruit, we hebben prachtige landschappen in Mali gezien. We hebben prachtige grote en kleine (roof-) vogels gezien en een soort eekhoorntjes gezien. We zien hoe en waarin de mensen wonen en leven. (ik, Robert, kan het niet laten om een kleine studie te starten naar ‘petit maison de afrique’. We hebben genoten van de Malineese gastvrijheid, het diverse Malinese eten en de aardige mensen. We hebben er wat logeeradressen bij: Iedereen nodigt je uit. Je kunt hier zo gratis en voor niks bij iedereen logeren. En nu: zitten we in het hotel met uitzicht op de rivier ‘de Senegal’ met een kopje koffie en we voelen ons heel gelukkig. Het is hier ‘lizards paradise’. Veel verschillende soorten kleine hagedissen en skinks te zien hier. Op naar de rest van Mali en afrika!!!!!!

En dan op weg naar Bamako via Diema. Goede asfaltweg, maar met een gedeelte (170 km) ribbelweg, dat betekent of stapvoets of heel hard..... ongelooflijk dat Baraka dit zonder problemen vol weet te houden. Baraka deed het beter dan ons, wij zijn helemaal door elkaar geschud. Maar de vele kilometers asfalt deden dit snel vergeten en genoten van de mooie uitzichten. Ook op deze route weer erg veel vogels, klein en groot. In Bamako komen we aan na een aantal rondjes door de stad op onze overnachtingsplek.... een oude Libanese missiepost met kerk die niet meer in gebruik is, maar hier kunnen we Baraka veilig parkeren en kunnen we prima kamperen. Een erg rustige plek in de stad. Hier blijkt ook Jan uit Belgie te wonen. Jan, de Belgische aannemer die van de Ivoorkust komt en nu in Bamako werkt. Hij werkt op dit moment aan een ambassadeurswoning voor de Nederlandse ambassade..... Als architect zijn er dan wel wat ideeen uit te wisselen....

Veel vers fruit en groente kunnen inkopen in de markt die valkbij ons hostal is. Eigenlijk is de markt hier in Bamako altijd vlakbij, want de hele stad is een grote markt. In het hostal verblijft ook de spanjaard Eduardo die al jaren rondreist over de wereld en met z’n vieren vieren we de verjaardag van Jan, onder het genot van de heerlijke tajien van Mariska. Morgen naar het museum in Bamako....wat ze daar dan ook mogen laten zien...

Liefs, Mariska en Robert


Fri Oct 15 19:15:30 2004
Robert en Mariska
Bobo-dialasso

Hallo beste allemaal,

We zijn gisteren [14-10] in Bobo-dialasso in Burkina Faso aangekomen. Vandaag hebben we een aantal dorpen bezocht waar ASAP actief is. Dit weekend zullen we materiaal voor ons project, de groentetuin, gaan inkopen. Na het weekend zullen we het dorp Nefrelaye bezoeken. We zullen hier in Bobo 1 a 2 weken verblijven, en geloof het of niet we zijn via ASAP per telefoon te bereiken ... tel.nr. 0022620981114 je hoeft ons niet plat te bellen, maar een telefoontje is wel leuk :-) ps. goedkoop bellen; zie www.telediscount.nl

Er komt nog steeds geld binnen voor ons project, zelfs iets meer zodat het project iets uitgebreid kan worden. Iedereen heel erg bedankt voor de bijdrage, en blijf storten! :-)

meer nieuws over project en reis volgt zeer binnenkort

groetjes, Robert en Mariska


Wed Sep 29 21:16:41 2004
robert en Mariska
2 nieuwe verslagen uit Kayes

0009, 26 september, te gast bij de Maraboet
Op 25 september vetrekken we vroeg naar de beruchte grens bij Rosso, op weg van Mauretanie naar Senegal. Onderweg nemen we een lifter mee en zien we een varaan. wow. Het is een hectisch gebeuren en ik krijg nog bijna ruzie met een politieagent. Maar die helpt ons uiteindelijk goed en snel. Dan met de boot naar de overkant. Ruzie met de bootjongen en we worden geholpen door een Senagalees. ‘Die wil geld’ denken we nog. Maar dat was een onaardige gedachte want hij was gewoon behulpzaam. Dan zijn we in Senegal!! Wow! Daar wilde ik graag heen. We beginnen te rijden over de noordelijke weg die richting Kayes in Mali gaat. Wanneer we een plekje zoeken om te kamperen valt dat niet mee. Overal wonen mensen. En weet je wat?..... ze wonen echt in rieten hutjes. Uiteindelijk ergens maar gaan staan en na een tijdje komt er een man. Hij spreekt een paar woorden frans en nog iets anders. Peul, komen we later achter. We moeten met hem mee om in zijn dorpje te gaan slapen. Zijn broer blijkt frans te preken en docent Peul te zijn. Hij verteld dat zijn broer Maraboet is en Samba heet :-) Daarna krijgen we de rest van de avond cursus peultaal. Erg lachen. We zitten nog niet 1 dag in Senegal of we zijn al op bezoek bij een maraboet, een cursus peul en liggen op een mat tussen de rieten hutjes!! De kinderen komen er ook gezellig bij zitten en voelen aan mijn haar en arm. Gelukkig mogen we in onze eigen tent slapen. Er werdt ons een bed binnen aangeboden maar dat leek ons veel te warm. De volgende ochtend ontbijten, foto’s maken en bij de waterput de watertank vullen. We mogen nog langer blijven en hun dorp is nu ook ons dorp... heel lief, maar we gaan toch maar verder. Ik krijg ook nog een van de kleine kinderen aangeboden om mee te nemen naar Nederland, aangezien ik zelf geen kinderen heb..... Trouwens hoeveel kinderen ze zelf hebben is ook niet helemaal duidelijk. De man zegt 2 vrouwen en 4 kinderen te hebben. Maar als hij aanwijst welke kinderen van hem zijn tel ik er toch echt 5.
Tot de volgende mail, maris en robert


Wed Sep 29 21:15:00 2004
robert en mariska
kayes

0008, vlak voor Rosso, 22 september 2004
De avond voordat we uit Nouakchott wilden we verse vis eten, zelf klaarmaken. Dus wij naar de haven alwaar kleine vissersbootjes hun vangst binnenbrengen. De meeste bootjes waren al binnen en we hoorden dat er niet veel gevangen was. Toen gingen we vis kopen. Een heel dilemma. Want wie zou die verse vis dan schoonmaken? Wij hadden dat nog nooit gedaan. Wat blijkt.... als de vis is gekocht loop je een stukje door en daar staan de visschoonmakers. Voor 100 of 200 oogya maken ze de vis voor je schoon en fileren hem desnoods... probleem opgelost en wij ‘s avonds lekker vis gegeten. Op 23 september wilden we Nouakchott verlaten om richting Bogue te gaan om aldaar de grens over te steken. Nog even de banden op spanning brengen en toen scheurde er een ventiel af... uitgedroogd! Psssssst, lege band. Balen maar niet getreurd. Voor 300 oogya (ca. 99 eurocent) kon een bandenmannetje de band voor ons omwisselen en oppompen, dat in nog geen 7 minuten. Band erop gezet en op weg naar Bogue. Bogue is een heel eind en we vertrekken laat. We zien wel hoever we komen vandaag. We rijden de ‘route l’espoir’. Zo heet die weg. Het is een mooie weg. Mooi omdat het goed asfalt is en omdat de omgevig heel mooi is. Eerst rijden we tussen zandduinen van verschillende kleuren. Langzaamaan veranderd het landschap. Er komen steeds meer groene plantjes en boompjes en de aarde wordt roder. Soms grenst de rode aarde aan de gele zandduinen, erg mooi. We zie weinig verkeer maar veel overstekende ezels, koeien, geiten en kamelen. De kamelen zijn er in wit, bruin en donkerbruin met veel jonge kameeltjes erbij. We zoeken rond een uurtje of 5 een kampeerplek en vinden een prachtig plekje, weg van de weg op de rode aarde. We krijgen bezoek van vele torren en torretjes. Er staat gelukkig een lekker windje want het was overdag behoorlijk warm, nu dus even afkoelen.
De volgende dag weer verder naar Bogue. De weg bijft heel mooi, zowel asfalt als omgeving. Het veranderd steeds weer in een ander prachtig landschap. Langzaamaan wordt het steeds groener. We zien af en toe ook gras verschijnen. Dan bij Aleg rechtsaf naar Bogue. We stoppen bij wat politieposten en vertellen ons plan om bij Bogue de grens over te gaan. Goede reis! zeggen ze. Dan komen we aan bij Bogue een dorpje aan de rivier ‘de senegal’. We vragen een aantal mensen de weg naar de grensposten. Als we daar bijna zijn verteld een man ons dat we hier niet naar Senegal kunnen. We moeten namelijk de rivier oversteken (dat wisten we) en er zijn hier alleen boten voor personen. Dus we kunnen wel gaan, maar Baraka kan dan niet mee.... We bespreken andere opties maar volgens de mensen hier is de enige mogelijkheid Rosso. De plaats die zo slecht bekend staat dat we die nu juist wilde vermijden. Daarbij komt dat we dan helemaal naar Nouakchott moeten terugrijden om daarvandaan de weg naar Rosso te nemen. Helemaal terug..???!!! Een andere binnendoorweg zou te nat zijn, ‘beaucoup pluie’. Maar dat was ons al eerder verteld over Bogue en daar was nou net geen spatje gevallen. Toch nog even bij de rivier kijken en het klopt, geen doorgang met de auto. Er zat niets anders op dan terug te rijden.
Gelukkig niet bij de pakken neergezeten en de weg was terug ook heeeel mooi. We genoten wederom met lekkere muziek op de achtergrond. Halverwege bij Boutilimit zei Mariska opeens: ‘ik zie op de kaart een piste naar een meer, lac Rkiz, en die loopt door naar Rosso. Hoeven we niet helemaal terug’. Bij de eerste politiepost nagevraagd en het bleek een zeer goede piste te zijn, goed om te rijden. Nu het begin nog vinden. Wanneer je de mensen de weg vraagt wijzen ze een beetje en zeggen links, rechts. Als ze meer vertellen kunnen we het ook niet altijd verstaan. We denken de juiste piste te hebben gevonden. We zetten de GPS op track, mochten we verdwalen, dan kunnen we altijd dezelfde weg terugrijden.
(piste: een onverharde weg. Deels zand, glad, kuilen, gras, takken en struiken. Meestal kun je de meest gereden route zien die de lokale bewoners gebruiken en die kun je dan ook rijden. 4x4 is vereist, meestal ook lagere bandenspaning nodig)
We vragen het maar aan de mensen die we tegenkomen. Ja hoor, tout droit (rechtdoor) en het is een goede weg. Dan komen we in een dorpje, we vragen de weg en maken wat foto’s. Na een aantal kilometers is het tijd om een kampeerplek te vinden. Niet zo moeilijk, het is een erg mooie omgeving. We zien een grote uil, div. vogels en weer die torren. We vinden een plek en worden getracteerd op een mooie zonsondergang. Na het eten zitten we nog een tijdje buiten in het maanlicht en kijken naar de sterren.
De volgende ochtend vroeg op en door naar Rosso. Steeds in een dorpje of aan mensen onderweg vragen we naar de route. Rechtdoor.... Alle wegen leiden naar Rosso, lijkt het wel. Er zijn verschillende sporen om te kiezen maar ze komen steeds weer bij elkaar. De omgeving word steeds mooier en groener. We zien steeds meer beesten. Voornamelijk geiten, koeien (met enorme horens), kamelen en ezels. Maar ook steeds meer en meer verschillende bontgekleurde vogels. Ze zijn helaas te snel om ze op de foto te zetten. We zien vele, vele sprinkhanen (groene, oranje, gele) in zwermen rondvliegen en springen. We zien plotseling 3 afrikaanse zwijnen (zoals je in ‘the lion king’ ziet). Zodra ze ons zien rennen ze weg om vanachter een bosje terug te gluren..... We zien enorme termietenheuvels. Dit hadden we niet verwacht te zien in Mauretanie. Toch niet helemaal woestijn.
Later op de dag wordt de weg steeds onduidelijker, maar ook mooier en vogelrijker. We vragen steeds weer opnieuw de weg. Ongeveer 30 kilometer voor Rosso verdwalen we. Het blijkt dat we om moeten rijden. Eerst (volgens de GPS) de verkeerde kant op en dan weer terug. Uiteindelijk hebben we de juiste weg gevonden. Veel tijd verloren en de grensovergang sluit al bijna. Geeft niks. We kamperen hier wel ergens en gaan dan morgen uitgerust en opgeruimd deze hectische grensovergang over.
aa toet aa leur, maris en robert


Mon Sep 20 18:50:33 2004
Mariska en Robert
Nouakchott

20 September 2004, Nouackchott

3 nieuwe reisverslagen! emailen lukt op dit moment even niet; erg langzaam hier

groetjes, M&R


Mon Sep 20 18:45:07 2004
mariska
Nouakchott

20 September 2004, Nouackchott
Op de 15e zijn we van Nouadhibou op weg naar Nouakchott gegaan. We rijden op de coordinaten in onze GPS door de Sahara. Deels langs de kust en deels inland. We rijden samen met Judith en Ralf. Twee duitsers die met een IFA-truck (ong. 8 ton) op reis zijn. Allebei dezelfde coordinaten ingevoerd en op weg! Eerst Nouhadhibou uit over het asfalt. Dan zoeken we een plek waar we van het asfalt afkunnen om de mooiere en langere route naar Nouakchott te nemen door de Sahara. Dat lukt en de duitsers nemen het voortouw. Zij hebben een legertruck omgebouwd tot een klein huis. Daarbij vergeleken is Baraka niets. Maar zij zijn dan ook van plan om 18 maanden weg te blijven. Zo’n truck is luxe maar soms ook onhandig want hij is zwaar en kan geen kleine wegen aan. Maar Ralf rijdt in dat ding alsof hij een smart bestuurd. Ondertussen bedenken we dat Robert krap 11 weken geleden zijn rijbewijs haalde en nu in de sahara rijdt :-). De weg is heel afwisselend en er zijn veel harde stukken waar je flink kunt doorrijden. Aan het einde van de dag zoeken we een plek om te kamperen en we slapen naast een grote zandduin. Helaas geen sterrenhemel want het is bewolkt. Dat zal het de komende dagen blijven. Hierdoor ook geen mooie zonsopgang hoewel ik er wel speciaal voor was opgestaan, balen. De volgende dag veel vlaktes, zand, zandduinen, rotsachtig gebied. De sahara is prachtig en hier heel afwisselend. We rijden over gele, witte, bruine vlaktes, zien zandduinen, beplanting (bomen, div. struikjes) dan weer helemaal niks. We zien kamelen, veel sporen van beesten (muisjes, hagedissen), we zien flamingo’s en pelikanen aan de kust. Er vliegen zwaluwen met ons mee. Ze cirkelen rondjes om de auto en vliegen vlak bij de grond. Dan vliegen ze weer voor auto langs om dan bij het rechterwiel opeens omhoog te schieten.... super! We zien reigers, meeuwen en roofvogels (valken?) van veel vogels weten we niet precies welke het zijn. Aan het eind van de middag zoeken we een plek om te slapen en komen in heeeeel zacht zand terecht. De truck (genaamd: Iefjen) komt vast te zitten en wij uiteindelijk ook. We zijn moe maar nadat de bandenspanning is verlaagt komen we er uit en besluiten om dan maar meteen te blijven staan om daar te kamperen. Het is in de buurt van een dorpje en al gauw komen er 2 jongetjes kijken. Beetje vervelend wordt de ene. Hij wil een ‘cadeau’ en als ie die niet krijgt pakt hij iets met de vraag of-ie het mag hebben. We sluiten de auto maar helemaal af. Dan komt er een man met een Landy en daaraan is iets niet goed. Robert en Ralf bekijken de auto en maken hem. De man is heel blij. Inmiddels zijn er nog wat andere mannen bijgekomen. Eentje is echt een macho en ergert zich eraan dat wij geen goed frans spreken. Maar uiteindelijk krijgen we als dank een lekkere vis waarvan we later smullen. Judith en Ralf hebben nog chocoladepudding als toetje, mmmm.
De 3e dag zou het moelijkst worden volgens de omschrijvingen. Veel zacht zand. s’Morgens eerst alle losgetrilde bouten weer vastzetten, de tank vullen en op weg. Daar komt de eerste echte zandduin. Wow, het ziet er mooi uit. Zoals je je de woestijn eigenlijk voorsteld. Maar ook erg zacht. Eerst de route goed bekijken en dan zonder kleerscheuren er doorheen gereden. Robert en Baraka zijn mijn helden! Deze dag is weer zeer afwisselend met rotsachtig gebied en dan weer zacht zand. We komen dicht langs de kust en door 2 piepkleine dorpjes. Hordes kinderen vragen om een ‘cadeau’ en rennen achter ons aan. Hier zijn ze volgens mij echt heel arm. M.n. de kinderen hebben amper iets om aan te trekken. Langs de kust zien we weer veel soorten vogels en krabben en vissen die uit het water springen. We vinden een plekje langs de zee en gaan lekker zwemmen. Inmiddels is het gaan REGENEN. Het regent te hard om nog buiten te zitten. Hmmm, regen in de sahara is wel het laatste wat je verwacht.
Op de 4e dag wachten we totdat het eb wordt om dan over het strand te rijden. We hebben uitgerekend aan de hand van oude gegevens wanneer dat is. ‘s Middags om 4 uur gaan we rijden. Het begin is best eng. Het strand is daar erg schuin maar later word het beter. We zien links de zandduinen van de Sahara en rechts de zee...?!?!?!? Heel apart en heel mooi. We rijden langs wat vissershutten en zien weer pelikanen en grote krabben. Dan komen we een rotspartij op het strand tegen. Linksom heeeel zacht zand en door het water is voor Baraka geen optie, veel te hoog. Balen, nu moeten we over het land verder. Een stukje terugrijden en de route op de GPS opgezocht. We vinden de weg die naar Nouakchott leidt. Ze zijn ermee bezig. Voorlopig hobbel de bobbel over de slechte weg ernaast rijden. Het wordt al laat en redden het vandaag niet meer. Een plekje gezocht om te eten en slapen. Judith en Ralf kruipen vroeg in bed maar wij spelen nog een spelletje. Wel in Baraka want buiten waait het veel te hard!! De afgelopen dagen wisselend veel en weinig wind gehad. De wind is meestal wel lekker want koel maar ook vaak iets te hard. Het saharazand is dan ook echt overal te vinden, in Baraka dus. Er valt niet tegenop te vegen en uit te kloppen. De volgende ochtend de laatste 100 km. naar Nouakchott over een zeer slechte weg met gaten. Dan weer hard dan weer zeer zacht zand. De weg is geribbeld en we schudden en shaken onze ingewanden door elkaar. De laatste 30 km. gelukkig asfalt en we eindigen in auberge Sahara. Een leuk, vriendelijk hostal. Deze dag is het zeer heet. Het komt door de harmattanwind die vanuit het binnenland waait. Normaal is het niet zo heet en benauwd, wordt ons verteld. Dus we slapen buiten, boven op het terras onder een muskietennet. Heerlijk, buiten slapen! Aan het begin van de avond zien we dan ook opeens de sprinkhanen, waarover we hebben gehoord. Er komt een zwerm van miljoenen sprinkhanen overvliegen. Overal waar je kijkt zie je sprinkhanen van zo’n 12 centimeter groot! In het hostal worden gauw de planten in de tuin afgedekt met kleden. Het duurt lang (meer dan 1 uur) en dan zijn de sprinkhanen weg. Ze zijn niet neergedaald en hebben vandaag weinig schade toegebracht. Maar toch.... we zitten tussen de zee en de Sahara, wat doen die beesten hier?
Hasta la pasta, M&R


Mon Sep 20 18:31:36 2004
mariska
nouakchott deel 2

Nouadhibou, Maurtanie 14 september 2004
In Layounne op 8 september een werkplaats gevonden voor het laswerk. Na anderhalf uur was alles klaar. Wij blij en zij blij (we hadden vast teveel betaald). Het was al tegen 6-en en rond 7 uur wordt het donker dus snel op zoek naar een slaapplek. Naar een klein dorpje bij het strand gereden en net buiten het dorpje het strand opgereden. Het werd al schemerig en we reden rechtstreeks los zand in en stonden uiteindelijk muurvast.... Maar wat lucht uit de banden laten lopen en we konden weer verder, dat ook weer eens meegemaakt! Vanwege veiligheid in Baraka geslapen. s’ Nachts hebben er dan ook mensen aan de deur staan kloppen. Ik kon niet zien of het politie was ofzo. Waarschijnlijk politie of mensen uit het dorp, om ons een betere slaapplek aan te bieden maar we hadden daar geen zin in. Niet geantwoord en toen gingen ze weer weg. De volgende ochtend de banden opgepompt met de compressor, voor de eerste keer gebruikt. En... het werkt goed. Weer de asfaltweg op richting Dakhla en Mauretanie. Veel kilometers gemaakt door woestijnachtig gebied. Toch nog best afwisselend. Wel zand, geen zand, rotsen, meer en minder planten, rood zand, grijs zand, geel zand, wit zand, bruin zand. Rond een uurtje of 4 op zoek naar een slaapplek. En er een gevonden bovenop een klif. Lekker rustig en uit het zicht van de weg. Mooi uitzicht op het strand beneden. Het grootste deel van de weg naar Mauretanie loopt op 60 tot 100 meter boven het strand. Dus af en toe een blik op het strand werpen kan wel maar het is lastig om bij het strand te komen. Op de kampeerplek haren gewassen, gelezen, lekker rustig aan. Genoten van zelfgemaakte tajine. B&L bedankt voor de tip. En voor de mensen thuis.... het is het lekkerste en makkelijkste recept wat ik ken en jullie gaan daar nog vaak van meeeten als je bij ons komt eten..... Toen lekker slapen en toen kwam de wind!!!!! Wow wat kan het waaien zeg! Maar met name IN de tent klonk het erg heftig. Als je buiten stond kon je zien dat Baraka en de tent geen last hadden van de wind. Maar goed, oordoppen in en slapen maar. De volgende dag (10 September) weer verder en s’middags een kampeerplek gezocht. Inmiddels reden we al een heel stuk op zeenivau maar konden we nog steeds niet bij het strand komen.... Totdat Robert besloot dan maar dwars over het zand richting strand te rijden. “we hebben toch een 4x4”. Mariska twijfelde nog maar het zou het beste, mooiste, rustigste kampeerplekje tot nu toe worden. We kwamen uit op een stuk strand vlakbij een aangespoeld scheepwrak. Echt “ Blue Lagoon”, zonder plambomen. We zijn daar twee nachten gebleven en hebben geen mens gezien. Wel vogels, krabben, het wrak, prachtige “zeeschatten” (schelpen, skeletten van orka/ dolfijn/ hond, koraal e.d) Lekkere strandwandeling gemaakt en gezwommen. Enne...bleek de eerstvolgende dag, een lekke band opgelopen. Dus Robert plakken en dat was ook de 1e keer en dat ging hem eigenlijk prima af. s’Avond een kampvuurtje waarbij ik (mariska) meteen in slaap viel. Die ochtend hadden we er ook nog een huisdier bij. s’Nachts was een muisje in onze emmer water gevallen en die kon nog net verkleumd zijn koppie boven het water houden. De emmer leeggegooid en de muis uit de wind gezet onder een lapje. Hij had het echt heel koud en het heeft de hele dag geduurd voordat ie weer droog was. Uitendelijk is-ie ‘m gepeerd. Het was heerlijk op deze plek maar na 2 nachten wilden we door naar Mauretanie.
Op 12 september zijn we de grens overgestoken. Tot aan de grens was er een asfalt weg. Vanaf het moment dat we de grens passeerden was de weg weg. Heel apart. De politie en douane van Marokko en Mauretanie zijn gestationeerd in krotjes (nee, dat overdrijf ik niet). Je gelooft je ogen niet als je de arremoedige dingen ziet. Alles is vies en kapot. De formaliteiten verliepen vlot. Er werd gevraagd om aanstekers en sokken. Maar als je die niet hebt is geen probleem. Toen weer verder over de”weg” cq. piste. ‘Ja, die is heel duidelijk hoor, hoe je moet rijden’ .... nou we zaten een aantal keer goed fout. Een aantal splitsingen waarbij we niet precies wisten waarheen en dan rij je ook nog tussen de mijnen en wil je dus geen fouten maken! Uiteindelijk de weg gevonden. Er is een deel asfalt aangelegd maar dat is nog niet af, zoals later bleek. Al met al duurde de tocht langer dan gedacht en Robert wilde niet kamperen vanwege de mijnen. Uiteindelijk toch in het donker gereden (we hadden onszelf belooft dat niet te doen) en heelhuids aangekomen in Nouadhibou op de camping.
De volgende dag geldzaken geregeld en toen konden we weer vers brood kopen enzo. Uiteindelijk wilden we ook wel verse vis voor op de bbq. Nouadhibou heeft een haven dus dat moest lukken. We konden het eerst niet vinden. Toen vroegen we het aan een militair. Die overlegde weer met een vriend en toen gingen ze ons brengen. Eerst lopen toen toch maar 1 minuut in de taxi. Aangekomen bij de visverkoper ligt daar een enorme vis... Hoeveel willen we, 1 kilo, 2 kilo?? “het is niet duur hoor!” En dat klopt, 1 kilo vis voor 2 euro. Dus maar 1 kilo gekocht en op naar de bbq. Heerlijk die verse vis. Ook nog onze nieuwe buren (overlanders) en de katten en hond van de camping wat vis gegeven. Vandaag de auto klaargemaakt voor de tocht door de woestijn en over het strand naar Nouachkchott. Daarna naar Cap Blanc gereden omdat het daar heel mooi zou zijn. Dat was het ook maar het waaide ook zo hard dat je bijna niets kon zien omdat het zand je in de ogen waaide. Uiteindelijk een plekje uit de wind gevonden en daar met de verrekijker naar vogels, zee en zeehonden turen. Op de kaap schijnen veel zeehonden te zijn, we hebben er 1 gezien. Die was lekker visjes aan het vangen in de zee. Terug naar de camping, tajine eten (mmm) en voorbereiden op de gps-route die we morgen gaan rijden. Daarover later meer..............
Maris en Robert


Mon Sep 20 18:29:45 2004
mariska
nouahchott deel 1

7 september 2004, onderweg naar Laayoune
In Casa, op 3 september, het visum voor Mauretanie gehaald. Wat formuliertjes invullen, paspoort inleveren en wat kopieen inleveren en 5 uur later konden we het visum ophalen. Ondertussen wat praktische dingen in Casa gedaan en toen naar het zuiden gereden. De avond ervoor op een hele vieze camping gestaan dus we waren wel weer toe aan een nachtje wildkamperen. Na heel lang zoeken en verdwalen een plekje gevonden. Het was echt nog net niet donker. Toen kwam de gendarmerie langsrijden. Zij wilden niet dat we daar zouden blijven staan. Het zou gevaarlijk zijn. Dus moesten we in het donker achter hen aan rijden en werden we een paar kilometer verderop bij een familie achtergelaten. Van wildkamperen of in ons eigen bed slapen was (natuurlijk) geen sprake meer. De familie moest van de politie goed voor ons zorgen en de Marokkaanse gastvrijheid schrijft thee, eten en binnen logeren toe.
Het gezin bestond uit pa, ma, 5 kinderen en er kwamen ook nog wat buren/familie kijken. De oudste dochter bleek goed Engels en Frans te spreken en vond het leuk om dat te doen. Uiteindelijk vertrouwden pa en ma ons genoeg om ons achter te laten bij de kinderen terwijl zij naar een feestje gingen. De oudste dochter is 16 en zal in december gaan trouwen. Ze vind het zelf erg spannend en vertelde er verlegen en giechelend over. De ouders hadden het huwelijk geregeld. Na de trouwerij zal ze in Casablanca gaan wonen en haar man is meubelmaker. Ze heeft hem 1 of enkele keren gezien toen hij op bezoek was. Ik ben helaas vergeten te vragen hoe oud hij was. Ze vond haar school heel leuk en haar favouriete vakken waren Frans en Engels. Met school moest ze stoppen vanwege het huwelijk. Ze keek erg uit naar de bruiloft. De volgende ochtend kunnen genieten van een warme douche. Natuurlijk nog uitgenodigd voor lunch en nog een dag blijven maar dat hebben we kunnen afslaan.
Die dag een flink stuk gereden naar Essouiera een plaatsje in zuidelijk Marokko. Daar een goede camping gevonden met schone wc’s en douche om 2 nachten te blijven. Even rusten van het rijden, de was doen enzo. Blijkt dat dit plaatsje (aan het strand) echt een touristenplaats is. Voor Europeanen en Marokkanen. Straten vol souveniers en mooie restaurants. Dat hadden we tot nog toe nog niet gezien. De hele sfeer was anders. Geen Salaam Aleikum maar bonjour en hello. Ook geen handen schudden in winkels of als je mensen ontmoet. En de prijzen waren ook hoger. Heel apart om te beseffen dat wij bijna alleen op plaatsen waren geweest die niet ingesteld zijn op touristen. Daar hebben het gewone leven van Marokko gezien. De souveniers die verkocht werden waren heel mooi maar hebben wij in Marokko nog nergens anders gezien. Niet bij mensen thuis noch in restaurants of op straat. We hebben ( nog) niks gekocht omdat we het niet mee willen sjouwen alle maanden. Misschien op de terugweg een mooi kleed???
Van Essaouira doorgereden naar Tiznit, de weg was goed dus veel kilometers gemaakt. We willen nu ook wel eens naar Mauretanie en de rest van Afrika. In Tiznit ‘s avonds het dorpje in gelopen, een leuk klein gezellig plaatsje. 6 september door naar TanTan alwaar we gingen proberen een vriend van Bart en Linda te bezoeken om hem een brief te brengen. Van B&L hadden we het waypoint gekregen. Het was zoeken en uiteindelijk aan iemand geraagd of hij het wist. Het was een man, gekleed als militair. Maar of-ie dat ook was??? Die kleedde zich om in t-shirt en korte broek en reed met ons mee om te zoeken. Uiteindelijk hadden we Mustapha gevonden. Hij woont 3 maanden per jaar in een piepklein huisje aan het strand om te vissen. We hebben daar de nacht doorgebracht en vandaag zijn we op weg naar Laayoune over een nog steeds goede geasfalteerde weg. Daar willen we iets laten lassen aan de auto en ook Mauretanie komt steeds dichterbij:-) Iedereen rijdt in dit gebied LandRover. Baraka rijdt perfect en lijkt er zin in te hebben om weer naar Afrika te gaan. We zijn heel blij met de autoradio en luisteren naar lekkere muziek en we zijn ook heel blij met elkaar! We zijn dan ook enorm getrouwd en helaas, helaas kinderloos (Inshallah, “als god het wil” komen ze nog, horen we dan). Nog wat belangrijke momenten.... de dropjes zijn op! Maar we hebben nog Haagse hopjes (van Gertjan)en wat snoepjes, gekregen van Kitty. De eerste kamelen zijn gesignaleerd. Al noemen wij ze in Nederland dromedarissen want ze hebben maar 1 bult.
Salut, M&R


Sun Sep 5 18:30:00 2004
mariska
Essaouiera - marokko

2 september 2004, Tamarin

We zijn uiteindelijk een tweetal dagen op de camping bij Bab Boudier blijven staan. Robert kon dan wat dingen aan Baraka doen, ik de was en uitrusten. Siesta houden, wat lezen en veel gebaren met Younnes. Op zondag zouden we vertrekken maar er was s’ochtends vroeg markt. Blijkbaar had Younnes mij (mariska) dat de avond tevoren geprobeerd uit te leggen, maar dat had ik toch niet helemaal begrepen. Younnes stond mij dus om 6.30 op te wachten om naar de markt te gaan. Hij regelde alles. Wat wil je hebben... pepers, komkommers, tomaten. Aan halve kilo’s deden ze niet (eigenlijk ook logisch, het was spotgoedkoop) dus met een tas vol groenten kwam ik aan bij de tent waar Robert net uit bed kroop. Melk hadden we niet kunnen vinden maar even later kwam Younnes er toch mee aan. De Marokkaanse behulppzaamheid ten top! Dus lekker ontbeten met vers Marokkaans brood, gebakken ei en koude melk. Wat een luxe.

Afscheid genomen van de familie Khalid en toen naar grotten in de buurt. Even cultureel doen en een grotje bekijken, dachten we. Oke, met vette zaklamp de grot in...... en toen begon het. Binnen 5 minuten waren we echt smerig van de modder. We moesten door nauwe doorgangen kruipen en het was behoorlijk glibberig. Volgens mij best link en ik vroeg mij af of de verzekering zou betalen als ik uitgleed en iets brak. Uitgegleden zeker maar gelukkig ging dat niet verkeerd. Het klimmen en klauteren was nog spectaculairder dan de behoorlijk grote stalagmieten/tieten e.d. Maar veel was beschadigd en afgebroken. Kompleet onder de bagger kwamen we weer buiten..... In de auto omgekleed en na een drankje op het terras doorgereden naar Guercif (Noord-west Marokko). We wilden gaan wildkamperen maar omdat het al wat laat was en we een camping tegenkwamen toch maar naar de camping. Ook wel lekker om even goed te douchen. Onszelf ook nog verwend met kip met friet in een restaurant! Toen weer doodmoe het bed in.

De volgende ochtend van plan naar het zuiden te rijden en wild te kamperen:-).
De weg naar het zuiden was prachtig en lekker vlak. We hebben veel in de bergen gereden en plat is ook wel eens leuk. Heel woestijnachtig en heel mooi. Ook heel rustig ook al was de weg wat smal. Hele mooie uitzichten op het Atlasgebergte. Veel foto’s gemaakt. Aangekomen in een klein dorpje, Fritissa, gingen we wat drinken. We werden door een vrouw uitgenodigd in haar huisje. Leuk dachten we. Haar man maakte de kamer in orde. Kleedje op de grond, thee gezet, ramen open, stoeltjes erbij enz. Toen vroeg de man of we wilden blijven slapen en misschien wat van de omgeving zien. Eerst twijfelden we, toen dachten we waarom niet. Zo’n klein dorpje, leuk!
Af en toe neem je op reis wel eens een beslissing waarvan je al snel spijt hebt, juist!

Uiteindelijk met de man in de auto op weg naar een klein dorpje.... niet dus. We komen uit in een kleine, vervallen stad, Ouat el Hadj. We gaan daar bij vrienden slapen, zegt hij. Vervolgens lopen we met hem het hele centrum rond: “kijk eens wat ik bij me heb, mijn vrienden uit Nederland, ze spreken Frans en Arabisch” Naar de gemeente om ons te melden en via de politie. Dan naar zijn vriend. Later op de avond gaan we daar ook eten en kijken met de hele familie een arabische soap. Echt heel serieus. We verstaan er geen bal van maar kunnen het gemakkelijk volgen! De man doet zijn best om ons in sneltreinvaart Frans en Arabisch te leren. We moeten steeds dingen herhalen. Hij wil ook ons adres en dat wij hem brieven sturen. Hij verteld dat hij wel eens eerder een Fransman op bezoek heeft gehad en dat-ie hem nooit heeft geschreven. Hij heeft hem toen opgebeld (oh shit, dus wij geven hem ons oude huisadres). Ik neem me voor om hem dan in ieder geval 1x te schrijven en foto’s te sturen die ik heb gemaakt van zijn kinderen. Dan is het tijd om te slapen en we mogen in een kamertje op dekens op de grond liggen. De volgende dag nemen we afscheid, we geven hem wat kadootjes. Het liefste wil hij wel mee naar Nederland......

Een hele ervaring rijker vertrekken we weer. We rijden weer door prachtig landschap. Langzaamaan veranderd het van woestijnachtig in wat heuvelachtig en uiteindelijk een beetje bossig. We rijden in de midden-atlas. We vinden op aanraden van de Footprint een heeeel klein weggetje richting Kerrouchen en daar vinden we een perfecte kampeerplaats, lekker met zijn 2-en. (Bart en Linda: vergeten een waypoint te maken)

Daar lekker gekampeerd en de volgende dag vervolgen we dit weggetje en het wordt steeds mooier en mooier. Donker rood/roze bergen met felgroene planten ertegenaan. Kleine lemen huisjes. In dezelfde kleur als de berg, soms zie je ze niet meteen. Echt supermooi en we genieten!! Ook weer veel foto’s gemaakt. Dit was toch wel het mooiste wat we tot nu toe in Marokko hebben gezien. De weg brengt ons naar een dorpje: El Kebab. Een mooi dorpje en daar eten we ook zoiets als kebab. We lopen een klein eethuisje binnen en willen gaan zitten. Maar nee, we moeten in de mooie zaal zitten met een ventilator, maar wel alleen..... Dat is typisch Marokko, ze willen je altijd het beste geven. Daar laten we ons heerlijke kebab (o.i.d) voorzetten. De dag kan niet meer stuk! Verder over de mooie weg. Uieindelijk hield die op, jammer en we rijden naar El Ksiba om daar op een kamping te staan. Geen mogelijkheid tot wild kamperen, helaas. De volgende dag naar Casablanca gereden. Dit voornamelijk over redelijk grote wegen en een stukje snelweg.

We gaan binnenkort richting Mauretanie rijden (zodra we het visum hebben). De volgende keer weer meer.......

Mariska en Robert

ps: visum voor Mauretanie is binnen.....


Mon Aug 30 22:06:40 2004
mariska
Bab Boudier

28 augustus 2004, Bab Boudier

Vanaf onze kampeerplek de volgende dag het kleine weggetje vervolgd. Uiteindelijk weer bij het meer uitgekomen, vanaf een andere kant konden we er wel zo bij. Doorgereden naar Tazza toen waren we moe en het rijden (in de hitte) zat en hebben een camping opgezocht in die buurt. Dus we zitten op de “camping” in Bab Boudier. Camping is een groot woord. Er staat een hek om een stuk grond heen en er is een wc (VIES!!!) en er is water. Iedereen mag op het terrein komen en water halen. Net buiten het terrein staan ook tentjes. Waarschijnlijk hoeven zij niet te betalen maar kunnen ze wel gebruik maken van de “voorzieningen”. De douche is koud en gesloten, maar kon uiteindelijk toch wel even open voor ons. De douche was ook erg vies en vol met kikkers, maar wel errug lekker om even af te spoelen. Kosten camping? 2 euro per dag.

Voordat we naar de camping gingen even een fanta gedronken in het enige winkeltje dat dit dorpje rijk is en daar zat een dove jongen. Even getwijfeld en hem toen aangesproken. In het begin ging het wat moeizaam maar de Arabische gebarentaal zit me al aardig in de vingers en we kunnen al goed communiceren. Hij blijkt met zijn familie op de camping te zitten en al gauw genieten we weer van de Marokkaanse gastvrijheid. Thee drinken, tajine en couscous eten. We communiceren in Engels, Duits, Arabisch/ Marokkaans, Frans en gebaren!!! De familie kan ook redelijk gebaren en zo kunnen we met elkaar spreken wanneer we er in gesproken taal niet uitkomen. Soms vertaal ik van Arabische gebaren naar Nederlands voor Robert! Heel bijzonder.
Adressen uitgewisseld en wie weet bezoeken wij ze nog op de terugweg. Ondertussen verblijven we nu al 2 dagen hier en kunnen even bijkomen van het rijden, opruimen, kleren wassen en de auto onderhouden. De familie Khalil vind ons maar druk, druk en brengt ons af en toe een kopje thee. Gisterenavond hen bij ons uitgenodigd voor een kopje zwarte thee met veel suiker!!

Verder is er op deze camping een kinderkamp met allerlei activiteiten en verkleedpartijen. We hebben naar een scetch over een trouwerij gekeken met allerlei optredens van de kinderen en leiding.
.......................................................

Inmiddels zitten we in Outat el Hadj op weg naar het zuiden. De rest van het campingverhaal en onze aankomende verhalen komen later......

Iedereen bedankt voor alle leuke berichten. verhalen over thuis. lieve woorden in het gastenboek of op de mail: We lezen ze graag!

Daarnaast iedereen bedankt voor de giften voor ons project. We hebben nu genoeg voor 1 groentetuin maar we sparen door voor een volgend project!!!!! De rekening blijft geopend tot we terug zijn in Nederland
Groetjes en liefs en knuffels van Robert en Mariska


Mon Aug 30 21:59:32 2004
mariska
Tissa

Ergens in Marokko in de buurt van Tissa, 25 augustus 2004

We zitten in the ‘middle of knoware’, op een heuvel en het WAAIT!!! Maar dat heeft zo zijn nadelen en zijn voordelen. De wind is warm en koelt ons niet echt af. Maar wanneer je een doek natmaakt en om een warme fles water wikkelt en je zet die in de wind... dan is je water heel snel een stuk koeler. Dat is heel prettig omdat het nu in het gebied waar wij zitten, snikheet is. Het schijnt abnormaal warm te zijn i.v.m bosbranden. De warmte blijft tussen de bergen hangn en het koelt ‘s nachts dus nauwelijks af. Hierdoor wordt ons water echt warm. Je kunt er mee douchen of de handwas doen. Wij moeten veeeeeeel water drinken en liever koel water dan warm.....

Vrijdag 20 aug. gingen we dan naar Marokko. Donderdagmiddag was de ruit er (1 uurtje te laat, maar ja) en die werd er rap ingezet. Daarna richting Algeciras gereden en onderweg een plekje om te kamperen gezocht. Een mooi plekje gevonden en de volgende ochtend richting boot. De overtocht verliep vlot. Bij de douane langs verschillende loketjes voor de vereiste stempels. We werden een beetje geholpen door een Fransman. Van Spaans naar Frans overschakelen viel nog niet mee. Bij de laatste check (autocontrole op verboden middelen) een klein probleempje. We hadden de kaart van Afrika op de auto gschilderd en daarbij een stippeltjesgrens bij de Westelijke Sahara gemaakt. Tegenwoordig hoort dit ongeveer wel bij Marokko. We moesten het ter plaatse veranderen. Verf gepakt en de douanier nam zelf de kwast ter hand zodat het ten minste goed gedaan werd. Toen wilden ze nog van alles erop schilderen. Nadat we hadden uitgelegd dat de kaart nog niet af was mochten we gaan. Helaas mochten we er geen foto van maken. Op naar Tetouan....

Daar zouden we iemand opzoeken. We wisten of hij er nog zou zijn omdat we later dan verwacht naar Marokko gingen. In Tetouan de auto geparkeerd en naar het centrum gelopen. Even wennen.. vreemde gezichten, talen en gebouwen.... Geld gehaald en toen Mustapha gebeld. Wat bleek.... hij was nog in Marokko.

We werden meteen opgehaald en hij vond het heel leuk dat we waren gekomen, wij ook. De halve stad was afgezet omdat de koning in de stad was. Nadat we wat hadden rondgelopen, gegeten en gedronken hadden zijn we naar zijn huis gegaan om te douchen en wat uit te rusten. Daar kwamen we erachter dat het in Marokko 2 uur vroeger was dan in Spanje. Wij gingen ervanuit bijna te gaan slapen maar de avond moest nog beginnen! Eten en drinken (geen alcohol maar frisdrank, thee, koffie) en Hassan, een vriend, ontmoeten. Noord-marokkanen spreken vaak ook Spaans dus dat was makkelijker communiceren. Heel gezellig en ook heel laat lagen we in bed. Maar dat blijkt een vast ritme te zijn.... rond een uurtje of acht wat kleins eten en daarna rond 1 uur nog eens uitgebreid eten! Daarna nog wat drinken of een ijsje.
Al snel bleek hoe ver de gastvrijheid gaat. 3 dagen lag zijn we verwend en hebben van alles gezien en gedaan. We hebben ook Arabisch en Marokaans geoefend en daar hebben we nog steeds veel aan. We hebben ook veel Marokkaans eten geproefd. Vis, ontbijt, vlees, koffie e.d

De 2e dag hebben we lekker uitgeslapen. Na het ontbijt in een cafeetje zijn we bij de oom van Mus op bezoek gegaan en zijn daar in Martil, naar het strand geweest. Lekker geluierd en in de zee gezwommen. ‘s Middags werden we uitgenodigd om bij die oom te eten. Heel lekker eten. De dames/meisjes zaten bij elkaar op het terras en de mannen /jongens en ik aten binnen.

In Tetouan zie je veel vrouwen op straat. De een helemaal gesluierd (niet veel), veel met een hoofddoek en af en toe zonder. Veel varianten dus. De mannen lopen soms in zo’n soort jurk met slofjes aan. Veel mensen dragen slippers. Op het strand zie je ook alles. Vrouwen in bikini en vrouwen die geheel gekleed met hoofddoek op gaan zwemmen.

Na het strand even douchen en omkleden en toen naar de Medina (soort markt). Daar wat rondgelopen en wat inkopen gedaan. Linda en Bart: de tajine is binnen! Wel gemakkelijk met iemand die de weg en de prijzen kent. Mustapha heeft ook een digicamera en er werden dan ook vele foto’s genomen, zie website... Robert heeft nu Marokkaanse slippers, het olielampje een nieuw lontje, wij Marokkaanse nootjes. Daarna naar de Souk (een soort overdekte markt met spullen). Daar hebben Hassan en Brahim, vrienden van Mus, winkeltjes. Hassan heeft een muziekwinkeltje, heel klein. We hebben een bandje met Algerijnse muziek gekregen.

Daarna wat kleins eten (chocoladetaartje voor mij, mmm). S’avonds nog gegeten met vrienden van Mus en laat naar bed. Zondag 22 augustus na het ontbijt een binnenspiegel regelen bij een vriend van Mus. Eigenlijk was het winkeltje dicht, maar dat was geen probleem. Daarna in de BMW wat rondrijden. De berg op en van bovenaf Tetouan bekijken. Daar ergens thee gedronken en een spelletje Mens-erger-je-niet op zijn Marokkaans gedaan. Marokkanen tegen de Nederlanders, wij wonnen!!!! Nog verder over een kleine weg naar een strandje gereden en toen werd het donker, terug naar Tetouan. Tussendoor ook nog heerlijke vis gegeten. S’avonds bijtijds naar bed, de volgende dag zouden we vertrekken.

Maandag 23 aug. afscheid genomen van Mus, na 3 heerlijke dagen. We zijn echt verwend. Op weg naar Chaouen. Daar in de omgeving gekampeerd en dan op weg naar Al Hoceima. In dat gebied word veel hasj verbouwd en verkocht. Allerlei toeren worden uitgehaald om ons hasj te verkopen, echt levensgevaarlijk. We werden kilometers achterna gereden. Heel vervelend. We konden nergens stoppen zonder lastig gevallen te worden. We konden geen camping vinden en durfden er niet zomaar te kamperen. Daarom besloten Al Hoceima over te slaan en snel naar het zuiden, richting Fez te rijden. Gelukkig was het de volgende dag voorbij en konden we overal rustig stoppen. In een dorpje inkopen gedaan en we vonden een schone douche voor 70 eurocent p.p. Het was al een aantal dagen heeeel warm en we zweten ons rot. Dus een douche maakte ons erg gelukkig. Doorgereden richting Tissa richting een (stuw)meer. Daar aamgekomen staat er een hek en blijken we er niet in te mogen. Op zoek naar een plekje langs de rivier komen we een Marokkaans gezin tegen dat aan het picknicken is. We worden uitgenodigd couscous te komen eten (die later op blijkt). Twee jongens spreken Frans de rest (opa,oma, kinderen) Marokkaans. Wij daar naartoe, de vrouwen giechelen en met ons talenboekje, in ons beste Marokkaans en Frans gepraat. Een van de jongens wil wel met een Nederlandse vrouw trouwen en of ik er niet een voor hem kan zoeken:-) Na een paar uurtjes afscheid genomen en weer verder. Robert nam spontaan een heeeel klein weggetje, wat niet op de kaart stond.... maar vrij snel een mooie kampeerplek gevonden. Helaas moesten we daar weg van een geitenhoeder, al werd ons niet duidelijk waarom. Nu staan we dus met een prachtig uitzicht bovenop een heuvel, en het waait heel hard. Doorrijden kan niet want is wordt al donker.


Thu Aug 19 14:28:23 2004
mariska
Chipiano

Chipiona- Spanje, 18 augustus 2004

Afgelopen dinsdag naar Car-glass gegaan voor een nieuwe autoruit (was al stuk toen we weggingen). Er zou een nieuwe klaarliggen. Wij vroeg opgestaan om op tijd bij Carr-glass te zijn. Daar aangekomen moesten we wachten op de chef. Wat bleek: er was nog geen ruit binnen. Hij ging bellen. De ruit zou nog komen. We moesten maar om 4 uur terugkomen (na de siesta). Om half 5 stonden we weer voor de deur. Nog geen ruit. Wel weer mijn Spaans opgefrist en een nieuw woord geleerd: parabrisas – autoruit.
Om half 7 kwam de lading, waarop zij zaten te wachten, binnen. Hij had er al een aantal keer voor gebeld en onze ruit zou er zeker bijzitten. Je voelt ‘m al aankomen... niet dus. Weer bellen en wat bleek: de ruit stong nog steeds in het depot in Barcelona! Terwijl de opdracht voor het transport al 1 week geleden was gegeven!!! Wij balen want we wilden woensdag naar Marokko.... eindelijk op het continent Afrika, zijn. Het enige wat we kunnen doen is wachten tot donderdagmiddag. Om 6 uur zal de ruit er hopenlijk in zitten. Daarna zullen we richting Algeciras rijden en onderweg wild kamperen. Hopenlijk kunnen we dan vrijdagochtend met de boot naar Marokko.... wordt vervolgd.

Van 5 augustus, ons vertrek: uitgezwaaid door Kitty en Nico (bedankt!!!) tot nu zijn er zo’n 2 weken verstreken. In die 2 weken hebben we voornamelijk veel gereden en de mogelijkheden van Baraka (qua snelheid) leren kennen. Het gaat iets langzamer dan verwacht maar dat komt ook doordat we in het begin geen peages wilden rijden. De b-wegen zijn ook heel mooi en gratis en Baraka kan toch niet zo snel, was ons idee. Daar zijn we van teruggekomen. Zeker in Frankrijk na de zoveelste rotonde binnen 2 kilometer en het honderdste dorpje (waar je dus maar 50 mag rijden) waren we het zat. Vanaf zuid-frankrijk zijn we dus meer over de snelweg en af en toe peages gaan rijden. Niet dat die tolwegen nou zo lekker zijn.... op 1 dag 128 km. rijden in 5 uur....dat kwam dus door heftige files op de peage in Frankrijk en we konden er niet af!!!!
Maar goed....haastige spoed enzo......

We hebben ook een aantal dagen lekker op de (familie) campings doorgebracht. Eerst bij echte familie: mijn (mariska’s ouders). Het was erg gezellig. Lekker luxe met een heerlijk zwembad. We konden lekker afkoelen, luieren, spelletjes doen met Winnie en Liesbeth en Baraka wat opruimen. Hoe goed je zo’n reis voorbereid, uiteindelijk hebben we toch het een en ander achterin Baraka gegooid en gedacht “dat ruimen we onderweg wel op”. Nu twee weken later kunnen we zeggen dat alles een plekje heeft gevonden. Soms wordt er nog iets verplaatst “dat is toch handiger in een ander kastje, vind je niet?” en altijd, altijd blijft er 1 ding over. Hoe je ook opruimt en weggooit! Verder hebben we op de campings veel bekijks. Kijken, kijken en onze auto uitgebreid bespreken, lachen!!! Ook de zijkant van Baraka is aan veranderingen onderhevig. De kaart van Nederland naar west-afrika is al een heel eind af. Wanneer die klaar is maken we een foto en zetten die tzt op de website.(nou, ja Ko dan)

Het wild kamperen gaat ook al lekker. Noodgedwongen, de 1e keer, omdat er in bepaalde delen van Spanje geen campings te vinden zijn. Het vinden van een plekje is ook meestal niet zo 1-2-3 gedaan. Maar... zeker de moeite waard! Lekker met zijn 2-en, omringd door akkers en in de stilte. ‘s avonds een prachtige sterrenhemel (en af en toe bezoek van schapen en hoeders). Wedstrijdje: wie ziet het “steelpannetje” het eerste? Het is ook gemakkelijk. Als je een geschikte plek hebt gevonden, schakel je de motor uit en de stilte komt je tegemoet. Dan doe je de achterdeuren open en haalt de tafel en stoelen uit de auto. Meestal is het tijd om te eten dus plankje uitklappen, gasstelletje erop zetten en koken maar!

Verder hebben zijn we het een en ander kwijtgeraakt: tandenborstel (later weer teruggevonden), bord (is blijven staan op een camping met wespenplaag), shampoo, slippers (nieuwe gekocht maar toch jammer) ons humeur maar ook dat is elke keer weer goed gekomen (soms zijn we een beetje moe). Al met al hebben we het saampjes heel gezellig en leuk en zien het helemaal zitten, 6 maanden. Lekker met zijn 2-en rijden en kamperen en tuttelen aan Baraka, alles een plekje geven en handige oplossingen bedenken voor als het niet in een kastje past. Roberts boormachine (a la Mc Guyver, aangesloten op de acccu, via de sigarettenaansteker) heeft zijn diensten al meerdere malen bewezen.

Enfin, we hopen dat morgen alles loopt zoals bedacht (dat is tot nu toe meestal niet zo) en dan hopenlijk vrijdag naar Marokko, we hebben er enorm zin in. Wachtend bij Car-glass geprobeerd wat Arabische woorden te onthouden. Inshallah, als god het wil, zijn we vrijdag in Marokko.

M&R


Tue Aug 17 14:25:00 2004
Robert
Jerez de la Frontera

Hoi allemaal,

Het gaat prima met ons en Baraka. Tussen alle hitte door 2 dagen aan de zee in zuid Spanje afgekoeld. Nog 1 dag en dan zullen we de oversteek naar Marokko maken! Best af en toe even wennen, vooral wannneer je voor de 1e keer wil wildkamperen als er geen campings meer te vinden zijn. Maar des te mooier, ook al kost het soms een extra uurtje om een mooi plekje te vinden. En dan denk je rustig en alleen te staan onder een mooie sterrenhemel, hoor je in de verte bellen die dichter en dichterbij komen... dat is dan een schaapsherder met 1300 schapen die ´s nachts op pad is omdat het overdag te heet is om met schapen te lopen. (die 1300 is geen typefoutje). Glaasje wijn meegedronken en dan weer verder achter zijn schapen aan.

Voor iedereen die onze route tot nu toe wil weten.... tot nu toe ca. 2500 km (op onze teller, die iets afwijkt van de werkelijkheid). Utrecht, Maastricht, Luik, Luxemburg, Pleuvezain, Lyon, omgeving Montpellier, Figueras, Madrid, Zaragoza, Jerez, ... en dan nu op naar Algeciras voor de boot naar Marokko... wordt vervolgd.

Groetjes, Robert en Mariska


Wed Aug 11 12:49:50 2004
Mariska
Spanje

Hallo, even een kort berichtje. we zitten in Figueras in Spanje. zijn net naar het museum van Dali geweest. Alles gaat goed. We rijden morgen door richtig Madrid! Iedereen bedankt voor de felicitaties voor Robert. Hasta la Pasta!!


Wed Aug 4 13:14:50 2004
hakuna baraka
vertrek

we vertrekken donderdagochtend om 6 uur!


Tue Aug 3 19:12:25 2004
maris en robert
reisroute

de poste restante draseen zijn niet goed overgekomen, nog een keer:
ZANTEN, van Mariska
poste restante
PTT
Dakar
Senegal

Zo moet je dat bij alle landen doen.


Tue Aug 3 19:07:48 2004
mariska en robert
"reisschema"

Dit is ons reisschema zoals we ongeveer denken te gaan reizen. Het is natuurlijk aan veranderingen onderhevig. Check de website.We zijn zeker van de data in Dakar en in Bobo Dioulasso.

Als je het leuk vind kun je post sturen naar ons maar denk eraan dat het 2 tot 3 weken duurt voordat het aankomt. Schrijf eerst onze achternaam in hoofdletters en onderstreep die ook, bijvoorbeeld naar Senegal:

ZANTEN, van Mariska Poste Restante PTT Dakar Senegal

naar Mali: Burkina Faso of Burkina faso Poste Restante Poste Restante Poste Restante PTT PTT PTT Bamako Ouagadougou Bobo Dioulasso Mali Burkina Faso Burkina Faso

naar Marokko Poste restante PTT centrale naam v.d stad Marocco

Datum: Tot wanneer: Plaats:

4 aug 2004 (vertrek) Utrecht

6 augustus 2004 tot 8 augustus 2004 Frankrijk (ouders maris)

12 augustus 2004 La Ceuta - Marokko

12 augustus 2004 tot 13 augustus 2004 Tetouan- Marokko

30 augustus 2004 tot 10 september 2004 Mauretanie

10 september 2004 tot 14 september 2004 Dakar - Senegal

14 september 2004 tot 1 oktober 2004 Senegal

1 oktober 2004 tot 4 oktober 2004 Bamako-Mali
4 oktober 2004 tot 17 oktober 2004 Mali

17 oktober 2004 tot 10 november 2004 Burkina Faso - Bobo Dioulasso

10 november 2004 tot 24 november 2004 Ghana

24 november 2004 tot 7 december 2004 Burkina Faso- Ouagadougou

7 december 2004 tot 31 december 2004 Mali

2 januari 2005 tot 9 januari 2005 Mauretanie

9 januari 2005 tot 23 januari 2005 Marokko

23 januari 2005 tot 31 januari 2005 Europa


Sun Aug 1 18:12:38 2004
mariska
communicatie

Vanaf 5 augustus zal ons huisnummer (030 2433910) vervallen. Streep maar definitief door in je agenda's want als we terug zijn zullen we een nieuw nummer krijgen. Mijn mobiel gaat NIET mee. Dus daarop kun je mij vanaf de 5e ook niet meer op bereiken (wel als we weer terug zijn). Onze computer gaat dinsdagavond 3 augustus weg. Dan kunnen we thuis niet meer internetten en zullen de komende maanden aangewezen zijn op internetcafe's. We zullen dus dinsdag rond 5 uur de laatste berichten lezen en dan ...... wie weet wanneer we weer internetten.


Sat Jul 31 17:49:41 2004
mariska
we tellen af....

Hallo allemaal, we tellen de dagen af... al gaat het vanzelf, we hebben het druk zat maar... zitten op schema!! Dus we vertrekken a.s. woensdag op donderdagnacht.

Wat betreft de (reis)verslagen. Wanneer mogelijk zullen we er foto's bijzetten. Foto's van de borrel komen eraan. Wanneer onze webmaster van vakantie terug is zal hij ze plaatsen.

Verder hebben we onlangs terrein gereden. Best moeilijk, grote heuvels, modder of juist los zand. Ook hiervan zullen er binnenkort wat foto's te zien zijn.

Robert heeft afgelopen donderdag afscheid genomen op zijn werk. Zoals jullie weten heeft hij daar ontslag genomen. Aan het eind van de middag was er een borrel en heeft hij nog wat mooie woorden en kadootjes ontvangen en toen... naar huis. Vanaf nu zullen we de komende maanden zo'n beetje elke dag samen zijn, wow!

Nu we thuis zijn zijn we bezig met de laatste voorbereidingen. Gereedschap uitzoeken, papierwerk op orde brengen, bandjes met muziek samenstellen, enzovoorts.

De inzameling voor 'ons' project loopt heel goed. Maar blijf vooral storten want dan kunnen we alleen maar meer projecten steunen. Let op!Ook tijdens de reis kun je geld op de rekening storten. Iedereen alvast bedankt!

We voelen ons prima en hebben er enorm zin in!!!!
salut!


Mon Jul 26 10:28:02 2004
mariska
krantenartikel

Voor degenen die in Utrecht wonen en het krantje "ons Utrecht" kunnen ontvangen:

op 4 augustus komt er een artikel over onze reis en over het project in het krantje! we zijn gisteren geinterviewd.

Groetjes Maris en Robert


Tue Jul 20 23:27:34 2004
mariska
ASAP project: groentetuin

Graag willen we jullie laten weten dat de eerste donaties binnen zijn.


Tue Jul 20 10:04:57 2004
mariska
borrel

Zondag was de borrel. Open huis voor degenen die het huis nog niet hadden gezien en Baraka was even terug uit de garage. Robert heeft meteen onze nieuwe autoradio en "nieuwe" boxen ingezet. De muziek schalt nu in het rond. Ook als we rijden kunnen we nu muziek luisteren. Meteen onze koelkast uitgeprobeerd op de sigarettenaansteker. Werkt heel goed (in Nederland). Hij kan tot 20 graden onder de buitentemperatuur koelen. Vinden we vast heel fijn, af en toe. We hebben leuke, grappige kadootjes gekregen en veel gelukwensen. Vreemd om te bedenken dat we sommigen nu echt lang niet zien. Maar bijna iedereen nam afscheid met de woorden: we bellen nog wel. Wendy bedankt voor je stemmige muziek,nemen we zeker mee. Joke ik ga nu nog meer mijn best doen om een dovenschool te bezoeken! Ruth: ik ga binnenkort nog lekker wat boeken aanschaffen. Irene de plastuit is nog niet gebruikt maar binnenkort....
Alle wijnen die we hebben gekregen: heerlijk!!! We zullen ervan genieten. Las net dat in Mauretanie alcohol verboden is. Woensdag gaan we onderdelen en gereedschap kopen en dan is bijna alles geregeld. Nou ja, alleen het huis dan nog. De studenten die erin zouden komen, komen niet. Dus we moeten nu snel wat anders bedenken. Eigenlijk moeten we ook nog proefinpakken. Kijken wat er mee moet / kan en achterblijft. Ben benieuwd.
We hebben op de valreep nog besloten een ander meeladres te gebruiken in Afrika:
africa@altern.org
Dus stuur al je berichten voortaan daar naartoe. Verder is onze webmaster op vakantie dus foto's van de borrel volgen later (Dennis nog bedankt!)
Groeten


Thu Jul 15 11:03:38 2004
mariska
Utrecht   

Hoi wen, nee, we hebben cassettedeck!!! Ik denk dat cd's te erg overslaan! Grezzz, mir en mar


Tue Jul 13 11:22:33 2004
mariska
Utrecht

Hallo allemaal, deze week zullen we de website definitief afmaken. Teksten corrigeren, lay-out, goede kaarten erop e.d. Dus neem nog eens een kijkje. Verder hopen we jullie naturlijk a.s. zondag (18 juli) te zien op onze afscheidsborrel!! vanaf 15.00 uur. Sarah heeft inmiddels een logeerplek gevonden, dus dat is een hele zorg minder. De voorbereidingen lopen maar door. Als het goed is zijn die over ongeveer 21 dagen klaar en kunnen we gaan.
Dan nog een berichtje voor Mirjam.......... !!!!! GEFELICITEERD met je rijbewijs.
Echt goed gedaan in 1 keer!!
Tot zondag?! Mariska


Sun Jul 4 12:51:59 2004
mariska
mariskamail@yahoo.com

Hoi Mam, is het gelukt met de website? Vast wel dan kun je dit nu lezen. Hele fijne vakantie, rij voorzichtig en we zien jullie in Frankrijk. Kusjes voor Winnie en groetjes aan Ben. Ben succes met de gitaar (of blijft-ie thuis?)

Mariska


Sun Jul 4 12:50:14 2004
mariska
mariskamail@yahoo.com

Hallo allemaal, we zijn hard bezig met de voorbereidingen voor de reis naar Afrika: spullen kopen, gereedschap regelen, het project dat we gaan bezoeken promoten (al 50 euro beloofd), huis verhuren en we zoeken nog een logeerplek voor Sarah,onze poes van bijna 9 jaar. De website wordt ook steeds beter. Ook het afscheid nemen is al begonnen. Sommigen zie ik nu al niet meer tot volgend jaar, dat is wel een raar idee! We hebben nog steeds het plan om op 5 augustus te vertrekken (om 5 uur 's nachts) maar we houden nog een slag om de arm, je weet maar nooit. Mocht je ons willen uitzwaaien dan ben je welkom om te komen slapen(zelf spullen meenemen). Anders zien we je misschien de 18e nog? Baraka gaat nog even naar de garage voor de laatste check-up en wij gaan deze week onze laatste inentingen halen. We vinden het heel spannend worden en hebben er veel zin in. Zelf vind ik het een onwerkelijk idee dat ik straks ECHT in de sahara ben. Maar wel gaaf!
Nou, genoeg Afrika voor nu. Ik ga lekker de stad on "rondom de dom". Even geen Afrika en lekker ontspannen. Hopenlijk blijft het droog.

 Groetjes Mariska


Thu Jul 1 13:11:17 2004
robert
thekatsman@yahoo.com

Hoi Ko,
als je in de gelegenhied bent.....
ik heb 2 emails naar je gestuurd met info en materiaal voor de site in het 1e mailtje en met tekst en bankrekeningnummer voor het project in Burkina Faso

groet, Robert


Wed Jun 30 12:35:51 2004
mariska
mariskamail@yahoo.com

Hoi Ko, wordt steeds beetje beter, de website.
Wil je op de project pagina zetten:
Informatie over het steunen van 'ons' te bezoeken project volgt binnenkort. Kijk vast op: www.asap.nl
De links pagina: van ons mogen alle links eraf behalve die ik aan jou heb doorgegeven en de eigen website van Robert en de site van ASAP moet dan ook daar teogevoegd worden.
De homepage:
harah haraka hakuna(st)baraka
(dit graag schuingedrukt, eens kijken hoe dat staat en per 2 woorden) en dan eronder in kleinere letters de vertaling:
"haasten haasten is geen enkele zegen"

thanx, groetjes maris


Tue Jun 29 16:53:28 2004
robert
thekatsman@yahoo.com

Hoi Ko,
al gezien?
www.stbaraka.nl werkt nu.
wat betreft het logboek/verslag en gastenboek: zou je misschien alles links kunnen uitlijnen.
groet, Robert


Fri Jun 25 8:37:57 2004
robert
thekatsman@yahoo.com

hoi, de site begint al aardig ergens op te lijken.
We kunnen nu de dagen gaan aftellen....
groet, Robert


Wed Jun 23 8:32:21 2004
mariska
mariskmail@yahoo.com

nog ongeveer 42 dagen en dan gaan we.... we vetrekken om 5 uur 's nachts! mariska